De heilige Filippos van Moscou

De heilige Filippos,

Metropoliet van Moscou (1507-1596)

 

Filippos metropoliet van Moscou en geheel rusland.jpg

 

Heilige Filippus van Moscou

 

De heilige Fillipos, metropoliet van Moskou en geheel Rusland, was daar in 1507 geboren uit een oud bojarengeslacht. Hij kreeg de gewone adellijke  opvoeding en deed dienst aan het hof en leek een schitterende toekomst tegemoet te gaan. Dit leven bevredigde hem echter niet en toen hij op dertigjarige leeftijd het Evangelie hoorde voorlezen waarin Christus zegt : “Niemand kan twee heren dienen…”, maakte hij radikaal een einde aan zijn loopbaan met alle verbintenissen die deze met zich meebracht, en vertrok in stilte. Hij kleedde zich als een arme boer en trok naar het verre Noorden, waar hij een onbekende monnik werd in het ijzige Solowjetski-klooster onder de naam Fillipos. Om zijn beminnelijkheid en dienstvaardigheid was hij bij allen geliefd. Abt Alexios zag zijn begaafdheid en stelde hem aan tot zijn hulp en novicenmeester. Toen Alexios negen jaat later stierf, werd Filippos tot zijn opvolger gekozen. Hij gedroeg zich niet als een hoge heer, maar deed gewoon mee met al het werk. Door zijn organisatietalent breidde het klooster zich sterk uit. Er kwamen meer woongebouwen, een aparte ziekenafdeling, een watermolen en een zouwinningsindustrie, die een belangrijke bron van inkomsten voor het klooster werd. Hij legde moerassen droog en bracht een wegennet tot stand. Hierover werd natuurlijk gesproken en zijn roem drong door tot in Moscou, waar tsaar Iwan IV in moeilijkheden verkeerde. Deze riep Filippos bij zich om hem te raadplegen. Hij voelde vriendschap voor deze ernstige, oprechte en begaafde monnik en haalde hem over in Moscou te blijven als zijn persoonlijke hulp en als metropoliet voor de Kerk. Filippos stemde toe onder voorwaarde dat bepaalde misstanden in het landsbestuur zouden worden verbeterd. Het ging hem er vooral om de macht te beknotten van een aantal gunstelingen van de tsaar die zich verrijkten door drukkende belastingen te heffen van het volk. Tsaar Iwan, die later “de verschrikkelijke” zou heten, beloofde alles, doch bleef in gebreke deze beloften ten uitvoer te brengen. Toen Filippos telkens weer bleef aandringen ging dat Iwan vervelen en deze besloot zijn vroegere vriend, die intussen in hoog aanzien was geraakt bij de bevolking, uit de weg te ruimen. Hij legde een heel dossier aan van lasterlijke beschuldigingen over de vroegere slechte levenswijze van Filippos en liet deze tijdens de Dienst in de kathedraal voorlezen. Filippos werd met geweld uit de Kerk verwijderd en van zijn gewaden ontdaan. Ongeveer een jaar lang werd hij mishandeld in verschillende gevangenissen en tenslotte verbannen naar het Otrotsjklooster in Twer. Daar werd hij door een paar handlangers van de tsaar in zijn cel verstikt in 1596.

Uit: Heiligenjaar – heiligenlevens voor elke dag – uitg.orth.klooster Den Haag

22e zondag na Pinksteren : van de rijke en de arme Lazarus

22e zondag na Pinksteren

 

 

“Van de rijke man en de arme Lazarus”

 

 Lazarus en de rijke en de arme man 1.jpg

 

De rijke man en de arme Lazarus

LEZINGEN :

 Galaten 6,11-18

 Zie met wat voor grote  letters ik u nu eigenhandig heb geschreven. De lieden die zo graag in menselijk opzicht een goed figuur willen slaan, trachten u alleen maar de besnijdenis op te dringen om niet vervolgd te worden vanwege het kruis van Christus. Want die besnedenen onderhouden zelf niet eens de wet, maar willen wel dat u zich laat besnijden, om daarop trots te kunnen zijn.
     Wat mij betreft: ik denk er niet aan mij op iets anders te beroemen dan op het kruis van onze Heer Jezus Christus, waardoor de wereld voor mij gekruisigd is en ik voor de wereld gekruisigd ben. Het gaat niet om besnijdenis of onbesnedenheid, maar om de nieuwe schepping. Laat vrede en barmhartigheid komen over allen die naar dit beginsel leven, en over het Israël van God! Laat voortaan niemand het mij lastig maken, want ik draag de merktekens van Jezus in mijn lichaam.
     Broeders en zusters, de genade van onze Heer Jezus Christus zij met uw geest. Amen.

