zondag van de orthodoxie

ZONDAG VAN DE ORTHODOXIE

1e zondag van de Grote Vasten

H. Basiliosliturgie

 

 

zondag van de orthodoxie88.jpg

Zondag van de orthodoxie – herstel van de iconenverering

 

Eerste lezing : Hebr.11,24-26,32 – 12,2

Door het geloof heeft Mozes zelf, toen hij groot geworden was, geweigerd om door te gaan voor een zoon van de dochter van de farao. Hij wilde liever mishandeld worden met het volk van God dan voor korte tijd profiteren van de zonde. Voor hem was de smaad van de Messias kostbaarder dan al de schatten van Egypte, want hij hield het oog gericht op de komende beloning

En wat moet ik nog meer noemen? De tijd ontbreekt me om te verhalen van Gideon, Barak, Simson en Jefta, van David en Samuël en de profeten.

Kijk naar Jezus, de leidsman en voltooier van ons geloof. Omwille* van de vreugde die voor Hem in het verschiet lag, heeft Hij een kruis op zich genomen en de schande niet geteld: nu zit Hij aan de rechterkant van Gods troon.

EVANGELIE : Joh 1,43-51

. Jezus roept Filippus en Natanaël
De volgende dag, toen Hij besloten had om naar Galilea te gaan, ontmoette Hij Filippus. ‘Volg Mij’, zei Jezus tegen hem. Filippus was afkomstig uit Betsaïda, de stad waar ook Andreas en Petrus vandaan kwamen.Filippus ging Natanaël opzoeken en zei tegen hem: ‘Degene over wie Mozes in de Wet en ook de profeten hebben geschreven, die hebben we gevonden: Jezus, de zoon van Jozef, uit Nazaret.”Nazaret?’ zei Natanaël. ‘Kan daar iets goeds vandaan komen?’ Maar Filippus hield vol: ‘Kom mee en je zult het zien.’ Jezus zag dat Natanaël naar Hem toe kwam en zei over hem: ‘Daar heb je een echte Israëliet, in wie geen oneerlijkheid is.’ ‘Waar kent U mij van?’ vroeg Natanaël. Jezus gaf hem ten antwoord: ‘Nog voordat Filippus je kwam roepen, toen je onder de vijgenboom zat, had Ik je al gezien.’ ‘Rabbi,’ zei Natanaël, ‘U bent de Zoon van God, U bent de koning van Israël!’ Waarop Jezus zei: ‘Je gelooft dus omdat Ik zei dat Ik je gezien heb onder de vijgenboom? Je zult nog grotere dingen zien!’ En Hij voegde eraan toe: ‘Waarachtig, Ik verzeker jullie: je zult zien hoe de hemel geopend is en Gods engelen opstijgen en neerdalen boven de Mensenzoon.’

         

         

 

 

Petrus chrysologus : dan zullen ze vasten

H. Petrus Chrysologus (ca 406-450) bisschop van Ravenna en kerkleraar
Homilie over het gebed, het vasten en de barmhartigheid ; PL 52, 320 

 

Peter Chrysologus en Cassian.jpg

Petrus Chrisologus en Cassianus

 

“Dan zullen ze vasten”

 

Drie dingen zijn er, broeders en zusters, drie dingen waardoor ons geloof sterk staat, onze toewijding standvastig is en onze deugd blijvend, namelijk gebed, vasten en barmhartigheid. Door te bidden kloppen wij aan, door te vasten verkrijgen wij, door barmhartigheid ontvangen wij. Gebed, vasten en barmhartigheid: deze drie zijn één, zij geven elkaar het leven. Immers de ziel van het gebed wordt door het vasten gevormd en het vasten leeft pas echt als wij barmhartigheid tonen. Laat niemand deze drie uit elkaar trekken, want zij willen niet gescheiden worden. Wie er dus van de drie slechts één bezit of ze niet tegelijk beoefent, bezit niets. Dus wie bidt, moet vasten en wie vast, moet barmhartig zijn. Wie wil dat zijn gebed verhoord wordt. moet ook zelf luisteren naar een verzoek. Hij vindt gehoor bij God, als hij zijn eigen oor niet afsluit voor een smeekbede.

De mens die vast moet begrijpen wat vasten is. Hij moet voelen wat honger lijden is, als hij wil dat God zijn honger aanvoelt. Hij moet barmhartigheid tonen, als hij barmhartigheid hoopt. Wie goedheid wil ervaren, moet goed doen. wie verlangt dat men geeft, moet zelf geven…Wees dus zelf de norm van je eigen barmhartigheid: je ondervindt barmhartigheid zoals je wilt, zoveel als je wilt en zo vlug als je wilt, maar heb dan medelijden met anderen, ook zo, even veel, even vlug.

