St.Macarius: St. Macarius: Wanneer  de demonen zien dat een ziel begint op te stijgen, vallen ze  des te heviger aan….

“Wanneer de demonen zien dat een ziel begint op te stijgen, vallen ze des te heviger aan, want ze willen niet dat zij aan hen ontsnapt.”

St.Macarius

++++

Commentaar:

Deze uitspraak van de woestijnvader Macarius getuigt van diepe spirituele ervaring. Hij herinnert ons eraan dat geestelijke groei niet zonder strijd verloopt. Juist wanneer een ziel zich losmaakt van aardse begeerten en zich richt op God, wordt ze geconfronteerd met tegenstand — niet als straf, maar als bevestiging van haar vooruitgang. De demonen, symbolen van innerlijke en uiterlijke verleiding, proberen haar terug te trekken naar het duister. Maar hun woede is een teken van hun verlies: de ziel is onderweg naar het licht.

Macarius’ woorden zijn niet bedoeld om angst aan te jagen, maar om te bemoedigen. De strijd is een teken van hoop. Wie vervolgd wordt op het pad van deugd, mag weten dat hij of zij op weg is naar bevrijding.

++++

Gebed:

Eeuwige Vader,

Gij die de ziel roept tot het licht, sterk ons wanneer de duisternis zich tegen ons keert. Laat ons niet vrezen voor de strijd, maar erkennen dat zij een teken is van Uw nabijheid. Zend Uw engelen om ons te omringen, zoals zij de heilige Macarius omgaven, opdat wij, gedragen door Uw genade, mogen opstijgen naar U — vrij, geliefd, en vervuld van vrede.Amen

**************

 

 

 

De Navolging van Christus: De droefheid van een werelds mens komt voort uit zijn eigenliefde…..

“De droefheid van een werelds mens komt voort uit zijn eigenliefde. Hij is bedroefd omdat hij niet heeft wat hij verlangt. Vaak wordt hij boos op hen die hem belemmeren om te krijgen wat hij wil. Hij wordt jaloers op wat hij liefheeft en benijdt hen die bezitten wat hij begeert. Volg Mij en leef in vrede.” 

— Navolging van Christus

+++++

Commentaar:

Deze passage legt de vinger op een diepe spirituele waarheid: dat veel van onze innerlijke onrust voortkomt uit gehechtheid aan eigen verlangens. De “wereldse mens” wordt hier niet veroordeeld, maar ontmaskerd — zijn verdriet is geen mysterie, maar een gevolg van zelfgerichtheid. Wanneer onze verlangens botsen met de werkelijkheid, ontstaat frustratie, jaloezie, en zelfs woede.

Maar Christus biedt een weg uit deze innerlijke strijd: “Volg Mij en leef in vrede.” Het is een uitnodiging tot overgave, tot het loslaten van het ik als middelpunt, en tot het vinden van rust in een liefde die niet afhankelijk is van bezit of succes. De vrede die Hij belooft is geen afwezigheid van lijden, maar een innerlijke rust die voortkomt uit vertrouwen en overgave.

++++

Gebed

Heer Jezus,

U kent mijn hart en ziet hoe vaak ik worstel met verlangens die mij onrustig maken.

Leer mij loslaten wat mij bindt aan het wereldse,

en open mijn ogen voor de vrede die U schenkt aan wie U volgt.

Maak mijn hart zacht, mijn geest vrij,

en mijn liefde zuiver — gericht op U en op de ander.

Laat mijn droefheid niet voortkomen uit zelfliefde,

maar uit verlangen naar Uw waarheid en Uw nabijheid.

Amen.

****************

 

C.S.Lewis: Wanneer een mens in de tegenwoordigheid van God komt, zal hij merken — of hij dat nu wil of niet — dat al die dingen die hem zo verschillend deden lijken van mensen uit andere tijden…..

God in het beklaagdenbankje”

“Wanneer een mens in de tegenwoordigheid van God komt, zal hij merken — of hij dat nu wil of niet — dat al die dingen die hem zo verschillend deden lijken van mensen uit andere tijden, of zelfs van zijn vroegere zelf, van hem afvallen. Hij is terug waar hij altijd al was, waar ieder mens altijd is… geen enkele complexiteit die wij aan ons beeld van het universum kunnen toevoegen, kan ons voor God verbergen: er is geen struikgewas, geen bos, geen jungle dicht genoeg om dekking te bieden… in een oogwenk, in een tijdspanne te klein om te meten, en op elke plek, kan alles wat ons van God lijkt te scheiden verdwijnen, oplossen, ons naakt achterlatend voor Hem, als de eerste mens, als de enige mens, alsof niets anders bestond dan Hij en ik. En aangezien dit contact niet lang vermeden kan worden, en het óf gelukzaligheid óf verschrikking betekent, is de taak van het leven om te leren het lief te hebben. Dat is het eerste en grootste gebod.”

C.S.Lewis

++++

Commentaar:

Lewis beschrijft hier met grote intensiteit wat het betekent om werkelijk in Gods aanwezigheid te staan. Alle maskers, tijdgebonden verschillen, culturele lagen en persoonlijke complexiteiten vallen weg. Wat overblijft is de naakte ziel — niet in schaamte, maar in waarheid. Het beeld van de mens als “de enige mens” tegenover God is krachtig: het roept een diepe intimiteit op, maar ook een huiveringwekkende verantwoordelijkheid. Lewis benadrukt dat deze ontmoeting onvermijdelijk is, en dat het leven draait om het leren liefhebben van die ontmoeting. Niet vluchten, niet verbergen, maar leren om het contact met God — dat alles onthult — te omarmen.

Het slot is bijzonder: “Dat is het eerste en grootste gebod.” Lewis verbindt deze existentiële ervaring direct met Jezus’ woorden over het liefhebben van God met heel je hart, ziel en verstand. Het is geen abstracte liefde, maar een liefde die ontstaat in de volle waarheid van wie we zijn — en wie God is.

++++

Gebed:

Eeuwige God,

U doorgrondt mij en kent mij.

Geen tijd, geen plaats, geen gedachte is verborgen voor U.

Wanneer ik voor U sta, valt alles van mij af —

mijn trots, mijn angst, mijn verleden, mijn plannen.

Laat mij niet vluchten voor Uw blik,

maar leer mij het contact met U lief te hebben.

Laat het geen verschrikking zijn, maar een bron van vrede.

Help mij om U te zoeken in waarheid,

om Uw aanwezigheid te verdragen,

en om te leven in het licht van Uw liefde.

Want U bent de oorsprong en het einde,

de Ene die blijft wanneer alles verdwijnt.

Amen.

***************

C.S.Lewis: Er is geen veilige investering. Liefhebben is per definitie kwetsbaar zijn….

Er is geen veilige investering. Liefhebben is per definitie kwetsbaar zijn. Heb je iets lief, dan zal je hart zeker worden gekneusd en mogelijk gebroken. Wil je er zeker van zijn dat je hart intact blijft, geef het dan aan niemand—zelfs niet aan een dier. Wikkel het zorgvuldig in met hobby’s en kleine luxe; vermijd alle verwikkelingen; sluit het veilig op in de kist of het graf van je egoïsme. Maar in die kist—veilig, donker, onbeweeglijk, zonder lucht—zal het veranderen. Het zal niet gebroken worden; het zal onbreekbaar worden, ondoordringbaar, onherstelbaar. Het alternatief voor tragedie, of tenminste het risico op tragedie, is verdoemenis. De enige plek buiten de hemel waar je volkomen veilig bent voor alle gevaren en beroeringen van de liefde, is de hel.

++++

Commentaar:

Lewis confronteert ons hier met een paradox: liefde is zowel het mooiste als het meest riskante wat een mens kan doen. Zijn waarschuwing is scherp maar liefdevol: wie zijn hart afsluit uit angst voor pijn, kiest niet voor veiligheid maar voor verstarring. Liefde maakt ons kwetsbaar, maar juist die kwetsbaarheid is de poort naar groei, verbondenheid en genade. Zonder het risico van verlies is er geen echte overgave, en zonder overgave geen echte liefde.

Lewis’ beeld van het hart dat in een kist verandert tot iets “onherstelbaars” is aangrijpend. Het herinnert aan geestelijke verharding—een toestand waarin het hart niet meer kan liefhebben, ontvangen of veranderen. Zijn slotzin is theologisch geladen: alleen in de hel ben je veilig voor liefde, want liefde is het wezen van de hemel.

