Dit is een privé christelijke blog van Kris Biesbroeck, Licentiaat Theologie en filosofie. De inhoud van blog : Theologie, filosofie, Kerkvaders, Heiligenlevens, Exegese, Augustinus,enz… Alles wat sinds 2007 op de site is verschenen kan hier teruggevonden worden bij de Categorieën (bij het begin van de site) HET ADRES VAN DE SITE IS : CHRISTELIJKEINFORMATIEBRON.WORDPRESS.COM.
Valaam Monastery : De zaligsprekingen
H. Efraïm (ca. 306-373), diaken in Syrië, Kerkleraar
Hymne 7 op de Maagd

Efraïm de Syrier
“Ze loofden God, en zongen Hem lof, om al wat ze hadden gehoord en gezien”
Komt wijzen, laten we de Moeder Maagd bewonderen, de dochter van David,deze schone bloem die het wonder gebaard heeft. Laten we de bron bewonderenwaaruit de fontein opspringt, de boot beladen met vreugde die ons de boodschapvan de Vader komt brengen. In haar zuivere schoot heeft zij de grote God, dieheerst over de schepping, ontvangen en gedragen, deze God door wie de vrede opde aarde en in de hemel heerst. Kom laten we de zuivere Maagd, die in haarzelfwonderbaarlijk is, bewonderen. Zij is de enige onder de schepselen die gebaardheeft, zonder een man gekend te hebben. Haar ziel was vol met bewondering enelke dag verheerlijkte zij God in de vreugde voor de gaven die leken zich niette kunnen verenigen: haar maagdelijkheid en haar geliefde kind. Ja, gezegendis Degene die uit haar geboren is.
Zij draagt Hem en zij zingt zijn lofzangen met zoete liederen… :”Jouw plaats, mijn zoon, is boven allen; maar, omdat jij het hebt gewild, hebjij je een plaats in mij gemaakt. De hemelen zijn te klein voor jouwmajesteit, en ik, kleine mens, draag jou! Moge Ezechiël komen en jou op mijnknieën zien zitten; dat hij zich buigt en jou aanbidt; dat hij Diegene erkentdie hij zag zetelen op de wagen met de cherubijnen (Ez1) en dat hij mijgelukzalig verklaart, dankzij Hem die ik draag! Jesaja die verkondigde: “Ziede Maagd ontvangt en baart een zoon” (7,14), kom, beschouw mij, verheug u metmij… Zie ik heb gebaard en het zegel van mijn maagdelijkheid intactgehouden. Kijk naar Emanuel die vroeger voor u verborgen bleef…
“Komt tot mij wijzen, zangers van de heilige Geest, profeten die in uwvisioenen de openbaring hebt gehad van verborgen werkelijkheden, akkerbouwersdie, na gezaaid te hebben, in de hoop ingeslapen bent. Sta op, jubel vanvreugde bij het zien van de oogst. Zie in mijn armen de korenaar van hetleven, die brood geeft aan de hongerigen, die de armzaligen vervult. Verheug umet mij; ik heb de schoof van vreugde ontvangen!”
Bron:Dagelijksevangelie www.evangelizo.org
Agios o Theos (Heilige God)
3e zondag na Pinksteren
(zondag 24 juni – voor de tweede zondag : zie hieronder)
Geboorte van Johannes de doper

Geboorte Johannes de Doper
Eerste lezing :
Rom.13.12 en 14.4
Draag bij voor de noden van de heiligen, leg u toe op gastvrijheid.. [4] Wie ben jij, dat je jezelf een oordeel aanmatigt over de knecht van een ander? Of hij staat of valt, gaat alleen zijn heer aan. Hij zal trouwens staande blijven, want zijn heer is bij machte hem staande te houden.
Evangelie :
[1] Velen * hebben zich er al toe gezet het verhaal te doen van wat zich bij ons heeft voltrokken, [2] aan de hand van de overlevering van de oorspronkelijke ooggetuigen die dienaar van het woord zijn geworden. [3] Nu heb ook ik besloten alles van voren af aan nauwkeurig na te gaan en voor u, geachte Teofilus, ordelijk op schrift te stellen, [4] zodat u zich kunt overtuigen van de betrouwbaarheid van de berichten die u hebt ontvangen.
