Sigismund van Bourgondië

 

Heiligenleven

De heilige koning Sigismund

 

Sigismund van Boergondië (fresco door Piero della Francesca.jpg

Sigismund van Bourgondië (fresco van Piero della Francesca)

De heilige koning van Bourgondië, Sigismund, was in 515 van het Arianisme bekeerd door de heilige bisschop van Vienne, Avitus. In 516 werd hij de troonopvolger in Bourgondië.

Hij stichtte de abdij van Agaunum, waar hij ook gaarne vertoefde. Maar hij verloor niet zijn wilde aard. Zijn tweede vrouw, die het niet vinden kon met haar stiefzoon uit Sigismunds eerdere huwelijk, gedroeg zich als de klassieke stiefmoeder en wist door voortdurende klachten en intriges haar man zo ver te krijgen, dat hij zijn eigen zoon liet wurgen. Maar op hetzelfde ogenblik was zijn laaiende woede geblust, en hij wierp zich, onbedaarlijk wenend, op het verslagen lichaam van zijn kind. Een van zijn hovelingen merkte op : ‘Over uw zoon behoeft u niet te wenen, hij heeft nu zijn rust, maar ween over uzelf, als moordenaar van uw zoon’.

De koning vluchtte naar Agaunum om boete te doen met vasten onder tranen. En hij smeekte God hem in deze wereld te straffen en niet in de toekomstige. En dat is wat hem overkwam. Hij werd een gevangene van Chlodomer, koning van Orléans, en zoon van Clothildis, die aanspraak maakte op de troon van Bourgondië en alles in het werd had gesteld om dat doel te bereiken. Sigismund werd met vrouw en kinderen in een put verdronken in 524.

Brfon : Heiligenlevens voor elke dag – orth.klooster Den Haag

Ireneus van Lyon : Het brood dat Ik zal geven, is mijn vlees, ten bate van het leven der wereld”

H. Ireneüs van Lyon (ca.130-ca. 208), bisschop, theoloog en martelaar Tegen de ketterijen, V, 2, 2

“Het brood dat Ik zal geven, is mijn vlees, ten bate van het leven der wereld”

   Irenaeus_of_lyons 45.jpg   Ze vergissen zich volledig, degenen die het plan van God voor zijn schepping verwerpen, het heil van het vlees ontkennen en het idee van regeneratie verachten door te verklaren dat ze niet in staat is om een onvergankelijke natuur te verkrijgen. Als het vlees niet gered wordt, dan heeft ook de Heer ons niet met zijn bloed verlost; dan geeft ook de beker van de eucharistie geen gemeenschap met zijn bloed, noch het brood dat we breken, gemeenschap met zijn lichaam (1Kor 10,16). Want Hij is immers mens geworden om ons vrij te kopen met zijn bloed…       Wij zijn de ledematen van Christus (1Kor 6,15) en wij zijn gevoed door zijn schepping… Hij verklaarde dat de beker, die geschapen is, zijn eigen bloed is waardoor ons bloed versterkt zou worden; Hij bevestigde dat het brood, het geschapen brood, zijn eigen lichaam is waardoor onze lichaam zich versterken.       Dus als de beker die wij maakten en het brood dat wij gemaakt hebben, het Woord van God ontvangen en de eucharistie worden -dat is het bloed en het lichaam van Christus, die ons lichaam versterken en verstevigen- hoe kan men dan ontkennen dat het vlees niet in staat is om de gave van God te ontvangen, namelijk het eeuwige leven? Ons vlees wordt werkelijk gevoed door het bloed en het lichaam van Christus, ze is lidmaat van Christus, zoals Paulus schreef: “Wij zijn ledematen van zijn lichaam, gevormd uit vlees en beenderen” (Ef 5,30; Gn 2,23). Hij zegt dat niet over een geestelijk en onzichtbaar mens…: hij spreekt over het authentieke menselijke organisme, bestaande uit vlees, zenuwen en beenderen. Het is dit organisme die gevoed wordt door de beker, het bloed van Christus, versterkt door het brood dat zijn lichaam is… En onze lichamen die gevoed zijn door deze eucharistie, zullen nadat ze in de aarde worden gelegd…, op hun tijd verrijzen: het Woord van God zal hen laten verrijzen “tot glorie van God de Vader” (Fil 2,11).