++++

Gebed:

God van liefde en leven,

Leer ons niet te vluchten voor de kwetsbaarheid van het hart.

Geef ons de moed om lief te hebben, zelfs wanneer het pijn doet,

om ons hart niet op te sluiten, maar open te houden voor U en voor elkaar.

Laat ons niet kiezen voor de schijnveiligheid van isolatie,

maar voor de levende kracht van verbondenheid.

Maak ons hart zacht, ontvankelijk en trouw,

opdat we mogen groeien in liefde,

zoals U ons hebt liefgehad.

Amen.

************

Teresa van Avila: Christus heeft nu geen lichaam meer dan het jouwe. Geen handen, geen voeten op aarde dan de jouwe….

Christus heeft nu geen lichaam meer dan het jouwe. Geen handen, geen voeten op aarde dan de jouwe. Jouw ogen zijn het waardoor Christus met mededogen naar de wereld kijkt. Jouw voeten zijn het waarmee Christus het goede doet. Jouw handen zijn het waarmee Christus de werel zegent.

— St. Teresa van Ávila

++++

Commentaar:

Deze tekst is een krachtige oproep tot incarnatie — niet in de mystieke zin, maar in de dagelijkse werkelijkheid van ons leven. Teresa herinnert ons eraan dat Christus zich tegenwoordig manifesteert door onze daden, onze blik, onze aanraking. Het is een mystiek van verantwoordelijkheid: wij zijn geroepen om Zijn aanwezigheid tastbaar te maken in een wereld die hunkert naar genade, troost en gerechtigheid.

De woorden zijn eenvoudig, maar de implicatie is diep: elke handeling, elk gebaar, elke blik kan een kanaal zijn van goddelijke liefde. Het is een uitnodiging tot heiligheid in het gewone, tot dienstbaarheid in het alledaagse.

++++

Gebed:

Heer Jezus,

Gij die ons roept om Uw lichaam te zijn in deze wereld, maak mijn handen zacht en bereid om te zegenen, mijn voeten vlug om het goede te doen, mijn ogen helder van mededogen.

Laat mij Uw aanwezigheid zijn voor wie lijdt, voor wie zoekt, voor wie zich alleen voelt.

Heilige Teresa, leer mij Uw weg van liefde en dienstbaarheid, opdat Christus door mij zichtbaar wordt — niet in grootse daden, maar in stille trouw.

Amen.

************

Het Onze Vader gecommentarieerd….

“Ik kan niet zeggen…”

“Onze” – als ik alleen voor mezelf leef.

“Vader” – als ik niet elke dag probeer te handelen als zijn kind.

“Die in de hemel zijt” – als ik zo bezig ben met aardse zaken dat ik geen schatten in de hemel verzamel.

“Uw naam worde geheiligd” – als ik niet streef naar heiligheid.

“Uw Koninkrijk kome” – als ik niet alles doe wat in mijn macht ligt om dat wonderlijke gebeuren te bespoedigen.

“Uw wil geschiede” – als ik zijn wil voor mij betwijfel, er wrevelig over ben, of er niet gehoorzaam aan ben.

“Op aarde zoals in de hemel” – als ik niet bereid ben mijn leven hier aan zijn dienst te wijden.

“Geef ons heden ons dagelijks brood” – als ik oneerlijk ben, dingen zoek via omwegen, of leef op oude ervaringen.

“Vergeef ons onze schulden zoals ook wij vergeven onze schuldenaren” – als ik wrok koester tegen iemand.

“Leid ons niet in verzoeking”(en breng mij niet in de beproeving) – als ik mezelf bewust in situaties breng waarin ik waarschijnlijk verleid word.

“Maar verlos ons van het kwade” – als ik niet de volledige wapenrusting van God aantrek en niet bereid ben het kwaad te bestrijden in het geestelijke domein met het gebed als wapen.

“Want van U is het Koninkrijk” – als ik de Koning niet de trouw geef die hem toekomt van een loyaal onderdaan.

“En de kracht” – als ik bang ben voor wat mensen kunnen doen of wat mijn buren zullen denken.

“En de heerlijkheid” – als ik alleen eer voor mezelf zoek.

“Tot in eeuwigheid” – als de horizon van mijn leven volledig begrensd is door de tijd.

“Amen” – als ik er niet ook aan toevoeg: “wat het ook kost”. Want dit gebed oprecht zeggen, zal alles kosten.

++++

Commentaar:

Deze tekst is een krachtige uitnodiging tot innerlijke eerlijkheid. Het confronteert ons met de kloof tussen wat we bidden en hoe we leven. Elk vers van het Onze Vader wordt een spiegel: ben ik werkelijk verbonden met wat ik zeg? Het is geen veroordeling, maar een oproep tot integriteit, tot een leven waarin woorden en daden samenvallen.

Wat bijzonder is aan deze benadering, is dat het gebed niet alleen een ritueel is, maar een levenshouding. Het vraagt om overgave, om moed, om een bereidheid tot transformatie. “Amen” wordt hier niet het einde, maar het begin van een levenslange toewijding.

++++

Gebed: “Om het Onze Vader waar te maken”

Vader, onze Vader, 

leer mij bidden met mijn leven.

Laat mijn woorden niet hol zijn,

maar geworteld in liefde en gehoorzaamheid.

 

Heilig uw naam in mijn hart,

laat uw Koninkrijk groeien in mijn keuzes,

en uw wil geschieden in mijn zwakheid.

 

Geef mij brood dat voedt én brood dat deelt.

Maak mijn hart zacht voor vergeving,

en mijn voeten sterk om verzoeking te vermijden.

 

Bekleed mij met uw wapenrusting,

dat ik het kwaad niet ontloop, maar het tegemoet treed in gebed.

 

Want van U is het Koninkrijk,

de kracht die mij draagt,

en de glorie die ik niet voor mezelf wil houden.

Tot in eeuwigheid.

Amen — wat het ook kost.

*************************

 

St.Franciscus: Zalig zijn de vredestichters: want zij zullen kinderen van God genoemd worden….

Zalig zijn de vredestichters: want zij zullen kinderen van God genoemd worden. Zij zijn werkelijk vredestichters die, temidden van al het lijden dat zij in deze wereld ondergaan, vrede bewaren in ziel en lichaam, uit liefde voor onze Heer Jezus Christus.

— St. Franciscus van Assisi 

Uit zijn geschriften, vertaald door pater Paschal Robinson

++++

Commentaar:

Deze passage van Franciscus is een echo van de zaligsprekingen uit het Evangelie, maar met een diepere inkleuring: vrede is niet slechts een uiterlijke toestand, maar een innerlijke houding die standhoudt te midden van lijden. De ware vredestichter is niet degene die conflicten vermijdt, maar degene die vrede belichaamt — in hart, lichaam en geest — zelfs wanneer het leven pijn doet.

Franciscus verbindt deze vrede met liefde voor Christus. Het is een mystieke vrede, geworteld in overgave, vertrouwen en liefde. In een wereld vol onrust en verdeeldheid, is deze oproep tot innerlijke vrede een profetisch en helend getuigenis.

++++

Gebed:

Heer Jezus Christus,

Gij die de ware Vrede zijt,

leer ons vrede te bewaren in ons hart,

zelfs wanneer de stormen van het leven woeden.

 

Laat ons, zoals uw dienaar Franciscus,

vredestichters zijn — niet door woorden alleen,

maar door een leven van zachtmoedigheid, geduld en liefde.

 

Geef ons de genade om lijden te dragen

zonder bitterheid,

om vrede te zaaien waar verdeeldheid heerst,

en om uw kinderen genoemd te worden

door de kracht van uw liefde.

Amen.

***************

C.S. Lewis: De juiste richting leidt niet alleen tot vrede, maar ook tot kennis….

De juiste richting leidt niet alleen tot vrede, maar ook tot kennis.

Wanneer een mens beter wordt, begrijpt hij steeds duidelijker het kwaad dat nog in hem aanwezig is.

Wanneer een mens slechter wordt, begrijpt hij zijn eigen slechtheid steeds minder.

Een matig slecht mens weet dat hij niet erg goed is; een grondig slecht mens denkt dat hij in orde is.

Dat is eigenlijk gezond verstand.

Je begrijpt slaap wanneer je wakker bent, niet terwijl je slaapt.

