Hilarion van Gaza

border hstyy

HEILIGENLEVEN

De heilige Hilarion van Gaza

Woestijnvader

Hilarion-van-Gaza

De heilige woestijnvader Hilarion, volgens de levensbeschrijving door de heilige Hiëronymos. Hilarion was geboren in het jaar 291 in het dorp Thabatha in Palestina, nog geen 10 km ten zuiden van Gaza, tegen de grens van Egypte. Zijn ouders waren heidenen en zonden hem naar Alexandrië voor zijn studie. Hij was bijzonder begaafd en blonk uit in welsprekendheid. Maar hij won aller harten door zijn beminnelijke persoonlijkheid. Hij was in aanraking gekomen met het christendom en werd daar onweerstaanbaar door aangetrokken, zodat hij zelf ook christen werd.
Toen hij hoorde spreken over de in heel Egypte beroemde Antonios, trok hij de woestijn in om hem op te zoeken. Hij bleef daar verschillende maanden en nam in zich op hoe Antonios bad en leefde en met welk een nederigheid hij omging met de broeders. Maar op den duur werd hij afgestoten door de menigten die zich rond Antonios verzamelden, om van hun ziekten genezen of van de duivel bevrijd te worden. Hij vond dat hij niet naar de woestijn was gegaan om daar hetzelfde gedrang te beleven als midden in een stad. Antonios was een volleerde strijder, maar hijzelf stond nog maar aan het begin, en dan wilde hij ook alleen beginnen, zoals Antonios begonnen was. Antonios zelf trok dieper de Egyptische woestijn in; aan de 15-jarige Hilarion schonk hij zijn haren tuniek en zijn mantia van dierenhuid en hij zond hem naar de woestijn bij Majuma.

Hilarion keerde dus in 307 met een paar broeders naar zijn geboortegrond terug. Hij vond zijn ouders gestorven en deelde toen zijn bezittingen uit. Een deel gaf hij aan de broeders, de rest aan de armen, zonder ook maar iets voor zichzelf te houden, om niet in het lot te delen van Ananias en Safira uit de Handelingen.
Zo, gekleed in een oude zak en een leren boerenjas die hij van Antonios gekregen had, trok hij de woestijn onder Gaza in, een moerassige streek, onveilig door zeerovers. Om de aandriften van zijn lichaam te bedwingen gunde hij zich slechts een minimum aan eten, en deed tegelijk zwaar grondwerk. Onder het bidden vlocht hij biezen manden volgens het Egyptische voorbeeld. Zijn enige voedsel bestond uit 15 vijgen na zonsondergang.

In de nacht werd hij wakker gehouden door duivelse visioenen die hem grote vrees aanjoegen, maar hij overwon de angst door het aanroepen van de Heer Jezus Christus. Van zijn 16e tot 20ste jaar was hij slechts beschermd door wat biezen matten. Later bouwde hij een hutje waar hij niet rechtop in kon staan noch liggen. Hij kende heel de Heilige Schrift uit het hoofd, en wanneer hij klaar was met zijn psalmen, zegde hij ze op in Gods tegenwoordigheid.
Zijn voorbeeld inspireerde vele anderen tot een dergelijk leven, en overal in Palestina ontstonden monniken-kolonies van zijn leerlingen. In zijn latere jaren trok hij regelmatig rond om hen te bezoeken. Ook de heidense bevolking betoonde hem veel eerbied, want hij had hun zieken genezen en hun bezetenen van de duivel verlost. Soms bekeerde zich een heel dorp, opdat hij hen maar zou blijven bezoeken.
Na verloop van tijd was er bij zijn hutje een groot klooster gegroeid, en het volk kwam in scharen naar hem toe om van allerlei ziekten genezen te worden, en om hem te horen en te zien. Maar dit gezicht vervulde hem met droefheid wanneer hij aan het begin van zijn woestijnleven dacht: “|k ben in de wereld teruggekeerd”, zei hij dan, “ik heb mijn beloning reeds ontvangen. Heel Palestina denkt dat ik iets waard ben; ik bezit een boerderij en allerlei huisraad onder voorwendsel daarmee mijn broeders te dienen”. En toen de vrouw van de prefect hem verzocht haar naar de grote Antonios te begeleiden, begon hij te wenen en zei dat hij de gevangene was van dit klooster, en dat het bovendien geen zin had omdat de wereld sinds twee dagen dit grote licht verloren had. Inderdaad kwam na enkele dagen het bericht dat de heilige Antonios gestorven was.
Het volgend jaar trok Hilarion die niet meer lopen kon, ondanks alle smeekbeden van de hem omringende menigte,per ezel naar de woestijn van Antonios om hem te gedenken, want hij wilde niet de ellende zien die over het land zou komen. Hij vestigde zich daar in de woestijn van Egypte, en opnieuw voltrok zich de kringloop van eenzaamheid naar steeds grotere aantallen bezoekers. Intussen was het klooster te Gaza verwoest door het optreden van Juliaan de Afvallige. Toen deze in Perzië de dood had gevonden, kwamen broeders uit Gaza Hilarion terugroepen, maar hij had zulk een afschuw voor de menigte, die hem nu ook in Egypte steeds meer begon te omringen, dat hij de zee op vluchtte, slechts vergezeld van één broeder, op zoek naar een eenzaam eiland. Op Sicilië vond hij in het binnenland een verlaten boerderij. Daar zamelde hij dagelijks brandhout in, dat Zazanas, zijn leerling, naar de stad bracht om te ruilen voor brood. Maar zoals Christus zegt: “Een stad op de berg kan niet verborgen blijven”, ook hier kwamen al spoedig de mensen naar hem toe omdat zijn medelijdend hart hun zieken genas. Intussen trok Hesychios, een leerling van Hilarion, door heel het nabije Oosten, op zoek naar zijn geestelijke vader. Na drie jaar vond hij hem op Sicilië, juist toen Hilarion op het punt stond weer te vertrekken om eindelijk eenzaamheid te vinden in een land waar niemand hem kende en waar men hem zelfs niet zou kunnen verstaan. Hesychios nam hem toen mee naar Epidauros, waar hij eveneens een boerderijtje vond. Toen hij daar ook bekend werd door zijn wonderen, vluchtte hij opnieuw, nu naar Cyprus, waar hij, op een bijna ontoegankelijke plaats, de ruïne van een oude heidense tempel vond, waar hij nu rechtstreeks de strijd aanbond met de demonen. Hier leefde Hilarion verschillende jaren, en ondanks de moeilijke bereikbaarheid wisten ook hier de mensen hem te vinden. Maar nu behoefde hij niet meer te vluchten, want hij ging op naar zijn Heer in het jaar 371, in de ouderdom van 80 jaar, nadat hij bijna 70 jaar Christus had gediend. Zijn lichaam werd na verloop van tijd door Hesychios in een avontuurlijke tocht naar Gaza gebracht, opdat hij zou rusten temidden van zijn leerlingen

Heiligenleven voor elke dag.Orth.klooster Den Haag

Auteur: Krisbiesbroeck

Christiaan Biesbroeck Licentiaat Theologie/filosofie

Plaats een reactie