St Franciscus van Assisi: Deze tekst raakt aan de kern van de franciscaanse spiritualiteit, niet de zoektochr naar grootheid, aanzien of bezit, maar de weg van de vrijwillige eenvoud……..

“Alle broeders moeten ernaar streven de nederigheid en de armoede van onze Heer Jezus Christus na te volgen. En zij moeten zich verheugen wanneer zij omgaan met mensen die als onaanzienlijk en gering worden beschouwd, met armen en machtelozen, met zieken en melaatsen, en met bedelaars langs de weg.

En wanneer het nodig is, moeten zij aalmoezen vragen. Maar zij mogen zich daarvoor niet schamen, want zij moeten bedenken dat onze Heer Jezus Christus, de Zoon van de levende en almachtige God, een arme mens was en van aalmoezen leefde, samen met de heilige Maagd Maria en zijn leerlingen.”

Sint Franciscus van Assisi (1181-1226)

++++

Commentaar:

Deze tekst raakt aan de kern van de franciscaanse spiritualiteit: niet de zoektocht naar grootheid, aanzien of bezit, maar de weg van de vrijwillige eenvoud.

Franciscus nodigt ons uit om niet alleen medelijden te hebben met de armen, maar hun gezelschap werkelijk te zoeken. Volgens hem ontmoeten wij Christus niet eerst in macht, succes of prestige, maar juist in hen die door de samenleving vaak vergeten worden.

Bijzonder aangrijpend is zijn oproep om zich niet te schamen voor afhankelijkheid. Onze moderne cultuur verheerlijkt zelfstandigheid en succes. Franciscus herinnert ons eraan dat zelfs Jezus ervoor koos arm te leven en zich kwetsbaar op te stellen. Ware waardigheid ligt niet in wat wij bezitten, maar in het besef dat wij alles ontvangen uit Gods hand.

Voor mystieke schrijvers zoals Augustinus, Johannes van het Kruis en Teresa van Avila, die jou zo dierbaar zijn, is deze innerlijke armoede geen verlies maar een bevrijding. Hoe leger onze handen worden van eigen bezit, macht en zelfgenoegzaamheid, hoe meer ruimte er ontstaat voor Gods liefde.

Franciscus spreekt daarom niet alleen over materiële armoede, maar ook over een houding van het hart: nederigheid, eenvoud en vertrouwen. Het is de vrijheid van iemand die niets hoeft te bewijzen omdat hij of zij reeds geliefd is door God.

++++

Gebed:

Heer Jezus,

Gij hebt niet gekozen voor rijkdom, maar voor de eenvoud van Bethlehem, de onzekerheid van de weg en de armoede van het kruis.

Leer mij de weg van Sint Franciscus, de weg van een nederig hart dat zich niet verheft boven anderen maar vreugde vindt in dienstbaarheid.

Bevrijd mij van alles wat mij gevangen houdt in trots, bezit en eigenbelang.

Geef mij ogen om U te herkennen in de kleinen, de zieken, de armen en de vergeten mensen.

Laat mij begrijpen dat ware rijkdom niet bestaat uit wat ik heb, maar uit de liefde die ik ontvang en mag doorgeven.

Moge ik, zoals Franciscus, met lege handen voor U staan, maar met een hart dat vervuld is van vertrouwen.

Amen.

****

“Het is in het geven dat wij ontvangen; het is in het loslaten dat wij vrij worden.”

********************

Justinus Martelaar:Wat mij telkens treft in deze tekst, is hoe dicht wij hier staan bij de eerste christenen. Dit werd geschreven nauwelijks een eeuw na de verrijzenis van Christus….

****

Sint Justinus de Martelaar getuigt in zijn verontschuldiging aan keizer Antoninus Pius van de liturgische praktijk van de vroege Kerk. Hij bespreekt niet alleen de realiteit van de eucharistie, maar ook wedergeboorte door de doop

In de schijnwerpers: JUSTINUS DE MARTELAAR

Want niet als gewoon brood en gewone drank ontvangen wij deze

Er wordt dan brood en een beker wijn gemengd met water naar de voorganger van de broeders gebracht; en nadat hij deze heeft aangenomen, brengt hij lof en eer aan de Vader van het universum, door de naam van de Zoon en van de Heilige Geest, en spreekt hij een uitgebreid dankgebed uit voor het feit dat wij waardig zijn geacht deze dingen uit Zijn handen te ontvangen. En wanneer hij de gebeden en de dankzeggingen heeft afgerond, betuigt al het aanwezige volk zijn instemming door “Amen” te zeggen. Dit woord Amen betekent in de Hebreeuwse taal γένοιτο [laat het zo zijn].

En wanneer de voorganger heeft gedankt en al het volk zijn instemming heeft betuigd, geven degenen die door ons diakens worden genoemd aan ieder van de aanwezigen een deel om te smaken van het brood en de wijn gemengd met water waarover de dankzegging werd uitgesproken, en voor degenen die afwezig zijn, dragen zij een portie mee. En dit voedsel wordt onder ons Εὐχαριστία [de Eucharistie] genoemd, waarvan niemand mag deelnemen behalve de man die gelooft dat de dingen die wij onderwijzen waar zijn, en die gewassen is met de wassing die dient tot vergeving van zonden en tot wedergeboorte, en die zo leeft als Christus heeft bevolen.

Want niet als gewoon brood en gewone drank ontvangen wij deze; maar op gelijke wijze als Jezus Christus onze Redder, die door het Woord van God vlees is geworden, zowel vlees als bloed had voor onze redding, zo is ons eveneens geleerd dat het voedsel dat gezegend is door het gebed van Zijn woord, en waarmee ons bloed en vlees door verandering worden gevoed, het vlees en bloed is van die Jezus die vlees is geworden.

Want de apostelen hebben in de door hen samengestelde gedenkschriften, die Evangeliën worden genoemd, aldus aan ons overgeleverd wat hun was opgedragen; dat Jezus brood nam en, toen Hij had gedankt, zei: “Doe dit tot Mijn gedachtenis, dit is Mijn lichaam”; en dat Hij, op dezelfde wijze, na de beker te hebben genomen en te hebben gedankt, zei: “Dit is Mijn bloed”; en het aan hen alleen gaf.

Eerste Apologie, hoofdstuk 65-66, ~ 150 na Chr.


++++

Commentaar:

Wat mij telkens treft in deze tekst, is hoe dicht wij hier staan bij de eerste christenen. Dit werd geschreven nauwelijks een eeuw na de verrijzenis van Christus. We horen als het ware de stem van de jonge Kerk.

Justinus beschrijft de eucharistie niet als een symbool alleen, maar als een heilige werkelijkheid waarin Christus zichzelf aan zijn volk schenkt. Zijn woorden laten zien dat het geloof in de werkelijke tegenwoordigheid van Christus in de eucharistie geen latere ontwikkeling is, maar vanaf het begin deel uitmaakte van het christelijk geloof.

Opvallend is ook de sterke verbondenheid tussen Woord en Sacrament. Eerst wordt het evangelie verkondigd, vervolgens wordt dank gezegd, waarna de gemeenschap antwoordt met een krachtig “Amen”. Dat Amen is geen formaliteit. Het is het geloofsantwoord van een heel volk dat zich toevertrouwt aan Gods handelen.

Bovendien zien we een Kerk die zorg draagt voor de afwezigen. De diakens brengen de eucharistische gaven naar hen die niet aanwezig kunnen zijn. Reeds in de tweede eeuw leeft het besef dat niemand vergeten mag worden in het Lichaam van Christus.

Voor mensen als Augustinus, Johannes van het Kruis en Teresa van Avila zou de eucharistie later de plaats worden waar de ziel de diepste vereniging met God ontvangt. Hier, bij Justinus, zien we reeds de bron waaruit deze mystieke traditie ontspringt.

++++

Gebed:

Heer Jezus Christus,

Gij Brood van het leven, Gij gave van de Vader voor de wereld,

open mijn hart voor het mysterie dat de eerste christenen met zoveel eerbied hebben bewaard.

Leer mij het eenvoudige brood te zien met de ogen van het geloof, opdat ik achter de zichtbare tekenen Uw levende aanwezigheid mag herkennen.

Geef mij een hart dat met overtuiging “Amen” zegt, een hart dat vertrouwt, een hart dat zich laat voeden door Uw liefde.

Moge iedere eucharistie mij dieper binnenleiden in het geheim van Uw leven, Uw kruis, Uw verrijzenis en Uw blijvende aanwezigheid onder ons.

En wanneer de nacht van het geloof komt, zoals Johannes van het Kruis haar heeft bezongen, laat mij dan rusten in de zekerheid dat Gij dichtbij zijt, ook wanneer ik U niet voel.

Amen.

****

“Niet als gewoon brood en gewone drank ontvangen wij deze gaven.”

Moge deze woorden van Justinus de Martelaar ons vandaag opnieuw verwonderen over het grote geschenk dat ons in de eucharistie wordt gegeven.

*******************

St.Maximos de Belijder: Volgens Maximos ligt het probleem niet in de wereld zelf, maar in onze gehechtheid eraan…..

God schiep zowel de onzichtbare als de zichtbare wereld, en daarom heeft Hij uiteraard zowel de ziel als het lichaam geschapen.

