
“Ik kan je mijn God niet tonen; niet omdat er geen God is om te tonen, maar omdat jij geen ogen hebt om Hem te zien.”
— Augustinus
++++
Commentaar:
Deze uitspraak van Augustinus raakt aan een van zijn meest centrale inzichten: Gods werkelijkheid is niet afwezig, maar wij zijn vaak niet ontvankelijk. Het probleem ligt niet bij God, maar bij het menselijk hart dat verduisterd, verstrooid of gesloten kan zijn.
Bij Augustinus is “zien” nooit louter fysiek. Het is een innerlijk zien, een visio cordis — het zien met het hart dat gezuiverd wordt door liefde, nederigheid en genade.
Hij bedoelt:
God is niet een object dat je kunt aanwijzen.
jGod wordt gekend door omvorming, niet door observatie.
Het hart moet eerst genezen worden om te kunnen zien wat altijd al aanwezig was.
De afbeelding van de heilige met het brandende hart past hier prachtig bij: het hart dat brandt van liefde wordt zelf een lichtbron, en in dat licht wordt God zichtbaar.
Augustinus zegt elders iets gelijkaardigs:
“Onrustig is ons hart totdat het rust vindt in U.”
Het hart dat rust vindt, wordt helder; het hart dat helder wordt, ziet.
++++
Gebed:
Heer,
open de ogen van mijn hart.
Niet om U te bezitten,
maar om U te herkennen waar U al bent.
Zuiver mijn blik van angst, trots en verstrooiing.
Maak mijn innerlijk eenvoudig, stil en ontvankelijk.
Leer mij zien met het licht dat Gij zelf in mij ontsteekt.
Laat mijn hart branden,
opdat ik U mag ontmoeten in waarheid en liefde.
Amen.
****************

Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.