Gebed, barmhartigheid en vasten moeten dus onze ene bescherming zijn bij God, onze ene voorspraak, ons ene drievormige gebed.

http://www.dagelijksevangelie.org

Maximiliaan van Turijn : Veertig dagen leiden ons naar de doop in de dood en opstanding van Christus

H. Maximilianus van Turijn (?-ca. 420), bisschop
Sermon 28, PL 57, 587v = CC Sermon 35, p.136v

maximiliaan van Turijn.jpg

 Maximilianus van Turijn

Veertig dagen leiden ons naar de doop in de dood en opstanding van Christus

“In de tijd van genade verhoor Ik u, op de dag van het heil sta Ik u bij” (Jes 49,8). De apostel Paulus vervolgt dit citaat met deze woorden: “Nu is er die gunstige tijd, vandaag is het de dag van het heil” (2Kor 6,2). Op mijn beurt neem ik u als getuige, de dagen van de verlossing zijn gekomen, nu is op een of andere wijze het moment van de geestelijke genezing gekomen. Wij kunnen alle vervuiling van onze ondeugden en alle blessures van onze zonden verzorgen, als we voortdurend bidden tot de geneesheer van onze zielen, als… wij geen enkele van zijn voorschriften verwaarlozen…

De geneesheer is onze Heer Jezus, die zei: “Ik ben het, die dood maakt en levend” (Dt 32,39). De Heer liet eerst sterven en daarna schonk Hij het leven terug. Door de doop vernietigde Hij overspel, doodslag, misdaad en diefstal in ons; daarna liet Hij ons opnieuw leven als nieuwe mensen in eeuwige onsterfelijkheid. Wij sterven overduidelijk aan onze zonden door de doop, we hernemen het leven in de Geest van leven… Laten we ons aan de geneesheer overgeven met geduld om de gezondheid terug te krijgen. Alles wat Hij in ons heeft ontdekt aan onwaardigheid, wat vervuild is door de zonde, en aangevreten door zweren, zal Hij weghalen, wegsnijden, en uittrekken, om slechts wat aan God behoort, in ons te laten bestaan, als eenmaal alle verwondingen door de duivel zijn verwijderd.

Dit is zijn eerste voorschrift: besteed veertig dagen aan het vasten, aan gebed en aan waken. Het vasten geneest de laksheid, het gebed voedt de religieuze ziel en het waken neemt de valkuilen van de duivel weg. Na deze tijd, die gewijd is aan het naleven van al deze voorschriften, komt de ziel die gezuiverd en beproefd is door veel oefeningen, naar de doop. Ze herneemt haar krachten door zich onder te dompelen in de wateren van de Geest: alles wat verbrand werd door de vlammen van de ziekten, wordt opnieuw geboren in de dauw van de genade van de hemel… Door een nieuwe geboorte, zullen we anders herboren worden.

http://www.dagelijksevangelie.org

heiligenleven : paus Leo de grote

Heiligehnleven

Heilige paus Leo de Grote

Leo de Grote.jpg

Paus Leo de Grote

 

 

De heilige Leo de Grote, paus van het oude Rome. Hij was daar geboren op het einde van de 4e eeuw, trad al vroeg in dienst van de kerk en was diaken onder de pausen Callistus en Sixtus, wier opvolger hij werd in 440. Hij had een geheel eigen welsprekendheid: in korte preken wist hij beeldend en scherpzinnig het eigen van een feest en de gedachten waardoor het beheerst werd, onder woorden te brengen. Zo zond hij gezanten naar het grote concilie van Chalcedon tegen de monofysieten, met een brief waarin hij de leer van de twee naturen van Christus in de éne Persoon zo scherpzinnig en overtuigend uiteenzette, dat deze als de beslissende concilietekst aanvaard werd.
Toen Atilla met zijn Hunnen in 452 Rome bedreigde, trok Leo hem tegemoet bij de Minciorivier en wist hem door de macht van zijn persoon en de kracht van zijn woord, te overreden om Italië te verlaten en zich terug te trekken achter de Donau. Hij kon echter niet verhinderen dat de Vandalen drie jaar Rome bezetten, maar hij heeft wel het moorden weten te voorkomen dat zo vaak met hun komst gepaard ging.
Dit sterke zelfbewustzijn en de noden van de tijd brachten hem er echter ook toe een soort oppergezag over de kerk op te eisen, een eis die door hem het eerst uitgesproken is, en later steeds sterker werd herhaald, en tenslotte geleid heeft tot het rooms-katholieke dogma van de pauselijke onfeilbaarheid. In 461 is hij gestorven, nadat hij de kerk van Rome 21 jaar had bestuurd.

