
“En ik zag de rivier
waarover elke ziel
moet gaan
om het rijk
van de hemel te bereiken,
en de naam van die
rivier was lijden.
En ik zag een boot
die de zielen
over de rivier droeg,
en de naam van die
boot was liefde.”
— Johannes van het Kruis
++++
Commentaar:
Deze korte tekst is als een miniatuur van de hele mystieke weg: eenvoudig, maar oneindig diep. Johannes van het Kruis tekent hier het menselijk bestaan in twee beelden die iedereen herkent: de rivier die we moeten oversteken, en de boot die ons draagt.
De rivier heet lijden.
Niet omdat God het lijden wil, maar omdat elke ziel, vroeg of laat, door de diepte van het mens-zijn moet gaan: verlies, kwetsbaarheid, angst, onbegrip, ziekte, innerlijke strijd. Het lijden is geen straf, maar een doorgang—een grens tussen wat wij zelf kunnen en wat alleen God kan voltooien.
De boot heet liefde.
Liefde is niet het tegenovergestelde van lijden, maar het enige dat lijden kan dragen zonder dat het ons vernietigt. Liefde is het hout van het kruis, het zachte woord van een vriend, de trouw van een partner, de stille aanwezigheid van God in de nacht. Liefde is wat ons overzet, wat ons optilt, wat ons naar de overkant brengt waar wij zelf niet kunnen komen.
Johannes van het Kruis zegt hiermee: Je hoeft de rivier niet te beheersen. Je hoeft alleen in de boot te stappen.
De overtocht is genade.
++++
Gebed:
Heer,
U kent de rivier die door mijn leven stroomt,
met haar diepte, haar koude, haar onverwachte golven.
Laat mij niet bang zijn voor wat ik moet oversteken.
Geef mij de moed om in de boot te stappen
die Gij liefde noemt:
de liefde die troost,
de liefde die draagt,
de liefde die nooit loslaat.
Draag mij,
zoals Gij elke ziel draagt,
naar de overkant waar vrede is
en waar Uw licht alles zacht maakt.
Amen.
*****************

Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.