Dieu ne peut que donner son amour

Tijdens een conferentie voor de communauteit van Taizé citeerde Olivier Clément deze woorden van Isaac van Ninive : Dieu ne peut que donner son amour. Frère Roger was door deze woorden zo geraakt dat hij er een lied liet van maken

Enkele liturgische bijzonderheden…..

ENKELE   LITURGISCHE BIJZONDERHEDEN BIJ DE GRIEKEN EN DE RUSSEN EN HUN BETEKENIS

 

Aartsbisschop Basile Krivochène

 

_____________________________________________________________________

   Deze uiteenzetting heeft niet tot doel om de historische evolutie na te gaan van de liturgische vormgeving, het ontstaan van hun bijzonderheden bij de Grieken en de Russen, het belang van de verschillende ‘typika’ (1) in dit proces,hun wederzijdse beïnvloeding enz… Ik ben geen liturgist om het op een systematische manier te doen. Ik zal mij dus beperken tot een aantal vooral persoonlijke opmerkingen en verkenningen over de manier van celebreren van de liturgie en de diensten , enerzijds in de Griekse kerken en anderzijds bij de Russen. En wanneer ik spreek over de Griekse kerken, dan vergeet ik nooit de Athos-berg welke de hervorming van Constantinopel van 1838 niet heeft aanvaard, maar trouw is gebleven aan de vroegere typika. Wat mij vooral interesseert in deze studie, zijn niet die of die verschillen in de tekst of verschillen wat betreft de ordo’s van de religieuze ceremonieën, maar ook en vooral de betekenis en het belang welke éénzelfde woord of éénzelfde liturgisch moment kan hebben in het spirituele bewustzijn van de gelovigen, in hun religieuze belevingen, zelfs als deze verschillende houdingen nogal eens gefundeerd zijn op misverstanden.En om deze handelswijzen van volksdevotie te begrijpen en te evalueren, kunnen deze ‘liturgische  afwijkingen’ ook hun nut hebben.

   Lees verder “Enkele liturgische bijzonderheden…..”

Hij heeft door beiden in één lichaam met God te verzoenen door het kruis, de vijandschap gedood.

H. Johannes Chrysostomos (ca 345-407), priester te Antiochië daarna bisschop van Constantinopel, Kerkleraar

Homilie over het verraad van Judas, 2, 6 ; PG 49, 390

 

 

“Hij heeft door beiden in één lichaam met God  te verzoenen door het kruis, de vijandschap gedood

  Christus heeft zijn leven voor je gegeven en jij gaat door met een afkeer hebben van een dienaar zoals je zelf ook bent? Hoe kun je naar de tafel van vrede gaan? Jouw Meester heeft niet geaarzeld om alle lijden voor jou te doorstaan, en jij weigert zelfs om op te houden met je woede?… “Iemand heeft me ernstig beledigd, zeg je, hij was zo vaak onrechtvaardig tegen mij, hij heeft me zelfs met de dood bedreigd!” Wat is dat nou? Hij heeft je nog niet gekruisigd zoals de Heer door zijn vijanden gekruisigd is.

  Als jij de schulden van je naaste niet vergeeft, dan zal jouw Vader in de hemel jouw schuld ook niet vergeven (Mt 6,15). Wat zegt je geweten als je deze woorden uitspreekt: “Onze Vader die in de hemel zijt, uw Naam worde geheiligd” en alles wat daarna volgt? Christus maakt geen onderscheid: Hij heeft zijn bloed vergoten voor hen die de Zijne vergoten hebben. Zou jij zoiets dergelijks kunnen doen? Als jij weigert om je vijand te vergeven, dan ben jij het die iemand schaadt, niet hij…; wat je doet is een straf voor jezelf voorbereiden op de Dag des Oordeels…

   Luister naar wat de Heer zegt: “Als u dus uw offergave brengt naar het altaar, en u daar herinnert, dat uw broeder iets tegen u heeft, laat dan uw offer voor het altaar, en ga u eerst met uw broeder verzoenen; kom dan terug, en draag uw offer op”… Want de Mensenzoon is in de wereld gekomen om de mensheid te verzoenen met zijn Vader. Of zoals Paulus het zegt: “Nu heeft God u met zich verzoend in Christus’ sterfelijk lichaam”  (Kol 1,22); “en beiden in één lichaam met God verzoend door het kruis” (Ef 2,16).