heiligenleven : de heilige Theodoros Tyron

Heiligenleven

De heilige Theodoros Tyron

Theodore Tiro heilige.jpg

 

De heilige Theodoros Tyron leefde omstreeks 300; hij was afkomstig uit Kappadocië en diende bij het keurleger van de Tyronen. Toen hij eens standplaats had in de stad der Euchaïten, waar hij bij de bevolking een goede naam gekregen had door zijn rustig en evenwichtig optreden, beklaagde men zich bij hem over het levensgevaarlijke nabijgelegen woud, waar een agressief verscheurend dier huisde. Theodoros ging erop af en wist met levensgevaar het ondier te doden.
Als christen vroeg hij zich af of hij niet evenveel moed moest opbrengen om het onzichtbare monster, de duivel, te overwinnen. Hij besloot daarom zijn leven in te zetten voor Christus: hij weigerde aan de afgoden te offeren, beleed christen te zijn en spoorde vele anderen aan zijn voorbeeld te volgen. Om de onmacht der afgoden te demonstreren stak hij openlijk het heiligdom van de godin Rea in brand.
Hierna werd hij gevangen genomen en tot de vuurdood veroordeeld. In een visioen verscheen Christus hem en sprak hem moed in. Onder gebed en met lofhymnen beklom hij vrijwillig de brandstapel in 308; de vlammen doodden hem maar beschadigden zijn lichaam niet. Een vrouw uit de stad gaf geld voor zijn lichaam en bracht dit naar de kerk, waar het met veel eer begraven werd. Het graf werd een bedevaartplaats waar veel wonderen gebeurden. Zijn naam is ook verbonden aan het gebruik van de kolyva op de eerste zaterdag van de vasten.

efrem de Syriër : “Vele mensen… hadden gehoord wat Hij allemaal deed en ze kwamen naar Hem toe”

H. Efraïm (ca. 306-373), diaken in Syrië, kerkleraar
Commentaar op het overeenkomstige Evangelie, eindgebed; SC 121

 

 

efrem de syrier.jpg

 

“Vele mensen… hadden gehoord wat Hij allemaal deed en ze kwamen naar Hem toe”

O barmhartigheden, gezonden en verspreid over alle mensen! In U verblijven ze, Heer, U die uit medelijden met alle mensen, hun tegemoet bent gegaan. Door uw dood hebt U de schatten van uw barmhartigheden geopend… Uw diepe wezen is immers verborgen voor het zicht van de mensen, maar wordt geschetst in zijn minste bewegingen. Uw werken leveren ons de schets van hun Maker, en de schepselen wijzen ons naar hun Schepper (Wijsh 13,1; Rm 1,20), opdat wij kunnen raken aan Degene die zich ontkleedt voor de intellectuele zoektocht, maar die zich in de gaven laat zien. Het is moeilijk om van gelaat tot gelaat bij Hem te komen, maar het is gemakkelijk om Hem te benaderen.

Onze genadevolle handelingen zijn onvoldoende, maar wij aanbidden U in alle dingen om uw liefde voor alle mensen. U onderscheidt ieder van ons door de diepte van ons onzichtbaar wezen, wij zijn allen fundamenteel verbonden door de unieke natuur van Adam… Wij aanbidden U, U hebt ieder van ons in deze wereld gezet, U, die ons alles heeft toevertrouwd dat zich daarin bevindt. en U, die ons eruit zal trekken op het uur dat wij niet kennen. Wij aanbidden U, U hebt het woord in onze monden gelegd, opdat wij U onze vragen zouden kunnen stellen. Adam bejubelt U, hij rust in de vrede, en wij, zijn nakomelingen, met hem, want wij zijn allen begunstigden van uw genade. De winden loven U…, de aarde looft U…, de zeeën loven U, de bomen loven U…, ook de planten en de bloemen zegenen U… Dat alle dingen zich verzamelen en hun stem verenigen om U te loven, en rivaliseren in de dankzegging voor al uw goedheid en zich verenigen in de vrede om U te zegenen; dat alle dingen zich gezamenlijk in een lofzang voor U verheffen.

Dat we opnieuw met heel onze wil reiken naar U en dat U weer een beetje van uw overvloed over ons giet, opdat de waarheid ons bekeert en dat zo onze zwakheid verdwijnt, die, zonder uw genade, niet tot U kan komen, U Meester van de gaven.

http://www.dagelijksevangelie.org

vergevingszondag

Laatste zondag van de voorvasten

De verbanning van Adam uit het paradijs

Vergevingszondag

verbanning van adam.gif

De verbanning van Adam uit het paradijs

 

​ 

Lied over vergeving

 LEZINGEN :

 

 Eerste lezing : Rom.13,11-14,5

Waakzaam zijn
U weet trouwens hoe laat het is, u weet dat het uur om uit de slaap te ontwaken reeds is aangebroken. Nu is onze redding dichterbij dan toen wij tot het geloof kwamen. De nacht loopt ten einde, de dag breekt aan. Laten wij ons dus ontdoen van de werken van de duisternis en ons toerusten met de wapens van het licht. Laten wij ons behoorlijk gedragen, als op klaarlichte dag, en ons onthouden van zwelgpartijen en drinkgelagen, van ontucht en losbandigheid, van twist en nijd. Bekleed u met de Heer Jezus Christus, en vertroetel uw lichaam niet; er mogen geen begeerten worden opgewekt.