Je ziet fouten in rekenwerk wanneer je geest goed functioneert; terwijl je ze maakt, zie je ze niet.

Je begrijpt de aard van dronkenschap wanneer je nuchter bent, niet wanneer je dronken bent.

Goede mensen kennen zowel het goede als het kwade; slechte mensen kennen geen van beide.

++++

Commentaar:

Lewis legt hier een diep moreel en spiritueel principe bloot: ware groei gaat gepaard met een toenemende helderheid over onze gebrokenheid. Het is een paradox die in veel spirituele tradities terugkomt: hoe dichter we bij het licht komen, hoe scherper we onze schaduw zien. De vergelijking met slaap, rekenfouten en dronkenschap is briljant in zijn eenvoud—het is pas vanuit een toestand van helderheid dat we onze fouten kunnen herkennen.

Dit inzicht is niet bedoeld om te veroordelen, maar om aan te moedigen tot nederigheid. Wie denkt dat hij “wel goed zit”, zonder innerlijke strijd of reflectie, bevindt zich mogelijk in een toestand van morele slaap. Maar wie zijn tekortkomingen onder ogen ziet, is al wakker aan het worden.

++++

Gebed

Heer van licht en waarheid,

Leid ons op de weg die niet alleen vrede brengt, maar ook kennis van onszelf.

Geef ons de moed om eerlijk te kijken naar wat nog duister is in ons hart.

Laat ons niet verblind zijn door zelfgenoegzaamheid, maar wakker worden in

Uw genade.

Moge Uw Geest ons nuchter maken, helder van geest,

zodat we het goede kunnen liefhebben en het kwade herkennen.

Zegen allen die worstelen met hun innerlijke strijd—

dat zij mogen weten dat groei begint met inzicht,

en dat U hen draagt, zelfs in hun zwakheid.

Amen.

*********************

Justinus Martelaar: Dan worden aan de leider van de broeders brood en een beker wijn gemengd met water gebracht; en hij neemt deze aan…..

*****

In zijn verdediging aan keizer Antoninus Pius getuigt de heilige Justinus de Martelaar van de liturgische praktijk van de vroege Kerk. Hij bespreekt niet alleen de werkelijkheid van de Eucharistie, maar ook de wedergeboorte door de doop:

Justinus de Martelaar – Eerste Apologie, hoofdstukken 65–66 (~150 n.Chr.):

Dan worden aan de leider van de broeders brood en een beker wijn gemengd met water gebracht; en hij neemt deze aan, prijst en verheerlijkt de Vader van het universum, door de naam van de Zoon en van de Heilige Geest, en brengt een langdurige dankzegging uit voor het feit dat wij waardig zijn bevonden deze dingen uit Zijn hand te ontvangen.

Wanneer hij de gebeden en dankzeggingen heeft beëindigd, antwoorden alle aanwezigen met het woord “Amen”. Dit woord “Amen” betekent in het Hebreeuws: “Zo zij het”.

En nadat de leider dank heeft gezegd en het volk hun instemming heeft betuigd, delen de diakenen aan ieder van de aanwezigen het brood en de wijn gemengd met water uit, waarover de dankzegging is uitgesproken. Aan de afwezigen wordt een deel meegegeven.

Dit voedsel wordt onder ons “Eucharistie” genoemd, en niemand mag ervan deelnemen tenzij hij gelooft dat wat wij leren waar is, en hij gewassen is met de doop tot vergeving van zonden en tot wedergeboorte, en leeft zoals Christus heeft voorgeschreven.

Want wij ontvangen dit niet als gewoon brood en gewone drank; maar zoals Jezus Christus onze Heiland, vlees is geworden door het Woord van God, en vlees en bloed had tot onze redding, zo zijn wij ook geleerd dat het voedsel dat door het gebed van Zijn woord gezegend is, en waarvan ons vlees en bloed door verandering gevoed worden, het vlees en bloed is van die Jezus die vlees is geworden.

Want de apostelen hebben in de door hen geschreven herinneringen, die “Evangelieën” worden genoemd, ons overgeleverd wat hun was opgedragen: dat Jezus het brood nam, dankzegging uitsprak en zei: “Doe dit tot mijn gedachtenis, dit is mijn lichaam”; en dat Hij op dezelfde wijze de beker nam, dankte en zei: “Dit is mijn bloed”, en het aan hen gaf.

++++

Commentaar:

Justinus’ beschrijving van de eucharistie is een van de oudste buitenbijbelse getuigenissen van de christelijke liturgie. Zijn woorden tonen aan dat de vroege Kerk al een diep sacramenteel besef had: de eucharistie was geen symbolisch ritueel, maar een mysterie waarin Christus werkelijk aanwezig was. De nadruk op geloof, doop en levenswandel als voorwaarden voor deelname onderstreept de heiligheid van dit sacrament.

Zijn uitleg verbindt de incarnatie van Christus met de eucharistie: zoals het Woord vlees werd, zo wordt het gezegende brood en de wijn werkelijk tot het lichaam en bloed van Christus. Dit is geen magisch denken, maar een mystieke realiteit die door gebed, gemeenschap en geloof wordt ontvangen.

++++

Gebed geïnspireerd door Justinus:

Heer Jezus Christus,

die ons hebt liefgehad tot het uiterste,

en ons uw lichaam en bloed hebt gegeven als voedsel voor de ziel,

wij danken U voor het mysterie van de eucharistie,

waarin U ons voedt, vernieuwt en verenigt met U.

Laat ons, zoals Justinus getuigde,

niet achteloos naderen tot deze heilige gave,

maar met geloof, reinheid en gehoorzaamheid,

opdat wij werkelijk deel hebben aan uw leven.

Zegen allen die uw naam aanroepen,

en leid ons door uw Geest tot een leven

dat uw liefde weerspiegelt in woord en daad.

Amen.

**************

Elizabeth van de Drie-eenheid: O Eeuwig Woord, Woord van mijn God, och, kon ik mijn leven doorbrengen met naar U te luisteren…..

O Eeuwig Woord, Woord van mijn God, 

och, kon ik mijn leven doorbrengen met naar U te luisteren,

och, kon ik geheel ontvankelijk zijn om alles van U te leren;

in alle duisternis, alle eenzaamheid, alle zwakheid,

moge ik steeds mijn ogen op U gericht houden

en verblijven onder Uw grote licht;

O mijn Geliefde Ster, betover mij

zodat ik nooit meer Uw straling kan verlaten.

— Elizabeth van de Drie-eenheid

++++

Commentaar:

Deze tekst is een gebed van overgave en contemplatie, doordrenkt met mystieke liefde. Elizabeth spreekt tot het Woord — Christus — als haar innerlijke leraar, haar licht in de duisternis, haar ster die haar fascineert. Haar verlangen is niet om te begrijpen, maar om te luisteren, te ontvangen, te blijven in de tegenwoordigheid van God, zelfs in zwakte en eenzaamheid.

De metafoor van de “Geliefde Ster” is bijzonder krachtig: het roept beelden op van een hemels licht dat niet alleen leidt, maar ook betovert, zodat de ziel niet meer kan wegkijken. Dit is geen vlucht uit de wereld, maar een diepe verankering in het goddelijke midden van het bestaan.

++++

Gebed:

Eeuwige Woord,

U die spreekt in stilte en straalt in duisternis,

maak mijn hart ontvankelijk voor Uw stem.

In momenten van eenzaamheid,

in de broosheid van mijn dagen,

houd mijn blik gericht op Uw licht.

Laat Uw ster mij betoveren,

niet met pracht, maar met vrede,

niet met macht, maar met liefde.

Moge ik wonen in Uw straling,

leren van Uw stilte,

en leven in Uw nabijheid,

nu en altijd.

Amen.

*******************

Citaten van Zalige Elizabeth van de Drie-eenheid : 

Citaten van Zalige Elizabeth van de Drie-eenheid : 

1.”Moge de Meester u zijn goddelijke aanwezigheid openbaren; zij is zo aangenaam en zoet, zij geeft de ziel zoveel kracht. Te geloven dat God ons zo liefheeft dat Hij in ons woont, dat Hij onze metgezel wordt in de ballingschap, onze vertrouweling, onze vriend op elk moment.”

2.”Zelfs nu worden wij geroepen om een woning te zijn voor de Allerheiligste Drie-eenheid.”

3.”Jezus komt om het mysterie te openbaren, om alle geheimen van de Vader te geven, om van glorie tot glorie te leiden, tot in de schoot van de Drie-eenheid.”

