Johannes Chrysostomos: Wanneer Christus ons leert bidden, zegt Hij niet: “Mijn Vader die in de hemel is,” maar: “Onze Vader die in de hemel is”…

Uit: Sint‑Johannes Chrysostomus, Homilie 19 over Matteüs (395 n.Chr.):

Wanneer Christus ons leert bidden, zegt Hij niet: “Mijn Vader die in de hemel is,” maar: “Onze Vader die in de hemel is.” Hij wil dat wij vanaf het eerste woord van het gebed herinnerd worden aan de liefde die wij elkaar verschuldigd zijn. Want Hij heeft ons allen tot één familie gemaakt.

Hij leert ons niet afzonderlijk te bidden, maar gezamenlijk, als één lichaam. Zo worden wij ertoe gebracht geen enkel verschil tussen ons te laten bestaan. Wij zijn allen broeders, kinderen van dezelfde Vader. Daarom zegt Hij: “Onze Vader.”

Wanneer wij dit gebed uitspreken, worden wij eraan herinnerd dat wij niet alleen staan, maar verbonden zijn met allen die hetzelfde gebed bidden. Wij worden uitgenodigd om elkaar te vergeven, elkaar te dragen, elkaar lief te hebben. Want hoe kunnen wij tot God zeggen: “Onze Vader,” als wij onze broeder niet als zodanig erkennen?

Christus heeft ons dit gebed gegeven om ons te leren dat wij allen gelijk zijn voor God: rijk en arm, slaaf en vrije, heerser en onderdaan. Wij staan naast elkaar als kinderen van dezelfde Vader, en daarom moeten wij elkaar met liefde en eerbied behandelen.

++++

 Commentaar:

Deze tekst van Chrysostomus is een krachtige herinnering aan de radicale eenvoud én radicale diepte van het Onze Vader. Het eerste woord – Onze – is al een bekering van het hart. Het breekt de neiging tot individualisme open en plaatst ons onmiddellijk in een gemeenschap die wij niet zelf gekozen hebben, maar die ons door God is gegeven.

Het gebed is dus niet alleen een verticale beweging naar God, maar ook een horizontale beweging naar elkaar. Wie “Onze Vader” zegt, kan niet tegelijk zijn broeder verachten, negeren of uitsluiten. Het gebed zelf wordt dan een oefening in verzoening, in nederigheid, in het erkennen van de ander als drager van dezelfde goddelijke liefde.

Chrysostomus benadrukt dat Christus ons niet leert bidden als afzonderlijke individuen, maar als leden van één lichaam. Dat is een diepe christelijke antropologie: wij bestaan niet alleen, maar in relatie. En die relatie is geworteld in God zelf.

In een tijd waarin mensen vaak tegenover elkaar staan, waarin verschillen worden uitvergroot, is dit woord Onze een medicijn. Het geneest het hart van verdeeldheid en herinnert ons eraan dat wij allen kinderen zijn van dezelfde Vader, en dus geroepen tot dezelfde liefde.

++++

 Gebed

Heer, onze Vader,

Gij die ons samenbrengt in één familie,

open ons hart voor de waarheid van uw woord.

Laat het eerste woord van het Onze Vader

ons genezen van verdeeldheid,

ons bevrijden van zelfzucht,

en ons openen voor de liefde tot elkaar.

Leer ons onze broeder te zien zoals Gij hem ziet:

als geliefd, als kostbaar, als uw kind.

Maak ons tot mensen van verzoening,

van zachtmoedigheid,

van broederlijke liefde.

Moge uw Vaderlijke nabijheid

ons tot één lichaam maken,

zodat wij in waarheid kunnen zeggen:

Onze Vader, die in de hemel zijt.

**************

Auteur: Krisbiesbroeck

Christiaan Biesbroeck Licentiaat Theologie/filosofie