Verdraagzaam zijn
Aanvaard ieder die zwak is in het geloof, zonder zijn opvattingen te betwisten. De een is ervan overtuigd dat hij alles mag eten, terwijl een zwakke alleen maar plantaardig voedsel eet. Wie vlees eet, moet iemand die dat niet doet, niet minachten; en wie geen vlees eet, moet iemand die dat wel doet, niet veroordelen; God zelf heeft die ander immers als de zijne aanvaard. Wie ben jij, dat je jezelf een oordeel aanmatigt over de knecht van een ander? Of hij staat of valt, gaat alleen zijn heer aan. Hij zal trouwens staande blijven, want zijn heer is bij machte hem staande te houden. De een maakt onderscheid tussen de dagen, voor de ander zijn ze alle gelijk. Gun ieder zijn eigen overtuiging

 EVANGELIE : Matth.6,14-21

Want als jullie de mensen hun overtredingen vergeven, zal je hemelse Vader ook jullie vergeven. Maar als jullie de mensen niet vergeven, zal je Vader jullie overtredingen ook niet vergeven.
Wanneer je vast, zet dan geen somber gezicht zoals de schijnheiligen, want zij vertrekken hun gezicht om met hun vasten op te vallen bij de mensen. Ik verzeker jullie, ze hebben hun loon al. Maar als jij vast, zalf dan je hoofd en was je gezicht, opdat het bij de mensen niet opvalt dat je vast, maar wel bij je Vader, die in het verborgene is; en je Vader, die in het verborgene ziet, zal het je lonen.

Maak je geen zorgen!
Verzamel geen schatten op aarde, waar mot of houtworm ze aantast, en waar dieven inbreken om ze te stelen. Maar verzamel schatten in de hemel, waar mot noch houtworm ze aantasten, en waar geen dieven inbreken om ze te stelen. Want waar je schat is, daar zal ook je hart zijn.

 

vergeving555.jpg

Ireneus van Lyon :“Wie een van zulke kinderen ontvangt in mijn naam, ontvangt Mij”

H. Ireneus van Lyon (ca130-ca 208), bisschop, theoloog en martelaar
Tegen de ketterijen, IV, 38, 1-2

 

irenaeus-1.jpg

Ireneüs van Lyon

“Wie een van zulke kinderen ontvangt in mijn naam, ontvangt Mij”

 

 

Had God de mens niet vanaf het begin volmaakt kunnen maken? God, die sinds alle tijden gelijk is aan zich zichzelf en ongeschapen is, vermag alles. Maar omdat de schepsels een begin hebben na Hem, zijn zij noodzakelijkerwijs minder dan Hij die hen gemaakt heeft… Geschapen zijnde zijn zij onvolmaakt; geboren zijnde zijn zij kinderlijk, en als kinderen zijn zij de volmaakte staat niet gewoon, noch daarin geoefend…. God was dus wel in staat om de mens vanaf het begin volmaaktheid te geven, maar de mens was niet in staat deze te ontvangen omdat hij nog maar een kind was.

Daarom kwam onze Heer in die laatste dagen, na alles in zich overwogen te hebben, niet tot ons naar zijn vermogen, maar zoals wij Hem konden zien. Hij had wel in zijn onuitsprekelijke heerlijkheid tot ons kunnen komen, maar wij zouden nog niet in staat zijn geweest de grootte van zijn heerlijkheid te verdragen… Het Woord Gods is, ondanks zijn volmaaktheid, als kind tot ons gekomen, niet om wille van zichzelf, maar vanwege de kinderlijke staat van de mens.