4.”In pijnlijke tijden, wanneer je een verschrikkelijke leegte voelt, denk dan eraan hoe God de capaciteit van je ziel vergroot zodat zij Hem kan ontvangen… Zie elke pijn als een liefdesgeschenk dat rechtstreeks van God komt om je met Hem te verenigen.”

5.”Alles gaat voorbij! Aan het einde van het leven blijft alleen de liefde… Wij moeten alles uit liefde doen; wij moeten onszelf op elk moment vergeten.”

++++

Commentaar:

Deze woorden van Zalige Elizabeth zijn doordrenkt van mystieke diepgang en tedere nabijheid tot God. Haar visie op het innerlijke leven is niet abstract, maar intiem en troostrijk: God woont in ons, niet als een verre majesteit, maar als een vriend, een vertrouweling, een metgezel in onze zwakheid. Haar nadruk op de Drie-eenheid als woonplaats in de ziel nodigt uit tot een leven van stille aanbidding en innerlijke ontvankelijkheid.

De vierde uitspraak is bijzonder krachtig: ze herinterpreteert pijn als een heilige ruimte waarin God werkt, niet om ons te breken, maar om ons te verruimen. Dit is geen vluchtige troost, maar een diepe uitnodiging tot overgave. En haar laatste woorden — dat alleen de liefde blijft — zijn een echo van Paulus en een samenvatting van het evangelie zelf.

++++

 Gebed in de geest van Zalige Elizabeth

God van liefde, Drie-ene Heer, 

Gij die woont in het hart van hen die U zoeken,

maak ook mijn ziel tot een stille woning voor Uw aanwezigheid.

Laat mij U ontvangen in vreugde en in leegte,

in kracht en in kwetsbaarheid.

Vergroot mijn hart, Heer,

zodat het Uw liefde kan dragen en doorgeven.

Leer mij alles uit liefde te doen,

mijzelf te vergeten,

en in U te rusten als in het eeuwige thuis.

Amen.

*******************

Ephrem de Syriër: “Gebed is een wachter van voorzichtigheid, beheersing van woede, beteugeling van trots, reiniging van boosheid, vernietiging van afgunst, rechtzetting van goddeloosheid…..

Wijsheid van de heilige Efrem de Syriër

“Gebed is een wachter van voorzichtigheid, beheersing van woede, beteugeling van trots, reiniging van boosheid, vernietiging van afgunst, rechtzetting van goddeloosheid. Gebed is kracht voor het lichaam, voorspoed voor het huishouden, goede orde in de stad, macht van het koninkrijk, overwinning in oorlog, zekerheid van vrede. Gebed is een zegel van maagdelijkheid, trouw in het huwelijk, wapen voor reizigers, beschermer van de slapenden, moed voor de wakkeren, overvloed voor de boeren, veiligheid voor wie varen. Gebed is pleitbezorger voor wie geoordeeld worden, kwijtschelding voor wie gebonden zijn, troost voor de treurenden, vreugde voor de blijmoedigen, steun voor rouwenden, feest op verjaardagen, kroon voor gehuwden, lijkwade voor stervenden. Gebed is gesprek met God, gelijke eer met de Engelen, vooruitgang in het goede, afwending van het kwaad, rechtzetting van zondaars. Gebed maakte van de walvis een huis voor Jonas, bracht Hizkia terug tot leven van de poorten van de dood, keerde de vlam tot vochtige wind voor de Jongelingen in Babylon. Door gebed sloot Elias de hemel zodat er drie jaar en zes maanden geen regen viel. Zie, broeders, welke kracht gebed heeft. Er is geen bezit kostbaarder dan gebed in het hele menselijke leven. Scheid er nooit van; verlaat het nooit. Maar zoals onze Heer zei, laten we bidden opdat onze inspanning niet vergeefs is: ‘Wanneer je staat te bidden, vergeef als je iets tegen iemand hebt, opdat je hemelse Vader ook jouw fouten vergeeft’. Zie Gods ondoorgrondelijke liefde voor de mensheid. Zie Gods onbegrensde goedheid. Hoor de onmiddellijke redding van je ziel.”

++++

Commentaar:

Deze tekst van de heilige Efrem is een lofzang op het gebed als levensadem van de ziel. Hij beschrijft gebed niet als een plicht, maar als een krachtbron die alle aspecten van het leven doordringt: van innerlijke deugden tot uiterlijke bescherming, van vreugde tot rouw, van het dagelijkse tot het wonderlijke. Efrem verbindt het gebed met concrete bijbelse gebeurtenissen — Jonas in de walvis, Hizkia’s genezing, de Jongelingen in de oven — om te tonen dat gebed niet slechts troost biedt, maar ook ingrijpt in de loop van de geschiedenis.

Zijn oproep tot vergeving tijdens het gebed is diep evangelisch: gebed is niet alleen gericht tot God, maar ook een brug naar de ander. Het is een daad van liefde, een oefening in genade, een deelname aan Gods goedheid. Voor Efrem is gebed het kostbaarste bezit — niet omdat het ons iets geeft, maar omdat het ons verbindt met de Gever zelf.

++++

Gebed in de geest van de heilige Efrem:

Heer, Gever van leven en licht,

Laat mijn gebed zijn als adem in Uw aanwezigheid:

een wachter over mijn hart,

een bron van vrede in mijn huis,

een kracht voor mijn lichaam en ziel.

 

Laat het mij reinigen van trots, woede en afgunst,

en mij vervullen met zachtmoedigheid, trouw en vergeving.

 

Zoals U Jonas redde, Hizkia herstelde, en de Jongelingen beschermde,

red ook mij uit de diepte van mijn zorgen,

breng mij terug tot leven waar ik verzwakt ben,

en omhul mij met Uw genade als met een mantel.

 

Leer mij te vergeven zoals U vergeeft,

opdat mijn gebed niet leeg zal zijn, maar vol van Uw liefde.

 

Heilige Efrem, bid voor ons,

dat wij nooit gescheiden worden van het gebed,

maar het koesteren als het kostbaarste bezit van ons leven.

 

Amen.

**************

Irenaeus van Lyon: ..de doop van onze wedergeboorte voltrekt zich door deze drie punten: God de Vader schenkt ons de wedergeboorte door Zijn Zoon, door de Heilige Geest.

“…de doop van onze wedergeboorte voltrekt zich door deze drie punten: God de Vader schenkt ons de wedergeboorte door Zijn Zoon, door de Heilige Geest. Want allen die de Geest van God in zich dragen, worden geleid naar het Woord, dat wil zeggen naar de Zoon; en de Zoon brengt hen tot de Vader; en de Vader doet hen de onvergankelijkheid bezitten. Zonder de Geest is het niet mogelijk het Woord van God te aanschouwen, en zonder de Zoon kan niemand tot de Vader naderen. Want de kennis van de Vader is de Zoon, en de kennis van de Zoon van God is door de Heilige Geest; en volgens het welbehagen van de Vader bedient en schenkt de Zoon de Geest aan wie de Vader wil, en zoals Hij wil.”

—Irenaeus van Lyon

++++

Commentaar:

Deze passage van Irenaeus is een diepzinnige beschrijving van de werking van de Drie-eenheid in het proces van verlossing. Hij benadrukt dat wedergeboorte — het binnentreden in het nieuwe leven in Christus — niet een menselijke prestatie is, maar een goddelijke gave die zich ontvouwt in een heilige volgorde:

De Vader is de oorsprong van het leven en de bron van onvergankelijkheid.

De Zoon is de weg naar de Vader, het Woord dat zichtbaar maakt wie God is.

De Heilige Geest is de kracht die ons innerlijk beweegt, ons opent voor het Woord en ons verbindt met de goddelijke werkelijkheid.

Irenaeus onderstreept dat deze beweging niet omkeerbaar is: zonder de Geest geen Zoon, zonder de Zoon geen Vader. Het is een mystieke cirkel van liefde en openbaring, waarin de mens wordt opgenomen door genade. Dit is geen abstracte theologie, maar een uitnodiging tot een levende relatie met God — een relatie die begint in het hart, gevoed wordt door het geloof, en uitmondt in het eeuwige leven.

++++

Gebed

Drie-enige God,

Gij die ons roept tot het leven dat geen einde kent,

Schenk ons uw Geest, opdat wij het Woord mogen verstaan.

