Augustinus van Hippo: In het hiernamaals is het vergankelijke lichaam immers getransformeerd tot een onvergankelijk, verheerlijkt lichaam dat de ziel niet langer hindert…..

SINT-AUGUSTINUS VAN HIPPO DE WOORDEN VAN PROFETIE VULLEN ELKAAR AAN IN BEIDE VERSIES

De Septuagint:

Als dan, zelfs in dit leven, waarin de profetische kracht van opmerkelijke mannen niet meer waardig is om vergeleken te worden met het visioen van het toekomstige leven dan de kindertijd met de volwassenheid, Elisa, hoewel ver verwijderd van zijn dienaar, hem geschenken zag aannemen, zullen we dan zeggen dat wanneer dat wat volmaakt is gekomen is, en het vergankelijke lichaam de ziel niet langer kwelt, maar onvergankelijk is en er geen belemmering voor vormt, de heiligen lichamelijke ogen nodig zullen hebben om te zien, hoewel Elisa die niet nodig had om zijn dienaar te zien?

Want, volgens de versie van de Septuagint, zijn dit de woorden van de profeet: Ging mijn hart niet met u mee, toen de man uit zijn wagen kwam om u te ontmoeten, en u zijn geschenken aannam?

Of, zoals de priester Hiëronymus het vanuit het Hebreeuws vertaalde: Was mijn hart niet aanwezig toen de man zich omdraaide vanuit zijn wagen om u te ontmoeten?

De profeet zei dat hij dit met zijn hart zag, op wonderbaarlijke wijze bijgestaan door God, waaraan niemand kan twijfelen.

Maar hoeveel overvloediger zullen de heiligen van deze gave genieten wanneer God alles in allen zal zijn?

Sint-Augustinus, Stad van God, Boek 22, hoofdstuk 29, ~420 n.Ch

+++++

Commentaar op de tekst:

Deze passage uit De Stad van God (Boek 22, hoofdstuk 29) van Sint-Augustinus behandelt een diepgaand theologisch mysterie: de aard van ons waarnemingsvermogen in het hiernamaals (het hemelse leven) en de harmonie tussen verschillende Bijbelvertalingen.

Het spirituele zien versus het lichamelijke zien:

Augustinus gebruikt het Bijbelse verhaal van de profeet Elisa (die op afstand in de geest zag dat zijn dienaar Gechazi geschenken aannam van Naäman) om een vergelijking te maken.

Als een mens op aarde door Gods genade al ‘met het hart’ (spiritueel) kan zien zonder zijn fysieke ogen te gebruiken, hoeveel groter zal dit vermogen dan wel niet zijn voor de heiligen in de hemel?

In het hiernamaals is het vergankelijke lichaam immers getransformeerd tot een onvergankelijk, verheerlijkt lichaam dat de ziel niet langer hindert.

De verzoening van de Septuagint en de Hebreeuwse tekst: In de tijd van Augustinus was er een felle discussie over welke Bijbeltekst superieur was: de Griekse Septuagint (die door de vroege kerk veel werd gebruikt) of de oorspronkelijke Hebreeuwse tekst (die door de geleerde Hiëronymus werd vertaald naar het Latijn, de latere Vulgaat).

 Augustinus neemt hier een harmoniserend standpunt in.

Hij laat zien dat hoewel de bewoordingen verschillen (“Ging mijn hart niet mee” versus “Was mijn hart niet aanwezig”), de diepere, profetische betekenis in beide versies exact hetzelfde is.

 Voor Augustinus zijn beide vertalingen door God geïnspireerd en vullen ze elkaar aan.

God als alles in allen: De passage culmineert in een eschatologisch verlangen.

De gaven en profetische krachten die we op aarde zien, zijn slechts een flauwe afspiegeling—als de kindertijd vergeleken met de volwassenheid—van de volheid die ons te wachten staat wanneer de schepping haar voltooiing bereikt en God “alles in allen” is.

++++

Gebed:

Almachtige en eeuwige God,

Wij danken U voor de wijsheid van de heiligen en leraren, zoals Augustinus, die ons herinneren aan de grote beloften die voor ons liggen.

 Soms kijken wij met louter menselijke, lichamelijke ogen naar de wereld om ons heen,

waardoor we beperkt worden door onze eigen twijfels, afstand en de vergankelijkheid van ons bestaan.

Schenk ons, o Heer, de genade van een ziende ziel.

Open de ogen van ons hart, zodat wij—net als de profeten van weleer—Uw aanwezigheid en Uw waarheid in ons dagelijks leven mogen opmerken.

Geef ons het geduld en het geloof om te begrijpen dat ons huidige kennen en zien nog onvolmaakt is, als in de kindertijd, maar dat U ons vormt voor een heerlijke volwassenheid in Uw licht.

Wij bidden U om eenheid en harmonie, daar waar woorden of vertalingen ons soms lijken te verdelen.

Laat Uw Heilige Geest ons leiden naar de diepere betekenis van Uw Woord, dat altijd levend en complementair is.

Sterk ons in het verlangen naar die dag waarop alle belemmeringen van het vergankelijke lichaam zullen wegvallen, en wij samen met alle heiligen mogen delen in de overvloed van Uw glorie.

Tot die tijd bidden wij dat Uw liefde in ons blijft groeien, totdat U uiteindelijk alles in allen zult zijn.

Amen.

**************

Auteur: Krisbiesbroeck

Christiaan Biesbroeck Licentiaat Theologie/filosofie