Heilige Felicitas

Heiligenleven

Der heilige Felicitas met haar zeven zonen

 

Felicitas.jpg

De heilige Felicitas met haar zeven zonen Januarios, Felix, Filippos, Silvanos, Alexandros, Vitalios en Martialis. Toen in Rome het net der vervolgingen zich nauwer rond hen sloot, deelde de weduwe Felicitas heel hun vermogen aan de armen uit. De teleurgestelde vervolger, die op haar verbeurde goederen uit was, liet uit wraak haar kinderen voor haar ogen de zwaarste martelingen verduren, maar evenals de moeder van de Makkaneeën moedigde zij haar zonen aan om uit liefde tot Christus alles standvastig te verduren en zo de hemelse kroon te winnen. Tenslotte werd ook zijzelf ter dood gebracht in 164.

Uit heiligenleven voor elke dag. Uitg.Orthodox klooster Den Haag

Cyrillus van Alexandrië:Als de graankorrel sterft, brengt ze rijke vruchten voort

H. Cyrillus van Alexandrië ((380-444), bisschop, Kerkleraar 
Commentaar op het boek Numeri 2 ; PG 69, 619 

Cyrillos van Alexandrië 159.jpg

 “Als de graankorrel sterft, brengt ze rijke vruchten voort”
   
  Christus, eerstgeborene van de nieuwe schepping… is na begraven te zijn geweest, verrezen. En Hij is opgestegen naar de Vader als een geweldig en schitterend offer, op een bepaalde manier als de eerstgeborene van het vernieuwde en onvergankelijke menselijk ras… Men zou Hem kunnen beschouwen als het symbool van de schoof van de gersteoogst, welke de Heer aan Israël heeft gevraagd om te offeren in de Tempel (Lv 23,9). Wat betekent dat?
      Men kan het menselijk ras vergelijken met een korenaren. Ze worden uit de aarde geboren, ze wachten om geheel uit te groeien en op een gegeven moment worden ze door de dood afgemaaid. Zo zei Christus het tegen zijn leerlingen: “Jullie zeggen toch: ‘Nog vier maanden en dan komt de oogst’? Ik zeg jullie: kijk om je heen, dan zie je dat de velden rijp zijn voor de oogst! De maaier krijgt zijn loon al en verzamelt vruchten voor het eeuwige leven, zodat de zaaier en de maaier tegelijk feest kunnen vieren” (Joh 4,35-36). Welnu Christus is onder ons geboren, Hij werd uit de heilige Maagd geboren zoals de korenaren uit de aarde komen. Soms noemt Hij zichzelf overigens de graankorrel: “Waarachtig, ik verzeker u: als een graankorrel niet in de aarde valt en sterft, blijft het een graankorrel, maar wanneer hij sterft draagt hij veel vrucht”. Zo heeft Hij zich op de wijze van een korenschoof voor ons geofferd aan zijn Vader en als de eerstelingen van de aarde.
      Want de korenaar, evenals wij zelf overigens, kan niet geïsoleerd beschouwd worden. Wij zien het in een schoof, gevormd door meerdere aren in één bundel. Jezus Christus is uniek, maar Hij verschijnt aan ons en Hij vormt werkelijk een soort van bundel, in die zin dat Hij alle gelovigen in zich bevat, natuurlijk in een geestelijke eenheid. Hoe zou de apostel Paulus zonder dat gegeven kunnen schrijven: “ze maken deel uit van hetzelfde lichaam samen met Hem (Ef 3,6)… Hijzelf richt zich overigens tot zijn Vader met deze woorden: “Laat hen allen één zijn, Vader. Zoals U in Mij bent en Ik in U, laat hen zo ook in Ons zijn, opdat de wereld gelooft dat U Mij hebt gezonden” (Joh 17,21). De Heer is dus de eerstgeborene van de mensheid die bestemd is om binnengehaald te worden in de graanschuren van de hemel.
Bron:Dagelijksevangelie  www.evangelizo.org

Pinksteren

PINKSTEREN

8e ZONDAG NA PASEN

pinksteren8.jpg

Pinksteren

Op een hoefijzervormige bank zitten de twaalf apostelen.
Links boven Petrus en rechtsboven Paulus.
Bovenin dalen vanuit het hemelsegment de stralen van de Heilige Geest neer op de groep van twaalf.

In het midden onderaan is een donker gewelf zichtbaar, waarin een koninklijk geklede gestalte staat. Hij heeft een witte doek uitgespreid met daarin twaalf evangelierollen. Het betreft de vertegenwoordiging van de kosmos, die het evangelie klaar houdt voor verspreiding over de wereld.