 Bron : Dagelijks evangelie : Contact-nl@evangelizo.org

 

Sint Afraat : Is dit niet het vasten dat ik verkies ….

Sint Afraat ( ?- rond 345), monnik en bisschop nabij Mossoel

Overwegingen 3, over het vasten

 

 

cross2

 

 

“Is dit niet het vasten dat Ik verkies: de boeien der onrechtvaardigheid los te maken?” (Jes 58,6)

 

  De Ninevieten hebben gevast op een zuivere wijze toen Jonas hun de bekering predikte… Zo staat het geschreven: “En God zag wat zij deden; Hij zag dat zij terugkwamen van hun slechte wegen. En God kwam terug op wat hij gedreigd had hun aan te doen. Hij bracht het niet ten uitvoer” (Jon 3,10). Men zegt niet: “Hij zag dat ze vastten op water en brood, in zak en as”, maar: “Dat ze terugkomen van hun slechte  wegen en slechte daden”. Want de koning van Ninive sprak en zei: “Laat iedereen anders gaan leven en breken met het onrecht dat hij doet”  (v.8). Het was een zuiver vasten en het werd aanvaard…

  Want mijn vrienden, als men vast, is het beste altijd de onthouding van slechtheid. Dit is beter dan vasten met brood en water, beter dan “dat iemand het hoofd buigt als een riet en zich met een rouwkleed neerlegt in het stof?”, zoals Jesaja zegt (58,5). Wanneer de mens immers gaat leven op water en brood of welke voeding dan ook, wanneer hij zich bedekt met zak en as en zich neerbuigt, dan is hij geliefd en mooi in de ogen van God en aanvaard. Maar wat God het meest behaagt is : “Het losmaken van de boeien der onrechtvaardigheid en breken met de banden van het bedrog” (Jes 58,6). Opdat dan voor deze mens “zijn licht doorbreekt als de dageraad. Zijn gerechtigheid gaat voor hem uit. Hij zal zijn als een goed bevloeide tuin, als een bron waarvan het water nooit opdroogt” (v.8-11). Hij zal niet meer op de schijnheiligen lijken “want zij zetten dan een somber gezicht, zij doen dat om iedereen te laten zien dat ze aan het vasten zijn (Mt 6,16).

Bron : Dagelijks evangelie : Contact-nl@evangelizo.org

Leo De Grote : Dat hij zijn kruis opneemt, en Mij volgt

H. Leo de Grote (? – ca 461), paus en Kerkleraar

8e homilie over het Lijden

Leo de grote

“Dat hij zijn kruis opneemt, en Mij volgt”

   De Heer wordt overgeleverd aan hen die Hem haten. Om zijn koninklijke waardigheid te beledigen, verplicht men Hem om zelf het instrument van zijn foltering te dragen. Zo vervulde het orakel van de profeet Jesaja zich: “De heerschappij rust op zijn schouders”(Jes 9,5). Door zo het houten kruis op zich te nemen, was dat hout wat Hij om ging vormen tot scepter van zijn kracht, in de ogen van de ongelovigen een onderwerp van spot, maar voor de gelovigen een verbazingwekkend mysterie. De glorieuze overwinnaar van de duivel, de machtige tegenstander van de kwade krachten, toonde op zijn schouders, met een onoverwinnelijk geduld, de trofee van zijn overwinning, het teken van heil, om door alle volken bewonderd te worden. En over wat Hij door dit gebaar toont, zou men kunnen zeggen, dat Hij allen die Hem na zullen volgen, wilde bekrachtigen, allen tot wie Hij zegt: “Degene die zijn kruis niet opneemt en Me navolgt, is Mij niet waardig” (Mt 10,38).

   Aangezien het volk met Jezus naar de folterplaats ging, zal men een zekere Simon van Cyrene ontmoeten, en men zal het kruishout van de schouders van de Heer op zijn schouders leggen. Dat gebaar was een voorafbeelding van het geloof van de naties, voor wie het kruis van Christus, niet een beproeving, maar een glorie moest worden.

 Bron : Dagelijks evangelie : Contact-nl@evangelizo.org

Begin van de vastentijd – tijd van inkeer

BEGIN VAN DE VASTENTIJD – TIJD VAN INKEER

crucifix

De lente van de vasten is aangebroken

Het licht van het berouw……

Met vreugde willen wij de boodschap

Van het vasten ontvangen !

Want als onze stamvader, Adam, had gevast

zouden wij niet uit het paradijs

Zijn verstoten…..