Als de zichtbare wereld zo mooi is, hoe moet de onzichtbare wereld dan wel zijn?

En als de onzichtbare wereld verhevener is dan de zichtbare wereld, hoeveel verhevener is dan God, hun Schepper?

Als daarom de Schepper van alles wat mooi is, verheven is boven heel Zijn schepping, waarom laat het verstand dan datgene wat boven alles verheven is los, om zich vast te klampen aan wat het minst waard is, namelijk de hartstochten van het vlees?

Dit gebeurt duidelijk omdat het verstand met deze hartstochten heeft geleefd en eraan gewend is geraakt vanaf de geboorte, terwijl het nog geen volmaakte ervaring heeft opgedaan van Hem die boven alles verheven is en alle dingen te boven gaat.

Daarom zal het verstand, als wij het geleidelijk losmaken van deze gehechtheid door langdurige oefening in zelfbeheersing en door volhardende beschouwing van de goddelijke werkelijkheid, zich steeds meer aan deze werkelijkheid toewijden. Het zal zijn eigen waardigheid leren kennen en uiteindelijk al zijn verlangens richten op het goddelijke.

H. Maximos de Belijder

Uit 400 teksten over de Liefde.

++++

Commentaar:

Wat een diepe en tijdloze tekst van de heilige Maximos.

Hij veroordeelt de schepping niet. Integendeel, hij begint met bewondering. De zichtbare wereld is mooi omdat zij uit Gods hand voortkomt. De schoonheid van een bloem, een sterrennacht, een menselijk gezicht of een daad van liefde verwijst naar een nog grotere schoonheid die wij met onze ogen niet kunnen zien.

Volgens Maximos ligt het probleem niet in de wereld zelf, maar in onze gehechtheid eraan. Wij blijven vaak hangen bij wat onmiddellijk genot schenkt, terwijl ons hart geschapen is voor iets oneindig groters. De mens lijkt op iemand die zich tevredenstelt met de schittering van een venster en vergeet naar het licht te kijken dat erdoorheen schijnt.

De mystieke traditie, die jij zo waardeert, van Augustinus tot Johannes van het Kruis en Theresia van Avila, spreekt steeds opnieuw over deze innerlijke omvorming. Niet door geweld of dwang, maar door geleidelijke zuivering leert het hart de smaak van God kennen. Dan verliezen lagere verlangens vanzelf hun macht. Zoals Johannes van het Kruis zegt: wanneer de ziel geraakt wordt door een grotere liefde, vallen de kleinere liefden op hun plaats.

++++

Maximos nodigt ons uit om de schoonheid van de wereld te gebruiken als een ladder naar God. Alles wat waar, goed en mooi is, draagt een spoor van Hem in zich. Uiteindelijk verlangt de ziel niet naar de gaven, maar naar de Gever.

++++

Gebed:

Heer van hemel en aarde,

Gij hebt de zichtbare en de onzichtbare wereld geschapen en Gij hebt in mijn hart een verlangen gelegd dat geen aardse werkelijkheid volledig kan vervullen.

Open mijn ogen voor de schoonheid die naar U verwijst. Laat mij niet blijven stilstaan bij uw gaven, maar leid mij naar U, de Bron van alle schoonheid.

Bevrijd mijn hart van elke ongeordende gehechtheid. Leer mij in stilte uw aanwezigheid te zoeken, in gebed, in aandacht en in liefde.

Wanneer mijn geest afdwaalt naar wat voorbijgaat, roep mij dan terug naar wat eeuwig is.

Geef mij de genade om, stap voor stap, meer te verlangen naar U dan naar mijzelf, meer te rusten in uw liefde dan in mijn eigen plannen.

En laat heel mijn leven uitgroeien tot een lofzang op uw schoonheid, totdat ik U eenmaal mag aanschouwen van aangezicht tot aangezicht.

Amen.

*****

“Want onrustig is ons hart, totdat het rust vindt in U.”

(H. Augustinus)

***************************

Sint Antonius van Padua: Het hart in de schatkist….

Heilige Antonius van Padua

Priester

Het hart in de schatkist

“Waar uw schat is, daar zal ook uw hart zijn.”

(Matteüs 6,21)

“De heilige zei: ‘Laten we gaan zien of zijn hart daar te vinden is.'”

De broeder Antonius preekte in zijn sermoenen altijd voor iedereen de liefde tot de armoede. Op een dag stierf in Florence een zeer rijke man die nooit naar hem had willen luisteren.

De verwanten van de overledene wilden dat de begrafenis plechtig zou worden gevierd en nodigden broeder Antonius uit om tijdens de uitvaart te preken. Maar de heilige begon zijn preek met het Evangelie: “Waar uw schat is, daar zal ook uw hart zijn.” (Mt. 6,21), terwijl hij eraan toevoegde dat de gestorvene zeer gierig en een woekeraar was geweest.

Bij het horen van die woorden werden familieleden en vrienden verontwaardigd en gingen naar het lichaam om te zien of zij zijn hart konden vinden. Zij doorzochten zijn borstkas, maar vonden het niet.

Toen riepen zij een chirurg om het lichaam te openen. Toen men het hart niet aantrof, ging men naar de schatkist van de overleden man. Daar vond men inderdaad zijn hart.

Geconfronteerd met dit wonder bekeerden velen zich en kregen berouw over hun gehechtheid aan geld.

De ware rijkdom ligt niet in wat wij bezitten, maar in wat wij geven.

Stel uw schat in God en uw hart zal Hem voor altijd toebehoren.

Overweging:

Het hart behoort altijd toe aan datgene wat het het meest liefheeft.

Als onze schat geld, prestige of macht is, zal ons hart daaraan gehecht blijven.

Maar als onze schat Christus is, het gezin, het geloof, de naaste en de waarheid, dan wordt ons hart rijk.

Het probleem is niet dat wij bezittingen hebben, maar dat de bezittingen ons bezitten.

Voornemen van de dag:

Vraag uzelf eerlijk af:

“Wat neemt in mijn hart de plaats in die aan God toekomt?”

Schietgebed:

“Heilige Antonius van Padua, help mij in mijn hart te ontdekken waar mijn ware schat is.”

Vraag voor de ziel:

Als iemand vandaag uw hart zou onderzoeken, wat zou hij daarin aantreffen?

Mijn hart behoort aan Jezus

Slotwoord

Moge Christus onze schat zijn, en moge Hij altijd de Koning zijn van ons hart.

✝ Leve het Kruis!

✝ Leve Maria!

++++

Commentaar:

Deze overlevering over de heilige Antonius is natuurlijk geen les in anatomie, maar een diep geestelijk onderwijs. Het “hart” staat in de Bijbel voor het centrum van de mens: de plaats van liefde, verlangen, keuzes en overgave.

De rijke man dacht dat zijn schat in zijn kisten lag. Daarom was ook zijn hart daar gevangen. Antonius maakt duidelijk dat wat wij het meest liefhebben, uiteindelijk bepaalt wie wij worden.

Dat is een vraag die bijzonder actueel blijft. Ons hart kan ongemerkt bezet worden door succes, zorgen, bezit, eigen gelijk, erkenning of zelfs religieuze ijver zonder liefde. Het evangelie nodigt ons uit steeds opnieuw te onderzoeken waar onze diepste gehechtheid ligt.

Voor de mystieke schrijvers die u zo dierbaar zijn, zoals Augustinus, Johannes van het Kruis en Teresa van Ávila, ligt de ware schat in de vereniging met God.

Augustinus schreef:

“Onrustig is ons hart totdat het rust vindt in U.”

Wanneer God onze schat wordt, verdwijnt niet alles wat wij bezitten, maar krijgt alles zijn juiste plaats. Dan worden bezit, talenten, relaties en werkzaamheden middelen van liefde en niet langer doelen op zichzelf.

++++

Gebed:

Heer Jezus,

Gij kent mijn hart beter dan ikzelf. Gij ziet mijn verlangens, mijn gehechtheden, mijn angsten en ook mijn verborgen schatten.

Leer mij onderscheiden wat mij dichter bij U brengt en wat mij van U verwijdert.

Bevrijd mijn hart van alles wat het gevangen houdt. Maak mij innerlijk arm, opdat ik rijk mag worden aan uw liefde.

Moge mijn grootste schat niet het vergankelijke zijn, maar uw aanwezigheid, uw Woord en uw genade.

Geef dat ik, naar het voorbeeld van de heilige Antonius van Padua, altijd zoek naar U, want waar Gij zijt, daar vindt mijn hart zijn ware thuis.

Amen.

************************

Dit is een Catalaans lied ter ere van Onze-Lieve-Vrouw van de Karmel (Nostra Senyora del Carme), vereerd in de parochiekerk van de Karmel te Barcelona. De tekst is poëtisch en oud, waardoor een volledig woordelijke vertaling soms moeilijk is…..

Dit is een Catalaans lied ter ere van Onze-Lieve-Vrouw van de Karmel (Nostra Senyora del Carme), vereerd in de parochiekerk van de Karmel te Barcelona. De tekst is poëtisch en oud, waardoor een volledig woordelijke vertaling soms moeilijk is. Hieronder geef ik een zo getrouw mogelijke Nederlandse vertaling, gevolgd door commentaar en een gebed.