http://www.dagelijks evangelie.org

heilige Theodora

Heiligenleven

De heilige Theodora Keizerin

 

theodora imperatrice.jpg

Heilige Theodora

De heilige Theodora, keizerin, was de vrouw van Theofilos, de iconenbestrijder. Deze had de orthodoxe patriarch Methodios uit Constantinopel verbannen en de onwaardige Johannes de Magiër tot patriarch benoemd, en een verbod ingesteld op de verering van de iconen. Daarmee wilde hij tegemoet komen aan de moslims, die de christenen van afgoderij beschuldigden. Tevens wilde hij op deze wijze de invloed van de kerk op het volk verminderen, die hem in de weg stond bij zijn streven naar de absolute macht.
Theodora durfde zich niet openlijk tegen het verbod te verzetten, maar zij bewaarde zoveel mogelijk iconen in haar eigen vertrekken en bad voortdurend voor de vrijheid van de christenen. Ook haar kinderen voedde zij zoveel mogelijk op in de orthodoxie, ondanks langjarige moeilijkheden met haar echtgenoot. Na twaalf jaar werd deze door een dodelijke ingewandsziekte getroffen, waarin hij trouw door Theodora werd verpleegd, en kort voor zijn dood kwam hij tot inkeer.
Daarna was Theodora regentes over de driejarige Michaël, de troonopvolger, en zij gebruikte haar invloed om voorzichtig-aan de Kerk de vrijheid te schenken. De verbannen patriarch Methodios werd teruggeroepen, en onder zijn leiding kwam in 843 een synode bijeen, die de besluiten bekrachtigde van het 7e oecumenische concilie van 786, dat de verering der iconen verdedigd had.
Met een plechtige processie werden de iconen in ere hersteld, en als bekroning van dit feit werd de zondag van de orthodoxie ingesteld, welke nog steeds gevierd wordt op de eerste zondag van de Grote Vasten.
Deze eclatante overwinning bracht Theodora echter geen persoonlijk geluk. Haar bestuur werd voortdurend betwist door haar broer Bardas, die ook grote invloed uitoefende op de opgroeiende Michaël, in wie hij de honger naar macht steeds feller aanwakkerde. Nog voor zijn meerderjarigheid wist deze zijn moeder met zijn vier zusters naar een klooster te verdrijven, waar zij bleven tot hun dood. Theodora leefde daar nog acht jaar in volledige toewijding en stierf in 867, kort nadat Bardas op last van Michaël was vermoord. In hetzelfde jaar kwam ook Michaël zelf door moordenaarshanden om het leven.

johannes Chrysostomos : “Ik heb het gezien, en ik heb getuigd: Hij is de Zoon van God”

H. Johannes Chrysostomus (ca 345-407), priester te Antiochië, daarna bisschop te Constantinopel, kerkleraar
Homilie over de doop van Jezus Christus en over Epifanie

 

 

John_Chrysostom 258.jpg

“Ik heb het gezien, en ik heb getuigd: Hij is de Zoon van God”

Christus heeft zich niet aan allen gemanifesteerd op het moment van zijn geboorte, maar op het moment van zijn doop. Tot die dag kenden veel mensen Hem niet; bijna niemand wist dat Hij bestond en wie Hij was. Johannes de Doper zei: “Er is iemand onder U die U niet kent” (Joh 1,26). Johannes deelde dit niet-kennen van Christus tot aan Zijn doop: “Ook ik kende Hem niet, maar degene die me gezonden heeft om te dopen met water zei: ‘Degene op wie je de Heilige Geest zult zien neerdalen en rusten is gedoopt in de Heilige Geest’”…

Wat was eigenlijk de reden dat Johannes de Heer doopte? Het was, zei hij, om Hem aan iedereen bekend te maken. Paulus zegt het ook: “Johannes doopte ten teken van de bekering, maar zei aan het volk, dat ze moesten geloven Wie na hem kwam” (Hand 19,4). Daarom wordt Jezus door Johannes gedoopt. Van huis tot huis gaan en Christus voorstellen en zeggen dat Hij de Zoon van God is, zou de getuigenis voor Johannes moeilijk gemaakt hebben; Hem naar de synagoge brengen en Hem aanwijzen als de Redder, zou zijn getuigenis weinig geloofwaardigheid gegeven hebben. Maar te midden van de grote verzamelde menigte aan de oever van de Jordaan, ontvangt Jezus de duidelijke getuigenis van hoog uit de hemel, doordat de Heilige Geest op Hem neerkwam in de vorm van een duif, dit bevestigt zonder enig mogelijke twijfel de getuigenis van Johannes.