 EVANGELIE :lucas,19-31

 Lazarus en een rijke man
     Er was een rijk man, die gekleed ging in purper en het fijnste linnen, en elke dag uitbundig feestvierde. Aan zijn poort lag een zekere Lazarus; hij was arm en zat onder de zweren. ] Hij had graag zijn honger gestild met wat er van de tafel van de rijke op de grond viel, maar nee, de honden kwamen en likten aan zijn zweren. Toen kwam de arme te sterven; de engelen droegen hem in de schoot van Abraham. Ook de rijke stierf, en werd begraven. In het dodenrijk sloeg hij gekweld door pijn zijn ogen op en zag van verre Abraham met Lazarus in zijn schoot. “Vader Abraham,” riep hij, “heb medelijden met me; stuur Lazarus om de toppen van zijn vingers nat te maken met water, en er mijn tong mee te verkoelen, want ik lijd hevig in dit vuur.Maar Abraham zei: “Kind, vergeet niet dat jij het heel je leven goed hebt gehad en Lazarus altijd slecht; nu wordt hij hier getroost, en jij lijdt pijn. Bovendien, er gaapt tussen ons en jullie een diepe kloof; al zou iemand van hier naar jullie willen oversteken, hij zou het niet kunnen; evenmin kan iemand van daar naar ons komen.Maar de rijke zei: “Dan, vader, vraag ik u hem naar mijn ouderlijk huis te sturen, want ik heb nog vijf broers. Laat hij hen gaan waarschuwen, zodat zij niet eveneens terechtkomen in dit oord van pijn.” Maar Abraham zei: “Ze hebben Mozes en de Profeten; daar moeten ze naar luisteren.” Maar hij zei: “Nee, vader Abraham, als iemand van de doden naar hen toe komt, dan zullen zij zich bekeren.” Maar Abraham antwoordde: “Als ze niet naar Mozes en de Profeten luisteren, dan zullen ze zich ook niet laten overtuigen als iemand uit de doden opstaat.”

Orthodox studiecentrum ingezegend

Orthodox studiecentrum

 

ingezegend

ANP 21 okt 2010  
AMSTERDAM (ANP) – Het Amsterdam Centre for Eastern Orthodox Theology (ACEOT) aan de Vrije Universiteit is donderdag ‘gedoopt’. Vier oosters-orthodoxe bisschoppen namen deel aan de inzegening.

Het was het eerste publieke optreden van de orthodoxe bisschoppenconferentie van de Benelux. Dat heeft de VU donderdag bekendgemaakt.

Voorafgaand aan de doop was een processie. De bisschoppenconferentie van de orthodoxe geloofsgemeenschap is eind mei van dit jaar opgericht. Het ACEOT is gewijd aan Maximus de Belijder, een kerkvader die leefde van 580 tot 662 en die bruggenbouwer was tussen Oost en West. Daarom werd een icoon van de heilige meegedragen tijdens de doop.

 

Ireneus van Lyon : Zijn tong ging los; hij sprak en zegende God

H.  Ireneus van Lyon (ca130-ca 208), bisschop, theoloog en martelaar
Tegen de ketterijen III, 10, 1

“Zijn tong ging los; hij sprak, en zegende God”

 

Ireneos van Lyon.jpg

Ireneus van Lyon

 

 Over Johannes de Doper lezen we in Lucas : “Hij zal groot zijn in de ogen van de Heer… en hij zal velen uit het volk van Israël tot de Heer, hun God, brengen. Als bode zal hij voor God uitgaan met de geest en de kracht van Elia … om zo het volk gereed te maken voor de Heer” (1,15-17). Voor wie heeft hij een volk gereed gemaakt, en voor welke heer was hij groot? Ongetwijfeld voor Degene die gezegd heeft dat Johannes “meer had dan een profeet” (Mt 11,9.11). Want hij bereidde een volk voor, door van te voren aan zijn mededienaren de komst van de Heer te verkondigen en door hen op te roepen tot bekering, opdat, als de Heer aanwezig zal zijn, ze dan allen klaar zijn om vergeving te ontvangen, om terug te komen bij Degene van wie ze vervreemd waren door hun zonde…

      Ja, “dankzij de liefdevolle barmhartigheid van onze God zal het stralende licht uit de hemel over ons opgaan en verschijnen aan allen die leven in duisternis en verkeren in de schaduw van de dood, zodat we onze voeten kunnen zetten op de weg van de vrede” (Lc 1,78-79). In die termen heeft Zacharias God op een nieuwe wijze gezegend, op het moment dat hij bevrijd werd en zijn stem weer had, die hij door zijn ongeloof was kwijtgeraakt, en op het moment dat hij vervuld werd door de Heilige Geest. Want alles was vanaf dat moment nieuw, door het feit dat het Woord door een nieuwe ontwikkeling, het doel van zijn komst in het vlees vervulde, opdat de mens, die van God was afgedwaald, door Hem weer tot de vriendschap met God gebracht werd. Daarom verkondigde deze mens om God op een nieuwe wijze te eren.