 

De Vasten is een tijd van blijdschap !

Vol stralende zuiverheid en zuivere liefde,

Doordrongen van gebed en goede daden,

Laat ons met vreugde zingen…

Apostich toon 3

 

Slechts één ding hopend, schouwend het ene,

Hebt gij, o lijdende martelaren,

In de dood de weg naar het leven gevonden….

Gekleed in de wapenrusting van het geloof

Gewapend met het teken van het Kruis,

Waart gij waardige soldaten van Christus.

Moedig hebt gij foltering verdragen

Het bedrog van de duivel vernietigend.

Overwinnaars zijt gij,

Waardig de kroon te ontvangen.

Smeek God onze zielen te redden….

Gedurende de veertig dagen zijn het onophoudelijk Christus’ Kruis, zij Verrijzenis en de stralende vreugde van Pasen, die de achtergrond vormen van alle vastenhymnen. Voortdurend worden we erop gewezen dat, hoe smal en moeilijk de weg ook is, die weg uiteindelijk leidt tot de tafel van Christus en Zijn Koninkrijk. De verwachting van, en het vooruitlopen op de paasvreugde, doordringen de hele vastentijd en dat is de eigenlijke drijfveer voor het volhouden van de zware inspanning die de Vasten is.

‘Laten wij  met het Goddelijke Pascha

In ons hart…..

De Duivel blijven overwinnen

Door vasten…..

 

Dan zullen wij deelhebben

Aan het Goddelijke Pascha van Christus !

 

 

Johannes van Damascus : Dit is mijn geliefde Zoon

H. Johannes van Damascus (ca. 675-749), monnik, theoloog, Kerkleraar

Homilie over deTransfiguratie van de Heer, 18 ; PG 96, 573

 

Johannes van Damascus

“Dit is mijn geliefde Zoon”

   “Een stem kwam uit een wolk en zei: ‘Dit is mijn geliefde Zoon, aan wie Ik al mijn liefde heb gegeven, luister naar Hem!” (Mt 17,5). Dit zijn de woorden van de Vader die voortkomt uit de wolk van de Geest: “Dit is mijn geliefde Zoon, Hij die mens is en die de verschijning van een mens heeft. Hij is mens geworden, Hij heeft nederig onder ons gewoond; nu straalt zijn gelaat, dit is mijn geliefde Zoon; Hij bestaat al van voor alle tijden. Hij is de eniggeboren Zoon van de ene God. Hij is door Mij, de Vader, buiten tijd en in eeuwigheid, verwekt. Hij is niet na Mij tot bestaan gekomen, maar Hij is van alle eeuwigheid van Mij, in Mij en met Mij”…

   Het is uit welwillendheid van de Vader dat zijn enige Zoon, zijn Woord, vlees geworden is. Het is uit welwillendheid dat de Vader in zijn Zoon het heil voor de gehele wereld heeft vervuld. Het is uit welwillendheid dat de Vader de eenheid van alles in zijn enige Zoon heeft gemaakt… Werkelijk het beviel de Meester van alle dingen, de Schepper van het Universum, om in zijn enige Zoon, de goddelijkheid en de menselijkheid te verenigen en door haar, elk schepsel, “opdat God alles in allen wordt” (1Kor 15,28).

  “Dit is mijn geliefde Zoon, ‘de straling van mijn heerlijkheid, de afdruk van mijn wezen’ door wie Ik ook de engelen heb geschapen, door wie de hemel bevestigd werd en de aarde gegrondvest. Hij ‘draagt het universum door zijn almachtige woorden’ (Heb 1,3) en door de adem uit zijn mond, dat wil zeggen de Heilige Geest die gidst en leven geeft. Luister naar Hem, want degene die Hem ontvangt, ontvangt Mij (Mc 9,37), Ik heb Hem gezonden, niet omwille van mijn hoogste macht, maar op vaderlijke wijze. Als mens werd Hij immers gezonden, als God blijft Hij in Mij en Ik in Hem… Luister naar hem, want Hij spreekt woorden van eeuwig leven” (Joh 6,68).