Bron : www.dagelijksevangelie.org

Clemens van Alexandrië : het Licht is in de wereld gekomen

H. Clemens van Alexandrië (150-ca. 215), theoloog Vermaning aan de Grieken, 11, 113 ; GCS 1, 79

ClemensVonAlexandrien.jpgClemens van Alexandrië

“Het licht is in de wereld gekomen”

      “De wet van de Heer is volmaakt, het verheldert de blik” (Ps 19,8). Ontvang van Christus, ontvang het vermogen om te zien, ontvang het licht om God en de mens te kennen… Laten we het licht ontvangen om God te ontvangen…, laten we het licht ontvangen en laten we leerlingen van de Heer worden…, laten we de onwetendheid en de duisternis verjagen die onze blik als een mist versluieren, laten we de ware God aanschouwen… Toen we nog omwikkeld waren door de duisternis en gevangenen van de dood” (Mt 4,16; Jes 42,7), straalde er uit de hemel een zuiverder licht dan de zon, het was zoeter dan het leven hierbeneden, het straalde voor ons. Dat licht is het eeuwige leven, en alles wat er aan het leven deelneemt. De nacht vreest dat licht; uit angst verdwijnt ze en maakt plaats voor de dag des Heren; alles is licht geworden zonder schemering.
      Het westen is veranderd in het oosten; het is de “nieuwe schepping” (Gal 6,15; Ap 21,1). Want der “Zon der Gerechtigheid” (Ml 3,20), die overal komt in haar omloop, bezoekt het hele menselijk ras, zonder onderscheid. Hij volgt zijn Vader na die “de zon doet opgaan over alle mensen” (Mt 5,45) en Hij verspreidt over allen de dauw van de waarheid… Door de dood te kruisigen heeft Hij het ongevormd in het leven; Hij heeft de mens van zijn ondergang gered en heeft hem in de hemel vastgezet; Hij heeft wat vergankelijk is overgeplaatst om het onvergankelijk te maken; Hij heeft de aarde in de hemel veranderd…
      Hij geeft het leven van God  aan de mensen door zijn goddelijk onderricht, door “zijn Wet in hun binnenste geschreven, en in hun hart gegrift. …Want iedereen, groot en klein, kent God. Ik vergeef hun misstappen, zegt God, Ik denk niet meer aan hun zonden” (Jr 31,33v). Laten we dus de wetten des levens ontvangen, laten we gehoorzamen aan het onderricht van God, laten we Hem leren kennen.

www.dagelijksevangelie.org

dienst van de paasnacht

Dienst van de Paasnacht

 

 

Verrijzenis groot2.jpg

 

 

LEZINGEN : Handelingen : 1,1-8

Jezus’ laatste opdracht en hemelvaart Mijn  eerste boek, Teofilus, ging over alles wat Jezus heeft gedaan en geleerd, vanaf het begin tot de dag waarop Hij in de hemel werd opgenomen, nadat Hij aan de apostelen die Hij had uitgekozen, door de heilige Geest zijn opdracht had gegeven. Aan hen heeft Hij veertig dagen lang herhaaldelijk bewezen dat Hij na zijn lijden weer in leven was. Hij vertoonde zich aan hen en sprak over het koninkrijk van God. Toen Hij bij hen was, drukte Hij hun op het hart: ‘Ga niet uit Jeruzalem weg, maar blijf wachten op de belofte van de Vader die jullie van Mij hebben gehoord; immers, Johannes doopte met water, maar jullie zullen gedoopt worden in heilige Geest, binnen enkele dagen.’ Degenen die daar samengekomen waren, stelden Hem toen de vraag: ‘Heer, herstelt U in deze tijd het koninkrijk voor Israël?’ Maar Hij zei tegen hen: ‘Het komt jullie niet toe de tijden of momenten te kennen die de Vader in zijn volmacht heeft vastgesteld; maar wanneer de heilige Geest over jullie komt, zullen jullie kracht ontvangen en mijn getuigen zijn in Jeruzalem, in heel Judea en Samaria, en tot het uiteinde van de aarde.