Aankondiging van de geboorte van Johannes
[5] In de dagen van Herodes, de koning van Judea*, was er een priester, Zacharias genaamd, die behoorde tot de afdeling* Abia. Ook zijn vrouw stamde af van Aäron, en haar naam was Elisabet. [6] Beiden waren rechtvaardig in Gods ogen en leidden een onberispelijk leven, geheel volgens de geboden en voorschriften van de Heer. [7] Zij hadden geen kinderen, want Elisabet was onvruchtbaar, en beiden waren ze al op jaren.
[8] Eens, toen Zacharias met zijn afdeling aan de beurt was om als priester dienst te doen voor Gods aangezicht, [9] werd hij, volgens priesterlijk gebruik, door loting aangewezen om het heiligdom van de Heer binnen te gaan en het reukoffer te brengen. [10] Tijdens het offer stond heel het volk buiten te bidden. [11] Toen verscheen hem een engel van de Heer, rechts van het offeraltaar. [12] Zacharias raakte in verwarring toen hij hem zag en werd door vrees overvallen. [13] Maar de engel zei tegen hem: ‘Schrik niet, Zacharias, want uw gebed is verhoord; uw vrouw Elisabet zal u een zoon baren, die u de naam Johannes moet geven. [14] Hij zal u vreugde en blijdschap brengen. Om zijn geboorte zullen zich velen verheugen, [15] want hij zal groot zijn in de ogen van de Heer. Wijn en sterke drank zal hij niet drinken, met heilige* Geest zal hij vervuld worden, al in de schoot van zijn moeder. [16] Vele Israëlieten zal hij bekeren tot de Heer hun God. [17] Hij zal voor Hem uit gaan in de geest en de kracht van Elia, om het hart van de vaders te keren naar de kinderen, en ongehoorzamen tot de houding van rechtvaardigen, en zo voor de Heer een volk in gereedheid te brengen.’ [18] Daarop zei Zacharias tegen de engel: ‘Hoe kan ik daar zeker van zijn? Ik ben een oude man en mijn vrouw is al op jaren.’ [19] De engel gaf hem ten antwoord: ‘Ik ben Gabriël, die God terzijde staat. Ik ben gezonden om met u te spreken en u dit heuglijke nieuws te brengen. [20] Maar u zult zwijgen en niet kunnen spreken tot de dag waarop dit gebeurt, omdat u mijn woorden niet hebt geloofd; maar die zullen op hun tijd in vervulling gaan.’
[21] Het volk stond op Zacharias te wachten en verbaasde zich erover dat hij zo lang in het heiligdom bleef. [22] Toen hij naar buiten kwam kon hij niet tot hen spreken, en ze begrepen dat hij in het heiligdom een verschijning had gezien. Hij maakte gebaren naar hen en bleef stom. [23] Zodra zijn tempeldienst was afgelopen ging hij naar huis.
[24] Niet lang daarna werd zijn vrouw Elisabet zwanger. Zij hield zich vijf maanden lang verborgen. Ze zei: [25] ‘Dit heeft de Heer voor mij gedaan, toen Hij zich mijn lot aantrok en mijn smaad* onder de mensen wegnam.’