Leid ons door uw Zoon tot het hart van de Vader,

Opdat wij mogen leven in uw licht,

Onvergankelijk, vrij, en vervuld van liefde.

 

Laat ons niet wandelen in duisternis,

Maar in het vertrouwen dat Gij ons draagt,

Dat Gij ons leidt,

Dat Gij ons vernieuwt —

Vandaag, morgen, en tot in eeuwigheid.

Amen.

**************

Franciscus van Sales: De bezittingen die wij hebben, zijn niet van onszelf: God heeft ze ons gegeven om te bewerken….

“Zal honderdvoud ontvang, en het eeuwige leve bezitten….

Matteüs 19:29”

“De bezittingen die wij hebben, zijn niet van onszelf: God heeft ze ons gegeven om te bewerken, en Hij wil dat wij ze vruchtbaar en nuttig maken.

Ontzeg jezelf daarom altijd een deel van je middelen, en geef die met een bereidwillig hart aan de armen.

Het is waar dat God het je zal teruggeven, niet alleen in het hiernamaals maar ook in dit leven, want er is niets dat een mens zo doet voorspoedig zijn in wereldse zaken als het geven van aalmoezen.

Maar totdat God het terugbetaalt, zul je tot die mate verarmd zijn.

O! hoe heilig en rijk is de armoede die voortkomt uit het geven van aalmoezen.”

— Franciscus van Sales (1567–1622), Kerkleraar

++++

Commentaar:

St. Franciscus van Sales nodigt ons uit om onze bezittingen niet als eigendom te beschouwen, maar als een opdracht van God. Zijn woorden zijn een krachtige herinnering dat echte rijkdom niet ligt in het vasthouden, maar in het delen. Hij noemt het “heilig en rijk” om arm te worden door het geven — een paradox die alleen in het licht van het evangelie zinvol is.

Deze spiritualiteit van overvloed door zelfgave is diep geworteld in het hart van het christendom. Het is geen oproep tot roekeloosheid, maar tot vertrouwen: dat God voorziet, en dat onze vrijgevigheid een kanaal wordt van Zijn zegen — zowel voor anderen als voor onszelf.

++++

Gebed

Heer, Gever van alle goeds, 

Leer mij mijn bezittingen te zien als geschenken, niet als eigendom.

Geef mij een hart dat bereid is te delen,

niet uit plicht, maar uit liefde.

Laat mijn aalmoezen vrucht dragen —

niet alleen in de levens van anderen,

maar ook in mijn eigen ziel.

Maak mij rijk in mededogen,

arm in zelfzucht,

en overvloedig in vertrouwen op Uw voorzienigheid.

Amen.

******************

Henri Nouwen: Bied God je imperfecties aan. Het is door onze gebroken, kwetsbare,manier van zijn++++

Bied God je imperfecties aan.

Het is door onze

gebroken, kwetsbare,

sterfelijke manier van zijn

dat de helende kracht

van de eeuwige God

zichtbaar voor ons wordt.

— Henri Nouwen

++++

Commentaar:

Henri Nouwen raakt hier een kern van het christelijk mysterie: dat God zich niet openbaart in onze kracht, maar juist in onze zwakheid. In een wereld die vaak prestaties en perfectie eist, nodigt deze tekst uit tot een radicale omkering: onze gebrokenheid is geen obstakel, maar een poort. Door onze kwetsbaarheid heen kan Gods genezende aanwezigheid zichtbaar worden — niet als een magische oplossing, maar als een stille kracht die ons draagt, hervormt en verbindt.

Deze gedachte sluit aan bij Paulus’ woorden: “Mijn kracht openbaart zich ten volle in zwakheid” (2 Korintiërs 12:9). Het is een uitnodiging tot overgave, tot het durven tonen van onze wonden, zodat ze niet langer alleen pijn doen, maar ook kunnen helen — in onszelf en in anderen.

++++

 Gebed

Eeuwige God,

U die woont in het verborgene,

in het gebroken hart en het stille verlangen,

ik bied U mijn imperfecties aan —

mijn angsten, mijn fouten, mijn kwetsbaarheid.

Niet als last, maar als open deur.

Laat uw helende kracht

door mijn sterfelijkheid heen stralen.

Maak van mijn wonden bronnen van mededogen,

van mijn zwakheid een plaats van ontmoeting.

Dat ik mag leren leven

in het vertrouwen dat U mij draagt,

juist daar waar ik mezelf niet kan dragen.

Amen.

*****************

Over de Heiligen Sergius en Bachhus: en over hun mannenliefde….

Artikel van Anthony Bloom:

“Tenzij we naar een persoon kijken en de schoonheid in hem zien, kunnen we hem niets helpen. Je helpt een mens niet door te wijzen op wat er mis is, wat lelijk is, wat vervormd is. Christus keek naar iedereen die Hij ontmoette, naar de prostituee of de dief, en zag de schoonheid die daarin verborgen lag. Misschien was die vervormd, misschien beschadigd, maar het was niettemin schoonheid, en wat Hij deed, was die schoonheid aan het licht brengen.” (Antonius (Bloom) van Sourozh, zaliger nagedachtenis).

Wat maakt iemand mooi? De meesten van ons zijn geneigd snel een oordeel over anderen te vellen. We kijken naar iemands kleding, lengte, afkomst, gewicht, leeftijd, beroep, huis en auto en talloze andere aspecten, en beoordelen die persoon op basis van deze oppervlakkige en vluchtige kenmerken. We beslissen in een oogwenk of iemand slecht of extravagant gekleed is, te dik, te klein, kaal, te veel make-up draagt, in een oude auto rijdt, in een bepaald soort buurt woont of een baan heeft die wij belangrijker of minder belangrijk vinden dan die van onszelf. De snelle oordelen die we vellen kunnen niet alleen schadelijk zijn voor gezonde sociale interacties, maar ook voor onze eigen spirituele gezondheid. Als we iemands afkomst, kleding of een ander specifiek kenmerk zien voordat we de schoonheid van de hele persoon zien, worden we als mens tekortgedaan.

De bewonderde en zeer gerespecteerde metropoliet Anthony [1] spoorde ons aan om verder te kijken dan het oppervlakkige en vluchtige, om twee redenen. De eerste reden is om ons te behoeden voor de verleiding om snelle en irrationele oordelen te vellen en zo in de zonde van het oordelen over anderen te vervallen. Deze eerste reactie schaadt ons, omdat we onszelf snel vergelijken met anderen. We kunnen onmiddellijk in de valkuil van overmatige trots lopen door te denken dat we beter zijn dan anderen. Of we kunnen ook in een put van zelfvertwijfel en gevoelens van een laag zelfbeeld terechtkomen, omdat we niet geloven dat we inderdaad zeer gezegend zijn en talloze gaven van onze Schepper hebben ontvangen. De tweede, en misschien nog belangrijkere reden waarom we niet snel over anderen moeten oordelen, is dat onze snelle oordelen en reacties op iemands anders-zijn ons niet in staat stellen de schoonheid van de hele persoon te leren kennen, hem of haar lief te hebben en hem of haar te helpen met onze eigen talenten en gaven. Soms is die hulp simpelweg een vriendelijk woord, een geruststellend gebaar of een erkenning van iemands waardigheid. Vaak is de schoonheid van anderen onzichtbaar en niet direct duidelijk. Daarom moeten we er alles aan doen om de tijd te nemen om de schoonheid in iedereen te zien, vooral de verborgen schoonheid, die meer inspanning van onze kant vergt.

Als het gaat om homo’s, lesbiennes, biseksuelen en transgenders, heeft de (Orthodoxe) Kerk zich schuldig gemaakt aan het niet zien van de schoonheid in ons. Veel bisschoppen en priesters van de Kerk oordelen snel over ons, uitsluitend op basis van onze seksuele geaardheid. De bisschoppen en veel priesters van de Kerk, die weinig weten over homoseksuelen, hebben verklaard dat LHBT-personen “in opstand komen tegen de orde van de Schepper”. [2] Velen binnen de Kerk kijken slechts naar één aspect van onze menselijkheid en zien alleen iets dat “verkeerd, lelijk of vervormd” is, zonder, in de woorden van Metropoliet Anthony, “onze schoonheid” te zien. Omdat veel bisschoppen en geestelijken homoseksuelen niet goed kennen, of onwetend zijn op het gebied van biologie en psychologie, vellen ze vaak snelle en onjuiste oordelen over ons. Sommigen geloven zelfs dat we een aanzienlijk deel van ons leven doorbrengen in homobars [3] waar we dansen met travestieten. Ons beoordelen op basis van de manier waarop de media de Gay Pride-parades afbeelden, is hetzelfde als de rest van de samenleving beoordelen op basis van de Mardi Gras-festivals in New Orleans.