EVANGELIE : Johannes 1,1-17

Het Woord is mens geworden In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God. Het was in het begin bij God. Alles is erdoor ontstaan en zonder dit is niets ontstaan van wat bestaat. In het Woord was leven en het leven was het licht voor de mensen. Het licht schijnt in de duisternis en de duisternis heeft het niet in haar macht gekregen.      Er kwam iemand die door God was gezonden; hij heette Johannes. Hij kwam als getuige, om van het licht te getuigen, opdat iedereen door hem zou geloven. Hij was niet zelf het licht, maar hij was er om te getuigen van het licht: het ware licht, dat ieder mens verlicht en naar de wereld kwam. Het Woord was in de wereld, de wereld is door hem ontstaan en toch kende de wereld hem niet. Hij kwam naar wat van hem was, maar wie van hem waren hebben hem niet ontvangen. Wie hem wel ontvingen en in zijn naam geloven, heeft hij het voorrecht gegeven om kinderen van God te worden. Zij zijn niet op natuurlijke wijze geboren, niet uit lichamelijk verlangen of uit de wil van een man, maar uit God.      Het Woord is mens geworden en heeft bij ons gewoond, vol van goedheid en waarheid, en wij hebben zijn grootheid gezien, de grootheid van de enige Zoon van de Vader. Van hem getuigde Johannes toen hij uitriep: ‘Hij is het over wie ik zei: “Die na mij komt is meer dan ik, want hij was er vóór mij!”‘ Uit zijn overvloed zijn wij allen met goedheid overstelpt. De wet is door Mozes gegeven, maar goedheid en waarheid zijn met Jezus Christus gekomen.

heilige Efraïm : Ik ben de Verrijzenis en het leven

H. Efraïm (ca 306-373), diaken in Syrië, Kerkleraar 
Commentaar op het Evangelie 17, 7-10 ; SC 121 

Christus van het kruis genomen4.jpg

“Ik ben de Verrijzenis en het leven”

 

      Toen Jezus vroeg: “Waar hebt u Hem neergelegd?”, kwamen de tranen in zijn ogen. Zijn tranen waren als regen, Lazarus als het graan, en het graf als de aarde. Hij riep met donderende stem, de dood beefde door zijn stem, Lazarus sprong op als het graan, is naar buiten gekomen en aanbad de Heer die hem had doen verrijzen. 
      Jezus gaf het leven aan Lazarus terug en de dood is op zijn plaats, want, toen Hij hem uit het graf trok en plaats nam aan zijn tafel, werd Hij zelf symbolisch ingezwachteld door de olie die Maria over zijn hoofd goot (Mt 26,7) . De kracht van de dood die had overwonnen gedurende drie dagen werd vernietigd… opdat de dood wist dat het voor de Heer gemakkelijk was om haar de derde dag te overwinnen…; zijn belofte werd waarheid: Hij had beloofd dat Hij op de derde dag zou verrijzen (Mt 16,21)… De Heer had dus vreugde gebracht bij Maria en Martha door de hel te onderwerpen om daarmee aan te tonen dat Hijzelf nooit door de dood zou worden vastgehouden… Als men vanaf nu zegt dat verrijzen op de derde dag onmogelijk is, dan moet men kijken naar degene die op de vierde dag is verrezen… 
      “Kom dichterbij en haal de steen weg.” Wat zegt u nu, zou Degene die een dode deed verrijzen en hem het leven terug gaf, niet een graf kunnen openen en de steen om kunnen wegnemen? Hij die tegen zijn leerlingen zei: “Als je vertrouwen hebt zo groot als een mosterdzaadje, dan zeg je tegen die berg: ga van hier naar daar, en hij gaat” (Mt 17,20), had Hij niet met een woord de steen kunnen verplaatsen die het graf afsloot? Zeker had Hij de steen door zijn woord kunnen verplaatsen, zijn stem liet stenen en graven splijten toen Hij aan het kruis hing (Mt 27,51-52). Maar omdat Hij een vriend van Lazarus was, zei Hij: “Open het, opdat de stank van rotting jullie tegemoet komt, en maak hem vrij, jullie hebben hem gewikkeld in zijn zwachtels, opdat jullie degene die jullie in doeken hebben gewikkeld, zullen herkennen”.