Geboorte en naamgeving van Johannes; Zacharias’ profetie
[57] Voor Elisabet was de tijd gekomen dat ze moest bevallen, en ze baarde een zoon. [58] Haar buren en haar familie hoorden hoe barmhartig de Heer voor haar was geweest, en ze deelden in haar vreugde. [59] Een* week later kwamen ze het kind besnijden, en ze wilden hem de naam van zijn vader Zacharias geven. [60] ‘Nee,’ zei zijn moeder, ‘hij moet Johannes genoemd worden.’ [61] Ze zeiden tegen haar: ‘Die naam komt in de familie toch niet voor.’ [62] Ze wenkten zijn vader, en vroegen hoe hij hem wilde noemen. [63] Hij vroeg om een schrijftafeltje en schreef daarop: ‘Zijn naam is Johannes.’ En iedereen was verbaasd. [64] Maar op hetzelfde moment kon hij zijn mond en zijn tong weer bewegen, en hij prees God. [65] De hele buurt werd door ontzag bevangen, en in heel het bergland van Judea werd dit alles druk besproken. [66] Het hield allen die ervan hoorden bezig, en men vroeg zich af: ‘Wat zal er wel niet worden van dit kind?’ Want onmiskenbaar rustte de hand van de Heer op hem. [67] Zijn vader Zacharias werd vervuld met heilige Geest en profeteerde:
|
[68] |
‘Gezegend* de Heer, de God van Israël,
[80] De jongen groeide op en werd steeds sterker door de Geest; hij verbleef in eenzame streken tot de dag waarop hij zich aan Israël vertoonde. |
|||
.
.
Johannes Chrysostomus (ca. 345-407), bisschop van Antiochië, daarna vanConstantinopel, Kerkleraar
Homilie 63 over Mattheus ; PG 58, 603s

“Wat moet ik doen, om het eeuwige leven te verkrijgen?”
Het was geen middelmatige ijver die de jongeman toonde; hij was als eenverliefde. Terwijl de meeste mensen Jezus benaderden om Hem op de proef testellen of om Hem te spreken over hun ziekte, of van die van hun ouders ofandere mensen, naderde hij om zich met Hem te onderhouden over het eeuwigeleven. De grond was rijk en vruchtbaar, maar het was nog vol met doornstruikendie de zaadjes konden verstikken (Mt 13,7). Zie hoe hij zeer bereid is om aande geboden te gehoorzamen: “Wat moet ik doen om het eeuwig leven teverkrijgen?”… Geen enkele farizeeër had ooit zulke gevoelens; ze wareneerder woedend omdat ze tot stilte gemaand werden. Onze jongeman vertroktreurig met neergeslagen ogen, dat is een teken dat hij niet gekomen is metslechte bedoelingen. Hij was alleen te zwak; hij wenste het Leven, maar eenzeer moeilijke hartstocht die hij moeilijk kon overwinnen, hield hemtegen…
“Ga heen, verkoop wat je bezit, en geef het aan de armen; en je zult eenschat in de hemel bezitten. Kom dan, en volg Mij. Maar toen hij die woordenhoorde, ging hij treurig heen…” De evangelist toont wat de oorzaak is vandeze droefheid: “hij had veel bezittingen”. Zij die weinig hebben en zij diezwemmen in overvloed bezitten hun eigendommen niet op dezelfde manier. Bij delaatsten kan gierigheid een gewelddadige en tirannieke hartstocht zijn. In hensteekt elk nieuw bezit een levendiger vlam aan, en zij die erdoor zijnaangetast, zijn armer dan tevoren. Ze hebben meer verlangens en toch voelen zesterker hun zogenaamde tekorten. Zie in ieder geval hoe die hartstocht zijnkracht toont … “Hoe moeilijk toch zullen zij, die rijkdommen bezitten, hetkoninkrijk Gods binnengaan!” Niet dat Christus de rijken veroordeelt, maareerder het bezit van rijkdommen.
Bron:Dagelijksevangelie www.evangelizo.org
Heiligenleven
De heilige Meletios

De heilige Meletios, aartsbisschop van Antiochië, stamde uit een det voornaamste families van Melitene, de hoofdstad van Klein-Armenië. Vanaf zijn jonge jaren was hij geneigd tot gebed en hij had een echt studiehoofd. Zijn oprechte hartelijkheid en vredelievendheid, zijn begrip voor het standpunt van anderen, wonnen waardering bij arianen zowel als orthodoxen. Daarom werd hij gekozen tot bisschop van Sebaste, maar dit kon de merendeels ariaanse bevolking niet verkroppen, zodat hij te maken kreeg met hardnekkige tegenwerking. Hij deed daarom afstand en trok zich terug in de eenzaamheid. Na allerlei twisten werd meletios tot aartsbisschop gekozen van Antiochië, maar toen hij te zeer de orthodoxe leer verkondigde over de godheid van Christus, werd hij reeds na een maand in ballingschap gezonden. Bij het begin van de regering van keizer Juliaan, kon hij naar zijn zetel terugkeren, maar toen deze het heidendom weer wilde invoeren, verzette Meletios zich daartegen met zoveel overtuiging, dat hij al spoedig opnieuw in ballingschap moest gaan.