 Bron : Dagelijks evangelie : Contact-nl@evangelizo.org

Vergevingszondag : Laatste zondag van de voorvasten

VERGEVINGSZONDAG

 Laatste zondag van de voorvasten

 

 

uitdrijving uit het paradijs

Uitdrijving uit het paradijs

LEZINGEN

Romeinen : 13,11-14,4:

Waakzaam zijn
      U weet trouwens hoe laat het is, u weet dat het uu om uit de slaap te ontwaken reeds is aangebroken. Nu is onze redding dichterbij dan toen wij tot het geloof kwamen.  De nacht loopt ten einde, de dag breekt aan. Laten wij ons dus ontdoen van de werken van de duisternis en ons toerusten met de wapens van het licht.  Laten wij ons behoorlijk gedragen, als op klaarlichte dag, en ons onthouden van zwelgpartijen en drinkgelagen, van ontucht en losbandigheid, van twist en nijd.  Bekleed u met de Heer Jezus Christus, en vertroetel uw lichaam niet; er mogen geen begeerten worden opgewekt.

Hoofdstuk 14
Verdraagzaam zijn
 Aanvaard ieder die zwak is in het geloof, zonder zijn opvattingen te betwisten.  De een is ervan overtuigd dat hij alles mag eten, terwijl een zwakke alleen maar plantaardig voedsel eet. Wie vlees eet, moet iemand die dat niet doet, niet minachten; en wie geen vlees eet, moet iemand die dat wel doet, niet veroordelen; God zelf heeft die ander immers als de zijne aanvaard.  Wie ben jij, dat je jezelf een oordeel aanmatigt over de knecht van een ander? Of hij staat of valt, gaat alleen zijn heer aan. Hij zal trouwens staande blijven, want zijn heer is bij machte hem staande te houden.

Evangelie :

Mattheüs 6,14-21:

 Want als jullie de mensen hun overtredingen vergeven, zal je hemelse Vader ook jullie vergeven.  Maar als jullie de mensen niet vergeven, zal je Vader jullie overtredingen ook niet vergeven.
     
Wanneer je vast, zet dan geen somber gezicht zoals de schijnheiligen, want zij vertrekken hun gezicht om met hun vasten op te vallen bij de mensen. Ik verzeker jullie, ze hebben hun loon al.  Maar als jij vast, zalf dan je hoofd en was je gezicht,  opdat het bij de mensen niet opvalt dat je vast, maar wel bij je Vader, die in het verborgene is; en je Vader, die in het verborgene ziet, zal het je lonen.

Maak je geen zorgen!
      Verzamel geen schatten op aarde, waar mot of houtworm ze aantast, en waar dieven inbreken om ze te stelen.  Maar verzamel schatten in de hemel, waar mot noch houtworm ze aantasten, en waar geen dieven inbreken om ze te stelen.  Want waar je schat is, daar zal ook je hart zijn. 

Irenaeus van Lyon : Zijn tong ging los; hij sprak, en zegende God

H.  Ireneus van Lyon (ca130-ca 208), bisschop, theoloog en martelaar
Tegen de ketterijen III, 10, 1

Irenaeus van Lyon

Zijn tong ging los; hij sprak, en zegende God

      Over Johannes de Doper lezen we in Lucas : “Hij zal groot zijn in de ogen van de Heer… en hij zal velen uit het volk van Israël tot de Heer, hun God, brengen. Als bode zal hij voor God uitgaan met de geest en de kracht van Elia … om zo het volk gereed te maken voor de Heer” (1,15-17). Voor wie heeft hij een volk gereed gemaakt, en voor welke heer was hij groot? Ongetwijfeld voor Degene die gezegd heeft dat Johannes “meer had dan een profeet” (Mt 11,9.11). Want hij bereidde een volk voor, door van te voren aan zijn mededienaren de komst van de Heer te verkondigen en door hen op te roepen tot bekering, opdat, als de Heer aanwezig zal zijn, ze dan allen klaar zijn om vergeving te ontvangen, om terug te komen bij Degene van wie ze vervreemd waren door hun zonde…

      Ja, “dankzij de liefdevolle barmhartigheid van onze God zal het stralende licht uit de hemel over ons opgaan en verschijnen aan allen die leven in duisternis en verkeren in de schaduw van de dood, zodat we onze voeten kunnen zetten op de weg van de vrede” (Lc 1,78-79). In die termen heeft Zacharias God op een nieuwe wijze gezegend, op het moment dat hij bevrijd werd en zijn stem weer had, die hij door zijn ongeloof was kwijtgeraakt, en op het moment dat hij vervuld werd door de Heilige Geest. Want alles was vanaf dat moment nieuw, door het feit dat het Woord door een nieuwe ontwikkeling, het doel van zijn komst in het vlees vervulde, opdat de mens, die van God was afgedwaald, door Hem weer tot de vriendschap met God gebracht werd. Daarom verkondigde deze mens om God op een nieuwe wijze te eren.