Bron:Dagelijksevangelie  www.evangelizo.org

De icoon van de opwekking van Lazarus

De icoon van de opwekking van Lazarus

 

Lazarus opwekking 11.jpg

(zie voor het verhaal: Evangelie van Johannes 11: 1-44)

We zien een ruimte, omgrensd door bergen, stadsmuren en architectonische elementen. Een vreemde werkelijkheid. Wat zijn dit voor een bergen, die daar machtig oprijzen – bedekt met het wit van de stilte? Wat zijn het voor een plaatsen, waar al die mensen vandaan komen? Het zwart doet vermoeden, dat zij in duisternis leven?

Het licht valt op de gestalte, in de opening van een grot. Van links komt een stoet mensen – volgelingen van Jezus. In het midden zien we een andere stoet: toeschouwers, een beetje terzijde. Jezus wordt begroet door twee vrouwen, die hem binnenhalen als een vorst: de ene smekend op haar knieën; de andere voorover in het stof, in aanbidding. Zij hebben in Jezus de Christus, de bevrijder herkend.

Waar zie jij jezelf staan: onder de volgelingen van Jezus?
Onder de mensen terzijde? Of bij de vrouwen in aanbidding?

Of herken jij jezelf in Lazarus: zó ingekapseld en gebonden, dat hij geen kant meer op kan? Dat is geen leven. Ze hebben Lazarus gebracht naar de plaats van zijn onmacht – de plaats waar je, menselijkerwijze gesproken – alle hoop moet laten varen.

Jezus kijkt geschokt: “Kom daaruit!”, roept hij. “Maak zijn windsels los!” Dat is de roep om op te staan, levend te worden, uít te komen.

Waar een mens de plaats van zijn onmacht bereikt, zal blijken of er zoiets bestaat als bevrijding, verlichting, genezing, een andere manier van kijken naar jezelf, naar de anderen, naar Christus – en wie hij was, wie hij is, wat hij doet:
zegenen – hen, die geen kant meer opkunnen.

Vooraan op de ikoon zien we twee harde werkers: zij lijken niet onder de indruk van het wonder. Ze doen wat gedaan moet worden: open dat graf. Weg met die steen. Is dat: geloven op gezag? De armen uit de mouwen: gewoon doen wat gedaan moet worden?

Bron : onbekend

Heilige Pelagia van Antiochië

De Heilige Pelagia van Antiochië, maagd en martelares (8 oktober)

 

Pelagia 8 oktober2.jpg

Heilige Pelagia

 

Zij leefde te Antiochië in de derde eeuw. Zij was van edele afkomst en had van God een natuurlijke schoonheid ontvangen naar lichaam en ziel. Toen de stadsgouverneur vernomen had dat ze christen was, stuurde hij soldaten om haar aan te houden. Deze omsingelden het huis en bereidden zich voor om het meisje met geweld aan te pakken. Zij kwam naar buiten en vroeg in alle kalmte of zij zich gedurende enkele ogenblikken mocht klaarmaken. Zij wist immers dat de soldaten er op uit waren om haar maagdelijkheid te schenden welke zij opdroeg aan de Heer. Zij ging in het oostelijk vertrek van het huis staan waar zij gewoon was te bidden. De handen opgeheven naar de hemel en in vele tranen uitgebarst, bad zij een lange tijd om God te vragen om bevrijd te blijven van zulk een schending en tot haar Heer te mogen komen met een ongeschonden lichaam en ziel. De Heer verhoorde haar gebed en gaf aan haar geweten de zekerheid dat het beter is, haar een vrijwillige dood te geven, eerder dan haar lichaam te laten besmeuren voor haar dood. Met deze zekerheid komende uit de hemel, smeet zij zich uit de bovenverdieping van het huis en liet op deze wijze haar ziel opgaan in de woning der gerechten.

 Bron: “Heiligenlevens voor elke dag” – uitgave Orthodox Klooster H. Johannes de Doper” – Den Haag

21e zondag na Pinksteren, 4e na de Kruisverheffing : “De parabel van de zaaier”

21e zondag na Pinsteren, 4e na de Kruisverheffing

Feest van de Vaders van het Zevende Oecumenisch Concilie

“De parabel van de zaaier”

 

zaaier2.jpg

LEZINGEN

Galaten 2,16-20

Aangezien wij weten dat de mens niet gerechtvaardigd wordt door de werken van de wet, maar alleen door het geloof in Jezus Christus, zijn ook wij in Christus Jezus gaan geloven, om gerechtvaardigd te worden door het geloof in Christus en niet door de werken van de wet, want door de werken van de wet zal geen mens gerechtvaardigd worden. Als wij nu, door onze gerechtigheid te zoeken bij Christus, ook zelf zondaars bleken te zijn, betekent dit dan dat Christus in dienst staat van de zonde? Dat nooit! Maar als ik weer opbouw wat ik heb afgebroken, maak ik mezelf tot overtreder. Want staande onder de wet ben ik gestorven voor de wet, om te leven voor God. Met Christus ben ik gekruisigd. Ikzelf leef niet meer, Christus leeft in mij. Mijn sterfelijk leven is een leven in het geloof in de Zoon van God, die mij heeft liefgehad en zichzelf heeft overgeleverd voor mij.