In de verwarde tijden die volgden, werd hij hethaalde malen op zijn troon hersteld en in ballingschap gezonden, terwijl intussen een nieuwe bisschop, Paulinos, werd benoemd. De beroemde heilige kerkvaders uit die tijd, Basilios, Johannes Chrysostomos, Gregorios van Nazianze en gregorios van Nyssa, schaarden zich achter Meletios, maar deze toonde zijn vreedzame gezindheid door aan te bieden de zetel te delen met Paulinos. Er moesten nog grotere moeilijkheden overwonnen worden, maar tenslotte werd dit aanbod aanvaard. Hij werd voorzitter van het concilie van Antiochië in 379, waar de dwalingen van Appolinaris werden veroordeeld, zonder diens naam te noemen.
Toen hij in 381 voorzitter was van het tweede Oecumenisch Concilie van Constantinopel, overleed hij, door iedereen betreurd.
Uit : Heiligenlevens voor elke dag. Uitg. Orth.klooster. Den Haag
Our Father (Multi-national)
Clemens van Alexandrië (150-rond 215), theoloog
De Pedagoog, I, 12, 17: SC 70

Clemens van Alexandrië
“Het rijk der hemelen is voor hen, die zijn zoals zij”
De rol van Christus, onze Pedagoog, is er zoals zijn naam aangeeft, omkinderen te leiden. Er moet gekeken worden over welke kinderen het Evangeliewil spreken, om vervolgens aan hen hun Pedagoog te geven. Wij zijn diekinderen. De Schrift viert ons op vele manieren; zij bedient zich vanverschillende beelden om het ons te duiden en op duizenden tonen van deeenvoud van het geloof. In het Evangelie wordt gezegd: “Jezus stond aan deoever en richtte zich tot de leerlingen: “Kinderen, hebben jullie iets teeten?” (Joh 21, 4-5). Hij noemde zijn leerlingen kinderen. “De mensen brachtenkinderen bij hem, ze wilden dat hij hun de handen op zouden leggen en zoubidden. Toen de leerlingen hen wegduwden, zei Jezus: “Laat de kinderen metrust, belet ze niet om bij Me te komen, want het Koninkrijk der hemelenbehoort toe aan wie is zoals zij”. De Heer zelf verklaart de betekenis van datwoord, door te zeggen: “Als je niet verandert en wordt als een kind, dan zulje het koninkrijk van de hemel zeker niet binnengaan” (Mt 18,3). Dat wijstniet op herstel, maar stelt ons de navolging van de eenvoud van kinderenvoor…
Zij die God slechts kennen als hun Vader, kan men werkelijk kinderennoemen – pasgeboren, eenvoudig en zuiver… Ze zijn wezens die vooruitgaan inhet woord, die hen uitnodigen om zich los te maken van de zorgen vanhierbeneden om alleen naar hun Vader te luisteren, zoals kleine kinderen datdoen. Daarom zegt Hij tegen hen: “Maak u geen zorgen voor de dag van morgen.Elke dag heeft genoeg aan zijn eigen last” (Mt 6,34). Zo roept Hij ons op omons van zorgen van hierbeneden te bevrijden om ons alleen aan onze Vader tehechten. Hij die dit gebod uitvoert, is werkelijk een pasgeborene, een kindvoor God en voor de wereld, want deze beschouwt hem als onwetend en de anderals het onderwerp van zijn tederheid.