 

LEZINGEN :

Eerste lezing : Handelingen 2,1-11

Pinksteren
[1] Toen de dag* van Pinksteren aanbrak, waren zij allen op één plaats bijeen. [2] Plotseling kwam er uit de hemel een geraas alsof er een hevige wind opstak, en het vulde heel het huis* waar zij waren. [3] Er verschenen hun vurige tongen*, die zich verspreidden en zich op ieder van hen neerzetten. [4] Zij raakten allen vol van heilige Geest en begonnen te spreken* in vreemde talen, zoals de Geest hun ingaf.
     [
5] Nu woonden er in Jeruzalem vrome Joden, afkomstig uit ieder volk onder de hemel. [6] Toen dat geluid opkwam, liep de menigte te hoop en raakte in verwarring, omdat iedereen hen in zijn eigen taal hoorde spreken. [7] Ze stonden versteld en vroegen zich verwonderd af: ‘Maar dat zijn toch allemaal Galileeërs die daar spreken! [8] Hoe is het dan mogelijk dat ieder van ons de taal* van zijn geboortestreek hoort? [9] Parten* en Meden en Elamieten, en bewoners van Mesopotamië, Judea en Kappadocië, Pontus en Asia, [10] Frygië en Pamfylië, Egypte en het Libische gebied bij Cyrene, en hier woonachtige Romeinen, [11] Joden en proselieten, Kretenzen en Arabieren, wij horen hen in onze eigen taal spreken over de grote daden van God.’

EVANGELIE

Johannes 7,37-5. 8,12.

Stromen levend water
     [37] Op de laatste dag, het hoogtepunt van het feest, stond Jezus daar en riep: ‘Heeft* iemand dorst, laat hij dan naar Mij toe komen, en laat drinken [38] wie in Mij gelooft! Zoals de Schrift zegt: Uit zijn binnenste zullen stromen levend water vloeien.’ [39] Hiermee doelde Hij op de Geest die men zou ontvangen als men tot geloof in Hem kwam. Toen was de Geest er namelijk nog niet, omdat Jezus nog niet verheerlijkt* was.

Verdeeldheid onder de toehoorders
     [40] Onder het volk waren er die bij het horen van deze woorden zeiden: ‘Dit is werkelijk de profeet*.’ [41] Sommigen beweerden: ‘Hij is de Messias.’ Maar er waren er ook die zeiden: ‘De Messias komt toch niet uit Galilea*? [42] Zegt de Schrift niet dat de Messias uit het geslacht van David komt en uit Betlehem, de woonplaats van David?’ [43] Zo ontstond er verdeeldheid over Hem onder het volk. [44] Er waren er die Hem wilden grijpen, maar niemand sloeg werkelijk toe.

Ongeloof van de autoriteiten
     [45] Toen de gerechtsdienaren bij de hogepriesters en farizeeën terugkwamen, vroegen dezen: ‘Waarom hebben jullie Hem niet meegebracht?’ [46] De dienaars zeiden: ‘Nog nooit heeft een mens zo gesproken!’ [47] Waarop de farizeeën antwoordden: ‘Hebben jullie je ook al laten misleiden? [48] Heeft een van de leiders Hem geloof geschonken? Of iemand van de farizeeën? [49] Maar dat volk, dat de wet* niet kent, vervloekt zijn ze!’ [50] Nikodemus, de man die indertijd naar Jezus toe was gekomen, iemand uit hun eigen kring, merkte op: [51] ‘Sinds wanneer staat de wet ons toe iemand te veroordelen zonder hem eerst te horen en ons over zijn daden een oordeel te vormen?’ [52] Maar hij kreeg als antwoord: ‘Bent u soms ook een Galileeër? Zoek het maar na en u zult zien: uit Galilea komen geen profeten*!’

 [12] Weer richtte Jezus zich tot* hen: ‘Ik* ben het licht* van de wereld. Wie Mij volgt*, gaat zijn weg niet in de duisternis, maar zal het ware levenslicht bezitten.

