Augustinus: Augustinus nodigt ons hier uit om de Schrift niet te versmallen, maar haar rijkdom te laten spreken in meerdere lagen…..

“Hoewel dus zij die de geest van barmhartigheid en genade ontvangen, en geloven, niet samen met hun goddeloze ouders veroordeeld zullen worden, zullen zij toch rouwen alsof zij zelf hadden gedaan wat hun ouders deden. Hun verdriet zal niet zozeer voortkomen uit schuld, maar uit vrome genegenheid. Zeker, de woorden die de Septuagint heeft vertaald als: ‘Zij zullen naar Mij kijken omdat zij Mij hebben beledigd’, luiden in het Hebreeuws: ‘Zij zullen naar Mij kijken, Hem die zij doorstoken hebben.’ En door dit woord wordt de kruisiging van Christus zeker duidelijker aangeduid. Maar de vertalers van de Septuagint verkozen te verwijzen naar de belediging die vervat lag in heel Zijn lijden. Want in feite hebben zij Hem beledigd zowel toen Hij werd gearresteerd als toen Hij werd gebonden, toen Hij werd geoordeeld, toen Hij werd bespot door het gewaad dat zij Hem aantrokken en de hulde die zij brachten op gebogen knieën, toen Hij werd gekroond met doornen en met een staf op het hoofd werd geslagen, toen Hij Zijn kruis droeg, en toen Hij uiteindelijk aan het hout hing. En daarom herkennen wij vollediger het lijden van de Heer wanneer wij ons niet beperken tot één interpretatie, maar beide combineren, en zowel ‘beledigd’ als ‘doorstoken’ lezen.”

— Augustinus, De Stad van God, Boek 20, hoofdstuk 30 (~420 n.Chr.)

++++

 Commentaar:

Augustinus nodigt ons hier uit om de Schrift niet te versmallen, maar haar rijkdom te laten spreken in meerdere lagen. Hij ziet hoe zowel de Hebreeuwse tekst (“Hem die zij doorstoken hebben”) als de Griekse Septuagint (“omdat zij Mij beledigd hebben”) elk een facet van het lijden van Christus onthullen.

Doorstoken wijst naar het fysieke, historische lijden: de nagels, de speer, het bloed dat vloeit.

Beledigd wijst naar het innerlijke, morele lijden: de spot, de vernedering, de verachting.

Augustinus zegt: lees beide. Want Christus’ lijden is niet enkel lichamelijk, niet enkel geestelijk, maar een totale gave van zichzelf, doorstoken én beledigd, verwond in lichaam én hart.

En dan komt zijn meest tedere inzicht:

De kinderen die geloven, worden niet veroordeeld met hun ouders, maar zij rouwen toch. Niet uit schuld, maar uit liefde.

Dat is de beweging van het christelijk hart:

  • niet veroordeeld, maar wel bewogen;
  • niet schuldig, maar wel geraakt;
  • niet verplicht, maar wel liefhebbend.

Zo wordt het lijden van Christus niet een juridisch feit, maar een innerlijke ontmoeting: wij kijken naar Hem die doorstoken is, en wij voelen de belediging die Hem werd aangedaan — niet om onszelf te veroordelen, maar om ons hart te openen.

++++

 Gebed:

Heer Jezus Christus,

Gekruisigde en Vernederde,

Gij die zowel doorstoken als beledigd zijt,

open in ons het vermogen om Uw lijden te zien

niet als een verre geschiedenis,

maar als een levende openbaring van Uw liefde.

Laat ons rouwen zonder angst,

treuren zonder schuld,

bewogen worden zonder te verzwakken.

Maak ons hart zacht,

zodat wij in Uw wonden de diepte van Uw barmhartigheid herkennen,

en in Uw vernedering de hoogte van Uw nederigheid.

Leer ons beide woorden te lezen —

het doorstoken en het beledigde —

zodat wij U vollediger beminnen

en Uw lijden niet slechts begrijpen,

maar eerbiedig dragen in ons eigen leven.

************

Auteur: Krisbiesbroeck

Christiaan Biesbroeck Licentiaat Theologie/filosofie

Ontdek meer van christelijkeinformatiebron

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder