H. Colombanus (563-615)
monnik en stichter van kloosters
Geestelijke instructie 12, 2, 3 (vertaling Evangelizo.org)

“Want mijn vlees is waarlijk spijs, en mijn bloed is waarlijk drank”
Beste broeders en zusters, lest uw dorst aan de wateren van de goddelijke bron, waarover wij met u wensen te spreken: lest haar, maar doof haar niet uit; drink, maar raak niet verzadigd. De levende Bron, de Bron van het Leven roept ons en zegt tegen ons: Wie dorst heeft, kome tot Mij en drinke” (Joh 7,37). Begrijp wat u drinkt. Laat de profeet Jesaja het u vertellen en laat de bron zelf het u zeggen: “Woord van de Heer, ze hebben Me verlaten, de Bron van Levend water die Ik ben” (Jr 2, 12-13). Het is dus de Heer zelf, onze God, Jezus Christus, die de Bron van Leven is en daarom uitnodigt Hij ons uit om tot Hem te komen, opdat wij drinken. Hij die liefheeft, drinkt het, hij die zich voedt met het woord van God, drinkt het… Laten we dus drinken aan de Bron die anderen verlaten hebben.














Gregorius Palamas : Ga naar mijn broeders en zusters





Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.