Augustinus: willen jullie ook weggaan ?

H. Augustinus (354-430)
bisschop van Hippo (Noord Afrika) en kerkleraar
Sermon over het evangelie van Johannes, nr. 25, 14-16

augustinus57

“Willen jullie ook weggaan?”

 

“Ik ben het Brood des Levens, het echte brood dat uit de hemel neerdaalt en leven geeft aan de wereld” (Joh 6,32-33)… Verlangen jullie naar dit brood uit de hemel, jullie hebben het bij jullie, en eten het niet. “Ik zeg jullie: jullie hebben Mij gezien en toch geloven jullie niet” (Jn 6,36). Toch verwerp Ik jullie niet; heeft jullie ongeloof de trouw van God teniet gedaan? (Rom 3,3) Zie, namelijk: “Al wat de Vader Mij geeft, zal tot Mij komen, en wie tot Mij komt, zal Ik niet buitenwerpen” (Jn 6,37). Wat is dat voor een innerlijkheid waar men niet uitgaat? Een diepe inkeer, een zoet geheim. Geheim zonder moedeloosheid, zuiver en zonder de bitterheid van slechte gedachten, vrijgesteld van kwelling door een beproeving of lijden. Is dat niet het geheim waarin de trouwe dienaar gaat die hoort zeggen: “Ga de vreugde van de Heer binnen” (Mt 25,21)?…

Lees verder “Augustinus: willen jullie ook weggaan ?”

Opdat ze één mogen zijn, zoals wij

 

H. Petrus Damianus (1007-1072)
kluizenaar en daarna bisschop, Kerkleraar
Opuscule 11 « Dominus vobiscum », 6

petrus damianus

“Opdat ze één mogen zijn, zoals Wij”

 

Oecumene

Toen Christus aan ons gelijk werd, dat wil zeggen mens werd, heeft de Heilige Geest Hem gezalfd en gewijd, hoewel Hij van nature God is… Hij heiligt zelf zijn eigen lichaam, en alles in de schepping wat het waard is om geheiligd te worden. Het mysterie dat in Christus gebeurde, is de oorsprong en de weg van onze deelname aan de Heilige Geest.

Lees verder “Opdat ze één mogen zijn, zoals wij”

H. Augustinus (354-430)
bisschop van Hippo (Noord Afrika) en kerkleraar
Sermon 258

tekst Augustinus2

“En God zei: “Er zij licht” (Gn 1,3)

“Zie, deze dag schept de Heer” (Ps 118,24). Herinner u de toestand van de oorspronkelijke wereld: “De duisternis lag over de afgrond en de Geest van God zweefde over de wateren. En God zei: Er zij licht!, En er was licht. En God scheidde het licht van de duisternis en Hij noemde het licht Dag en de duisternis Nacht” (Gn. 1,2 v)… “Zie, deze dag schept de Heer.” Het is de dag waarover Paulus zei: “Vroeger was u duisternis, nu bent u licht in de Heer” (Ef 5,8).
Was Thomas niet een mens, een van zijn leerlingen, een man uit het volk om het zo te zeggen? Zijn broeders zeiden tot hem: “Wij hebben de Heer gezien”. En hij: “Zo ik in zijn handen de wonden der nagelen niet zie, en mijn vinger niet leg in de plaats van de nagelen, en mijn hand niet in zijn zijde steek, dan geloof ik het niet”. De evangelisten brengen je het nieuws, en je gelooft het niet? De wereld heeft het geloofd en een leerling gelooft het niet?… Het was nog niet de dag die de Heer heeft geschapen; de duisternis lag nog op de afgrond, in de diepten van het menselijk hart, dat in duisternis was. Dat dus degene komt die het ochtendgloren van de dag is, dat Hij komt en dat Hij, die geneest met geduld, zachtheid en zonder boosheid, zegt: “Kom. Kom en raak Me aan en geloof. Jij hebt verklaard: ‘Zo ik in zijn handen de wonden der nagelen niet zie, en mijn vinger niet leg in de plaats van de nagelen, en mijn hand niet in zijn zijde steek, dan geloof ik het niet’. Kom, raak Me aan, leg je vinger hier en wees niet langer ongelovig, maar gelovig. Ik kende je wonden, maar voor jou heb Ik mijn lidteken bewaard”.