Het sacrament van het berouw en de Biecht

HET SACRAMENT VAN HET BEROUW EN DE BIECHT

 

confession

Pastorale bijeenkomst over dit thema te Parijs

 

 Een pastorale bijeenkomst van de clerus van het aartsbisdom van de russische parochies in West Europa (oecumenisch patriarchaat)) werd gehouden in het instituut Sint Serge, de 25e mei, 2006 onder het voorzitterschap van Aartsbisschop Gabriël, die dit diocees leidt.

De bijeenkomst had als thema : “Het sacrament van berouw en de praktijk van de biecht”.  In totaal waren er een zestigtal priesters, diakens, leken, leden van de  aartsbisschoppelijke raad, professoren en studenten van het instituut Sint Serge, alsook afgevaardigden van het servisch bisdom en het roemeens bisdom in Frankrijk aanwezig. Zij waren voor deze gelegenheid speciaal uitgenodigd, om deel te nemen aan deze dag van gebed, bezinning en uitwisseling van ideeën. De bijeenkomst werd geopend in de Kerk van  Sint-Serge met een eucharistische liturgie, voorgegaan door aartsbisschop Gebriël. Op het einde van de dag heeft Michel SOLLOGOUB, secretaris van de aartsbisschoppelijke raad en professor aan de universiteit van Parijs I – Panthéon informatie gegeven over het leven van het aartsbisdom. Hij heeft kennis gegeven van een aantal bijzondere, recente gebeurtenissen, die voor hem wijzen op zoveel “tekenen van vitaliteit”. ( inwijding van nieuwe kerken, de aanwezigheid van nieuwe bedienaars, de ontwikkeling van de electronische communicatie, het inrichten van een catechese voor de nieuwe emigranten uit Oost Europa). Hij is ook ingegaan op de meer “bedroevende problemen” , zoals de poging van het patriarchaat van Moscou en van de Russische Federatie om zich meester te maken van de kerken van Biarritz en van Nice.

  Na de liturgie, in de loop van de morgenzitting, werden drie onderrichtngen gegeven aan de deelnemers. André LOSSKY, professor aan het instituut Sint Serge heeft een uiteenzetting gegeven over : “De biecht : enkele historische kenmerken en hun betekenis voor vandaag”. Hij onderscheidt drie periodes in de praktijk van het berouw in de kerk. Hij heeft eraan herinnerd dat er in de beginperiode van  de Kerk , na zware fouten, geen terugkeer mogelijk was tot de communie . Men moet wachten tot de 3e-4e eeuw, tot de patristieke getuigenissen een bewustwording  kenbaar maken van een mogelijk berouw door middel van een persoonlijke inwendige biecht. De tweede periode, vanaf de 6e eeuw, wordt gekenmerkt door de verschijning van de ascetische codexen van monastieke oorsprong, genoemd “Nomocanons”. Deze canons hadden een dubbele invloed, de één positief, in de mate dat zij er niet alleen in bestonden de zware fouten te herkennen, maar “een instrument werden voor het zoeken naar volmaaktheid of onze opgang naar God”, het andere , negatief , in de mate waarin men  nogal vlug de regels welke de straffen voorschreven in functie van de zwaarte van de fouten, op een “legalistische”wijze werden toegepast. De derde periode, vanaf het begin van de 17e eeuw, is in Rusland althans gekenmerkt door het introduceren van een latijnse absolutie-formule, volgens dewelke de biechtvader spreekt in de eerste persoon. Dit versterkt nog het juridisch karakter van de biecht. Als conclusie heeft André LOSSKY nog onderlijnd dat, onder de “positieve invloed” van de Nomocanons, de biecht moet worden opgevat als een “therapeutische act” die als functie heeft : de ” reïntegratie in de Kerk” van hem die door de zonde van God was verwijderd. Het gaat dus om een ‘daadwerkelijke ervaring van de oneindige barmhartigheid van God , doeltreffend en concreet , weg van elke vorm van juridisme” aldus de spreker..