“Ik kende Hem niet”, zei Johannes. Wie heeft jou Christus leren kennen? “Degene die me gezonden heeft om te dopen”. En wat heeft Hij tegen je gezegd? “Degene op wie je de Geest ziet neerdalen en rusten, Hij is het, die doopt met de Heilige Geest.” De Heilige Geest openbaarde dus aan allen Degene waarover Johannes wonderbaarlijkheden had verkondigd, door neer te dalen en door Hem bij wijze van spreken aan te wijzen met zijn vleugel.

http://www.dagelijksevangelie.org

heilige Theodora Keizerin

Heiligenleven :

De heilige Theodora, keizerin

 

theodora imperatrice.jpg

De heilige Theodora, keizerin, was de vrouw van Theofilos, de iconenbestrijder. Deze had de orthodoxe patriarch Methodios uit Constantinopel verbannen en de onwaardige Johannes de Magiër tot patriarch benoemd, en een verbod ingesteld op de verering van de iconen. Daarmee wilde hij tegemoet komen aan de moslims, die de christenen van afgoderij beschuldigden. Tevens wilde hij op deze wijze de invloed van de kerk op het volk verminderen, die hem in de weg stond bij zijn streven naar de absolute macht.

Lees verder “heilige Theodora Keizerin”

Isaak de Syriër : “God, schep in mij een zuiver hart” (Ps 51,20)

Izaak de Syriër (7e eeuw), monnik nabij Mossoel
Geestelijke overweging, 1ste serie, nr.21

 

Isaak de Syrier bisschop van NBinive.jpg

Isaak de Syriër

 

 

“God, schep in mij een zuiver hart” (Ps 51,20)

 

 

Er wordt gezegd dat alleen de hulp van God redt. Wanneer een mens weet dat er geen redding meer is, bidt hij veel. En hoe meer hij bidt, hoe nederiger zijn hart wordt, want men kan niet bidden en vragen zonder nederig te zijn. “Een gebroken en vernederd hart zal God niet verachten” (Ps 51,19). Zolang het hart niet nederig is, is het hem immers onmogelijk om te ontsnappen aan de versplintering, de nederigheid verzamelt het hart.

Als een mens zich nederig maakt, zal het mededogen hem weldra omringen, en zijn hart voelt dan de goddelijke redding. Hij ontdekt dat een kracht in hem opwelt, de kracht van het vertrouwen. Wanneer een mens zo de redding van God ontdekt, wanneer hij voelt dat Hij er is en hem komt helpen, is zijn hart meteen gevuld met geloof, en hij begrijpt dan dat het gebed de schuilplaats is van de redding, de bron van het heil, de schatkist van het vertrouwen, de vrijhaven van de storm, het licht voor hen die zich n duisternis bevinden, ondersteuning van de zwakken, toevluchtsoord in tijden van beproeving, de krachtigste hulp bij ziekte, het schild dat bevrijdt bij strijd, en de afgeschoten pijl tegen de vijand. Zijn hart straalt van vertrouwen.

http://www.dagelijksevangelie.org

Zuivere Maria, vervuld van een bijzondere genade die komt van de verdiensten van haar zoon

H. Efraïm (ca. 306-373), diaken in Syrië, kerkleraar
Hymnes over Maria, nr 7

 

Zuivere Maria, vervuld van een bijzondere genade die komt van de verdiensten van haar zoon

Jullie allen die weten te onderscheiden, kom en bewonder de maagd die moeder is, de dochter van David…
Kom en bewonder, de geheel zuivere maagd,
wonder op zichzelf, enige van de geschapenen.

Ze heEfraim_syyrialainen01.jpgeft geboorte gegeven zonder een man te kennen, de zuivere ziel gevuld met verwondering.
Iedere dag nam haar geest deel aan de lofzangen,
want zij verheugde zich in het dubbele wonder:
bewaarde maagdelijkheid en het meeste geliefde kind!

Zij, de jonge duif (Hoogl. 6,9), ze heeft deze adelaar vervoerd,
de Oude van dagen (Dn 7,9), door haar lofzangen te zingen:
“Mijn zoon, jij bent de rijkste, je koos op te groeien in een armzalig nest. Melodieuze harp,
je blijft stil als een klein kind.
Sta alsjeblieft toe dat ik voor je zing…

Jouw verblijf, mijn zoon, is groter dan welke ook,
toch heb je gewild dat ik jouw verblijf werd.
De hemel is te klein om jouw heerlijkheid te bevatten,
ik echter de kleinste van alle wezens, draag je.
Laat Ezechiël komen om jou op mijn knieën te zien zitten,
dat hij in jou degene op de hemelwagen herkent,
die de cherubijnen droegen (Ez 1)…; vandaag draag ik jou…
In een grote aardbeving riepen de cherubijnen uit:
“Gezegend is de heerlijkheid van de Heer in zijn heiligdom!” (Ez 3,12)
Die plaats is in mij, mijn midden is jouw verblijf;
de troon van jouw grootheid wordt in mijn armen gehouden…

Kom naar me kijken, Jesaja, zie en laten we ons verheugen
Zie ik heb ontvangen terwijl ik maagdelijk bleef (Jes 7,14).
Profeet van de Geest, rijk aan visioenen,
zie dan de Emmanuel die voor jou verborgen bleef…
Kom dan allen die kunnen onderscheiden,
jullie die, door jullie stem, getuigen van de heilige Geest…
Sta op, verheug jullie, want dit is de oogst!
Kijk: in mijn armen houd ik de korenaar van het leven.”