Lees verder “”

kleiner worden

H. Maximilianus van Turijn (?-ca. 420)
bisschop
Sermon 99 ; PL 57, 535

maximiliaan van Turijn

“Hij moet groter worden en ik kleiner”

Terecht kan Johannes de Doper met de Heer onze Verlosser zeggen: “Hij moet groter worden, en ik kleiner” (Joh 3,30). Deze uitspraak verwerkelijkt zich op dit huidige moment: bij de geboorte van Christus verlengen de dagen zich; bij die van Johannes korten ze weer… Als de Verlosser verschijnt neemt de dag duidelijk toe; hij neemt weer af op het moment dat de laatste profeet sterft, want er staat geschreven: “De Wet en de profeten hebben geheerst tot aan Johannes” (Lc 16,16). Het was onvermijdelijk dat het naleven van de Wet verduistert op het moment dat het Evangelie begint te stralen in de duisternis; het Oude Testament wordt opgevolgd door de glorie van het Nieuwe Testament.

Lees verder “kleiner worden”

beeld van Christus

Cyrillus van Alexandrië

‘De adoratione in spiritu et veritate’

cyrillus van Alexandriê..213 

“Wij moeten een beeld van Christus zien in het symbool van de schoof, die het eerstelingenoffer is van de korenaren en de vertegenwoordiger van de nieuwe oogst. Christus is immers de eerstgeborene uit de doden, de weg die ons tot de verrijzenis voert, Degene die alles vernieuwt. Het oude heeft afgedaan: ziet, alles is nieuw geworden, zoals de Schrift zegt. De korenschoof werd vóór het aanschijn des Heren gebracht; zo is ook de uit de doden verrezen Emmanuel – nieuwe en onbederfelijke vrucht der mensheid – ten hemel opgeklommen, om in Zichzelf ons allen vóór het aanschijn van de Vader te voeren.”


(Jean Daniélou, Bijbel en liturgie, Brugge/Utrecht,1964, p. 456)


 

Nu is de mensenzoon verheerlijkt…

H. Leo de Grote (? – ca 461)
paus en Kerkleraar
Sermon 58, 7e over het Lijden, § 3-4 ; SC 74 bis

Leo de Grote heilige

Heilige Leo de Grote

“Nu is de Mensenzoon verheerlijkt en God is verheerlijkt in Hem”

Met de woorden “Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: een van u zal mij overleveren” (Joh 13,21), toonde de Heer aan dat Hij op de hoogte was van de bedoelingen van degene die Hem zou gaan verraden. Hij weerhoudt de boosdoener niet met harde en openbare afkeuring, maar tracht hem te bereiken met een zachte en verdekte waarschuwing, opdat hij die door geen verbod zou zijn weerhouden, zich wellicht door berouw zou verbeteren.

Lees verder “Nu is de mensenzoon verheerlijkt…”

H. Ireneus van Lyon (ca130-ca 208)
bisschop, theoloog en martelaar
Tegen de ketterijen, III 1,1 ; 10,6

tekst ireneus van Lyon

“Predikt het evangelie aan ieder schepsel”

 

Nadat onze Heer uit de doden is opgestaan en nadat de apostelen door de komst van de Heilige Geest (Lc 24,49) met de kracht van boven werden bekleed, werden zij over alles met zekerheid vervuld en ontvingen ze de volmaakte kennis. Toen gingen zij tot aan de uiteinden van de wereld (Ps 18,5), om het Goede Nieuws, dat van God komt, te verkondigen, en zij verkondigden de vrede van de hemel aan de mensen, zij bezaten alles gezamenlijk en elk in het bijzonder het Evangelie van God.

Lees verder “”

het woord van God

tekst krohnstadt

“In de heilige schrift zien wij God van aangezicht tot aangezicht, en onszelf zoals wij zijn. Mens, ken jezelf (door deze woorden uit de schrift) en wandel in Gods aanwezigheid. Hoe machtig is een woord voor een gewone man ! Zo is het woord van God nog veel sterker :  het geeft leven aan iedereen, en het zal altijd levendig en handelend zijn”

________________________________

Op weg naar Pinksteren

 

tekst Athanasius“Na zeven weken, te rekenen vanaf het paasfeest, zullen wij de heilige dag van pinksteren vieren, die voorheen bij de joden werd voorafgebeeld onder de naam van feest der weken. Het was een termijn, waarop vrijlating en kwijtschelding verleend werd. Kortom het was een dag van volledige vrijmaking.”

Athanasius, Feestbrief I, 10