Liederen ter ere van Onze-Lieve-Vrouw van de Karmel:

Verheven in de parochiekerk van de Karmelstad Barcelona:

1

Moge uw gezegende stem deze stad bereiken, o Koningin en Vrouwe van de Karmel, onze beschermster, Maagd van het met sneeuw beklede kleed.

Gelukkig de schuldige, want uit uw medelijden vloeit troost; de bedroefde vindt verlichting, zelfs wie niet kon bereiken wat hij verlangde, vindt onder uw kruis troost.

2

Gij bevrijdt de onschuldigen, heiligt de heilige plaatsen, doet de woestijnen bloeien, bezielt kloosters met vurige liefdevolle harten die zich geheel aan God geven

3

Een eenzame tempel, door de eeuwen omvergeworpen, hebt gij opnieuw opgericht; zo schonk gij aan de stad een nieuwe bloei, een schittering van liefdewerken.

4

Daar is de hoge lamp ontstoken, de mooie tuin staat in bloei, de schoonheid en glorie van de Karmel; edel juweel van het volk, dat mij altijd heeft aangeroepen.

5

Het zijn de armen van het Kruis, grondvesten van deze nieuwe tempel; het Kruis dat een voorbeeld geeft, het Kruis dat trouw onderwijst.

6

De Goede Herder schenkt het vuur van Gods liefde; de naastenliefde verspreidt zich als een laaiende vlam.

7

Stevige muren verrijzen uit de stenen van vroeger vervallen gebouwen; niets was vergeten, want de liefde van het volk bleef onverminderd voortleven.

8

Volk groot in edelmoedigheid, dat wist te enthousiasmeren, te bidden, te geven en te volharden voor een ideaal; wie zou niet getroffen worden door zoveel geloof?

9

Gij zult vrede vinden aan de voet van dit heiligdom; Maria van het Scapulier zal u licht schenken, een gelukkig leven, een zachte dood en een vreugdevolle eeuwigheid.

10

Dit is de parochiekerk, waar het heilige en edele volk samenkomt als één gezin; in dit alles is de armste even welkom als de meest voorname.

11

Van hieruit zullen bronnen ontspringen die velden bevloeien; hier zullen de gaven bloeien van de goddelijke goedheid.

12

Het kind zal hier leren de christelijke leer te beminnen; de jongere zal de zuivere weg vinden van het morele leven; de jongedochter zal hier ontdekken wat haar waardigheid verheft.

13

De zieke en de behoeftige, beladen door het leven, zullen hun offers brengen om gezondheid terug te vinden, en met oprechte dankbaarheid de Moeder van Barmhartigheid eren.

14

Wie sterk wil worden in deugd en goede werken, zal licht en troost ontvangen; de twijfelachtige zal zekerheid vinden; de boetvaardige vreugde, en allen zullen zeggen: God zij geprezen.

15

Voor het altaar van het Allerheiligste Sacrament en de goddelijke Eucharistie, zal het hart van de gelovige ontwaken, aangeraakt door de liefde die Maria heeft geschonken.

16

De angst van de gelovige ziel zal verzacht worden; bij de vrede van de Heer zullen tranen verdwijnen en zal men duidelijk zien dat de Maagd alles heeft begeleid.

Slotrefrein:

Moge uw gezegende stem deze stad bereiken, o Koningin en Vrouwe van de Karmel, onze beschermster, Maagd van het met sneeuw beklede kleed.

++++

Commentaar:

Deze hymne ademt volledig de spiritualiteit van de Karmelorde. De nadruk ligt niet zozeer op spectaculaire wonderen, maar op de stille kracht van Maria die mensen naar Christus brengt.

Enkele thema’s vallen bijzonder op:

1. Maria als Moeder van troost:

De tekst spreekt herhaaldelijk over schuldigen, bedroefden, zieken en zoekenden. Niemand wordt buitengesloten. Dit herinnert aan de woorden van Theresia van Avila dat Maria “de moederlijke weg naar Jezus” is.

2. Het Scapulier:

De verwijzing naar “Maria van het Scapulier” is typisch karmelitaans. Het scapulier is geen magisch voorwerp, maar een teken van toewijding. Wie het draagt, wil leven in de geest van Maria: luisterend naar God, eenvoudig en trouw.

3. De Kerk als familie:

Bijzonder mooi is het vers waarin staat dat de arme even welkom is als de voorname. Dat is de ware Kerk: geen gemeenschap van machtigen, maar een huis waar iedereen kind van God is.

4. Eucharistie en Maria:

Voor de karmelieten staan Maria en de Eucharistie nooit los van elkaar. Maria wijst altijd naar Christus. Zoals Johannes van het Kruis schrijft, leidt elke authentieke devotie uiteindelijk naar de levende vereniging met God.

5. Een verborgen mystiek:

Onder deze eenvoudige volksverzen schuilt een diepe mystiek. Men vindt vrede “aan de voet van het heiligdom”, niet door veel te bezitten of te presteren, maar door te verblijven in Gods aanwezigheid. Dat is ook de weg van Augustinus, Johannes van het Kruis en Teresa van Avila die jij zo waardeert.

++++

Gebed:

Heilige Maria van de Karmel,

Moeder van stilte, Moeder van vertrouwen, Moeder van hen die zoeken,

leid ons naar uw Zoon.

Leer ons de weg van eenvoud en innerlijke vrede. Wanneer ons hart rusteloos wordt, wees dan onze toevlucht.

Bescherm de armen, troost de zieken, sterk de bedroefden, en verlicht allen die hun weg in het duister zoeken.

Moge het heilig Scapulier voor ons een herinnering zijn dat wij onder uw mantel geborgen leven.

Leer ons, zoals Teresa van Avila, ons hart geheel aan God toe te vertrouwen; zoals Johannes van het Kruis, door de donkere nacht heen te hopen; zoals de heiligen van de Karmel, in alles de liefde te zoeken.

Onze-Lieve-Vrouw van de Karmel, bid voor ons.

Amen.

***************

Lofzangen op de Heilige Teresa van Jezus: vereerd in de Parochie van de Onbevlekte Ontvangenis van Vilanova i la Geltru…..

Lofzangen op de Heilige Teresa van Jezus

Vereerd in de parochie van de Onbevlekte Ontvangenis van Vilanova i la Geltrú.

Refrein:

O serafijnse Teresa, ontsteek de vlam van uw liefde in onze ziel; laat ons hart ontvlammen.

Toen de liefde haar hart had getroffen, richtte zij haar blik op de gekruisigde Heer; zij had reeds de wereld verlaten en was gevlucht voor alle bedrog.

Van de berg Karmel, hoog en verheven, heeft zij vastberaden, stralend als een ster, haar leven aan God geschonken.

Allen die uw deugden kennen en uw zuivere ziel bewonderen, zien in u een schitterende ster; uw liefde is de grootste, de schoonste die men kan ervaren.

Zoals iemand die goddelijke bloemen zaait, bracht zij overvloedige vruchten voort; te midden van doornen bloeiden door haar toedoen de kloosters op, en verscheen opnieuw de oude geest van heiligheid.

Jezus vroeg haar op een dag of zij zijn bruid wilde zijn; vol eerbied antwoordde zij: “Ik ben de uwe voor altijd.”

De gaven van uw liefde, de moeite die u hebt gedragen, de smarten die u hebt doorstaan, waren voor u een weg naar hemelse heerlijkheid.

Onder de aanbidders onderscheidde zij zich door haar boetvaardigheid; onder de wijzen door haar leer, onder de vrouwen door haar heiligheid, onder allen door haar liefde.

Voor uw kinderen, de Teresianen, blijft uw stem weerklinken; op alle wegen van de wereld blijft u hen leiden.

Wanneer zij tot u roepen: “Heer, verlaat ons niet”, dan antwoordt uw geest: “O serafijnse Teresa, ontsteek de vlam van uw liefde in ons hart.”

V. Heilige Teresa, bid voor ons.

R. Opdat wij de beloften van Christus waardig mogen worden.

***

Gebed:

Laat ons bidden.

O God, onze Verlosser, Gij hebt de zalige maagd Teresa aan uw Kerk geschonken als leermeesteres van het geestelijk leven. Geef dat wij gevoed worden door haar hemelse leer en groeien in uw liefde.

Amen.

++++

Commentaar:

Dit lied ademt volledig de spiritualiteit van Teresa van Ávila. Het centrale beeld is dat van het vuur van de liefde. Teresa wordt “serafijns” genoemd. In de christelijke mystiek zijn de serafijnen immers de engelen die het dichtst bij God staan en branden van liefde. Daarom luidt het refrein:

“Ontsteek de vlam van uw liefde in ons hart.”

Dat is ook de kern van Teresa’s boodschap. Heiligheid bestaat niet in buitengewone prestaties, maar in een steeds diepere liefde voor God die het hele leven doordringt.

Het lied herinnert eveneens aan de hervorming van de Karmel. Teresa bracht nieuw leven in veel kloosters. Te midden van “doornen” liet zij opnieuw bloemen bloeien. Dat beeld doet denken aan wat Johannes van het Kruis later zou schrijven: God laat zelfs in de dorste woestijn een verborgen tuin ontstaan.