Bron :  http://www.dagelijksevangelie.org.

Andreas van Kreta : U probeert mij te doden

H. Andreas van Kreta (660-740),monnik en bisschop Grote Canon van de orthodoxe liturgie in de vastentijd, 4e ode

 

“U probeert Mij te doden”

 

Word wakker, mijn ziel, overdenk de daden die je verricht hebt, en houd ze voor ogen en laat je tranen lopen: Toon openlijk je daden en je gedachten aan Christus, om gerechtvaardigd te worden. (Jes 43:26) Ontferm U over mij, mijn God, ontferm U over mij.
Op het kruis, o Woord van God, hebt U voor allen Uw lichaam en uw bloed geofferd : Uw lichaam om de mijne te herscheppen Uw bloed om mij te wassen. Christus, U hebt mijn geest teruggebracht Om mij naar uw Vader terug te brengen (Lc 23,46).
In het hart van deze aarde is zijn Schepper gekomen om ons te redden. Hij wilde aan de boom van smarten genageld worden En direct werd het verloren Paradijs teruggevonden (Lc 23,43). Daarom wordt U door hemel en aarde aanbeden, Door de hele schepping Door de menigte van verlosten komende uit alle naties.
Dat het bloed en het water die voortkwamen Uit uw doorstoken zijde (Joh 19,34) Voor mij een doopbad mogen zijn, Een drank van verlossing. Zo gezalfd door uw woorden van leven als olie En ze als drank te ontvangen, Zal ik dubbel gezuiverd zijn, o Woord van God.
De Kerk is de beker die De straal van uw levende zijde ontvangt, Dubbele en enige stroom van kennis en vergeving, Beeld van de Testamenten in één verenigd, Het oude en het nieuwe. Ontferm U over mij, mijn God, ontferm U over mij.

Chrysostomos : “Spreek met niemand over wat jullie hebben aanschouwd, voordat de Mensen­zoon uit de doden is opgestaan”

H. Johannes Chrysostomos (ca 345-407), priester in Antiochië, vervolgens bisschop in Constantinopel, Kerkleraar Homilie over het Evangelie van Mattheus, nr. 56 ; PG 58, 549

Chrysostomos- onbekend uit Turkije.jpg

“Spreek met niemand over wat jullie hebben aanschouwd, voordat de Mensen­zoon uit de doden is opgestaan”

      Jezus Christus heeft vaak tegen zijn leerlingen gesproken over zijn lijden, over zijn Passie en over zijn dood en Hij heeft hun de pijnen voorspeld die ze zelf moesten verduren en zelfs de gewelddadige dood welke men hun op een dag zou doen lijden (Mt 16,21-26). Daarom probeert Hij hen, na hun zulke harde en moeilijke zaken te hebben verteld, te troosten door de beloning te noemen die Hij zal geven als Hij in heerlijkheid van zijn Vader zal komen (v.27)…  Van te voren wil Hij hen, voor zover ze ertoe in staat zouden zijn in dit leven, hun deze grote majesteit laten zien waarin Hij moest komen, en voorkomt zo de zorg en de pijn die zijn leerlingen, in het bijzonder Petrus, zou kunnen voelen voor zijn dood…
     “Jezus nam Petrus, Jacobus en Johannes met zich mee.” Waarom neemt Hij slechts deze drie apostelen mee? Ongetwijfeld omdat ze de anderen verder dan de anderen waren. Petrus door zijn ijver en zijn liefde; Johannes omdat hij de leerling was van wie Jezus hield (Joh 1, 23); en Jacobus omdat hij samen met zijn broer had gezegd: “Wij kunnen die beker drinken”(Mt 20,22), en omdat hij zich vervolgens aan zijn woord heeft gehouden (Hand 12,2)…
      Waarom liet Jezus met Mozes en Elia verschijnen?… Men beschuldigde Hem ervan dat Hij de Wet overtrad en dat Hij God lasterde, door zich een heerlijkheid toe te dichten die Hem niet toekwam, de heerlijkheid van zijn Vader… Zo wilde Hij tonen dat Hij de Wet niet overtrad en zich geen heerlijkheid toekende die Hem niet toekwam, Jezus riep de autoriteit van twee van de meest onberispelijke getuigen op: Mozes die de Wet had gegeven … en Elia die brandde van ijver voor de heerlijkheid en de dienst aan God (1Kon 19,10)… Hij wilde ze ook onderrichten dat Hij de meester van het leven en de dood is, door een mens te laten komen die dood is en een ander die met een vurige wagen werd meegevoerd (2Kon 2,11). En Hij wilde aan zijn leerlingen de heerlijkheid van het kruis openbaren, Petrus en zijn metgezellen troosten, die angstig waren door zijn Passie en hun moed geven. Want Mozes en Elia spraken met Hem over de heerlijkheid die Hij in Jeruzalem zou ontvangen (Lc 9,31), dat wil zeggen ze spraken over zijn Passie en over zijn kruis, dat door de profeten altijd zijn heerlijkheid werd genoemd.