  In de tweede onderrichting, heeft Vader Nicolas OROLINE, professor aan het instituut Sint Serge een reflexie gegeven over “drie symptomen van een diepe crisis” van de biecht. Hij heeft vooreerste de noodzakelijkheid onderlijnd om het misverstand uit de weg te ruimen tussen de band die vandaag de dag ipso facto bestaat tussen biecht en communie. De regelmatige communie is verbonden met het koninklijk priesterschap, ontvangen door alle gedoopten, er is geen enkel verschil tussen clerici en leken. “Onder westerse invloed denken té veel mensen dat alleen de priester elke zondag mag communiceren zonder voorafgaande biecht”, aldus de spreker, terwijl de clerici in werkelijkheid niets anders doen dan de praktijk van de oude Kerk bestendigen. ” Men kan er zich vandaag de dag alleen maar in verheugen, dat meer een meer gelovigen de frequente communie beoefenen”. Maar dit heeft het verergeren van een  “een gevoel van onbehagen betreffende de biecht”, als paradoxaal  logisch  gevolg. Volgens Vader Ozoline, wordt dit fenomeen verklaard door twee strekkingen.

De eerste strekking heeft te maken met een zuiver “juridische ” benadering, waar de biecht wordt opgevat als een opsomming van overtredingen, en de absolutie als een “magische formule”, die zou werken “zelfs onafhankelijk van de gesteldheid van de penitent”. De tweede benadering is van “psychoanalitische” orde, zij herleidt de biecht of tot een “analyse”, of tot een “spiritueel gesprek”. In beide gevallen, is de biecht beroofd van haar betekenis, want, in het sacrament van het berouw, is de priester geen “voorspreker”, maar “een getuige en een bemiddelaar bij God”.

  Vader Nicolas Ozoline is vervolgens ingegaan op het fenomeen van de “mladostertsy” ( russische term om zeer jonge priesters aan te duiden die zich ten onrechte de rol van bekwame geestelijke vaders aanmatigen), een verschijnsel welke hij heeft gedefinieerd als een poging van sommige jonge priesters, om een macht over de biechtelingen uit te oefenen. Het gaat hier om een wijd verspreide ontsporing in Rusland sinds de val van het communisme en die officieel is veroordeeld door de patriarch van Moscou ALEXIS II en door de heilige synode. Hij heeft nochtans geconstateerd dat deze afwijking  “inherent is  aan het systeem”, want in de actuele russische Kerk zijn de jonge priesters, vanaf het begin van hun ambt “gedwongen om te biechten zonder pastorale of spirituele ervaring”. Dit was niet zo in het oude Rusland (vóór de 18e eeuw), evenmin is dit het geval in de actuele praktijk van de orthodoxe Kerken van Griekenland en het Nabije-Oosten, waar nog altijd de instelling bestaat van de “pneumatikoi” (in het russisch “doukhovniki”), de “biechtvader, vertrouwensman”. Dit zijn priesters welke een bijzondere zegen van de bisschop hebben ontvangen om biecht te horen. “Ik zou willen pleiten voor  de geleidelijke terugkeer naar het systeem van de “doukhovniki”  binnen ons aartsbisdom”, was zijn conclusie, eraan toevoegend : “Het zou ook een dienst betekenen aan hen die in Rusland zich daarvoor inzetten, en dit met vele moeilijkheden; want vanaf het moment dat men spreekt van veranderingen, zijn er oppervlakkig reacties van wantrouwen en verwerping”.

  De derde overweging werd  gegeven door Vader Michel FORTOUNATTO, vroeger priester te Londen, nu op rust in de buurt van Vichy (Allier). Hij h
ad het over de “Spirituele en theologische betekenis van het berouw” Hij heeft vooreerst de nadruk gelegd op de “dynamiek van het berouw” die zich plaatst “tussen zonde en vergeving”. Het gaat dus om een beslissend moment, of juister gezegd over een moment van daadwerkelijke “bekering”. Het berouw is een  ontologisch fenomeen waar het gevallen schepsel zoekt om genezing en om het goddelijk beeld in hem te hervinden”. Vertrekkende vanuit talrijke citaten van de Kerkvaders, maar ook van de Heilige Silouan de Athoniet (20e eeuw), heeft hij getoond hoe het appèl van de berouwvolle mens zich manifesteert, Gods trouw in acht nemend. :“God vergeeft ons en geneest ons door zijn eindeloze liefde”. Het berouw is “een tweede genade, gegeven na de doop” (Heilige Isaak de Syriër), waardoor de gevallen mens zich transformeert, van “een staat van verval” naar “een staat van onverstoorbaarheid”. Vader Michel Fortounato heeft onderlijnd, dat het berouw geen geïsoleerde daad is die gepaard gaat met de biecht . Zij moet “aanwezig zijn in alle etappes op de geestelijke weg”. De Heilige Isaak de Syriër  parafraserend, zou men kunnen zeggen dat “wij berouw nodig hebben gedurende de vierentwintig uren van de dag”.

