Macarius van Egypte: “Als ik vandaag niet verlost ben, dan zal ik het morgen zijn.”

“Dit is het kenmerk van het christendom: dat een mens, hoeveel hij ook zwoegt en hoeveel gerechtigheden hij ook verricht, toch voelt dat hij niets heeft gedaan; dat hij bij het vasten zegt: ‘Dit is geen vasten,’ en bij het bidden: ‘Dit is geen gebed,’ en bij volharding in het gebed: ‘Ik heb geen volharding getoond; ik begin slechts net met oefenen en mij in te spannen.’ En zelfs als hij rechtvaardig is voor God, moet hij zeggen: ‘Ik ben niet rechtvaardig, ik niet; ik span mij niet in, maar begin elke dag opnieuw.’ Hij moet elke dag de hoop, de vreugde en de verwachting hebben van het komende Koninkrijk en van de verlossing, en zeggen: ‘Als ik vandaag niet verlost ben, dan zal ik het morgen zijn.’” — Macarius van Egypte 🕯️ Commentaar Macarius legt hier de paradox van de ware nederigheid bloot: niet de mens die zichzelf klein praat, maar de mens die in het licht van God ziet hoe alles wat hij doet slechts een begin is. Het is een spiritualiteit die: de ziel bevrijdt van geestelijke trots, de mens opent voor voortdurende genade, de dagelijkse bekering centraal stelt, en het hart richt op de komende dag, de dag van God. Macarius’ woorden zijn geen ontmoediging, maar een uitnodiging tot innerlijke vrijheid. De heilige zegt eigenlijk: “Je hoeft niet af te zijn. Je hoeft niet volmaakt te zijn. Je hoeft alleen maar opnieuw te beginnen — elke dag.” Dit “elke dag opnieuw beginnen” is een van de meest troostrijke thema’s in de woestijnvaders. Het maakt het geestelijk leven niet tot een prestatie, maar tot een pelgrimage van vertrouwen. En dan dat laatste zinnetje — zo eenvoudig, zo teder: “Als ik vandaag niet verlost ben, dan zal ik het morgen zijn.” Het is de stem van een ziel die hoopt tegen de hoop in, die weet dat God komt, dat God nabij is, dat God niet loslaat. 🙏 Gebed Heer, God van het begin, leer mij elke dag opnieuw te beginnen. Laat mij niet rusten in wat ik heb gedaan, maar mij openen voor wat U nog wilt doen. Bewaar mij voor trots en voor moedeloosheid. Geef mij het hart van Macarius: een hart dat weet dat alles genade is, en dat U elke dag opnieuw komt. Als ik vandaag niet vrij ben, laat mij dan morgen opnieuw ontwaken in de hoop op Uw Koninkrijk. Maak mijn ziel licht, mijn stappen eenvoudig, mijn vertrouwen diep. Amen

++++

Commentaar:

Macarius beschrijft hier geen pessimistische kijk op de mens, maar een spiritualiteit van voortdurende geboorte. Voor hem is het geestelijk leven geen ladder die je beklimt, maar een bron die steeds opnieuw ontspringt.

1. “Hij voelt dat hij niets heeft gedaan.”

Dit is geen zelfverachting. Het is het besef dat alles wat werkelijk vrucht draagt, uit God komt. De ziel die dit ziet, wordt niet klein, maar vrij: vrij van de drang om zichzelf te bewijzen, vrij van de angst om te falen.

2. “Ik begin slechts net met oefenen.”

Macarius ziet het geestelijk leven als een oefening, een training van het hart. Niet om perfect te worden, maar om beschikbaar te worden. Elke dag opnieuw beginnen is geen nederlaag, maar een vorm van trouw.

3. “Als ik vandaag niet verlost ben, dan zal ik het morgen zijn.”

Dit is misschien de meest tedere zin in heel de woestijntraditie. Het is de stem van een ziel die weigert te wanhopen. Een ziel die weet dat God niet ver weg is, maar onderweg — altijd onderweg naar ons.

Hier klinkt een diepe waarheid: Verlossing is niet alleen een gebeurtenis, maar een beweging. Een beweging van God naar de mens, en van de mens naar God.

4. De paradox van nederigheid

Ware nederigheid is niet jezelf klein maken, maar de waarheid zien: dat God groter is dan onze inspanning, dat genade groter is dan onze mislukkingen, dat liefde groter is dan onze angst.

Macarius nodigt ons uit om te leven in die ruimte van waarheid — een ruimte waar de ziel ademt, hoopt, en opnieuw begint.

++++

Gebed:

Heer, Gij die elke dag nieuw maakt, maak ook mijn hart nieuw.

Leer mij het heilige begin te omarmen, het kleine, het eerste, het onvoltooide. Laat mij niet rusten in wat ik gisteren deed, maar mij openen voor wat Gij vandaag wilt schenken.

Bewaar mij voor de trots die denkt dat zij klaar is, en voor de moedeloosheid die denkt dat zij nooit zal komen. Geef mij de eenvoud van Macarius, die wist dat elke stap genade is en elke dag een uitnodiging.

Als ik vandaag nog niet vrij ben, wek mij dan morgen opnieuw met de zachte zekerheid dat Gij komt, dat Gij nabij zijt, dat Gij mij draagt.

Maak mijn ziel licht, mijn handen beschikbaar, mijn vertrouwen diep.

Amen.

**************************

Auteur: Krisbiesbroeck

Christiaan Biesbroeck Licentiaat Theologie/filosofie