http://www.dagelijksevangelie.org.

heilige Basilios van Ostrog

 

Heiligenleven

 De heilige Basilios van Ostrog

 

Basil_of_Ostrog.jpg

 

De heilige Basilios van Ostrog (Montenegro) was afkomstig uit Herzegowina, de grensstreek bij Montenegro. Hij was een kind met een sterk godsdienstige aanleg, en zodra hij de leeftijd bereikt had ging hij naar het Moeder Gods klooster te Treblinski, en wijdde zich geheel aan het monastieke leven. Zijn warme persoonlijkheid en diepe godsdienstigheid trokken de mensen aan, en hij werd tot bisschop gekozen van Zahum en Skendrië. Daar moest hij op twee fronten strijden, tegen de wreedheid der turkse overheersers, en tegen de opdringerigheid der Latijnen. Daarbij had hij zijn intrek genomen in het klooster van Tvrdos, van waaruit hij zijn diocees bestuurde.

De moeilijkheden werden echter steeds groter, en toen het klooster door de Turken verwoest was, verplaatste Basilios zijn  zetel naar het meer beschutte Ostrog.

Daar is hij in vrede gestorven in de 16e eeuw. Bij zijn graf geschieden talrijke wonderen tot in onze dagen. Zowel Christenen als moslims zoeken zijn hulp, en elk jaar met Pinksteren komt een grote menigte ter bedevaart.

Op de ruïnes van het oude Tvrdos is later een nieuwe stichting gebouwd.

 

Uit : heiligenlevens voor elke dag. Orth.klooster Den Haag

2e zondag van de vasten : Zondag van de heilige H. Gregorios Palamas

2e zondag van de vasten

Zondag van de heilige H. Gregorios Palamas

 

 

palamas5.jpg

 

Heilige Gregorius Palamas

 

 

….Gij zult grotere dingen zien…. Voorwaar, voorwaar ik zeg u, gij zult de hemel open zien en de engelen Gods opstijgen en neerdalen op de Zoon des mensen….(1e zondag)

Hieraan worden wij herinnerd bij de lezing uit de Hebreeënbrief op de tweede zondag van de vasten.

……Daarom moeten wij temeer aandacht schenken aan hetgeen we gehoord hebben, opdat wij niet afdrijven…hoe zullen wijn dan ontkomen, indien wij geen ernst maken met zulk een heil.

In de evangelie lezing op de tweede zondag wordt die inzet en dat verlangen verbeeld door de lamme die bij Christus gebracht wordt door het dak:

…en daar Jezus hun geloof zag, zei Hij tot de verlamde : uw zonden worden u vergeven.