De woorden van de Schrift zijn duidelijk over de gelijkheid in de ogen van God. “Er is geen Jood of Griek, geen slaaf of vrije, geen man of vrouw, want allen zijn één in Christus Jezus, erfgenamen volgens de belofte.” (Galaten 3:28-29) En in het verlengde daarvan geldt het volgende: er is geen hetero of homo, lesbisch of transgender, getrouwd of ongetrouwd, want we zijn allen mooi in de ogen van Christus en erfgenamen van de belofte van onze Schepper. Wanneer we in eerste instantie alleen iemands seksuele geaardheid en burgerlijke staat zien, schieten we tekort als mens en als kerk. We moeten het beeld van God in ieder mens zien, en we moeten de schoonheid van het gelaat van Christus in ieder mens zien. Anders missen we de kans om lief te hebben en te dienen. Als we de schoonheid van de schepping in anderen niet zien, zullen we hen niet kunnen liefhebben zoals Christus ons heeft geboden. In plaats daarvan zien we iets waar we het mee eens of oneens zijn, iets dat verbeterd moet worden of iets dat veroordeeld of geprotesteerd moet worden, en dragen we “niets bij” aan de persoon.

Net als talloze andere LHBT-personen ben ik zoveel meer dan mijn seksualiteit, die God mij heeft gegeven. En wanneer de Kerk ons ​​oordeelt op basis van onze geschapen seksualiteit of ons huwelijk met iemand van hetzelfde geslacht, heeft zij de geboden van Jezus Christus niet vervuld. Wanneer de bisschoppen valse veroordelings- en oordeelsbesluiten uitvaardigen op basis van archaïsche interpretaties van de Schrift en het canoniek recht, in plaats van ons allemaal te omarmen, lief te hebben en te zien, hebben zij nagelaten voor hun kudde te zorgen en ‘de schapen te voeden’. [4] We zijn allemaal in zekere mate beschadigd, gekneusd of gewond, of het nu emotioneel, fysiek, mentaal of spiritueel is. We hebben allemaal de liefdevolle zorg en het mededogen van God nodig, zoals die door anderen worden getoond en gedeeld. De Kerk moet naar de hele schepping kijken, man, vrouw, zwart, wit, homo, lesbisch, transgender, en de volheid van Gods schoonheid zien.

[1] Voor meer informatie over Metropoliet Anthony (Bloom) en zijn geschriften, zie de website van de stichting die ter nagedachtenis aan hem is opgericht: http://www.masf.org.uk/

[2] Deze uitdrukking werd onlangs door een (orthodoxe) priester gebruikt om LGBT-personen in diskrediet te brengen.

[3] Dit werd mij door dezelfde orthodoxe priester op een mailinglijst meegedeeld.

[4] Johannes 21

Bron: https://orthodoxandgay.com/the-beauty-within-us

***********************

De mannenliefde van de heiligen Sergius en Bacchus:

Op 11 oktober is het coming-out-dag. Deze dag is een uitnodiging aan mensen die anders zijn dan het “normale” (heteronormatieve), om trots te zijn op wie ze zijn, omdat ze ook geschapen zijn naar Gods beeld en gelijkenis. En waar kun je beter terecht voor alternatieve levenskeuzes dan in de Kerk? Dat is toch de beweging die zich laat inspireren door Jezus, die werd geboren uit een tienermoeder die ongehuwd zwanger werd? Die zelf geen belangstelling had om te trouwen en bij vrouw en kinderen te blijven? In wiens naam vele monniken en zusters het kloosterleven verkozen boven een gezinsleven?

Onder de verhalen die in de Kerk gedeeld worden, zijn verrassende heiligenverhalen die wel dwars lijken te staan op de kerkelijke leer. Een van die verhalen is dat van de heiligen Sergius en Bacchus, die herdacht worden op 7 oktober. Twee Romeinse mannen die zo onafscheidelijk waren dat zij niet zonder elkaar konden leven.

Sergius en Bacchus waren aan het einde van de derde eeuw officieren in het romeinse leger. Sergius is afkomstig uit de romeinse adel. Hij is kind aan huis bij het keizerlijk hof van Maximianus (285-305). Hij is directeur van een school (‘primicerius gymnasii trionum’ in Trieste).

Mogelijk heeft hij daar Bacchus leren kennen, die adjuncthoofd is op dezelfde school. Volgens de historische bronnen zijn de twee onafscheidelijk: één in hun liefde voor Christus, één in hun werk in de wereld. Als ze bidden, bidden ze samen. Als ze zingen, klinkt er één lied. Als ze spreken, spreken ze uit één mond. Hun lijflied is psalm 133: “Zie hoe goed, hoe weldadig: broeders te wezen en samen te zijn.”

Waarom ze beschuldigd worden van christelijke sympathie? Niemand weet het. Is het onbegrip vanwege hun liefde voor elkaar? Of simpelweg jaloezie vanwege hun goede positie aan het hof? Ze worden verraden. En de keizer – bij wijze van test – nodigt hen uit om samen met hem te gaan offeren aan de romeinse goden. Sergius en Bacchus gaan mee met de keizer, maar blijven bij de tempel buiten wachten, want offeren aan een andere god dan de ware God, dat doen ze niet. Voor straf laat keizer Maximianus hen in vrouwenkleren hullen en om ze zo door de stad te laten trekken, te kijk voor alle burgers. Zulk soort humor heeft deze keizer. Sergius en Bacchus verweren zich met hun eigen humor en zingen op straat: “We hebben de oude mens uitgetrokken en naakt verblijden we ons in U, Heer, want U trok ons het kleed van de bevrijding aan en hulde ons in de mantel van gerechtigheid. Als bruiden heeft U ons gekleed met jurken en ons aaneengesmeed voor uw aangezicht.” Teksten van Paulus en van de profeet Jesaja. Bijbelkennis brengt je nog eens wat.

“Hoe kan het toch dat jullie geloven in de zoon van een timmerman?”, vraagt keizer Maximianus hen, “die Jezus van jullie is als bastaard geboren, zijn moeder ongehuwd zwanger. Dat is toch niet te vergelijken met de respectabele romeinse religie waar alle goden netjes getrouwd zijn? Kijk hoeveel kinderen Zeus binnen zijn huwelijk met Hera heeft voortgebracht.”

Keizer Maximianus laat ze over aan gouverneur Antiochus om ze te berechten. Overdag worden ze ondervraagd en gemarteld. ‘s Nachts in hun cel bidden en zingen ze samen psalmen. Een engel van God komt hen moed inspreken: “Houd stand in jullie geloof en liefde. God staat jullie bij en waakt over jullie.”

Bacchus is de eerste die bezwijkt onder de martelingen. Het maakt Sergius’ hart ziek van verdriet en hij treurt: “Nooit meer, broertje en vriend, zullen we samen zingen ‘Zie hoe goed, hoe weldadig: broeders te wezen en samen te zijn.’ Je bent van mij gescheiden en naar de hemel gegaan, je laat mij achter op aarde, verweduwd, zonder troost.”

Maar in de nacht verschijnt hem Bacchus stralend als een engel. “Waarom rouw je en heb je verdriet, broertje? Mijn lichaam mag van je weggenomen zijn, maar in onze band ben ik nog altijd onverbrekelijk nabij. We zingen en reciteren nog steeds samen psalmen. Spoed je dan, broertje, mij achterna, om mij te winnen wanneer je de koers volbracht hebt.”

Als het Sergius’ beurt is om gemarteld te worden, loopt deze met opgeheven hoofd zijn belagers tegemoet. Hij ziet alleen uit naar de hereniging met zijn geliefde Bacchus. Op de plek waar hij onthoofd wordt, laat God een grote kloof in de aarde ontstaan, zodat alle heidenen ontzag zullen hebben voor Hem. Eens per jaar komen de wilde dieren hier bij elkaar, samen met de mensen, en de dieren zullen de mensen niet aanvallen uit ontzag voor wat hier gebeurd is met de heilige man.