Heilige Theodosios de Grote

Heiligenleven

 

De heilige Theodosios de Grote

 

Theodosios the cenobiarch.jpg

 

Theodosios de Grote – De eerste kenobiet

 

 De heilige Theodosios de Grote, de eerste Kenobiet. Als jongeman trok hij weg uit Kappadocië op bedevaart naar het heilig land, en ook om de beroemde woestijnvaders in Syrië te bezoeken. Zo kwam hij bij de heilige Simeon de Styliet, de Zuilbewoner, in de streek van Antiochië. Deze voorzegde hem dat hij aan het hoofd van veel kloosters zou komen te staan om veel zielen aan de macht van de duivel te ontrukken. Theodosios geloofde daar niet in, want heel zijn verlangen ging uit naar een geestelijk leven in volkomen eenzaamheid. Na een periode van opleiding leefde hij inderdaad geheel alleen in een grot bij een kleine oase, waar enkele dadelpalmen groeiden en waar wat groenten kon worden gekweekt. Bij de schaarse contacten met bezoekers bleek echter dat hij de gave van geestelijke leiding bezat, en toen hij, na lang aandringen van hun zijde, eenmaal enkelen van hen als leerling had aanvaard, was de toevloed van nieuwe zoekenden niet meer tegen te houden. Er ontstond een grote gemeenschap waarvoor Theodosios een kerk moest bouwen, verschillende monnikshuizen, een hospitaal en een groot gastenhuis. Zo ontstond het eerste klooster dat werd ingericht volgens de ideeën van de heilige Basilios, waarbij werd uitgegaan van een gemeenschappelijk leven. God zegende zichtbaar deze levenswijze, want hoewel de toekomst er vaak dreigend uitzag door de armoede van de grond die niet in staat was te voorzien in de behoeften van zulk een menigte broeders, nog vermeerderd door grote aantallen armen en pelgrims, werd het dreigend gebrek telkens weer afgewend door de gebeden van de heilige, waardoor de voorraden vaak op wonderbare wijze werden aangevuld. Veel monniken uit zijn klooster werden ook gekozen als bisschop, of als abten van andere kloosters, zodat de voorspelling van de heilige Simeon letterlijk in vervulling ging. Door dit alles werd Theodosios een man van gezag, ook op kerkelijk terrein, en speelde hijn ook een beslissende rol in de strijd tegen de ketterijen van Eutyches en de Monofysieten. Daarom werd hij ook door de keizer in ballingschap gezonden, maar deze gedwongen ontberingen konden zijn lichaam niet breken dat door zoveel vrijwillige askese was gehard. Hij stierf, 105 jaar oud in 529 en werd met grote eerbied begraven in de grot waarin hij zo lang had geleefd.

Uit : heiligenlevens voor elke dag.Uitg.Orth.klooster Den Haag

Gregorius de Grote : Wij komen bij Hem wonen

H. Gregorius de Grote (ca. 540-604), paus en Kerkleraar 
Homilie over het Evangelie, nr. 30 
 

Gregorius de grote8.jpg

“Wij komen bij hem wonen”

 
     “Mijn Vader zal hem liefhebben en mijn Vader en Ik zullen bij hem komen en bij hem wonen.” Denk er aan lieve vrienden, wat voor een feest het is om God in ons hart te mogen ontvangen! Als een rijke en machtige vriend bij u zou komen, zal uw huis uiteraard goed gepoetst zijn, opdat niets zijn blik zou kunnen choqueren als hij binnenkomt. Wie het verblijf van God in zijn ziel voorbereidt, zou het vuil van slechte handelingen moeten verwijderen.
      Let eens op wat de tekst zegt: “Mijn Vader en Ik zullen bij hem komen en bij hem wonen”. Want het kan gebeuren bij het hart van sommigen dat Hij er niet zijn verblijf van maakt. Als ze daarover wroegingen hebben, zien ze hoe God kijkt; maar zo gauw de verleiding komt, vergeten ze het onderwerp van hun voorafgaande spijt en vallen ze terug in hun zonden, alsof ze daarover nooit getreurd hadden.. In een hart daarentegen dat werkelijk van God houdt en dat de geboden onderhoudt, komt de Heer en maakt er zijn woning van. Want de liefde van God vult haar helemaal op het moment van verleiding. Dus wie het niet toestaat dat zijn ziel gedomineerd wordt door slecht vermaak, houdt werkelijk van God… Vandaar de precisering: “Wie Mij niet liefheeft, houdt zich niet aan mijn woorden”. Onderzoek uzelf zorgvuldig, mijn geliefde vrienden; vraag uzelf af of u werkelijk van God houdt. Maar vertrouw niet op het antwoord van uw hart zonder het met uw daden te vergelijken.
Bron:Dagelijksevangelie  www.evangelizo.org

