Serge Bulgakov: Deze tekst raakt aan een van de grote thema’s van de christelijke spiritualiteit: wanhoop is niet slechts een gevoel, maar een verleiding om Gods liefde niet langer te geloven……

Deze tekst raakt aan een van de grote thema’s van de christelijke spiritualiteit: wanhoop is niet slechts een gevoel, maar een verleiding om Gods liefde niet langer te geloven.

Deze tekst raakt aan een van de grote thema’s van de christelijke spiritualiteit: wanhoop is niet slechts een gevoel, maar een verleiding om Gods liefde niet langer te geloven.

Deze tekst raakt aan een van de grote thema’s van de christelijke spiritualiteit: wanhoop is niet slechts een gevoel, maar een verleiding om Gods liefde niet langer te geloven.

Wees niet moedeloos, want er bestaat geen zwakheid of zonde die dodelijker is dan wanhoop.

Bedenk dit: de alwijze en wonderbaarlijke God heeft jou van eeuwigheid af verkozen om te bestaan. Hij heeft je het leven gegeven. Hij heeft je bestemming bepaald vanaf je eerste dag tot je laatste. Hij heeft voor jou een tijd gekozen, een land, een volk, de mensen die je nabij zijn, familie en vrienden. Hij heeft je de gaven geschonken die je nodig hebt en de beproevingen die je kunt dragen.

En Hij verlangt slechts één ding van jou: Hem liefhebben en Hem vertrouwen zoals een zoon zijn vader vertrouwt.

Maar jij, bevreesd en wanhopig, ziet geen Vader, maar slechts een wrede folteraar in de hemel. Je bent ondankbaar omdat je niet ziet en niet wilt zien hoeveel zegeningen je ontvangt. Je wilt niet erkennen dat er geen grotere zegen bestaat dan het leven zelf, de gave van de Gever van het leven.

Je wordt verblind door beproevingen, zonden, rampen. Je groeit moedeloos door het vuil en de beperkingen die je telkens weer in jezelf ontdekt. Maar bedenk dat God jouw bestemming duidelijker ziet dan jijzelf. Hij kent niet alleen dit ogenblik waarin je verzwakt, maar ook de eeuwen der eeuwen.

Verzaak aan de angst, want angst is een kind van de duivel; want wie vreest, is niet volmaakt in de liefde (1 Johannes 4,18). Werp de wanhoop van je af, die dood van de ziel vóór de dood.

Bekeer je van je zonden, maar wees er niet bang voor, want overvloediger dan de zonde is de barmhartigheid van God.

Vrees de rechtvaardigheid van God, maar wanhoop niet, want op de weegschaal van die rechtvaardigheid weegt ook al jouw menselijke zwakheid mee.

Sluit geen vrede met deze zondige wereld, maar weet dat zij wordt gedragen door Gods hand, zoals jijzelf dat bent.

Zonder ditzelfde ogenblik zou de wereld niet bestaan. En de wereld, ondanks al haar zonden, wordt gedragen door de alwetende en allesvergevende liefde van God.

Hoe zou jij dan kunnen wanhopen? Hoe durf jij te wanhopen?

— Sergei Boelgakov

++++

Commentaar:

Deze tekst raakt aan een van de grote thema’s van de christelijke spiritualiteit: wanhoop is niet slechts een gevoel, maar een verleiding om Gods liefde niet langer te geloven.

Boelgakov ontkent het lijden niet. Hij spreekt over zonden, rampen, innerlijke beperkingen en menselijke zwakheid. Hij vraagt niet om deze pijn te negeren. Wat hij wel zegt, is dat het laatste woord niet aan de menselijke ellende toebehoort, maar aan Gods liefdevolle voorzienigheid.

Hier klinkt iets door van Augustinus, die schreef dat God ons dichter nabij is dan wij onszelf nabij zijn. Ook Johannes van het Kruis zou dit kunnen onderschrijven: juist in de donkere nacht, wanneer alles verloren lijkt, werkt God verborgen aan de ziel.

Een bijzonder sterke gedachte is dat God niet alleen ons huidige ogenblik ziet, maar ook “de eeuwen der eeuwen”. Wij beoordelen ons leven vaak vanuit één pijnlijke dag of één moeilijke periode. God ziet het geheel. Wat voor ons een afgesloten muur lijkt, kan in Gods ogen een deur naar groei, zuivering en liefde zijn.

De tekst eindigt met een krachtige vraag: “Hoe durf jij te wanhopen?” Dat klinkt streng, maar eigenlijk is het een uitnodiging. Boelgakov wil zeggen: als de wereld zelf gedragen wordt door Gods vergevende liefde, hoeveel te meer wordt jouw leven gedragen door diezelfde liefde.

++++

Gebed:

Heer,

wanneer mijn blik verduisterd wordt door zorgen,

wanneer ik alleen nog mijn zwakheid zie

en niet langer Uw goedheid herken,

kom dan mijn ongeloof te hulp.

Leer mij vertrouwen dat mijn leven geen toeval is,

maar rust in Uw vaderlijke handen.

Gij hebt mij gewild vanaf het begin,

Gij kent mijn verleden,

mijn heden

en mijn toekomst.

Wanneer angst mijn hart beklemt,

vervul mij met Uw liefde.

Wanneer schuld mij neerdrukt,

toon mij Uw barmhartigheid.

Wanneer wanhoop aan mijn deur klopt,

laat mij herinneren dat geen enkele duisternis

sterker is dan Uw licht.

Geef mij de nederigheid mijn fouten te erkennen,

maar ook de moed te geloven

dat Uw genade groter is dan mijn zonde.

Laat mij leven in dankbaarheid,

hoop

en vertrouwen,

tot de dag waarop ik alles mag zien

in het licht van Uw eeuwige liefde.

Amen.

****************

Auteur: Krisbiesbroeck

Christiaan Biesbroeck Licentiaat Theologie/filosofie