EVANGELIE

Lucas 7,11-16 :

Gelijkenis van het zaad
     Een grote menigte verzamelde zich en uit alle steden kwamen de mensen naar Hem toe. Toen vertelde Hij deze gelijkenis: ‘Een zaaier ging het land op om zijn zaad te zaaien. Bij het zaaien viel er een deel op het pad; het werd vertrapt en de vogels van de hemel aten het op. Een ander deel viel op rotsige bodem; het kwam wel op, maar het verdorde door gebrek aan vocht. Weer een ander deel viel tussen de distels, maar ook de distels groeiden op en ze verstikten het. En weer een ander deel viel in goede aarde; het kwam op en droeg honderdvoudig vrucht.’ En Hij besloot met de uitroep: ‘Wie oren heeft om te horen, moet horen.’
     Zijn leerlingen vroegen Hem wat de gelijkenis betekende. Hij zei: ‘Jullie is het gegeven de geheimen van het koninkrijk van God te kennen, maar* de anderen moeten het doen met gelijkenissen, opdat ze kijken, maar niet zien; horen, maar niet verstaan. Dit betekent de gelijkenis: het zaad is het woord van God. Die op het pad zijn zij die het woord horen, maar dan komt de duivel en pakt het weg uit hun hart om te voorkomen dat ze gaan geloven en gered worden. Die op de rotsige bodem zijn zij die het woord met vreugde aannemen wanneer ze het horen, maar ze hebben geen wortel; ze geloven enige tijd, maar op het moment van de beproeving worden ze afvallig. Wat in de distels valt zijn zij die horen, maar gaandeweg worden ze door zorgen, rijkdom en de genoegens van het leven verstikt en raken niet volgroeid. Wat in goede aarde valt zijn zij die het woord met een goed en edel hart horen en vasthouden, die volharden en vrucht dragen

 Lezingen voor het feest van de Vaders van het zevende oecumenisch concilie :

Hebr. 13,7-16

Johannes 17,1-13

Oecumenisch concilie - zevende.jpg

 

Vaders van het Zevende Oecumenisch Concilie

Conferentie door Archimandriet Symeon

+

CONFERENTIE

door ARCHIMANDRIET SYMEON (Cosec)

Higoumen van het klooster

van de Heilige Silouan (Le Mans)

 Zal er een lezing houden over de uitspraak die het leven van de

H. Silouan de Athoniet (+1938) bepaalde. 

 Symeon Archimandriet.jpg

Zaterdag 30 oktober 2010 om 15u30

“Houd uw geest in de hel en wanhoop niet”

Orthodoxe kerk H. H. Konstantijn en Helena

Ezelstraat  85, 8000 Brugge

Archimandriet Syméon is een gekende en zeer boeiende spreker en is de stichter en de higoumen (overste) van het orthodox klooster

van de Heilige Silouan in Frankrijk,

in Saints Mars-de -Locquenay nabij Le Mans.

  Voor meer informatie: tel. +32476499577

 

Ignatius van Antiochië : Wij zullen aan onze vruchten gekend worden

H. Ignatius van Antiochië (? – ca 110), bisschop en martelaar
Brief aan de Efeziërs, 13-15

Wij zullen aan onze vruchten gekend worden

 

Ignatius van Antiochië 125.jpg

Ignatius van Antiochië

 

 Zet uzelf ertoe om vaker bijeen te komen om God te danken en te loven. Want, wanneer u zich vaak verzamelt, worden de krachten van Satan verslagen en zijn werk aan de ondergang wordt vernietigd door de unanimiteit van uw geloof. Niets gaat er boven de vrede, die triomfeert over alle aanvallen die de hemelse en aardse krachten ons aandoen.

      Niets van dat alles is verborgen voor u, als u Jezus Christus een geloof en een volkomen liefde toedraagt, die het begin en het einde van het leven zijn: het begin is het geloof en het eind is de liefde. Die twee samen is God. Alle andere deugden die naar de volmaaktheid leiden komen voort uit deze twee eersten. Niemand die zijn geloof belijdt, zondigt; niemand die de liefde bezit, haat. “Men kent de boom aan zijn vruchten”; zo zal men aan de werken hen herkennen die belijden dat ze van Christus zijn. Want vandaag de dag is het werk dat van ons gevraagd wordt niet alleen een eenvoudige geloofsbelijdenis, maar om tot aan het einde in de praktijk van het geloof gevonden te worden.