Oecumenisch patriarch huldigt christelijke kerk in Turkije in

OECUMENISCHE PATRIARCH HULDIGT CHRISTELIJKE KERK IN TURKIJE IN

De oecumenische patriarch Bartholomeus Bron: Orthobel

BRUSSEL (KerkNet/RadVat) – De oecumenische patriarch Bartholomeus van Constantinopel leidt zondag de herinhuldiging van een christelijk kerkje. De vervallen orthodoxe kerk werd gerestaureerd op kosten van het stadsbestuur van Gülsehir in Cappadocië. Dat is uitzonderlijk omdat de kosten van kerkgebouwen in principe door de Turkse staat of de christelijke kerken zelf worden gedragen. Voor de plechtigheid van zondag worden orthodoxen uit heel Turkije en zelfs Griekenland verwacht. Gülsehir ligt niet ver van de Griekse grens. Vele Griekse inwoners uit de streek werden in 1923 door de Ottomanen gedwongen om de regio te verlaten en zich in de streek van Thessaloniki te vestigen. 

Hilarius van Poitiers : Over de heilige Drievuldigheid

H. Hilarius (ca 315-367), bisschop van Poitiers, Kerkleraar 

Hilarion van Poitiers.jpg

Hilarius van Poitiers

Over de Drievuldigheid  
“Dit is het werk van God: dat u gelooft in Hem, die Hij gezonden heeft”
      Het is aan U om het gevraagde te geven, het gezochte te laten vinden en waar geklopt wordt open te doen. Wij lijden immers aan geestelijke traagheid die ons van nature eigen is; door de zwakheid van ons verstand … begrijpen wij niets van U…. Wij hopen dus dat Gij ons bij het begin van deze moeilijke onderneming aan wilt moedigen; dat Gij ons sterkt door een gestadige vooruitgang; dat Gij ons laat delen in de geest van de apostelen en de profeten, zodat wij hun woorden niet anders verstaan dan hoe ze bedoeld zijn…
      Wij willen gaan spreken over de dingen die zij als mysteries verkondigd hebben. Over U eeuwige God, de Vader van de eeuwige en eniggeboren God; over U, de enige die niet geboren is, en over de enige Heer, Jezus Christus, die door de eeuwige geboorte uit U voortgekomen is. Wij mogen van Hem geen tweede God maken vanwege een verschil dat er werkelijk is; wij mogen evenmin beweren dat Hij niet voortgekomen is uit U, die de enige God zijt; we mogen niet verkondigen dat Hij anders is dan de ware God, want Hij is geboren uit U die de Vader zijt en ware God.
      Leer ons dus de betekenis van de woorden, schenk ons het licht van inzicht…, en het geloof in de waarheid. Geef dat hetgeen we geloven ook uitspreken…: dat U die ene God en Vader bent, en Jezus Christus, de ene Heer. Laat ons U eren, mijn God, geef ons het vermogen om Hem te verkondigen, Hij, ware God. 

Heilige Godelieve van Gistel

 

Heiligenleven

 

Godelieve van Gistel.

 

 

godelieve.jpg

 

 

Godelieve van Gistel is wellicht één van meest vereerde Vlaamse Heiligen geweest. Veel lol aan haar korte leven heeft ze in elk geval niet gehad.
Zij leefde in de tweede helft van de 11de eeuw. Ze stamde uit een adellijke familie in het graafschap Boulogne en stond bekend voor haar liefdadigheid.
Heel jong nog werd ze uitgehuwelijkt aan Bertulf van Gistel.
Een verstandshuwelijk, geregeld door de ouders, en waarbij niet gevraagd werd naar de mening van de aanstaanden. Een groter contrast dan tussen het verfijnde beschaafde meisje en het ruwe volk uit de kuststreek was nauwelijks denkbaar.
Al van bij het begin loopt alles verkeerd. Deze man moest niets van haar hebben en hij blijft afwezig op het drie dagen durende huwelijksfeest en haar schoonmoeder vat voor haar een niets ontziende haat op.
Eenzaamheid en vernedering worden haar dagelijks lot. Van een normaal huwelijksleven is er geen sprake. Bertulf ziet naar zijn vrouw niet om.
Hij blijft op de ouderlijke burcht wonen, terwijl hij Godelieve laat verbannen naar zijn moeder.
Daar wordt ze ondergebracht in de hoeve, bij het dienstvolk. Hier werd ze slechter behandeld dan de minste dienstmeid.