Bijzonder mooi is ook de verwijzing naar het mystieke huwelijk:

“Ik ben de uwe voor altijd.”

Voor Teresa is dit geen poëtische overdrijving, maar de uitdrukking van een ziel die zich volledig aan Christus heeft toevertrouwd.

++++

Gebed:

Heilige Teresa van Jezus,

vrouw van gebed, vrouw van vuur, vrouw van de innerlijke burcht,

leer ons stil te worden te midden van de drukte van elke dag.

Leer ons luisteren naar de zachte stem van God die woont in het diepste van ons hart.

Wanneer ons geloof verzwakt, wees dan een ster op onze weg.

Wanneer ons gebed droog en moeizaam wordt, herinner ons eraan dat God ook dan aanwezig is.

Ontsteek in ons iets van dat vuur dat uw leven heeft bezield, zodat ook wij leren zeggen:

“Niets moge mij verontrusten, niets moge mij beangstigen. God alleen is genoeg.”

Amen.

****************

Sint Franciscus van Asisi: Franciscus van Assisi blijft één van de meest geliefde heiligen van de christelijke traditie……

Heilige Franciscus van Assisi:

De heilige Franciscus van Assisi werd geboren in 1181 in Assisi, Italië. Hij was de zoon van een rijke koopman en leidde een onbezorgde jeugd. Na een ziekte en een diepgaande geestelijke ervaring besloot hij echter zijn leven aan God toe te wijden.

Hij deed afstand van zijn rijkdom en begon in armoede te leven. Hij verkondigde het Evangelie en hielp mensen in nood. Hij stichtte de franciscaanse orde, die gekenmerkt werd door nederigheid, dienstbaarheid en liefde voor de natuur.

Hij stierf in 1226 en werd in 1228 heilig verklaard.

Deugden die hem tot een heilige maakten:

1. Nederigheid

Hij leefde eenvoudig en deed afstand van al zijn bezittingen.

2. Liefde voor de naaste

Hij hielp armen, zieken en mensen die aan de rand van de samenleving stonden.

3. Respect voor de natuur

Hij zag de schepping als een goddelijke gave en benadrukte hoe belangrijk het is haar te beschermen.

4. Gehoorzaamheid aan God

Hij volgde trouw Gods roepstem, zelfs in moeilijke tijden.

Handelingen om heilig te worden

1. Dien anderen

Help degenen die het meest hulp nodig hebben.

2. Leef in nederigheid

Vermijd trots en eigenwaan.

++++

Commentaar:

Franciscus van Assisi blijft één van de meest geliefde heiligen van de christelijke traditie. Zijn leven was een levende vertaling van het Evangelie. Waar velen rijkdom en aanzien zoeken, ontdekte hij dat ware vreugde ontstaat wanneer men zichzelf loslaat en ruimte maakt voor God.

Bij Franciscus valt vooral zijn universele liefde op. Hij zag in iedere arme de aanwezigheid van Christus. Hij zag in de vogels, de bomen, het water en de zon geen dingen die men bezit, maar broeders en zusters die samen de Schepper loven. Daarom spreekt hij nog steeds mensen aan, gelovig of niet.

Voor ons vandaag is Franciscus een uitnodiging tot eenvoud. Niet noodzakelijk door alles achter te laten, maar door met een vrij hart te leven, dankbaar voor wat wij ontvangen en bereid om te delen met anderen.

Zoals Johannes van het Kruis later zou schrijven: “Aan het einde van ons leven zullen wij geoordeeld worden op de liefde.” Franciscus heeft die waarheid met heel zijn leven zichtbaar gemaakt.

++++

Gebed:

Heer God,

Gij hebt in de heilige Franciscus een schitterend teken van uw liefde gegeven.

Leer ook ons eenvoudig te leven, zodat wij ons hart niet hechten aan bezit, maar aan U alleen.

Open onze ogen voor de armen, onze handen voor wie hulp nodig heeft, en ons hart voor de schoonheid van uw schepping.

Geef ons de nederigheid van Franciscus, de vreugde van het Evangelie, en de moed om uw stem te volgen, zelfs wanneer de weg moeilijk wordt.

Mogen wij, zoals hij, vrede brengen waar verdeeldheid heerst, liefde waar hardheid woont, en hoop waar mensen ontmoedigd zijn.

Door Christus onze Heer.

Amen.

****

Dat waren de woorden waarmee Franciscus vaak mensen begroette: “Pax et Bonum”, Vrede en het Goede.

********************

Dit is het beroemde “Zonnelied” of “Lofzang van de Schepselen” van Sint Franciscus van Assisi, een van de oudste teksten uit de christelijke spiritualiteit waarin de hele schepping wordt bezongen als een familie die God looft…..

Lofzang van de Schepselen

Gebed van Sint Franciscus van Assisi:

Allerhoogste, almachtige, goede Heer, aan U komen toe de lof, de glorie, de eer en alle zegen.

U alleen, Allerhoogste, komen zij toe, en geen mens is waardig Uw naam uit te spreken.

Geloofd zijt Gij, mijn Heer, met al Uw schepselen, vooral door broeder Zon, die de dag brengt en ons verlicht. Hij is mooi en stralend met grote pracht; van U, Allerhoogste, draagt hij het teken.

Geloofd zijt Gij, mijn Heer, door zuster Maan en de sterren; aan de hemel hebt Gij hen gevormd, helder, kostbaar en schoon.

Geloofd zijt Gij, mijn Heer, door broeder Wind, door de lucht en de wolken, door heldere hemel en alle weersomstandigheden, waardoor Gij Uw schepselen onderhoudt.

Geloofd zijt Gij, mijn Heer, door zuster Water, die zeer nuttig is, nederig, kostbaar en zuiver.

Geloofd zijt Gij, mijn Heer, door broeder Vuur, waardoor Gij de nacht verlicht. Hij is mooi, vrolijk, krachtig en sterk.

Geloofd zijt Gij, mijn Heer, door onze zuster, moeder Aarde, die ons draagt en voedt, en allerlei vruchten voortbrengt, kleurige bloemen en kruiden.

Geloofd zijt Gij, mijn Heer, door hen die vergeven uit liefde voor U en ziekte en beproeving verdragen. Gelukkig zij die dit in vrede volhouden, want door U, Allerhoogste, zullen zij gekroond worden.

Geloofd zijt Gij, mijn Heer, door onze zuster, de lichamelijke dood, aan wie geen levende mens kan ontsnappen. Wee hen die sterven in doodzonde. Gelukkig zij die gevonden worden in Uw heilige wil, want de tweede dood zal hun geen kwaad doen.

Loof en prijs mijn Heer, dank Hem en dien Hem met grote nederigheid.

Amen.


Commentaar

Wat mij telkens opnieuw treft in deze tekst, is dat Franciscus niet spreekt over de natuur als iets dat buiten ons staat. De zon, de maan, het water, het vuur en zelfs de dood zijn voor hem broeders en zusters. Alles komt voort uit dezelfde Schepper en draagt iets van Gods schoonheid in zich.

Franciscus kijkt niet naar de schepping als een eigenaar, maar als een verwonderde pelgrim. Hij bezit niets, maar ontvangt alles als gave. Daarom klinkt in deze lofzang geen eis, geen klacht en geen angst, maar enkel dankbaarheid.

Bijzonder ontroerend is het laatste deel. Nadat hij zon, water, vuur en aarde heeft bezongen, noemt hij ook de dood zijn “zuster”. Alleen iemand die diep geworteld is in Gods liefde kan zo spreken. De dood wordt niet ontkend of geminimaliseerd, maar opgenomen in het grote mysterie van het leven dat uit God komt en naar God terugkeert.

Hier raakt Franciscus aan dezelfde innerlijke vrijheid die we ook vinden bij Augustinus, Johannes van het Kruis en Teresa van Ávila: wie God liefheeft boven alles, ontdekt dat elk schepsel een venster wordt op het Oneindige.


Gebed

Heer van hemel en aarde,

leer ons de wereld te zien met de ogen van Sint Franciscus.

Wanneer de zon opkomt, laat ons Uw licht herkennen.

Wanneer de maan en de sterren verschijnen, laat ons Uw schoonheid aanschouwen.

In het water dat lest, in het vuur dat verwarmt, in de aarde die vruchten draagt, laat ons Uw zorgzame aanwezigheid ontdekken.

Geef ons een hart dat dankbaar wordt om het kleinste geschenk, een geest die vrede zaait, en handen die met eerbied omgaan met al wat leeft.

En wanneer de avond van ons leven komt, laat ons zonder angst vertrouwen op Uw barmhartige liefde, want alles komt van U en alles keert terug naar U.

Door Christus onze Heer.

Amen.

****

“Geloofd zijt Gij, mijn Heer, met al Uw schepselen.” Dat woord van Franciscus moge vandaag ook het lied van ons hart worden.

********************

Sint Jan van het Kruis: Deze eenvoudige zin bevat de kern van het Evangelie én van heel de mystieke spiritualiteit…

“Op de avond van het leven zal men je toetsen op de liefde.”

Sint Johannes van het Kruis.

Of nog iets vrijer vertaald:

“Wanneer de avond van ons leven aanbreekt, zullen wij beoordeeld worden naar de mate waarin wij hebben liefgehad.”