      Het is beter te zwijgen en te zijn dan te spreken zonder te zijn. Het is goed te onderrichten, als degene die onderricht er naar handelt. Wij hebben niet slechts één meester, degene die “sprak en het was er” (Ps 33,9); zelfs de werken die Hij in stilte heeft gedaan zijn Zijn Vader waardig. Degene die werkelijk het woord van Jezus begrijpt, kan zelfs zijn stilte horen; dan zal hij volmaakt zijn: hij zal handelen door zijn woord en laat zich kennen door zijn stilte. Niets is voor de Heer verborgen; zelfs onze geheimen zijn Hem vertrouwd. Laten we dus alles in de gedachte doen dat Hij in ons blijft; zo zullen wij tempels zijn en Hij zal onze God zijn.

Bron:Dagelijksevangelie  www.evangelizo.org

Oecumensich Patriarch Bartholomeüs verwacht heropening priesterseminarie Halki

OECUMENISCHE PATRIARCH VERWACHT HEROPENING PRIESTERSEMINARIE HALKI

Patriarch Bartholomeus.jpg

 

Patriarch Bartholomeüs I

 

De oecumenische patriarch Bartholomeus Bron: Cathobel

BRUSSEL/WENEN (KerkNet/Kathpress) – De oecumenisch-orthodoxe patriarch Bartholomeus I van Constantinopel sprak in een gesprek met het Oostenrijkse katholieke persagentschap Kathpress zijn tevredenheid uit over de verbetering van de relaties met de Turkse overheid. Hij verwacht dat het priesterseminarie van Halki al in 2011 heropend wordt. De patriarch verwijst naar de recente uitspraken van vicepremier Bülent Arinc op de Turkse televisie. Die vertelde dat de christenen in Turkije het recht hebben eigen priesters en theologen op te leiden. Het seminarie van Halki is sinds 1971 gesloten. Generaties lang werden er orthodoxe priesters opgeleid.

Patriarch Bartholomeus I is meer dan vroeger overtuigd van de goede wil van de Turkse overheid. Daarbij verwijst hij naar het feit dat de Turkse overheid zondag aan 15 metropolieten van het oecumenische patriarchaat die in het buitenland actief zijn, de Turkse nationaliteit verleende. Dat gebaar is meer dan symbolisch, omdat de Turkse wet bepaalt dat de opvolger van de Oecumenische patriarch Bartholomeus I de Turkse nationaliteit moet bezitten. Turkije telt slechts 15 orthodoxe geestelijken. De helft daarvan is ouder dan zeventig jaar.

Bron : Kerknet

Tikhon van Zadonsk : De Weg

DE WEG

(Uittreksel van de spirituele schat door de heilige Tikhon van Zadonsk)

 

Tikhon van Zadonsk.jpg

 Tikhon van Zadonsk

Christenen ! ons leven is als een weg, die de ene gemeente met een andere verbindt, een stad met een andere. Ons leven is een weg die wij voortdurend volgen. Of wij slapen of wakker zijn, wij volgen hem altijd. Wij ontlenen het aan onze geboorte en wij verlaten het bij onze dood. Voor sommigen is deze weg zeer lang, voor anderen is hij zeer kort, maar wat het ook is, zijn einde is door niemand gekend. Wij weten niet wanneer wij ons levenseinde zullen bereiken. Zo heeft de Heer, die alles voorziet, besloten, opdat wij altijd zouden leven in de verwachting van het einde, en dat wij ons erop zouden voorbereiden.

Sommige wegen zijn breed en uitgestrekt, andere zijn smal en eng. Zo gaat het ook met de weg van ons leven. Maar laten we even onderzoeken wat deze wegen zijn, breed of smal, dan zullen wij weten tot welk doel de ene en de andere leidt.

Op de brede weg bevindt zich het ongeloof, op de smalle weg bevindt zich het levendig geloof. Op de brede weg de afwezigheid van vrees, op de smalle weg de vrees voor God. Op de brede weg de eigenwil en de ongehoorzaamheid, op de smalle weg de onderwerping en de gehoorzaamheid. Op de brede weg de eigenliefde zonder grenzen, op de smalle weg de liefde voor God en deb medebroeder. Op de brede weg de liefde voor de ijdelheden van de wereld, op de smalle weg de vlucht voor deze ijdelheden. Op de brede weg het zoeken van eerbetuiging, van glorie en rijkdom, op de smalle weg het misprijzen  van alle zakelijke dingen. Op de brede weg de luxe en de begeerlijkheid, op de smalle weg de matigheid, de vasten, de onthouding. Op de brede weg de hoogmoed en de praal, op de enge weg de nederigheid. Op de smalle weg de zonden en de ongerechtigheid, op de smalle weg de deugden. Op de brede weg de perversiteit, de echtbreuk en alle onzuiverheden, op de smalle weg de onschuld en de zuiverheid. Op de brede weg de dronkenschap en de onzedelijkheid, op de smalle weg de soberheid en de kuisheid. Op de brede weg de diefstal, de beroving, de plundering, het geweld en alle onrechtvaardigheden, op de enge weg de verwijdering van dit alles en de vervulling van de rechtvaardigheid. Op de brede weg, de woede, de razernij, de wrok, de wraak in daden en woorden, op de smalle weg het misprijzen van de wraak, de zachtheid en het geduld. Op de brede weg de hardheid, de woestheid en de wreedheid, op de smalle weg de barmhartigheid en het medelijden. Op de brede weg de laster, het misprijzen, het oordeel en de grove beledigingen aan de naaste, op de smalle weg het zich onthouden van dit alles in een redelijke stilte. Op de brede weg de leugen, de boosaardigheid, de list en de hypocrisie, op de smalle weg de onschuld en de woorden die overeenkomen met de gedachten. Op de brede weg de woorden, daden en gedachten  die tegengesteld zijn aan de wil van God, op de smalle weg het waarachtig berouw en haar vruchten, de goede daden.