 

http://www.dagelijksevangelie.org

32e zondag na pinksteren

32e zondag na Pinksteren

“Het geloof van de kananese vrouw”

kananese vrouw3.jpg

LEZINGEN :

2 Kor. 3,10-15 :
10Wat eens heerlijkheid scheen, is eigenlijk geen heerlijkheid, vergeleken bij deze allesovertreffende heerlijkheid. 11Als het vergankelijke zich met glorie openbaarde, hoeveel te meer zal dit gelden van het blijvende. 12Toegerust met zulk een hoop, treden wij met grote vrijmoedigheid op, 13geheel anders dan Mozes, die zijn gelaat met een sluier bedekte, want de Israëlieten mochten het verdwijnen van de vergankelijke glans niet bemerken. 14En hun denken raakte verstard. Ja, tot op de huidige dag is diezelfde sluier gebleven, als zij lezen in de boeken van het Oude Testament. Hij wordt niet weggenomen, want alleen Christus doet hem verdwijnen. 15Tot heden toe ligt een sluier over hun geest, telkens wanneer Mozes wordt voorgelezen.

1 Timoteüs : 4,9-15 :
9Doe uw best om spoedig bij mij te Komen. 10Demas gaf de voorkeur aan de wereld en heeft mij in de steek gelaten. Hij is naar Tessalonica vertrokken. Crescens naar Galatië, Titus naar Dalmatië. 11Alleen Lucas is bij me. Ga Marcus halen en breng hem met u mee; ik kan hem goed gebruiken voor het werk. 12Týchikus heb ik naar Éfeze gezonden. 13Als gij komt, breng dan de mantel mee die ik in Troas bij Karpus, heb laten liggen, en ook de boeken, vooral de perkamenten. 14Alexander, de koperslager, heeft mij veel kwaad berokkend. De Heer zal hem vergelden naar zijn werken. 15Neem ook bij u voor hem in acht, want hij heeft onze woorden heftig bestreden.

EVANGELIE :Matteüs 15,21-28:

Jezus en een Kananese vrouw
Jezus ging daar weg en nam de wijk naar het gebied van Tyrus en Sidon. En kijk, een Kananese vrouw uit die streek kwam naar buiten en riep: ‘Heb medelijden met mij, Heer, Zoon van David. Mijn dochter is vreselijk bezeten.’ Maar Hij gaf haar niet eens antwoord. Zijn leerlingen kwamen naar Hem toe en vroegen Hem: ‘Stuur haar weg, want ze roept ons achterna.’ Hij antwoordde: ‘Ik ben alleen gestuurd naar de verloren schapen van het huis van Israël.’ Maar zij kwam naar Hem toe en knielde voor Hem neer en zei: ‘Heer, help me.’ Hij gaf haar ten antwoord: ‘Het is niet goed het brood van de kinderen te nemen en het aan de hondjes te geven.’ Maar zij zei: ‘Juist, Heer, want wat de hondjes eten, zijn de kruimels die van de tafel van hun baas vallen.’ Toen gaf Jezus haar ten antwoord: ‘Vrouw, groot is uw vertrouwen. Moge het u vergaan zoals u wenst.’ En haar dochter was vanaf dat moment genezen

 

De Kananese vrouw

 

Je was maar een gewone vrouw
je naam is nooit genoemd
Toch heeft de Heer je sterk geloof
met blijde stem geroemd

Je bent zomaar met dat geloof
naar Jezus toe gegaan
De Heer hield zich toen even doof
maar heeft je goed verstaan

Je knielde, smeekte: “Zoon van David,
Heer, helpt U mijn gestoorde kind
dat altijd ziek en bang moet zijn
dat nooit meer rust en vrede vindt…”

 

Hij wilde je gebed verhoren
Je was een werktuig in zijn hand
Je was een vrouw, door God verkoren
al kwam je uit een heidens land

Je vroeg alleen om kruimeltjes
Hij gaf je voedzaam brood
Je mag zijn lof nu zingen
want je geloof was groot

 

Je mag nu ook vertellen
wie Jezus voor je is
en dat je nu wilt leven
tot zijn gedachtenis

 

Je mag met je genezen kind
bij God aan tafel gaan
Hij laat een ieder die Hem vindt
nooit meer van verre staan…

(Matteüs 15: 21 – 28)

 

 www.gedichtensite.nl

heilige Nektarios

Heiligenleven
 
Heilige Nektarios
 

nektarios_egina_3.jpg

Nektarios van Egina

 
 