Het lukte Godelieve weer naar haar ouderlijke huis te vluchten, waarop haar ouders een klacht indiende bij de bisschop van Doornik en de graaf van Vlaanderen. Daarop moest Bertolf haar terug nemen en goed behandelen. Dat deed Bertolf, maar achter een sluier van schijn zon Bertolf evenwel op een list om toch van haar af te komen.
Er werd een ongeluk in scène gezet op een korte reis naar Brugge. Toen Bertolf even afwezig was werd Godelieve in zijn opdracht op 6 juli 1070 door zijn knechten gewurgd en in een put gedumpt.
Bertolf liet haar begraven in de kapel en een korte tijd later hertrouwde hij en kreeg bij zijn tweede vrouw een blindgeboren dochter. Toen de moeder van het kind na 13 jaar ook overleed en eveneens werd begraven in de kapel naast Godelieve sloop het kind op zekere dag de kapel in. Zij knielde op één van de twee graven en smeekte de hemel om haar zicht terug terug te krijgen. Nadat het wonder geschiedde constateerde dat ze niet op moeders graf maar op de grafsteen van Godelieve had geknield.
Bertolf die het wonderlijk verhaal hoorde, trok het boetekleed aan, kwam tot inkeer en ondernam vele pelgrimstochten om zijn laatste dagen in klooster te slijten.

Op 30 juli 1084 werd Godelieves gebeente door de bisschop van Doornik uit haar graf gelicht en op het altaar in de kerk van Gistel geplaatst, de toen gebruikelijke procedure van heiligverklaring. Nog steeds wordt de verering van Godelieve in stand gehouden en aan het putwater van Gistel wordt geneeskracht toegeschreven.

Bron : http://www.stedeninfo.be/Westvlaanderen/Gistel/Godelieve.htm

Clemens van Alexandrië : Terstond landde de boot aan de kust

Clemens van Alexandrië (150-rond 215), theoloog 
De Pedagoog, III, 12, 101 

Clemens Von Alexandrien.jpg

Clémens van Alexandrië
“Terstond landde de boot aan de kust”
   
  Laten we tot het Woord bidden, tot het Woord van God: wees genadig voor uw kinderen, Meester, Vader, gids van Israel, Zoon en Vader, één en twee tegelijkertijd, Heer! Maak dat wij uw geboden navolgen, om te komen tot de volle gelijkenis van het beeld (Gn 1,26), om de goedheid van God en de rechter zonder hardheid te begrijpen naar ons eigen vermogen. Geef ons uzelf: om in uw vrede te leven, om in uw stad gebracht te worden, om door te gaan zonder ten onder te gaan in de stormen van de zonde; om mee genomen te worden naar de rustige wateren van de Heilige Geest; door de onuitspreekbare Wijsheid. Maak dat wij dag en nacht tot aan de laatste dag de Enige –Vader en Zoon, Zoon en Vader, Zoon, Pedagoog (1Kor 4,15) en Meester en tegelijkertijd de Heilige Geest, danken en loven.
      Alles is van de Enige, in wie alles is, door wie alles één is, door wie de eeuwigheid is, van wie wij allen ledematen zijn (1Kor 12,27). Aan Hem zij de heerlijkheid en de eeuwen; alles voor de Goede, alles voor de Schone, alles voor de Wijsheid, alles voor de Rechtvaardige! Aan Hem zij de glorie nu en in de eeuwen der eeuwen, amen!

Bron:Dagelijksevangelie  www.evangelizo.org

Jacobos van Nisibis

Heiligenleven

De heilige Jacobos van Nisibis

 

 

Jacobos van Nisibis.jpg

 Jacobus van Nisibis

 

De heilige Jacobos van Nisibis (Mesopotamië) leefde in de woestijn onder strenge vasten en onophoudelijk gebed. Hij werd  echter naar de stad gehaald om bisschop te worden van Nisibis (Nusaybin), dat onder zijn bestuur een belangrijk christelijk centrum werd, waar ook de heilige Efraïm is gevormd. Hij wordt nog steeds geëerd als een der grootste predikers van de Syrische kerk, die zovele beroemde redenaars en dichters heeft voortgebracht. Er staan vele geschriften op zijn naam; hij nam ook deel aan het eerste Oecumenisch Concilie van Nicea. Op zijn gebed werd de stad bevrijd toen deze ingesloten was door het overmachtige leger van de Perzische koning Sapor : de belegering moest worden opgebroken door een heftige muggenplaag. Jacobuis is gestorven in 350.

 

Uit : Heiligenleven voor elke dag : uitg. orth. klooster – Den Haag