Gij ziet dus, Christen, hoe de wegen van ons leven verlopen ! De brede weg is tegengesteld aan God. Ze zijn Hem onaangenaam. De smalle, enge weg daarentegen is Hem wel aangenaam, want hij komt tegemoet aan Zijn heilige wil. De brede weg leidt de mens naar de ondergang, terwijl de rechte weg leidt naar het leven.

Satan trekt ons allen mee en leidt ons naar de brede weg, maar Christus Redder, die heeft geleden en voor ieder van ons gestorven is, roept ons op om de smalle weg te volgen. Denk erover na ! Naar wie moet men luisteren, naar Christus of naar Satan ? Welke weg moet ik kiezen ? de brede weg die naar de ondergang leidt, of de smalle weg die naar het leven leidt ? Christus onze Heer wil je leiden naar het eeuwige leven. Hij die u liefheeft en u gered heeft. Maar Satan, uw vijand, wil je met hem leiden tot het verderf. Luister naar de woorden van uw Redder, die uw aandacht verdienen, hou ze vast in uw hart, en laat u erdoor leiden ! Wees aandachtig voor uzelf en voor wat ze zeggen : “Ga binnen door de smalle poort. Breed en uitgestrekt is de weg die naar de ondergang leidt, en velen gaan die weg op. Maar smal is de weg die naar het leven leidt, maar weinigen kunnen hem vinden” (Matth.7,13-14) En de heilige Apostel voegt er aan toe : “Men moet heel wat tegenkantingen doorstaan om het Koninkrijk der Hemelen binnen te gaan” (Hand.14,22). “Leid mij Heer, op Uw wegen, en ik zal in Uw Waarheid wandelen; opdat mijn hart zijn vreugde vindt in het vrezen van Uw Naam “(Psalm 85,11). En van zijn kant leert ons psalm 118 ons hoe wij moeten bidden, opdat de Heer Zelf ons Zijn weg zou leren kennen en ons er op verder leiden.

Vertaling : Kris Biesbroeck

Basilios de Grote (van Nazianze)

 

Heiligenleven

Heilige Basilios de Grote

Basilios de grote 254.jpg 

Basilios de Grote (van Nazianze)

De heilige Basilios de Grote stamde uit een geslacht van Martelaren en werd geboren kort nadat de vrede tussen Kerk en staat gesloten was. Het was een gezin waarvan niet minder dan vier kinderen tot de grote Heiligen behoorden : Makrina en haar broers Basilios, Gregorios van Nyssa en Petros van Sebaste. Basilios  geboren in 329 en niet ouder geworden dan 50 jaar, was zulk een imponerende persoonlijkheid dat hij reeds tijdens zijn leven ‘de Grote’ werd genoemd.

Toen hij als kind scheen te sterven aan een zware ziekte,beloofden zijn ouders hem aan de dienst van God te wijden wanneer hij genezen zou. Na zijn opvoeing in Caesarea voltooide hij zijn studie in Constantinopel, toenmaals het centrum van de beschaving. Daar leerde hij een medestudent Gregorios kennen, die evenzeer met al zijn kracht ernaar streefde om werkelijk christen te zijn, en deze twee werden  al spoedig door innige vriendschap verbonden. Na zijn studie werkte Basilios enige tijd als leraar, maar al spoedig volgde hij het voorbeeld van zijn heilige zuster Makrina, en trok zich, samen met Gregorios, in de eenzaamheid terug. Hij dacht diep na over het monniksleven, maakte grote reizen om de monniken van Egypte, Palestina en Mesopotamië te bezoeken, evenals de Kerken van Alexandrië, Jeruzalem en Antiochië. Zo stichtte hij zijn kloostergemeenschap in de buurt van het tegenwoordige Niksar. Reeds enkele jaren later, nog vóór 360, had zich daar een groep monniken gevormd. Het leven was er uiterst streng en zij leden grote armoede. Slechts aan de hulp van Basilios’moeder Emilia was het te danken dat zij nier van honger gestorven waren, schrijft Gregorios later.