++++

Commentaar:

Deze eenvoudige zin bevat de kern van het evangelie én van heel de mystieke spiritualiteit.

Johannes van het Kruis zegt niet dat wij zullen worden beoordeeld op onze kennis, onze prestaties, onze bezittingen of zelfs op onze religieuze verdiensten. Uiteindelijk blijft slechts één vraag over:

Hebben wij liefgehad?

De “avond” verwijst naar het einde van ons aardse leven, maar ook naar de momenten waarop wij terugkijken op onze dagen. Dan verliezen veel zaken hun belang. Wat overblijft zijn de gebaren van liefde: een woord van troost, een daad van vergeving, een luisterend oor, een verborgen offer, een stille trouw.

Voor Johannes is liefde geen gevoel alleen. Liefde is deelname aan Gods eigen leven. Wie liefheeft, leeft reeds uit God, want “God is liefde” (1 Johannes 4,8).

Daarom is deze uitspraak niet bedreigend maar bevrijdend. Zij herinnert ons eraan dat het wezenlijke vaak verborgen ligt in kleine dagelijkse daden. Niet: “Hoe groot was je?” maar: “Hoeveel liefde heb je doorgegeven?”

++++

Gebed:

Heer van liefde,

wanneer ik mij verlies in zorgen, in plannen en in duizend bezigheden, breng mij dan terug naar wat werkelijk telt.

Leer mij liefhebben zoals Gij liefhebt: eenvoudig, geduldig, zonder berekening.

Geef dat mijn woorden vrede brengen, mijn handen dienstbaar zijn en mijn hart open blijft voor ieder mens die Gij op mijn weg zendt.

Wanneer eenmaal de avond van mijn leven komt, laat mij dan niet vertrouwen op mijn verdiensten, maar op Uw barmhartige liefde.

Moge ik dan ontdekken dat elke daad van ware liefde een stap was naar U.

Amen.

***

“Aan het einde van alles blijft de liefde over; want alleen de liefde gaat met ons mee in de eeuwigheid.”

Deze woorden van Johannes van het Kruis sluiten prachtig aan bij zijn beroemde vers: “En una noche oscura…”. Heel zijn leer mondt uit in hetzelfde geheim: door de donkere nacht heen leert God de ziel zuiver liefhebben.

***********

Franciscus van Assisi: In deze enkele zin wordt de hele zending van een Christen samengevat….

“Wij zijn geroepen om wonden te genezen, om te verbinden wat gebroken is, en om hen die de weg kwijtgeraakt zijn weer thuis te brengen.”

– Sint Franciscus van Assisi.

++++

Commentaar:

In deze enkele zin wordt de hele zending van een christen samengevat.

Franciscus spreekt niet over macht, succes of aanzien. Hij spreekt over genezing. De wereld draagt talloze zichtbare en onzichtbare wonden: verdriet, eenzaamheid, verdeeldheid, teleurstelling, angst en schuld. God roept ons niet in de eerste plaats om rechters te zijn, maar om dragers van zijn barmhartigheid.

“Verbinden wat gebroken is” verwijst niet alleen naar relaties tussen mensen, maar ook naar het innerlijk van de mens zelf. Hoeveel mensen leven met een gebroken hart, een verloren droom of een verwond verleden? Een vriendelijk woord, een luisterend oor of een eenvoudig gebaar van liefde kan soms meer genezen dan vele woorden.

“Hen die de weg kwijtgeraakt zijn weer thuis brengen” herinnert aan de Goede Herder die het verloren schaap zoekt. Het gaat niet om veroordelen, maar om begeleiden. Het ware thuis is uiteindelijk Gods hart, waar iedere mens welkom is, hoe ver hij ook afgedwaald is.

Voor mystieke schrijvers zoals Augustinus, Johannes van het Kruis en Teresa van Ávila is dit “thuis” niet enkel een plaats, maar een terugkeer naar de diepste kern van onze ziel, waar God reeds aanwezig is en op ons wacht.

++++

Gebed:

Heer van barmhartigheid,

maak van mij een werktuig van uw vrede.

Waar mensen gewond zijn, laat mij een balsem van troost zijn.

Waar iets gebroken is, geef mij de liefde om te verbinden.

Waar iemand verdwaald is, schenk mij een mild en begrijpend hart om die mens opnieuw de weg naar huis te helpen vinden.

Bewaar mij voor harde oordelen en leer mij kijken met uw ogen.

Laat mij nooit vergeten dat ook ikzelf een pelgrim ben, genezen door uw genade, gedragen door uw liefde, en steeds opnieuw thuisgebracht door uw trouw.

Amen.

***

“Het hart vindt geen rust totdat het rust vindt in U.”

Augustinus

************************

Augustinus: Liefde is geen gevoel dat enkel in het hart blijft wonen. Ware liefde wordt zichtbaar in daden……..

VERITAS (Waarheid)

Heilige Augustinus

Hoe is de liefde?

Zij heeft handen om anderen te helpen.

Zij heeft voeten om snel te gaan naar de armen en de behoeftigen.

Zij heeft ogen om ellende en nood te zien.

Zij heeft oren om de zuchten en het verdriet te horen.

Zo is de liefde.

❤

++++

Commentaar:

Deze woorden van Augustinus herinneren ons eraan dat liefde geen abstract idee is. Liefde is geen gevoel dat enkel in het hart blijft wonen. Ware liefde wordt zichtbaar in daden.

De liefde heeft handen: zij raakt aan, ondersteunt en troost.

De liefde heeft voeten: zij wacht niet af, maar zet een stap naar de ander toe, vooral naar wie vergeten of gekwetst is.

De liefde heeft ogen: zij kijkt niet weg van het lijden, maar ziet de verborgen pijn achter een glimlach.

De liefde heeft oren: zij luistert naar wat niet altijd wordt uitgesproken, naar het stille verdriet en de nood die niet met woorden wordt uitgedrukt.

In het evangelie zien we dit voortdurend in Jezus. Zijn handen genezen, zijn voeten brengen Hem naar de zieken en verlatenen, zijn ogen zien het diepste van de mens, en zijn oren horen zelfs het zwijgende gebed van het hart.

Voor Augustinus is liefde uiteindelijk de aanwezigheid van God zelf. Waar een mens zich werkelijk opent voor de nood van een ander, daar wordt iets zichtbaar van Gods eigen liefde.

Zoals Johannes van het Kruis zou zeggen: aan het einde van ons leven zullen wij beoordeeld worden op de liefde. Niet op wat wij bezaten of wisten, maar op de liefde die door ons heen zichtbaar werd.

++++

Gebed:

Heer van liefde,

geef mij handen die bereid zijn te dienen,

voeten die de weg vinden naar wie mij nodig heeft,

ogen die het verborgen leed van mensen zien,

en oren die luisteren naar de stille roep van een bedroefd hart.

Bevrijd mij van onverschilligheid, van haast en zelfgerichtheid.

Maak mijn leven tot een spiegel van Uw tederheid en barmhartigheid.

Moge ieder die ik ontmoet iets mogen ervaren van Uw liefde, niet door mijn woorden alleen, maar door mijn daden.

Zoals Augustinus U zocht met heel zijn hart, laat ook mij groeien in de waarheid van de liefde.

Amen.

***

“Heb lief, en doe wat je wilt.”

– Augustinus

Deze tekst raakt bijzonder mooi aan het hart van Augustinus: de liefde is geen theorie, maar een levende beweging van God door onze handen, voeten, ogen en oren.

*********************

Augustinus: Deze tekst vat op een indrukwekkende wijze de hele geestelijke weg samen…..

God, in U wonen is leven:

God, zich van U verwijderen is vallen; tot U terugkeren is weer opstaan; in U blijven is standvastigheid vinden.

God, U de rug toekeren is sterven; zich tot U bekeren is herleven; in U wonen is werkelijk leven.

God, die niemand verliest tenzij door eigen misleiding; die niemand zoekt tenzij hij daartoe wordt aangeraakt; die niemand vindt tenzij hij gezuiverd wordt.

God, U verlaten is de dood tegemoet gaan; U volgen is liefhebben; U aanschouwen is U bezitten.

God, door wie het geloof in ons ontwaakt, de hoop wordt opgericht en de liefde wordt verenigd.

Tot U roep ik.

God, door wie wij de vijand overwinnen; God, door wiens gunst wij niet geheel verloren zijn gegaan.

(Vrij naar Soliloquia I, 1, 3)

++++

Commentaar:

Deze tekst vat op een indrukwekkende wijze de hele geestelijke weg samen.

Augustinus beschrijft God niet als een verre macht, maar als het diepste centrum van ons bestaan. Buiten God verliest de mens zijn richting; in God vindt hij zijn ware thuis.

Vooral de zin:

“In U wonen is leven” raakt het hart van de christelijke mystiek.

Dat wonen in God betekent niet dat wij uit de wereld verdwijnen. Het betekent dat wij, midden in ons dagelijkse leven, een innerlijke verblijfplaats ontdekken waar God reeds aanwezig is.

Dit sluit wonderwel aan bij wat jij zo waardeert in Johannes van het Kruis, Teresa van Ávila en Kierkegaard. Zij herinneren ons eraan dat het spirituele leven geen tocht naar een verre bestemming is, maar een thuiskomen in de God die al langer op ons wacht dan wij Hem zoeken.