  De onderrichtingen hebben  de gelegenheid gegeven tot een debat over onderwerpen zoals :het onderscheid tussen het sacrament van het berouw en de openheid van gedachten, het onderscheid tussen de priester biechtvader en de geestelijke leider, de noodzaak van een spirituele rijpheid om biechtvader te zijn maar ook om priester te zijn, de betekenis van het gewijde ambt en de charisma’s binnen de Kerk , de plaats van de biecht als een kerkelijke daad in het kader van de parochie en vooral van de zondagse liturgie, plaats van samenkomst bij uitstek…. De namiddagzitting was gewijd aan ateliers rond reflexie en discussies over verschillende thema’s : “De praktische vormen van de biecht”, “Biecht en eucharistische communie”, “biecht van de jongeren” enz..

Vrij vertaald uit SOP 310 – Juli/Augustus 2006

door Kris B

zo iemand de eerste wil zijn, dan moet hij de laatste van allen zijn

H. Gregorius van Nazianze (330-390), bisschop en Kerkleraar

Homilie voor het Paasfeest; PG 36, 624

 

 

“Zo iemand de eerste wil zijn, dan moet hij de laatste van allen zijn”

   Sommigen zijn onzeker geworden door de tekenen van het Lijden op het lichaam van Christus en vragen zich af : “Wie is die Koning der Glorie?” (Ps 23,7). Antwoord hen dat het de krachtige en machtige Christus is (v.8) in alles wat Hij altijd gedaan heeft en altijd zal doen… Laat hen de schoonheid zien van het kleed dat het lijdende lichaam van Christus draagt, dat door het Lijden mooier is geworden en omgevormd door de straling van zijn goddelijkheid. Dit glorieus kleed waarvan God het mooiste en waardigste voorwerp maakt om door de wereld bemind te worden… Is Hij minder omdat Hij zich nederig maakt voor jou? Is Hij verachtelijk omdat Hij als Goede Herder zijn leven geeft voor zijn schapen? (Joh 10,1) Hij kwam het verdwaalde schaap zoeken en toen Hij het gevonden heeft, heeft Hij het op zijn schouders teruggebracht; deze schouders hebben het kruis gedragen voor het schaap. En toen Hij het teruggebracht heeft, heeft Hij het ondergebracht bij de schapen die in de stal zijn gebleven (Lc 15,4v). Acht jij Hem minder groot omdat Hij een doek omdeed om de voeten van zijn leerlingen te wassen en hen daarmee toonde dat de beste wijze om zich te verheffen, zich te vernederen is? (Joh 13, 4; Mat 23,12)… Omdat Hij zich vernederd heeft, zijn ziel naar de aarde boog om hen die onder het gewicht van de zonden gebukt gaan, te verheffen? Verwijt je Hem dat Hij met de tollenaars en de zondaars gegeten heeft omwille van hun heil? (Mt 9,10)

    Hij heeft vermoeidheid, honger, dorst, angst en tranen gekend, toen Hij de wet van de menselijke natuur volgde. Maar wat heeft Hij niet gedaan als God?… Om te leven, hadden wij een God nodig die mens werd en die onsterfelijk werd. Wij hebben in zijn dood gedeeld, die ons zuiverde; door zijn dood deelt Hij met ons de Verrijzenis; door zijn Verrijzenis laat Hij ons delen in zijn heerlijkheid.

 

Bron : Dagelijks evangelie : Contact-nl@evangelizo.org

 

Johannes van Damascus : Homilie over de Transfiguratie van de Heer

H. Johannes van Damascus (ca. 675-749), monnik, theoloog, Kerkleraar

Homilie over deTransfiguratie van de Heer, 18 ; PG 96, 573

 

 

“Dit is mijn geliefde Zoon”

   “Een stem kwam uit een wolk en zei: ‘Dit is mijn geliefde Zoon, aan wie Ik al mijn liefde heb gegeven, luister naar Hem!” (Mt 17,5). Dit zijn de woorden van de Vader die voortkomt uit de wolk van de Geest: “Dit is mijn geliefde Zoon, Hij die mens is en die de verschijning van een mens heeft. Hij is mens geworden, Hij heeft nederig onder ons gewoond; nu straalt zijn gelaat, dit is mijn geliefde Zoon; Hij bestaat al van voor alle tijden. Hij is de eniggeboren Zoon van de ene God. Hij is door Mij, de Vader, buiten tijd en in eeuwigheid, verwekt. Hij is niet na Mij tot bestaan gekomen, maar Hij is van alle eeuwigheid van Mij, in Mij en met Mij”…