Bron:Dagelijksevangelie www.evangelizo.org
Heiligenleven
De heilige Hermogenes

Hermogenes heilige
De heilige Hermogenes, patriarch nvan Moskou en geheel Rusland. Hij was een geestelijk schrijver, theoloog, biograaf van Heiligen, historicus, publicist. Bovendien was hij een geestelijk leidsman, een starts, een krachtige figuur in een tijd van beroeringen, een vurig verdediger van de Orthodoxie, een redder van Rusland en tenslotte een martelaar. Tijdgenoten roemden zijn wijsheid, zijn intelligentie, zijn diepe begrip en zijn helder verstand. Hij had een diep inzicht in de dingen die hij ondernam en die hij moest regelen. Zijn opvoeding en zijn voortdurende studie maakten hen tot een van de meest ontwikkelden van zijn tijd. Bij dit alles was hij begiftigd met een groot literair talent.
Hij was zich van dit alles bewust en voelde diep de verantwoordelijkheid voor het gebruik van deze, hem door God toevertrouwde talenten. En behalve door zijn publicaties oefende hij invloed uit door een uitgebreide briefwisseling. Hij was geboren rond 1530 en op vijftigjarige leeftijd schreef hij zijn eerste grotere werk over de Verschijning van de Moeder Gods Ikoon te Kazan, die een jaar tevoren, in 1579, had plaatsgegrepen. Verder schreef hij de levens van de heilige bisschoppen van Kazan, zijn eigen stad. Hij schrijft levendig, neemt afstand van de sinds enkele eeuwen ingevoerde schetsmatigheid in de hagiografie en vermeldt niet alleen de gebeurtenissen maar brengt ze ook in logisch verband met de omstandigheden.
In 1606, toen hij dus reeds meer dan zeventig jaar oud was, werd Hermogenes tot Patriarch gekozen in een tijd dat Rusland in grote nood verkeerde door de voortdurende invallen van Polen en Litauers. Hij trachtte verzoenend op te treden, maar zes jaar later werd hij zelf een slachtoffer van de troebelen en daardoor eindigde hij zijn leven als martelaar in 1612.
Uit : Heiligenlevens voor elke dag – uitg. Orth. Klooster Den haag
PINKSTEREN
8e ZONDAG NA PASEN

LEZNGEN :
Eerste lezing : Handelingen 2,1-11
Pinksteren
[1] Toen de dag* van Pinksteren aanbrak, waren zij allen op één plaats bijeen. [2] Plotseling kwam er uit de hemel een geraas alsof er een hevige wind opstak, en het vulde heel het huis* waar zij waren. [3] Er verschenen hun vurige tongen*, die zich verspreidden en zich op ieder van hen neerzetten. [4] Zij raakten allen vol van heilige Geest en begonnen te spreken* in vreemde talen, zoals de Geest hun ingaf.
[5] Nu woonden er in Jeruzalem vrome Joden, afkomstig uit ieder volk onder de hemel. [6] Toen dat geluid opkwam, liep de menigte te hoop en raakte in verwarring, omdat iedereen hen in zijn eigen taal hoorde spreken. [7] Ze stonden versteld en vroegen zich verwonderd af: ‘Maar dat zijn toch allemaal Galileeërs die daar spreken! [8] Hoe is het dan mogelijk dat ieder van ons de taal* van zijn geboortestreek hoort? [9] Parten* en Meden en Elamieten, en bewoners van Mesopotamië, Judea en Kappadocië, Pontus en Asia, [10] Frygië en Pamfylië, Egypte en het Libische gebied bij Cyrene, en hier woonachtige Romeinen, [11] Joden en proselieten, Kretenzen en Arabieren, wij horen hen in onze eigen taal spreken over de grote daden van God.’
EVANGELIE
Johannes 7,37-5. 8,12.
Stromen levend water
[37] Op de laatste dag, het hoogtepunt van het feest, stond Jezus daar en riep: ‘Heeft* iemand dorst, laat hij dan naar Mij toe komen, en laat drinken [38] wie in Mij gelooft! Zoals de Schrift zegt: Uit zijn binnenste zullen stromen levend water vloeien.’ [39] Hiermee doelde Hij op de Geest die men zou ontvangen als men tot geloof in Hem kwam. Toen was de Geest er namelijk nog niet, omdat Jezus nog niet verheerlijkt* was.