De tekst spreekt ook over bekering. Bekering is hier geen morele prestatie maar een omkering van het hart. Zoals de verloren zoon terugkeert naar zijn vader, zo keert de ziel terug naar haar oorsprong.

Uiteindelijk blijven slechts drie gaven over:

  1. het geloof dat wakker wordt,
  2. de hoop die zich opricht,
  3. de liefde die alles verenigt.

En van deze drie is de liefde het einddoel.

++++

Gebed:

Heer mijn God,

wanneer ik afdwaal, breng mij terug naar Uw weg.

Wanneer ik val, richt mij weer op.

Wanneer mijn geloof zwak wordt, wek het opnieuw tot leven.

Leer mij wonen in Uw aanwezigheid, niet slechts tijdens het gebed, maar in elk uur van de dag.

Laat mijn hart rust vinden in de stilte waarin Gij verblijft.

Maak mijn hoop sterker dan mijn angst, mijn vertrouwen groter dan mijn twijfel, en mijn liefde dieper dan mijn eigen belang.

Moge ik steeds meer ontdekken dat leven met U geen last is, maar een thuiskomen.

Amen.

***

“Onrustig is ons hart totdat het rust vindt in U.”

— Augustinus

*****************

Sören Kierkegaard: Voor Kierkegaard bestaat het ware zelf niet los van God. Een mens vindt zijn diepste identiteit niet door naar zichzelf te staren, maar door zich te verankeren in de Bron waaruit hij voortkomt…..

“Het grootste gevaar van allemaal, namelijk zichzelf te verliezen, kan zich heel stilletjes in de wereld voltrekken, alsof er helemaal niets gebeurd is. Geen enkel ander verlies gebeurt zo geruisloos; ieder ander verlies, een arm, een been, vijf dollar, een echtgenoot of echtgenote, enzovoort, zal zeker worden opgemerkt.”

Søren Kierkegaard, uit De ziekte tot de dood.

++++

Commentaar:

Kierkegaard raakt hier een van de diepste geestelijke waarheden aan. Wij merken onmiddellijk wanneer wij geld verliezen, gezondheid verliezen of geliefden moeten missen. Zulke verliezen doen pijn en laten zichtbare sporen na.

Maar er is een verlies dat veel subtieler is: het verlies van ons ware zelf.

Dat gebeurt niet plotseling. Het begint vaak met kleine toegevingen. We leven meer volgens verwachtingen dan volgens waarheid. We worden drukker, maar niet dieper. We verzamelen indrukken, maar verliezen de stilte. We doen veel, maar vergeten te zijn.

Voor Kierkegaard bestaat het ware zelf niet los van God. Een mens vindt zijn diepste identiteit niet door naar zichzelf te staren, maar door zich te verankeren in de Bron waaruit hij voortkomt.

“Het grootste gevaar van allemaal, namelijk zichzelf te verliezen, kan zich heel stilletjes in de wereld voltrekken, alsof er helemaal niets gebeurd is. Geen enkel ander verlies gebeurt zo geruisloos; ieder ander verlies, een arm, een been, vijf dollar, een echtgenoot of echtgenote, enzovoort, zal zeker worden opgemerkt.”

Søren Kierkegaard, uit De ziekte tot de dood.

++++

Commentaar:

Kierkegaard raakt hier een van de diepste geestelijke waarheden aan. Wij merken onmiddellijk wanneer wij geld verliezen, gezondheid verliezen of geliefden moeten missen. Zulke verliezen doen pijn en laten zichtbare sporen na.

Maar er is een verlies dat veel subtieler is: het verlies van ons ware zelf.

Dat gebeurt niet plotseling. Het begint vaak met kleine toegevingen. We leven meer volgens verwachtingen dan volgens waarheid. We worden drukker, maar niet dieper. We verzamelen indrukken, maar verliezen de stilte. We doen veel, maar vergeten te zijn.

Voor Kierkegaard bestaat het ware zelf niet los van God. Een mens vindt zijn diepste identiteit niet door naar zichzelf te staren, maar door zich te verankeren in de Bron waaruit hij voortkomt.

****

Gebed:

Heer,

behoed mij ervoor mijzelf te verliezen te midden van de drukte van het leven.

Wanneer ik opga in zorgen, laat mij terugkeren naar de stilte.

Wanneer ik mijn waarde zoek in prestaties, bezit of erkenning, herinner mij eraan dat ik reeds gekend en bemind ben door U.

Geef mij de moed om eerlijk te zien wat niet echt is, en de genade om los te laten wat mij van U verwijdert.

Leid mij naar mijn diepste zelf, naar die verborgen plaats waar Gij woont en wacht.

Moge ik niet leven aan de oppervlakte, maar wortelen in Uw liefde, vandaag en alle dagen.

Amen.

******

“Wie zichzelf verliest in God, ontdekt uiteindelijk wie hij werkelijk is.”

***************

Sören Kierkegaard: De ware mens, zegt Kierkegaard, leert ooit een weg van innerlijke eenzaamheid bewandelen. Niet een eenzaamheid van bitterheid of afzondering, maar de eenzaamheid waarin men voor God alleen staat…..

“Ware individualiteit wordt hieraan gemeten: hoe lang of hoe ver iemand het kan uithouden alleen te zijn zonder het begrip van anderen. De persoon die de eenzaamheid kan verdragen, staat mijlenver verwijderd van degene die voortdurend in gezelschap verkeert. Deze mens staat ook ver af van degene die met iedereen goed overweg kan, degene zonder scherpe kanten. God gebruikt zulke mensen nooit. De ware enkeling, ieder die rechtstreeks met God betrokken zal worden, zal de menselijke beet niet kunnen en niet mogen vermijden. De ware enkeling zal grondig verkeerd begrepen worden. God is geen vriend van gezellige menselijke samenkomsten.”

— Søren Kierkegaard, Provocations.

++++

Commentaar:

Deze woorden van Kierkegaard klinken scherp, zelfs provocerend. Toch wil hij niet zeggen dat gemeenschap of vriendschap slecht zijn. Hij waarschuwt voor iets anders: de verleiding om onze identiteit volledig te laten afhangen van de goedkeuring van anderen.

De ware mens, zegt Kierkegaard, leert ooit een weg van innerlijke eenzaamheid bewandelen. Niet een eenzaamheid van bitterheid of afzondering, maar de eenzaamheid waarin men voor God alleen staat. Daar vallen de maskers weg. Daar kan niemand ons volledig begrijpen. Zelfs onze dierbaarste vrienden kunnen slechts een deel van ons hart kennen.

Wie werkelijk naar God groeit, zal soms onbegrepen worden. Dat zien we ook bij Augustinus, Johannes van het Kruis, Theresia van Avila en zoveel mystici. Hun diepste ervaringen konden nauwelijks in woorden worden uitgedrukt. Daarom werden zij soms gewantrouwd, bespot of verkeerd geïnterpreteerd.

Johannes van het Kruis beschrijft deze weg in zijn beroemde Donkere Nacht. De ziel wordt geleid naar een plaats waar menselijke zekerheden verdwijnen. Men kan zich verlaten voelen, maar juist daar werkt God het diepst.

Kierkegaard herinnert ons eraan dat heiligheid niet altijd samenvalt met populariteit. Een mens die alleen wil behagen, verliest gemakkelijk de moed om de waarheid te volgen. Maar een mens die God zoekt, leert soms rustig leven met onbegrip.

Toch is dit geen oproep tot trots of isolement. Het is een uitnodiging tot innerlijke vrijheid. Wie in God rust, hoeft niet voortdurend bevestigd te worden door anderen. Die mens kan liefhebben zonder bezit, dienen zonder applaus en getuigen zonder angst.

++++

Gebed:

Heer,

leer mij de heilige eenzaamheid niet te vrezen,

de stilte waarin Gij tot mijn hart spreekt.

Wanneer ik onbegrepen word,

bewaar mij dan voor bitterheid.

Wanneer anderen mij niet kunnen volgen,

laat mij dan niet oordelen,

maar zachtmoedig blijven.

Geef mij de moed

om mijn identiteit niet te zoeken

in lof, erkenning of menselijke goedkeuring,

maar in Uw liefde alleen.

Zoals Gij uw heiligen hebt geleid

door de nacht van geloof,

zo leid ook mij

door de verborgen paden van het hart.

Laat mij rust vinden in Uw aanwezigheid,

wanneer woorden tekortschieten,

wanneer vrienden mij niet begrijpen,

wanneer de weg eenzaam lijkt.

En laat mij ontdekken

dat geen enkele menselijke verlatenheid

groter is dan Uw nabijheid.

Amen.

**************

Fyodor Dostoevsky: Dostoevsky raakt hier een van de diepste geestelijke zieketen van de mens aan : Zelfbedrog….

Boven alles: lieg niet tegen jezelf.

De mens die tegen zichzelf liegt en naar zijn eigen leugen luistert, komt uiteindelijk op een punt waarop hij de waarheid niet meer kan onderscheiden, noch in zichzelf, noch rondom zich. Daardoor verliest hij alle respect voor zichzelf en voor anderen.