Bacchus en Sergius zijn populaire heiligen gebleven in de oosterse kerk. Hun verhaal komt voor in liturgische teksten die bijna vergeten zijn, waarin mannen een zegen van de kerk ontvangen over hun verbondenheid. Liturgische teksten die opgespoord zijn door John Boswell in zijn – niet onomstreden – studie Same Sex Unions in Premodern Europe. Je kunt natuurlijk tegenwerpen: dit verhaal gaat helemaal niet over homoseksualiteit. Het gaat over twee mannen die geen christen mochten zijn. Dat klopt. Het gaat niet over homoseksualiteit. Al is het maar omdat ons idee van homoseksuele relaties nog helemaal niet bestond in de praktijk van de Griekse en Romeinse wereld. Wel is de homo-erotiek die erin doorklinkt een duidelijk motief. Het is niet het hoofdthema dat geproblematiseerd wordt, maar een vanzelfsprekend onderdeel van het verhaal. In dit verhaal steunen twee mannen elkaar in de strijd om te mogen geloven in Christus. En God steunt hen daarin door dik en dun.

Als het waar is wat de Kerk gelooft, dat in de heiligen God zelf aan het werk is op aarde, dan is het hoopvol dat God ook werkt door een stel mannen die erg veel van elkaar houden, of door een vrouw die een mannenleven leidt, zoals Thecla of Jeanne d’Arc. Of door iemand die mannelijke en vrouwelijke kenmerken in zich verenigt zoals Wilgefortis. Hoopvol voor alle mensen vandaag die moed verzamelen om uit de kast te komen om zichzelf te mogen zijn.

https://mariangeurtsen.nl/heiligen-sergius-en-bacchus/

***********************

WAT ZEGT DE BIJBEL OVER HET BEOORDELEN VAN MENSEN?

Alleen God is in staat om rechtvaardig te oordelen, en we moeten alle oordeel aan Hem overlaten! “Oordeel niet, opdat u niet geoordeeld wordt. Want met het oordeel waarmee u oordeelt, zult u zelf geoordeeld worden; en met welke maat u meet, zal er bij u ook gemeten worden”.*Mattheüs 7:1-2

Oordeel niet, opdat er niet over jullie geoordeeld wordt. *Matteüs 7:1 

Spreek, oordeel rechtvaardig, geef de armen en behoeftigen hun recht. *Spreuken 31:9  

Wanneer Hij komt zal Hij de wereld in het ongelijk stellen door duidelijk te maken wat zonde, gerechtigheid en oordeel is. *Johannes 16:8  

En u, wie u ook bent, met uw oordeel al klaar: u bent evenmin te verontschuldigen. Het oordeel dat u over anderen velt, velt u over uzelf, want de dingen die u veroordeelt doet u zelf ook. *Romeinen 2:1  

Ik zeg u: van elk nutteloos woord dat mensen spreken, zullen ze op de dag van het oordeel rekenschap moeten afleggen. *Matteüs 12:36 

Oordeel niet, dan zal er niet over je geoordeeld worden. Veroordeel niet, dan zul je niet veroordeeld worden. Vergeef, dan zal je vergeven worden. *Lucas 6:37 

De Heer blijkt dus vromen uit de beproeving te kunnen redden en onrechtvaardigen gevangen te kunnen houden tot de dag van het oordeel, om hen dan te straffen. *2 Petrus 2:9  

God heeft zijn Zoon niet naar de wereld gestuurd om een oordeel over haar te vellen, maar om de wereld door Hem te redden. *Johannes 3:17  

Reikhalzend kijk ik naar U uit, zelfs ’s nachts verlang ik naar U. Wanneer U een oordeel over de wereld velt, zullen de mensen op aarde gerechtigheid leren. *Jesaja 26:9  

Wie alles eet mag niet neerzien op iemand die dat niet doet, en wie niet alles eet mag geen oordeel vellen over iemand die dat wel doet, want God heeft hem aanvaard. *Romeinen 14:3 

Over wie in Hem gelooft wordt geen oordeel uitgesproken, maar wie niet in Hem gelooft is al veroordeeld, omdat hij niet wilde geloven in de naam van Gods enige Zoon. *Johannes 3:18 

Laten we ons daarom richten op wat voor volwassenen bedoeld is en de eerste beginselen van de leer over Christus laten rusten. We gaan niet nog eens het fundament leggen en spreken over het zich afkeren van daden die tot de dood leiden, over het geloof in God, de leer over het dopen en de handoplegging, en over de opstanding van de doden en het laatste oordeel. *Hebreeën 6:1-2  

Wie bent u dat u een oordeel velt over de dienaar van een ander? Of het wel of niet goed is wat hij doet, bepaalt alleen zijn eigen heer – en hij zal het goed blijven doen, want de Heer heeft de macht hem te laten volharden.

*Romeinen 14:4  

Laten we elkaar daarom niet langer veroordelen. In plaats daarvan moet u zich voornemen uw broeder en zuster niet te laten struikelen of ten val te brengen. *Romeinen 14:13  

Maar bovenal, broeders en zusters, zweer geen enkele eed, niet bij de hemel, niet bij de aarde, nergens bij. Laat uw ja ja zijn, en uw nee nee, anders zult u veroordeeld worden. *Jakobus 5:12  

Er is maar één wetgever en rechter: Hij die bij machte is te redden of in het verderf te storten. Maar wie bent u om uw naaste te veroordelen? *Jakobus 4:12  

Dit zegt de HEER van de hemelse machten: Spreek eerlijk recht, wees goed en zorgzaam voor elkaar; onderdruk geen weduwen en wezen en ook geen vreemdelingen en armen, en wees er niet op uit om een ander kwaad te doen. *Zacharia 7:9-10  

De liefde laat geen ruimte voor angst; volmaakte liefde sluit angst uit, want angst veronderstelt straf. In iemand die angst kent, is de liefde niet tot volmaaktheid gekomen. *1 Johannes 4:18  

 Wat ons drijft is de liefde van Christus, omdat we ervan overtuigd zijn dat één mens voor alle mensen is gestorven, waardoor alle mensen zijn gestorven, en dat Hij voor allen is gestorven opdat de levenden niet langer voor zichzelf zouden leven, maar voor Hem die voor de levenden is gestorven en is opgewekt. *2 Korintiërs 5:14-15  

Het woord van God is levend en krachtig, en scherper dan een tweesnijdend zwaard: het dringt diep door tot waar ziel en geest, been en merg elkaar raken, en het is in staat de opvattingen en gedachten van het hart te ontleden. *Hebreeën 4:12  

JEZUS’boodschap:

Jezus’ boodschap over liefde voor elke mens draait om het grootste gebod: God liefhebben en je naaste als jezelf, waarbij je zelfs je vijanden liefhebt. Deze liefde (agape) is onvoorwaardelijk, een reflectie van Gods liefde die je ontvangt, en uit zich in daden van vriendelijkheid, geduld en dienstbaarheid, niet alleen in gevoelens. Het gaat om het zoeken naar verbinding, het dienen van de ander vanuit Gods liefde, en het zien van God in iedereen, wat leidt tot een leven van naastenliefde en innerlijke vernieuwing.

************************

 

Gebed om gezien te worden in onze ware schoonheid:

Heer Jezus Christus,

Gij die elke mens aankijkt met een blik die bevrijdt,

leer ons vandaag opnieuw zien zoals Gij ziet.

 

Gij kent de vreugden en de wonden

van uw homoseksuele dochters en zonen,

uw geliefde kinderen die soms

onbegrepen, afgewezen of verborgen leven.

Gij ziet niet eerst hun strijd,

maar hun schoonheid —

de schoonheid die Gij zelf in hen hebt gelegd.

 

Laat hen ervaren

dat er in uw ogen niets misvormd is,

niets dat hen scheidt van uw liefde.

Gij ziet hun trouw, hun verlangen naar verbondenheid,

hun vermogen tot tederheid, vriendschap en offer.

Gij ziet het beeld van God dat in hen schittert,

zelfs wanneer anderen dat niet herkennen.

 

Raak hun hart aan

met dezelfde zachte kracht

waarmee Gij de gebroken vrouw,

de tollenaar, de eenzame hebt aangeraakt.

Breng in hen naar boven

wat Gij altijd al hebt gezien:

waardigheid, licht, roeping,

een unieke plaats in uw lichaam, de Kerk.