Verdeeldheid onder de toehoorders
[40] Onder het volk waren er die bij het horen van deze woorden zeiden: ‘Dit is werkelijk de profeet*.’ [41] Sommigen beweerden: ‘Hij is de Messias.’ Maar er waren er ook die zeiden: ‘De Messias komt toch niet uit Galilea*? [42] Zegt de Schrift niet dat de Messias uit het geslacht van David komt en uit Betlehem, de woonplaats van David?’ [43] Zo ontstond er verdeeldheid over Hem onder het volk. [44] Er waren er die Hem wilden grijpen, maar niemand sloeg werkelijk toe.
Ongeloof van de autoriteiten
[45] Toen de gerechtsdienaren bij de hogepriesters en farizeeën terugkwamen, vroegen dezen: ‘Waarom hebben jullie Hem niet meegebracht?’ [46] De dienaars zeiden: ‘Nog nooit heeft een mens zo gesproken!’ [47] Waarop de farizeeën antwoordden: ‘Hebben jullie je ook al laten misleiden? [48] Heeft een van de leiders Hem geloof geschonken? Of iemand van de farizeeën? [49] Maar dat volk, dat de wet* niet kent, vervloekt zijn ze!’ [50] Nikodemus, de man die indertijd naar Jezus toe was gekomen, iemand uit hun eigen kring, merkte op: [51] ‘Sinds wanneer staat de wet ons toe iemand te veroordelen zonder hem eerst te horen en ons over zijn daden een oordeel te vormen?’ [52] Maar hij kreeg als antwoord: ‘Bent u soms ook een Galileeër? Zoek het maar na en u zult zien: uit Galilea komen geen profeten*!’
[12] Weer richtte Jezus zich tot* hen: ‘Ik* ben het licht* van de wereld. Wie Mij volgt*, gaat zijn weg niet in de duisternis, maar zal het ware levenslicht bezitten.
H. Johannes Chrysostomus (ca. 345-407), bisschop van Antiochië, daarna vanConstantinopel, Kerkleraar
Homilie over de bekering nr 3, over de aalmoes
![chrysostom21 Rom Katholieke 'holy Card' from Bonnella's Eastern Tite series [1600x1200].jpg](https://christelijkeinformatiebron.com/wp-content/uploads/2012/05/c3504-2039566101.jpg?w=840)
Johannes Chrysostomos
Christus ontvangen
De armen die voor de kerk stonden vroegen om een aalmoes. Hoeveel moetje geven? Dat moet u zelf beslissen; Om u niet in verlegenheid te brengen,stel ik geen hoogte vast. Koop in de mate van uw behoeften. Hebt u een muntjeover? Koop de hemel! Niet dat de hemel op de markt te koop is, maar degoedheid van de Heer staat u het toe. Hebt u geen muntje over? Geef dan eenglas fris water (Mt 10,42)…
Wij kunnen de hemel kopen, en we verwaarlozen het! Voor een brood dat ugeeft, verkrijgt u het paradijs. Geef zelfs dingen van weinig waarde en u zultschatten ontvangen; geef een gave aan wie u tegenkomt en u zult deonsterfelijkheid ontvangen; geef vergankelijke zaken en u ontvangt in ruildaarvoor onvergankelijke zaken… Als het gaat om vergankelijke zaken, danweet u veel duidelijke bewijzen geven; waarom toont u zoveel onverschilligheidals het om het eeuwige leven gaat?…We kunnen overigens een parallel trekkentussen deze twee bakken die gevuld zijn met water die men bij de ingang van dekerk vindt om zijn handen te wassen, en de armen die buiten het gebouw gezetenzijn opdat u uw ziel kunt zuiveren door hen. U hebt uw handen in het watergewassen: was uw ziel op dezelfde wijze door de aalmoes…
Een weduwe, die extreem arm was, bood Elia gastvrijheid aan (1Kon17,9v): haar tekorten verhinderden haar niet om hem met grote vreugde teontvangen. En dan als teken van dankbaarheid, heeft ze veel cadeaus ontvangendie de vrucht van haar gebaar symboliseren. Door dit voorbeeld wenst umisschien om een Elia te ontvangen. Waarom zou u om Elia vragen? Ik stel u deMeester van Elia voor, en u biedt Hem geen gastvrijheid aan… Dit zegtChristus, de Heer van het universum: “Iedere keer dat u iets gedaan heeft vooreen van de kleinen, die mijn broeders en zusters zijn, dan hebt u dat voor Mijgedaan” (Mt 25,40).