En wanneer hij geen respect meer heeft, houdt hij op lief te hebben. Om zichzelf bezig te houden en af te leiden zonder liefde, geeft hij zich over aan hartstochten en grove genoegens, en zinkt hij in zijn ondeugden tot het dierlijke. Dit alles komt voort uit het voortdurende liegen tegenover anderen en tegenover zichzelf.

De mens die tegen zichzelf liegt, voelt zich gemakkelijker beledigd dan wie ook. Je weet dat het soms zelfs aangenaam kan zijn om zich beledigd te voelen, nietwaar?

Iemand kan weten dat niemand hem werkelijk beledigd heeft, maar toch heeft hij de belediging zelf verzonnen, haar aangedikt en overdreven om haar kleurrijker te maken. Hij heeft zich vastgeklampt aan een enkel woord en van een mug een olifant gemaakt. Hij weet dit zelf heel goed, en toch is hij de eerste die zich gekwetst voelt.

Vervolgens koestert hij zijn wrok totdat hij er een groot genoegen in begint te vinden, en zo vervalt hij uiteindelijk tot echte verbittering en wraakzucht.

++++

Commentaar:

Dostoevski raakt hier een van de diepste geestelijke ziekten van de mens aan: zelfbedrog.

Wij denken vaak dat onze grootste vijand buiten ons ligt, maar volgens de grote Russische schrijver begint de tragedie in het hart. Wanneer wij niet meer eerlijk durven kijken naar onze eigen motieven, onze kwetsuren, onze trots en onze angsten, ontstaat er een vervormde werkelijkheid. Dan zien wij niet meer wat waar is, maar wat wij willen zien.

Deze gedachte sluit wonderwel aan bij Augustinus, die bad: “Heer, laat mij mijzelf kennen, laat mij U kennen.” Werkelijke zelfkennis is een genade. Zij vraagt moed. Zij vraagt stilte. Zij vraagt de bereidheid om onze maskers af te leggen.

Ook Johannes van het Kruis leert dat de ziel door een nacht van zuivering moet gaan. In die nacht worden onze illusies afgebroken. Niet om ons te vernederen, maar om ons vrij te maken voor de waarheid en voor de liefde.

Dostojevski merkt op dat wie zichzelf voortdurend misleidt, uiteindelijk gekwetstheid gaat zoeken. Hoe herkenbaar is dat niet? Soms dragen mensen jarenlang een oud verdriet met zich mee. Ze voeden het, herhalen het, en maken het tot een deel van hun identiteit. De wonde wordt gekoesterd in plaats van genezen.

Het evangelie wijst een andere weg. Jezus zegt:

“De waarheid zal u vrijmaken.” (Johannes 8,32)

Waarheid is niet hardheid. Waarheid is licht. En waar het licht binnenkomt, daar kan genezing beginnen.

++++

GEBED:

Heer van waarheid en licht,

bevrijd mij van de neiging

om voor mezelf weg te lopen.

Geef mij de moed

om eerlijk naar mijn hart te kijken,

zonder angst,

zonder veroordeling,

maar in het zachte licht van Uw liefde.

Wanneer ik mijn kwetsuren koester,

leer mij ze aan U toe te vertrouwen.

Wanneer ik mijn fouten verberg,

geef mij de eenvoud om ze te erkennen.

Wanneer trots, wrok of zelfbedrog

mijn blik vertroebelen,

open dan opnieuw mijn ogen.

Laat mij de waarheid liefhebben,

ook wanneer zij mij zuivert.

Laat mij mezelf zien zoals U mij ziet:

een geliefd kind,

geroepen om te groeien in vrijheid,

nederigheid en liefde.

Moge Uw waarheid geen last zijn,

maar een weg naar vrede.

Amen.

**********************

Serge Bulgakov: Deze tekst raakt aan een van de grote thema’s van de christelijke spiritualiteit: wanhoop is niet slechts een gevoel, maar een verleiding om Gods liefde niet langer te geloven……

Deze tekst raakt aan een van de grote thema’s van de christelijke spiritualiteit: wanhoop is niet slechts een gevoel, maar een verleiding om Gods liefde niet langer te geloven.

Deze tekst raakt aan een van de grote thema’s van de christelijke spiritualiteit: wanhoop is niet slechts een gevoel, maar een verleiding om Gods liefde niet langer te geloven.

Deze tekst raakt aan een van de grote thema’s van de christelijke spiritualiteit: wanhoop is niet slechts een gevoel, maar een verleiding om Gods liefde niet langer te geloven.

Wees niet moedeloos, want er bestaat geen zwakheid of zonde die dodelijker is dan wanhoop.

Bedenk dit: de alwijze en wonderbaarlijke God heeft jou van eeuwigheid af verkozen om te bestaan. Hij heeft je het leven gegeven. Hij heeft je bestemming bepaald vanaf je eerste dag tot je laatste. Hij heeft voor jou een tijd gekozen, een land, een volk, de mensen die je nabij zijn, familie en vrienden. Hij heeft je de gaven geschonken die je nodig hebt en de beproevingen die je kunt dragen.

En Hij verlangt slechts één ding van jou: Hem liefhebben en Hem vertrouwen zoals een zoon zijn vader vertrouwt.

Maar jij, bevreesd en wanhopig, ziet geen Vader, maar slechts een wrede folteraar in de hemel. Je bent ondankbaar omdat je niet ziet en niet wilt zien hoeveel zegeningen je ontvangt. Je wilt niet erkennen dat er geen grotere zegen bestaat dan het leven zelf, de gave van de Gever van het leven.

Je wordt verblind door beproevingen, zonden, rampen. Je groeit moedeloos door het vuil en de beperkingen die je telkens weer in jezelf ontdekt. Maar bedenk dat God jouw bestemming duidelijker ziet dan jijzelf. Hij kent niet alleen dit ogenblik waarin je verzwakt, maar ook de eeuwen der eeuwen.

Verzaak aan de angst, want angst is een kind van de duivel; want wie vreest, is niet volmaakt in de liefde (1 Johannes 4,18). Werp de wanhoop van je af, die dood van de ziel vóór de dood.

Bekeer je van je zonden, maar wees er niet bang voor, want overvloediger dan de zonde is de barmhartigheid van God.

Vrees de rechtvaardigheid van God, maar wanhoop niet, want op de weegschaal van die rechtvaardigheid weegt ook al jouw menselijke zwakheid mee.

Sluit geen vrede met deze zondige wereld, maar weet dat zij wordt gedragen door Gods hand, zoals jijzelf dat bent.

Zonder ditzelfde ogenblik zou de wereld niet bestaan. En de wereld, ondanks al haar zonden, wordt gedragen door de alwetende en allesvergevende liefde van God.

Hoe zou jij dan kunnen wanhopen? Hoe durf jij te wanhopen?

— Sergei Boelgakov

++++

Commentaar:

Deze tekst raakt aan een van de grote thema’s van de christelijke spiritualiteit: wanhoop is niet slechts een gevoel, maar een verleiding om Gods liefde niet langer te geloven.

Boelgakov ontkent het lijden niet. Hij spreekt over zonden, rampen, innerlijke beperkingen en menselijke zwakheid. Hij vraagt niet om deze pijn te negeren. Wat hij wel zegt, is dat het laatste woord niet aan de menselijke ellende toebehoort, maar aan Gods liefdevolle voorzienigheid.

Hier klinkt iets door van Augustinus, die schreef dat God ons dichter nabij is dan wij onszelf nabij zijn. Ook Johannes van het Kruis zou dit kunnen onderschrijven: juist in de donkere nacht, wanneer alles verloren lijkt, werkt God verborgen aan de ziel.

Een bijzonder sterke gedachte is dat God niet alleen ons huidige ogenblik ziet, maar ook “de eeuwen der eeuwen”. Wij beoordelen ons leven vaak vanuit één pijnlijke dag of één moeilijke periode. God ziet het geheel. Wat voor ons een afgesloten muur lijkt, kan in Gods ogen een deur naar groei, zuivering en liefde zijn.

De tekst eindigt met een krachtige vraag: “Hoe durf jij te wanhopen?” Dat klinkt streng, maar eigenlijk is het een uitnodiging. Boelgakov wil zeggen: als de wereld zelf gedragen wordt door Gods vergevende liefde, hoeveel te meer wordt jouw leven gedragen door diezelfde liefde.

++++

Gebed:

Heer,

wanneer mijn blik verduisterd wordt door zorgen,

wanneer ik alleen nog mijn zwakheid zie

en niet langer Uw goedheid herken,

kom dan mijn ongeloof te hulp.

Leer mij vertrouwen dat mijn leven geen toeval is,

maar rust in Uw vaderlijke handen.

Gij hebt mij gewild vanaf het begin,

Gij kent mijn verleden,

mijn heden

en mijn toekomst.

Wanneer angst mijn hart beklemt,

vervul mij met Uw liefde.

Wanneer schuld mij neerdrukt,

toon mij Uw barmhartigheid.

Wanneer wanhoop aan mijn deur klopt,

laat mij herinneren dat geen enkele duisternis

sterker is dan Uw licht.

Geef mij de nederigheid mijn fouten te erkennen,

maar ook de moed te geloven

dat Uw genade groter is dan mijn zonde.