 

Geef ons allen de moed

om elkaar te benaderen zonder angst,

zonder oordeel,

 

maar met de blik van Christus

die schoonheid wekt waar zij verborgen ligt.

Heer, laat uw liefde het laatste woord hebben.

Vandaag, in ons, en door ons heen.

Amen.

 

*********************************

St.Teresa van Avila: Overweeg serieus hoe snel mensen veranderen, en hoe weinig vertrouwen men in hen kan stellen….

“Overweeg serieus hoe snel mensen veranderen, en hoe weinig vertrouwen men in hen kan stellen; en houd je vast aan God, die niet verandert.” 

– St. Teresa van Ávila

++++

Commentaar:

Deze woorden van Teresa van Ávila zijn een krachtige herinnering aan de vergankelijkheid van menselijke relaties en de betrouwbaarheid van God. In een wereld waar meningen, stemmingen en loyaliteiten snel kunnen verschuiven, nodigt Teresa ons uit om onze hoop niet te vestigen op het wankele, maar op het eeuwige. Haar toon is niet bitter, maar helder en bevrijdend: ze wijst ons naar de enige bron van ware stabiliteit — God, die onveranderlijk is in liefde, trouw en aanwezigheid.

Voor wie zich ooit verraden, teleurgesteld of verlaten heeft gevoeld, biedt deze uitspraak troost. Ze erkent de pijn van menselijke onstandvastigheid, maar leidt ons naar een plek van rust en zekerheid: het hart van God.

++++

Gebed:

Eeuwige God,

U bent de rots die niet wankelt, de liefde die nooit verdwijnt.

Wanneer mensen veranderen, wanneer woorden breken en beloften vervagen,

laat mij dan niet verbitterd raken, maar dieper geworteld worden in U.

Leer mij vertrouwen op Uw trouw,

en geef mij de genade om anderen te vergeven zoals U mij vergeeft.

Laat mijn hart rusten in Uw onveranderlijke goedheid,

zoals Teresa dat deed,

en maak mij tot een teken van Uw standvastige liefde in deze wereld.

Amen.

***********************

St. Elizabeth of the Trinity: Wandelen in Jezus Christus betekent voor mij: jezelf verlaten, jezelf uit het oog verliezen, jezelf opgeven, om met elke voorbijgaande moment dieper in Hem binnen te gaan…..

St. Elisabeth van de Drie-eenheid – §33

Wandelen in Jezus Christus betekent voor mij: jezelf verlaten, jezelf uit het oog verliezen, jezelf opgeven, om met elke voorbijgaande moment dieper in Hem binnen te gaan—zo diep dat men daar geworteld is. En aan elke gebeurtenis, elke omstandigheid kunnen we deze prachtige uitdaging toewerpen: “Wie zal mij scheiden van de liefde van Jezus Christus?”

Wanneer de ziel zo diep in Hem gevestigd is dat haar wortels stevig verankerd zijn, dan stroomt de goddelijke levenssappen in haar, en wordt al het onvolmaakte, alledaagse, natuurlijke leven vernietigd. Dan, in de taal van de Apostel, “wordt het sterfelijke verslonden door het leven.”

De ziel die zo van zichzelf is “ontkleed” en in Jezus Christus is “gekleed”, hoeft niets meer te vrezen van uiterlijke confrontaties of innerlijke moeilijkheden, want deze dingen zijn geen obstakel meer, maar dienen juist om haar dieper te wortelen in de liefde van haar Meester.

Door alles heen, ondanks alles, kan de ziel Hem altijd aanbidden omwille van Hemzelf. Want zij is vrij, bevrijd van zichzelf en van alles; zij kan met de psalmist zingen: “Al zou een leger tegen mij opstellen, ik zal niet vrezen; al wordt er oorlog tegen mij gevoerd, ik blijf vertrouwen, ondanks alles; want Jahweh zal mij verbergen in het verborgene van Zijn tent”—en die tent is niets anders dan Hijzelf.

Ik denk dat dit is wat Sint Paulus bedoelt wanneer hij zegt: “Wees geworteld in Jezus Christus.”

++++

Commentaar:

Deze passage is een mystieke parel. Elisabeth beschrijft de weg van innerlijke ontlediging als voorwaarde voor volledige vereniging met Christus. Haar taal is doordrenkt van Paulus’ brieven en de psalmen, maar ze voegt er haar eigen contemplatieve diepte aan toe.

Het beeld van “geworteld zijn” in Christus is niet alleen poëtisch, maar ook theologisch rijk: het suggereert stabiliteit, voeding, en onwrikbare verbondenheid. Door zichzelf los te laten, wordt de ziel een kanaal voor goddelijke levenssappen—een beeld dat doet denken aan de wijnstok en de ranken (Johannes 15).

Wat bijzonder is, is haar overtuiging dat zelfs lijden en strijd niet langer bedreigingen zijn, maar middelen tot verdieping. Dit is geen naïef optimisme, maar een mystiek vertrouwen dat alles, zelfs het kruis, tot liefde kan worden getransformeerd.

De tent van God waarin de ziel zich verbergt is een prachtig beeld van geborgenheid: het is geen plaats, maar een Persoon. In Hem is de ziel veilig, vrij, en in staat tot pure aanbidding.

++++

 Gebed:

Gebed om geworteld te zijn in Christus

Heer Jezus Christus,

leer mij om mezelf los te laten,

om niet te leven vanuit mijn angsten, mijn plannen, mijn eigen wil,

maar om met elke ademtocht dieper in U te treden.

Laat mijn wortels zich verankeren in Uw liefde,

zodat niets mij nog kan scheiden van U—geen storm, geen strijd, geen

duisternis.

Laat Uw goddelijke levenssappen door mijn ziel stromen,

vernietig wat sterfelijk is in mij,

en bekleed mij met Uw leven, Uw vrede, Uw kracht.

Wanneer ik worstel, wanneer ik struikel,

laat die momenten mij niet afleiden,

maar juist dieper wortelen in U, mijn Meester.

Verberg mij in het geheim van Uw tent,

waar ik U kan aanbidden omwille van Uzelf,

vrij van angst, vrij van mijzelf,

geworteld in U, voor altijd.

Amen.

**********************

********************

Henri Nouwen: Je pijn is diep, en ze zal niet zomaar verdwijnen… Je roeping is om die pijn thuis te brengen….

Je pijn is diep, en ze zal niet zomaar verdwijnen… Je roeping is om die pijn thuis te brengen. Zolang het gewonde deel van jou vreemd blijft aan je volwassen zelf, zal je pijn jou én anderen blijven kwetsen. Ja, je moet je pijn in jezelf opnemen. Dat is wat Jezus bedoelt wanneer Hij je vraagt je kruis op te nemen. Hij moedigt je aan om je unieke lijden te erkennen en te omarmen, en erop te vertrouwen dat jouw weg naar verlossing daarin ligt. Je kruis opnemen betekent vóór alles: je wonden tot vriend maken en hen laten onthullen wat jouw eigen waarheid is.

— Henri Nouwen

++++

Commentaar:

Henri Nouwen nodigt ons uit tot een radicale vorm van innerlijke verzoening. In plaats van onze pijn te ontkennen, weg te duwen of te bestrijden, roept hij op tot een spirituele thuiskomst: het gewonde deel van onszelf mag niet langer een vreemdeling zijn. Door onze wonden te omarmen, zoals Jezus zijn kruis omarmde, worden ze geen bron van schaamte of destructie, maar van waarheid en bevrijding.

Deze visie is diep geworteld in het christelijk mysterie van lijden en opstanding. Het kruis is geen symbool van nederlaag, maar van transformatie. Door onze pijn niet te ontlopen, maar haar te integreren, worden we heel. Dit vraagt moed, vertrouwen en een bereidheid om kwetsbaar te zijn — maar het opent de weg naar een leven dat geworteld is in waarheid en liefde.

++++

Gebed:

God van genezing en waarheid, 

 

U kent mijn wonden, mijn pijn, mijn verborgen verdriet.

Help mij om niet langer te vluchten voor wat mij kwetst,

maar om mijn pijn thuis te brengen in Uw licht.

Geef mij de moed om mijn kruis op te nemen,

niet als last, maar als weg naar verlossing.

Laat mijn wonden spreken — niet van wanhoop,

maar van hoop, van groei, van waarheid.

Moge ik, in het omarmen van mijn lijden,

Uw liefde dieper leren kennen.

Amen.

++++