Bron:Dagelijksevangelie www.evangelizo.org
Heiligenleven
De heilige Leander, bisschop van Sevilla.

Leander van sevilla
Hij is geboren in Carthagena (Spanje), en de oudste broer van de heilige Isidorus, die na hem dit bisdom bestuurde. Toen hij nog heel jong was, werd hij reeds monnik, en hij viel op door zijn strikte trouw aan het beloofde kloosterlijk leven en door zijn studiezin. Door de bezoekers van het klooster werd dit ook in wijdere kring bekend, en toen de bisschop van Sevilla gestorven was, werd Leander gekozen als diens opvolger.
Spanje was sinds anderhalve eeuw bezet door de Visigoten (west-Gothen), die arianen waren, en in die tijd waren ook veel spaanse christenen ariaans geworden. Hier zag de nieuwe bisschop dus zijn belangrijkste werkterrein. Zijn nachten besteedde hij nog meer aan vurig smeekgebed voor de mensen die aan hem waren toevertrouwd, en hij werd een vurig prediker van de waarheid in zijn kathedraal. Niet alleen de Spanjaarden, maar ook vele Gothen bracht hij terug tot de orthodoxie. Onder deze bevond zich ook Hermengild, de oudste zoon van koning Levilgild. Deze was daarover buiten zichzelf van woede en liet zijn zoon gevangen zetten. Toen deze met Pasen weigerde om de heilige Communie te ontvangen uit de handen van een ariaanse bisschop, liet zijn vader hem in een uitbarsting van woede doden.
Levilgild kreeg daarover ontzettende wroeging, hij werd ziek en liet Leander halen, die hij eerst verbannen had. Hij vertrouwde hem zijn volgende zoon toe, Recared, die nu zijn opvolger zou zijn, om hem op te voeden in het orthodoxe geloof. Zelf durfde hij echter de beslissende stap niet te nemen, om geen ergernis te wekken bij zijn ariaanse onderdanen. Kort daarna is hij gestorven.
Recared was vol nieuwe geloofsijver, en begiftigd met veel verstand. Hij wist zijn volk en hun bisschoppen geleidelijk te overtuigen, en langzamerhand hield het schisma in Spanje op te bestaan. Paus Gregorius de Grote schreef daarover een enthousiaste brief aan Leander, die hij in Constantinopel had leren kennen.
Als man van gebed besteedde Leander ook veel zorg aan de ontwikkeling van het geestelijk leven in zijn eparchie. Hij leerde de mensen bidden en spande zich in om de kloosters weer tot hun oorspronkelijke vurigheid te brengen. De rondzendbrief over dit onderwerp wordt wel zijn monniksregel genoemd. Hij voerde ook in dat tijdens de heilige Liturgie de Geloofsbelijdenis werd gezegd; zoals hij dat in Constantinopel had gezien, als blijvend verweer tegen de ariaanse verleiding. Deze gewoonte kwam vanuit Spanje in heel de kerk van het Westen in gebruik.
Tegen het einde van zijn leven werd Leander door allerlei ziekten gekweld, en hij was geheel invalide door de jicht. Maar hij doorstond deze kwellingen met een opgewekt geduld, tot aan zijn dood in 596.
Uit : Heiligenlevens voor elke dag. Uitg. Orth. Klooster Den Haag