Lezingen :

Hebr.1,10-2,3

  En:  In het begin, Heer, hebt U de aarde gegrondvest,  en de hemel is het werk van uw handen.  Zij zullen vergaan, U echter blijft.  Alle zullen ze verslijten als kleren,  U zult ze opvouwen als een mantel,  als een kledingstuk zullen zij verwisseld worden.  U echter bent dezelfde  en uw jaren nemen geen einde.  Tot welke engel heeft Hij ooit gezegd:  Ga zitten aan mijn rechterhand,  totdat Ik uw vijanden als een voetbank voor uw voeten heb gelegd?  Wat zijn zij anders dan dienende geesten, uitgezonden ten behoeve van hen die de redding zullen erven? Trouw aan de boodschap 2.Daarom moeten wij des te meer aandacht schenken aan wat wij gehoord hebben, om niet uit de koers te raken. Want als het door engelen gesproken woord zo’n gezag had dat elke overtreding of ongehoorzaamheid haar rechtmatige vergelding ontving,  hoe zullen wij dan ontkomen, wanneer wij een zo grote redding verwaarlozen, die eerst verkondigd is door de Heer, en getrouw aan ons is doorgegeven door hen die Hem gehoord hebben;

Evangelie :

Marcus,2,1-12

Toenemende tegenstand  Toen Hij enkele dagen later weer in Kafarnaüm kwam, hoorde men dat Hij thuis was.  Er liepen zoveel mensen te hoop dat ze zelfs niet meer bij de deur konden komen, en Hij sprak hen toe. ] Ze kwamen een verlamde bij Hem brengen, door vier man gedragen.  Omdat ze de man niet bij Hem konden krijgen vanwege de menigte, haalden ze de dakbedekking weg boven zijn hoofd, en toen ze een opening gemaakt hadden, lieten ze het bed waar de verlamde op lag, zakken.  Bij het zien van hun vertrouwen zei Jezus tegen de verlamde: ‘Vriend, uw zonden worden u vergeven.’  Nu zaten daar een paar schriftgeleerden die hun bedenkingen hadden:  ‘Hoe kan die man zoiets zeggen? Hij lastert God. Wie anders dan de enige God kan zonden vergeven?’  Jezus doorzag meteen dat ze deze bezwaren hadden en zei tegen hen: ‘Waarom hebt u eigenlijk bezwaren?  Wat is eenvoudiger? Tegen de verlamde zeggen: “Uw zonden worden vergeven”, of zeggen: “Sta op en pak uw bed en loop?”  Maar opdat u weet dat de Mensenzoon bevoegd is om op aarde zonden te vergeven ‘, zei Hij, nu tegen de verlamde:  ‘Ik zeg u, sta op, pak uw bed en ga naar huis.’  En hij stond op, pakte meteen zijn bed en ging weg voor het oog van iedereen, zodat ze allemaal verrukt waren en God verheerlijkten. ‘Zoiets hebben we nog nooit gezien’, zeiden ze.

Begin van de vastentijd

 

vasten2.jpg

 

BEGIN VAN DE VASTENTIJD 

“Open voor mij de deur van het berouw,

O Schenker van het leven.

Want zie, mijn geest waakt en verlangt

Naar uw heilige tempel

Omdat de tempel van mijn lichaam

Geheel veronteinigd is;

Maar Gij Bermahrtige, reinig mij door uw grote genade.

 

Leid mij op het pad des heils,

O Moeder van God,

Want met beschamende daden

Heb ik mijn ziel besmeurd

En de traagheid mijn leven verdaan.

Maar bevrijd mij door uw gebeden

Van al mijn onreinheid.

 

Denkende aan de vele boosheden

Die ik heb begaan,

Beef ik, ongelukkige,

Voor de dag des oordeels.

Maar hopende op de genade

Van uw barmhartigheid,

Roep ik als David U toe :

Ontferm U over mij, o God,

Volgens uw grote genade

 

(Horologion,p120)

zondag van het laatste oordeel

Zondag van het laatste oordeel

 

 laatste_oordeel1.jpg

 

 

1 Kor.8,8-9,2

Eten van offervlees

 