Laat mij leven in dankbaarheid,

hoop

en vertrouwen,

tot de dag waarop ik alles mag zien

in het licht van Uw eeuwige liefde.

Amen.

****************

Teresa van Avila: In de christelijke mystiek is dit een bekend thema. Wie zich verliest in liefde, vindt zichzelf terug……..

Heilige Teresa van Ávila

“Sommigen vinden het moeilijk om niet voortdurend voor hun eigen ziel te bidden. Maar welk beter gebed zou er kunnen zijn dan dit? Misschien maak je je zorgen omdat je denkt dat dit niets zal bijdragen tot het verminderen van je lijden in het vagevuur. Maar in werkelijkheid zal bidden op deze wijze je van een deel daarvan verlichten; en wat dan nog overblijft, laat het maar blijven. Want wat maakt het uiteindelijk uit als ik in het vagevuur zou blijven tot de dag van het oordeel, zolang er ook maar één enkele ziel gered zou worden?”


Commentaar:

Wat een indrukwekkende en liefdevolle gedachte van Teresa van Ávila. Hier spreekt een ziel die zover gegroeid is in de liefde dat zij niet langer zichzelf centraal stelt. Haar aandacht verschuift van haar eigen lot naar het heil van anderen.

Dat betekent niet dat zij haar eigen redding onbelangrijk vindt. Integendeel. Maar zij heeft ontdekt dat ware liefde altijd naar buiten treedt. Wanneer het hart zich volledig aan God geeft, begint het ook te verlangen naar wat God verlangt: dat niemand verloren gaat en dat allen tot het leven komen.

Teresa nodigt ons uit om onze gebeden niet enkel te richten op onze behoeften, zorgen en angsten. Zij leert ons de vreugde van de voorspraak: bidden voor mensen die het moeilijk hebben, voor zoekende zielen, voor zieken, voor hen die God niet kennen of vergeten zijn.

In de christelijke mystiek is dit een bekend thema. Wie zich verliest in liefde, vindt zichzelf terug. Wie zichzelf vergeet omwille van God en de naaste, ontdekt een diepere vrede dan degene die voortdurend bezig is met zijn eigen geestelijke toestand.

Deze woorden doen denken aan Johannes van het Kruis, die schreef dat wij aan het einde van ons leven zullen worden geoordeeld op de liefde. Niet op onze prestaties, niet op onze geestelijke ervaringen, maar op de mate waarin Gods liefde door ons heen heeft kunnen stromen.

Voor ons dagelijks leven betekent dit misschien eenvoudigweg dat wij af en toe ons eigen lijstje van zorgen neerleggen en zeggen:

“Heer, vandaag bid ik niet eerst voor mezelf. Toon mij wie vandaag mijn gebed nodig heeft.”

Dat gebed raakt het hart van God.


Gebed:

Heer Jezus,bevrijd mijn hart van een liefde die alleen om zichzelf draait.

Leer mij kijken met Uw ogen, beminnen met Uw hart en bidden met Uw mededogen.

Wanneer ik bezorgd ben over mijn eigen weg, help mij dan te vertrouwen op Uw barmhartigheid.

Leg in mijn ziel een verlangen naar het welzijn van anderen, naar de troost van de bedroefden, naar de bekering van hen die U niet kennen, naar de redding van allen die naar U verlangen.

Moge ik, samen met de heilige Teresa, leren zeggen:

“Uw wil geschiede, Heer. Laat Uw liefde groeien in de wereld, zelfs als dat van mij een offer vraagt.”

Want niets is groter dan bemind te worden door U en anderen tot Uw liefde te brengen.

Amen.

“Heilige Teresa van Ávila, leer ons de vrijheid van een hart dat zichzelf vergeet om geheel voor God en voor anderen te leven.“

*****************

Augustinus: Augustinus wijst ons erop dat het geestelijke leven niet in de eerste plaats gaat over uiterlijke nabijheid, maar over innerlijke ontvankelijkheid…..

“Het heeft geen nut dicht bij het licht te zijn, als de ogen gesloten blijven.”
Sint-Augustinus

Theoloog en filosoof (354-430)

Commentaar

Wat een eenvoudige en tegelijk diepgaande gedachte van Augustinus.

Het licht is er altijd. Gods aanwezigheid omringt ons voortdurend, zoals de zon de aarde verlicht. Maar nabijheid alleen is niet genoeg. Men kan zich in een kerk bevinden, religieuze boeken lezen, gebeden uitspreken en toch met gesloten ogen leven voor het mysterie van God.

Augustinus wijst ons erop dat het geestelijke leven niet in de eerste plaats gaat over uiterlijke nabijheid, maar over innerlijke ontvankelijkheid. Het licht van Christus wil ons raken, maar vraagt een hart dat bereid is te zien, te luisteren en zich te laten veranderen.

Deze woorden herinneren ook aan de mystieke traditie van Johannes van het Kruis en Teresa van Avila die ons leren dat God vaak dichter bij ons is dan wijzelf beseffen. Niet God is afwezig; vaak zijn wij afgeleid, bezorgd of opgesloten in onszelf. Het gebed wordt dan een langzaam openen van de ogen van het hart.

De vraag is niet: “Hoe ver is God van mij?”
De vraag is eerder: “Ben ik bereid mijn ogen te openen voor het Licht dat reeds aanwezig is?”

++++

Gebed:

Heer van het Licht,

U bent dichter bij mij dan mijn eigen adem, en toch leef ik soms alsof ik U niet zie.

Open de ogen van mijn hart, zodat ik Uw aanwezigheid herken in stilte en gebed, in vreugde en verdriet, in de mensen die mijn weg kruisen, en in de gewone uren van elke dag.

Bevrijd mij van blindheid, van alles wat mij afsluit voor Uw genade.

Laat Uw licht niet enkel naast mij schijnen, maar ook in mij wonen, opdat mijn leven een weerspiegeling mag worden van Uw liefde en Uw vrede.

Zoals Augustinus zocht en uiteindelijk vond, laat ook mij steeds dieper ontdekken:

“Laat heb ik U liefgekregen, schoonheid zo oud en toch zo nieuw.”

Amen.

“God is niet ver weg. Vaak hoeven wij niet verder te reizen dan van ons hoofd naar ons hart.” – een gedachte die Augustinus zeker zou hebben verstaan.

*********************

Het evangelie volgens Mattheüs: Over volharding in het geloof……

Het Evangelie volgens Matteüs 24,10-13

Over volharding in het geloof

“Dan zullen velen ten val komen. Zij zullen elkaar verraden en elkaar haten. Er zullen valse profeten opstaan en velen misleiden. En omdat de wetteloosheid zal toenemen, zal de liefde van velen verkillen. Maar wie volhardt tot het einde, zal gered worden.”

(Matteüs 24,10-13)


Commentaar

Deze woorden van Jezus klinken ernstig en zelfs verontrustend. Hij schildert geen gemakkelijk beeld van het leven van de gelovige. Er zullen tijden komen van verwarring, verdeeldheid en afkoeling van de liefde. Mensen kunnen elkaar verraden, vertrouwen kan verdwijnen, en stemmen die zich voordoen als dragers van de waarheid kunnen velen op een dwaalspoor brengen.

Toch ligt het zwaartepunt van deze passage niet op angst, maar op hoopvolle volharding. Jezus roept zijn leerlingen niet op om zich te laten meeslepen door de duisternis van hun tijd, maar om standvastig te blijven in liefde en geloof.

De woorden “de liefde van velen zal verkillen” raken bijzonder diep. Voor mystieke auteurs zoals Augustinus, Johannes van het Kruis en Teresa van Avila is de grootste tragedie niet het lijden zelf, maar het verlies van de liefde. Wanneer het hart koud wordt, verliest de ziel haar innerlijke vuur. Daarom is het geestelijk leven vooral een voortdurend voeden van de liefde voor God en de naaste.

Het laatste woord van Jezus is dan ook geen waarschuwing, maar een belofte:

“Wie volhardt tot het einde, zal gered worden.”

Volharden betekent niet nooit vallen. Het betekent telkens opnieuw opstaan, blijven vertrouwen wanneer alles onzeker lijkt, en blijven liefhebben wanneer liefde moeilijk wordt. God vraagt geen volmaaktheid, maar trouw.

Zoals Johannes van het Kruis schreef: “Aan het einde van ons leven zullen wij geoordeeld worden op de liefde.”


Gebed:

Heer Jezus,

wanneer verwarring mijn hart bezoekt, bewaar mij dan in Uw waarheid.

Wanneer liefde dreigt te verkillen, blaas dan opnieuw het vuur van Uw Geest aan in mijn ziel.

Wanneer ik ontmoedigd raak, leer mij geduldig te volharden, niet uit eigen kracht, maar gedragen door Uw genade.

Geef mij een hart dat blijft vertrouwen, een geloof dat standhoudt in de nacht, en een liefde die nooit ophoudt.

Moge ik, dag na dag, U blijven zoeken, zelfs wanneer de weg donker wordt, wetend dat Uw licht sterker is dan alle duisternis.

Want Gij zijt mijn hoop, mijn kracht en mijn bestemming.

Amen.

“Volharden is niet vooruitgaan zonder vallen, maar telkens weer opstaan in het vertrouwen dat God ons draagt.”

************************