Slechts enkele jaren heeft Basilios dir rustig leven geleid : de nood van de Kerk, die door geloofstwisten verdeeld werd, drong zich te zeer op aan zijn geest. Hij ging terug naar de stad, waar hij priester gewijd werd in 364, en nam de strijd op tegen de ariaanse ketterij. Reeds toen zag men hem als de eigenlijke bestuurder van de Kerk in Caesarea, en na de dood van bisschop Eusebios in 370 was Basilios de aangewezen opvolger. Met een enorme energie heeft hij de resterende negen jaren van zijn leven gewerkt. Hij is een van de geweldigste figuren onder de Kerkvaders door de diepte van zijn theologisch inzicht, door zijn grote geleerdheid die zich breed uitstrekte over alle terreinen van de menselijke kennis, door de ernst waarmee hij deze inzichten ook in zijn eigen leven tot gelding bracht, door zijn grote organisatorische gaven, en door zijn meeslepende welsprekendheid.

Voor zijn stadsgenoten bouwde hij ziekenhuizen, een melaatsentehuis, werkinrichtingen, gasthuizen, kerken en woningen in zulk een omvang, dat men humoristisch sprak over de ‘Basiliosstad’. Eijn intense bestudering van de Heilige schrift kwam tot leven in preken en commentaren, tegelijk populair en wetenschappelijk. Zijn beroemde serie toespraken over de schepping, de Hexameron (het Zesdagenwerk), leert ons veel over de stand van de natuurwetenschappen in die tijd. Zijn brieven met raadgevingen werden overgeschreven en overal verspreid, en worden ook nu nog uitgegeven. Hij was metropoliet over yheel Kappadocië, met nog vijftig kleine bisdommen onder zich, en ook daardoor had hij veel invloed. Met gloed bestreed hij de dwaalleer der Arianen die de Godheid van Christus loochenden en daardoor het wezen van de Kerk vernietigden. Deze rationalistische leer werd door veel keizers en machthebbers gesteund, waardoor het gevaar nog veel dreigender werd : een energieke verdediging van de waarheid was dringend noodzakelijk.

Daarbij komt nog zijn betekenis voor de ontwikkeling van het monnikenwezen. Basilios zette zich vooral in voor het gemeenschappelijk leven, omdat dit veel gemakkelijker recht doet aan de grondgedachte van het Christen-zijn dan het meer individuele kluizenaarsleben. Vanaf zijn 28e jaar tot aan zijn priesterwijding op zijn 40e was hij zelf monnik in het klooster van Annesi in Pontus. Maar vooral later, toen hij na vijf jaar tot bisschop was gewijd, schreef hij vele brieven aan allerlei kloostergemeenschappen naar aanleiding van kwesties betreffende zowel het geestelijk als het praktisch leven. De verzameling van deze brieven wordt wel de Basiliosregel genoemd, en vormt de grondslag van het orthodoxe monnikenwezen.

Ook op liturgisch vlak was hij actief . Een bepaalde wijze van viering draagt zijn naam en nog steeds voltrekken we op de zondagen van de Grote Vasten, op de vigiliedagen die voorafgaan aan de feesten van de Heer, en op deze dag de Basilios Liturgie (Liturgicon 106). Deze onderscheidt zich vooral door de uitvoerige Eucharistische Canon, die in bezielde taal heel de loop van het heilswerk schildert. In allerlei opzichten hebben wij dus veel aan deze Vader onder de Heiligen te danken, en in de Dienst van deze dag wordt zijn gedachtenis dan ook op unieke wijze gemangd met het feest van de Heer. Hij is gestorven in 379 (Feestdag 1 januari).

Uir : Heiligenlevens voor elke dag. Uitg. Orthodox klooster – Den Haag

20e zondag na Pinksteren en 3e na de Kruisverheffing

20e zondag na Pinksteren –

 

 

3e na de Kruisverheffing

 

“Opwekking van de jongeling van Naïm”

 Nahum opwekking van Naim2.jpg

Opwekking van de jongeling van Naïn 

Lezingen :

Galaten 1,11-19

Ik  verzeker u, broeders en zusters, het evangelie dat door mij is verkondigd, is niet door mensen 20e zondag na Pinksteren en 3e na de Kruisverheffinguitgedacht. Want ook ik heb het niet van een mens ontvangen of geleerd, maar door een openbaring van Jezus Christus.