    Het is uit welwillendheid van de Vader dat zijn enige Zoon, zijn Woord, vlees geworden is. Het is uit welwillendheid dat de Vader in zijn Zoon het heil voor de gehele wereld heeft vervuld. Het is uit welwillendheid dat de Vader de eenheid van alles in zijn enige Zoon heeft gemaakt… Werkelijk het beviel de Meester van alle dingen, de Schepper van het Universum, om in zijn enige Zoon, de goddelijkheid en de menselijkheid te verenigen en door haar, elk schepsel, “opdat God alles in allen wordt” (1Kor 15,28).

   “Dit is mijn geliefde Zoon, ‘de straling van mijn heerlijkheid, de afdruk van mijn wezen’ door wie Ik ook de engelen heb geschapen, door wie de hemel bevestigd werd en de aarde gegrondvest. Hij ‘draagt het universum door zijn almachtige woorden’ (Heb 1,3) en door de adem uit zijn mond, dat wil zeggen de Heilige Geest die gidst en leven geeft. Luister naar Hem, want degene die Hem ontvangt, ontvangt Mij (Mc 9,37), Ik heb Hem gezonden, niet omwille van mijn hoogste macht, maar op vaderlijke wijze. Als mens werd Hij immers gezonden, als God blijft Hij in Mij en Ik in Hem… Luister naar hem, want Hij spreekt woorden van eeuwig leven” (Joh 6,68).

 

Bron : Dagelijks evangelie : Contact-nl@evangelizo.org

Cyrillus van Jeruzalem : Petrus trok Hem terijzede en begon tegen te spreken

H. Cyrillus van Jeruzalem (313-350), bisschop van Jeruzalem en Kerkleraar

Doopcatechese nr. 13, 3.6.23  (vert. brevier)

 “Petrus trok Hem ter zijde, en begon Hem tegen te spreken”

  

pETRUS 555

We hoeven niet beschaamd te zijn over het kruis van onze Verlosser. Integendeel we moeten erop roemen. Het woord kruis is een aanstoot voor de joden en een dwaasheid voor de heidenen, maar voor ons betekent het redding. Voor hen die verloren gaan, is het kruis een dwaasheid , maar voor ons die gered worden, is het de kracht van God (1Kor 1,18-24). Want het is geen doodgewone sterveling die voor ons is gestorven, maar de Zoon van God, de mensgeworden God. Het lam dat geslacht werd volgens de opdracht van Mozes, heeft de verderfengel (Ex 12,23) geweerd. Maar heeft het Lam Gods dat de zonden van de wereld wegneemt (Joh 1,29), niet veel meer gedaan door ons te bevrijden van de zonden?

  Niet onder dwang heeft Hij zijn leven gegeven en evenmin is Hij met geweld ten offer gebracht, maar uit vrije wil. Luister naar wat Hij zegt: “Macht heb Ik om het te geven en macht om het terug te nemen” (Joh 10,18). Vrijwillig geef Ik Mij over aan de vijanden. Als Ik het niet wilde, gebeurde het niet. Hij kwam dus uit vrije keuze tot zijn lijden, blij met zijn buitengewone daad, glimlachend om zijn krans, verheugd over de redding van de mensen, en zonder schaamte over het kruis,, want het was om de hele wereld te redden. Het was geen gewoon mens die leed, maar de mensgeworden God, strijdend om de prijs van gehoorzaamheid.

  Verheug je om het kruis niet alleen ten tijde van vrede, maar bewaar het geloof ook als je wordt vervolgd. Wees niet Jezus’ vriend in tijd van vrede en in oorlogstijd zijn vijand. Nu krijg je de vergeving van je zonden en de geestelijke gave die jouw Koning schenkt. Als de strijd losbrandt, vecht dan moedig voor je Vorst. Jezus die zonder zonden was, is voor jou gekruisigd… Niet jij verleent de genade, want jij hebt het eerst ontvangen. Nu geef jij dank en betaal je je schuld aan Hem die op Golgotha gekruisigd is voor jou.

 

Bron : Dagelijks evangelie : Contact-nl@evangelizo.org