
“Hoe zacht we ook spreken, God is zo dicht bij ons dat Hij ons kan horen; en we hebben geen vleugels nodig om Hem te zoeken, maar slechts de stilte waarin we Hem in onszelf aanschouwen, zonder verbaasd te zijn zo’n goede Gast daar aan te treffen.”
++++
Commentaar:
Het is een zachte, contemplatieve uitspraak van Johannes van het Kruis over Gods nabijheid en de innerlijke weg van stilte.
Johannes van het Kruis raakt hier aan een van de kernintuïties van de christelijke mystiek: God is niet ver weg, maar intiem nabij. Niet als een verre heerser die we moeten zoeken in grote daden of verheven ervaringen, maar als een stille, liefdevolle Aanwezigheid in het hart.
Enkele accenten vallen op:
- God hoort ons altijd, zelfs wanneer onze woorden nauwelijks fluisteren. Het gaat niet om volume, maar om oprechtheid.
- We hoeven niet te reizen om God te vinden. Geen vleugels, geen bijzondere technieken, geen spirituele prestaties. De weg is naar binnen.
- God is een Gast in ons. Niet een indringer, maar een goede, liefdevolle Gast die al aanwezig is, wachtend tot wij stil genoeg worden om Hem te herkennen.
- Het beeld van de “goede Gast” is bijzonder teder. Het suggereert dat God niet alleen aanwezig is, maar ook blij is om bij ons te zijn. De stilte wordt dan geen leegte, maar een ruimte van ontmoeting.
++++
Gebed:
Goede en nabije God,
U die dichter bij mij bent dan mijn eigen adem,
leer mij de weg naar binnen te gaan,
waar Uw zachte aanwezigheid wacht.
Maak mijn hart stil genoeg
om Uw fluistering te horen,
en eenvoudig genoeg
om U te ontvangen als de goede Gast die U bent.
Laat mijn innerlijke stilte
een plaats worden van vrede,
van vertrouwen,
en van liefdevolle ontmoeting met U.
Amen.
****************