Wat nu het offervlees betreft: ‘Wij allen bezitten de gave van de kennis’, maar kennis alleen leidt tot eigenwaan; het is de liefde die opbouwt.  Als iemand kennis meent te bezitten, weet hij nog niet op de juiste wijze te kennen.  Maar wie God liefheeft, die wordt door Hem gekend.  Wat dus het eten van offervlees betreft: wij weten dat er in de hele wereld geen afgod bestaat en dat er geen God is behalve de Ene.  Want ook al zijn er zogenaamde goden, hetzij in de hemel, hetzij op aarde – en in deze zin zijn er vele goden en heren –  toch is er voor ons maar één God, de Vader, uit wie alles voortkomt en voor wie wij bestemd zijn, en één Heer, Jezus Christus, door wie alles er is, en door wie wij leven.       Maar niet allen bezitten die kennis. Sommige mensen waren tot voor kort nog zo gewend aan afgoderij, dat ze vlees dat aan goden is geofferd, nog altijd als zodanig beschouwen; en hun geweten, zwak als het is, wordt erdoor besmet als zij het eten. Voedsel brengt ons niet dichter bij God; wij verliezen er niets bij als wij het niet eten, en als wij het wel eten, worden wij er niet beter van.  Maar zorg ervoor dat uw vrijheid van handelen de zwakken geen aanstoot geeft. Als zo iemand u, die daar geestelijk boven staat, in een afgodstempel aan een maaltijd ziet deelnemen, zal hij er dan, met zijn zwakke geweten, niet toe aangezet worden om ook offervlees te gaan eten?  Dan gaat ten gevolge van uw beter inzicht de zwakke verloren, een broeder voor wie Christus is gestorven.  Door zo te zondigen tegen de broeders, en hun angstvallige geweten te kwetsen, zondigt u tegen Christus. Daarom, als mijn voedsel aanstoot geeft aan mijn broeder, zal ik in eeuwigheid geen vlees meer eten, want ik wil mijn broeder geen aanstoot geven.

Het voorbeeld van Paulus Ben ik geen vrij man? Ben ik geen apostel en heb ik Jezus onze Heer niet gezien? En u bent toch mijn werk in de Heer?  Al ben ik voor anderen geen apostel, voor u toch zeker wel; want u bent in de Heer het waarmerk van mijn apostelschap.

 

Lees verder “zondag van het laatste oordeel”

Cyprianus : het gebed van de kinderen van God

H. Cyprianus (rond 200-258), bisschop van Carthago en martelaar Het gebed van de Heer, § 8-9,11; PL 4, 523 (vert. brevier)

Cyprianus van Carthago.jpgHet gebed van de kinderen van God

De Heer heeft ons geleerd om zo te bidden: “Onze Vader die in de hemel zijt”. De nieuwe mens, die is wederboren en overgeven aan God door zijn genade, zegt in eerste instantie “Vader”, want hij zijn kind is geworden. Het Woord van God is “In zijn eigen huis gekomen, en zijn eigen mensen hebben Hem niet opgenomen. Aan diegenen die Hem toch opnamen, heeft Hij het vermogen gegeven om kinderen te worden van God: aan hen die geloven in zijn naam” (Joh 1,11-12). Wie in zijn naam gelooft, is kind van God geworden en moet dus beginnen met danken dat hij kind van God is geworden en God, die in de hemel is, Vader noemen…
Wat een grote vergevingsgezindheid en wat een enorme goedheid van de Heer ten aanzien van ons! Hij wil dat we tot God bidden, en Hem de naam Vader geven. En evenals Christus Zoon van God is, zo wilde Hij ook dat wij de naam van de kinderen van God droegen. Die naam zou niemand durven uitspreken in het gebed als deze hem niet was gegeven.
Wij moeten ons herinneren, geliefden, dat we God onze Vader noemen, wij dienen ons te gedragen als kinderen van God. Als we God als onze Vader beschouwen, kunnen we Hem behagen. Wij zijn de tempel van God (1Kor 3,16), laten we ons ernaar gedragen en dan wil God in ons wonen.

Chrysostomos : wanneer U in uw Koninkrijk gekomen zijt

H. Johannes Chrysostomos (ca. 345-407), bisschop van Antiochië, daarna van Constantinopel, Kerkleraar Homilie 1 over het kruis en de misdadiger voor Goede Vrijdag, 2 ; PG 49, 401

chrysostom21 Rom Katholieke 'holy Card' from Bonnella's Eastern Tite series.jpg

Chrysostomos

“Wanneer U in uw Koninkrijk gekomen zijt”