Voorvallen uit Paulus’ leven
U hebt toch gehoord hoe ik vroeger als Jood geleefd heb: hoe ik de kerk van God fel vervolgde en haar trachtte uit te roeien; en hoever ik het gebracht heb in de Joodse godsdienst, vele leeftijdgenoten onder mijn volk overtreffend in mijn grenzeloze ijver voor de overleveringen van mijn voorouders. Maar toen God, die mij had uitgekozen, nog in mijn moeders schoot, en die mij heeft geroepen door zijn genade, besloot zijn Zoon aan mij te openbaren om Hem onder de heidenvolken te verkondigen, toen ben ik aanstonds, zonder een mens te raadplegen, zonder naar Jeruzalem te gaan, naar hen die eerder apostel waren dan ik, vertrokken naar Arabië en vandaar naar Damascus teruggekeerd.
Pas drie jaar later ben ik naar Jeruzalem gegaan om met Kefas kennis te maken, en ik ben veertien dagen bij hem gebleven. Van de andere apostelen heb ik niemand gezien, behalve Jakobus, de broer van de Heer.

Evangelie : Lucas 7,11-16

Opwekking van de zoon van een weduwe uit Naïn
    Naderhand ging Jezus naar een stad die Naïn heette; zijn leerlingen en een grote menigte gingen met Hem mee. Toen Hij de stadspoort naderde, werd er juist een dode uitgedragen, de enige zoon van een weduwe. Een talrijke menigte uit de stad was bij haar. Toen de Heer haar zag, was Hij ten diepste met haar begaan. ‘Huil niet’, zei Hij tegen haar. Hij liep naar de lijkbaar toe en raakte die aan. De dragers bleven staan en Hij zei: ‘Jongeman, kom overeind, zeg Ik je!’ En de dode ging rechtop zitten en begon te praten, en Hij gaf hem aan zijn moeder. Ontzag vervulde allen en ze prezen God. Ze zeiden: ‘Een groot profeet is onder ons opgestaan’, en: ‘God heeft naar zijn volk omgezien

Simeon de nieuwe Theoloog : Hoeveel te meer zal dan de hemelse Vader…..

H. Simeon de Nieuwe Theoloog (ca.949-1022), Griekse monnik
Hymnes, nr. 29

“Hoeveel te meer zal dan de hemelse Vader de Heilige Geest geven aan wie tot Hem bidden”

 

Simeon de neuwe theoloog + basilios.jpg

 

Simeon de Nieuwe Theoloog en Basilios de Grote

Waar komt U vandaan? Hoe komt U binnen,
ik bedoel : in mijn cel, die aan alle kanten gesloten is ?
Dit is immers vreemd en overstijgt woord en gedachte.
Maar dat U in mij komt,
plotseling en helemaal en U straalt,
U laat U zien in schittering.
Zoals de maan in zijn volle licht,
dat laat me zonder gedachte
en zonder stem, mijn God!
Ik weet best dat U degene bent die gekomen is,
om hen die in de schaduw zitten, te verlichten (Lc 1,79),
En ik ben stom van verbazing,
mijn gevoel en woorden worden me ontnomen,
U overstijgt de gehele schepping, de natuur en alle woorden …

Hoe is God buiten het universum
door zijn essentie en zijn natuur,
door zijn macht en zijn heerlijkheid,
en hoe woont Hij overal en in allen,
maar op een speciale wijze in de heiligen?
Hoe zet Hij zijn tent op in hen
op een bewuste en wezenlijke wijze
Hij die geheel voorbij de substantie is?
Hoe wordt Hij in de schoot gedragen?
Hij die de hele schepping bevat?
Hoe straalt Hij in hun hart,
dat vette hart van vlees?
Hoe is Hij hier in het innerlijk?
Hoe is Hij ook buiten alles?
En vult Hij het zelf met alles?
Hoe straalt Hij dag en nacht
zonder gezien te worden?

Zeg me zal de geest van de mens
al deze mysteriën bevatten
of zijn ze uit te drukken?
Zeker niet! Een engel, noch een aartsengel
zou het kunnen uitdrukken;
ze zijn er niet toe in staat
om u dat in woorden uit te drukken.
Het is dus Gods Geest die, omdat Hij goddelijk is,
alleen deze mysteriën kent
en die ze kent omdat Hij alleen deelneemt
aan de natuur, de troon en de eeuwigheid
met de Vader en de Zoon.
Het is dus aan hen voor wie deze Geest zal stralen
en met wie Hij in vrijheid verbonden zal zijn,
wat Hij op een onuitsprekelijke wijze toont…
Het is als met een blinde: als hij ziet,
dan ziet hij eerst licht
en vervolgens de gehele schepping,
die in dat licht is, oh wat een wonder!
Eveneens, zal degene die door de Heilige Geest
in zijn ziel verlicht is,
weldra de eenheid van het licht ingaan
en schouwt dat licht, het licht van God, ware God,
die hem alles toont, of liever, alles wat God besluit,
alles wat hij verlangt en wat hij wil.
Aan hen die Hij door het licht verlicht,
staat Hij toe om dat te zien
wat zich in het goddelijk licht bevindt.

Bron:Dagelijksevangelie  www.evangelizo.org