      Nu is het paradijs dat gesloten was voor duizenden jaren voor ons geopend; op deze dag, op dit uur heeft God er de misdadiger binnen gelaten. Hij heeft zo twee wonderen verricht: Hij heeft het paradijs voor ons geopend en heeft er een misdadiger binnen laten gaan. God heeft ons ons oude vaderland teruggegeven, Hij heeft ons nu teruggebracht naar de stad van onze vaderen, nu heeft Hij een gemeenschappelijk verblijf voor de hele mensheid geopend. “Vandaag nog zul je met mij in het paradijs zijn.” Wat zegt U daar, Heer? U bent gekruisigd, vastgehecht met spijkers en U belooft het paradijs? Ja, zegt Hij, opdat je door het kruis mijn macht leert kennen…
       Want niet door de verrijzenis uit de doden, door de zee en de wind te bevelen, noch door demonen uit te drijven heeft Hij de slechte ziel van de dief kunnen veranderen, maar gekruisigd, vastgehecht door spijkers, bedekt met beledigingen, spuug, bespottingen, smaad, opdat je de twee aspecten van zijn integere macht ziet. Hij heeft de hele schepping laten wankelen, Hij heeft rotsen gespleten (Mt 27,51); en Hij heeft de ziel van de misdadiger, welke harder was dan steen, naar zich toegetrokken en Hij heeft hem met eer vervuld…
      Zeker, geen enkele koning zal ooit een misdadiger of een andere onderdaan toestaan om naast hem te komen zitten, als Hij zijn stad binnenkomt. Maar Christus heeft dat gedaan: als Hij in zijn heilige vaderland binnengaat, neemt Hij een misdadiger met Zich mee naar binnen. Door zo te handelen… onteert Hij haar niet door de aanwezigheid van een misdadiger: integendeel, Hij eert het paradijs, want het is een heerlijkheid voor het paradijs om een meester te hebben die een misdadiger waardig kan maken voor de heerlijkheden die men er proeft. Zo ook als Hij tollenaars en prostituees binnenlaat in de hemelen (Mt 21,31)… het is voor de glorie van die heilige plaats, want Hij toont dat de meester van het Koninkrijk der hemelen zo groot is dat Hij aan tollenaars en prostituees al hun waardigheid terug kan geven om deze eer en gave te verdienen. Wij bewonderen een geneesheer nog meer als wij hem mensen die lijden aan bekende ongeneeslijke ziekten, zien genezen. Het is dus juist om Christus te bewonderen… als Hij de tollenaars en de prostituees herstelt in zo’n spirituele gezondheid dat ze de hemel waardig worden.

http://www.dagelijksevangelie.org.

Heilige Leonides

Heiligenleven

 Heilige Leonides, de vader van Originesleonides vader van origines.jpg

heilige Leonides

 

De heilige Leonides, de vader van origines, was om Christus gevangen genomen in 202. Bij keizerlijk decreet werden al zijn goederen verbeurd verklaard, zodat zijn gezin tot volkomen armoede zou vervallen. Hijzelf werd ter dood veroordeeld. Origines, de oudste van de 7 kinderen, schreef  hem zich toch geen zorgen te maken over zijn gezin en niet omwille van hen van het martelaarschap af te zien.

Er staat over Leonides nog een bijzonderheid vermeld. Hij was zelf een christen filosoof en hij zag hoe zijn zoon Origines zich reeds als kind deed zien als een buitengewone persoonlijkheid. De jongen was niet alleen hyper-intelligent, maar richtte zich reeds toen met heel zijn wezen op God en Christus, met een beslistheid en standvastigheid van een rijpe volwassene. Dit wekte een grote vreugde en een diepe eerbied bij Leonides. Wanneer dan het kind lag te slapen, deed zijn vader stil de deken weg en kuste zijn kind voorzichtig op de borst, die tempel van de Heilige Geest !

Toen Leonides gevangen ngenomen werd, was Origines 17 jaar en hij brandde van verlangen ook martelaar te worden en zijn bloed te vergieten voor zijn grote liefde, Jezus Christus. Tevergeefs smeekte zijn moeder haar niet in de steek te laten. Toen haalde zij ’s nachts alles wat als kleding kon dienen het huis uit, zodat origines niet naar buiten kon.

 

Uit : heiligenleven voor elke dag. Orthodox klooster – Den Haag