 
De Heilige Nektarios werd geboren uit arme ouders in 1846 in Thracië (nu Turkije). Reeds jong bleek bij hem naast liefde voor de kerk een echte studiezin, en zijn ouders deden daarom alles om hem voor zijn studie naar Constantinopel te kunnen sturen toen hij 14 jaar oud was. Daar verdiende hij de kost bij een ver familielid als magazijnbediende, en hij werd ook wel geholpen door welwillende christenen. Er leefde in hem een zendingsdrang. Op het pakpapier van de voorwerpen die hij verzenden moest, schreef hij spreuken van de Woestijnvaders, waardoor hij zelf getroffen was gewest. Elke dag schreef hij zoveel mogelijk van deze spreuken op deze vellen, in de hoop dat de klanten ze uit nieuwsgierigheid zouden lezen en er iets goed van zouden opsteken.

Reeds toen legde hij de grondslag voor zijn grote geleerdheid. Grote delen van de nacht en elk vrij ogenblik van de dag bestede hij aan het bestuderen van de Vaders. Toen hij 21 was, kreeg hij een betrekking als onderwijzer op het eiland Chios. Zijn geestelijk leven verdiepte zich, en hij wilde zich geheel aan Christus geven. Hij werd daarom monnik, toen hij 30 jaar oud was, in het beroemde klooster Nea-Moni, en ontving de naam Lazaros (zijn doopnaam was Anastasios), en later Nektarios. Zijn deemoed, gehoorzaamheiden en buitengewone zachtmoedigheid maakten hem al spoedig bemind bij heel de gemeenschap, die hij diende als diaken. De financiële hulp van enkele weldoeners stelde hem in staat in Athene zijn theologische studies te voltooien in 1885.

Nektarios was toen bijna 40 jaar en werd naar Alexandrië gezonden waar hij in 1886 priester gewijd werd, en korte tijd later, in 1889, metropoliet van Pentapolis (Opper-Libië). Hij kreeg de opdracht om te prediken en werd als vertegenwoordiger van de patriarch naar Caïro gezonden, waar hij al spoedig de genegenheid won van het volk. En de mensen zeiden onder elkaar: “Dat zou nu eens een waardige opvoiger zijn voor de patriarch!”

Juist dit werd hem echter noodlottig: jaloezie bracht sommige priesters ertoe hem te belasteren bij de patriarch. Zonder enig onderzoek zette deze hem toen in 1890 af als bisschop waarbij tegelijk zijn salaris werd ingehouden. Omdat Nektarios nooit gespaard had, maar steeds alles had weggegeven, kwam hij tot grote armoede. Na een jaar vergeefs wachten op eerherstel, moest hij naar Constantinopel terugkeren. Zijn oorspronkelijke gedachte om naar de Athos te gaan liet hij varen, omdat hij zich geroepen wist tot het werk onder de gewone gelovigen.

Na deze periode van honger lijden kreeg hij weer een opdracht als prediker in 1891. Zijn innige vroomheid en grote welsprekendheid maakten dat hij van alle kanten uitnodigingen ontving om te komen preken. Hierdoor werd hij ook in 1894 directeur van een opleidingsinstituut voor priesters in Athene. Deze school wist hij spoedig tot hoog moreel en intellectueel peil op te verheffen. Daarnaast bleef hij preken voor het volk. Zelf leidde hij daarbij het armoedige leven van een strenge monnik. Dit had invloed op een aantal jonge mensen, en tussen 1904 en 1907 stichtte hij met een aantal gelovige meisjes een klooster op het eiland Egina, waar hij zich later, toen hij gepensioneerd werd, zou gaan terugtrekken.

Door het ontbreken een financiële grondsiag kostte dit stichtingswerk ontzaglijk veel moeite, en het putte hem lichamelijk volkomen uit. Maar rondom hem begonnen allerlei wonderlijke dingen te gebeuren: plotselinge genezingen, regen gedurende een vernietigende droogte, troost in de moeilijkste omstandigheden. Zijn liefde tot God en zijn hartelijke liefde voor ieder die hij ontmoette, trok een menigte mensen onweerstaanbaar tot hem aan. In de moeilijke tijd na de eerste wereldoorlog verbood hij zijn monialen met de grootste nadruk om ook maar enige voorraad aan te leggen, maar alles wat zij ontvingen direct uit te delen aan de behoeftige.

In 1899 werd hij uitgenodigd zich kandidaat te stellen voor de patriarchale troon van Alexandrië. Nektarios ging erheen, maar toen hij bemerkte dat de geestelijkheid een andere kandidaat uit hun eigen rangen wilde pousseren, ging hij onmiddellijk terug naar Athene, want hij wilde in geen geval aanleiding geven tot strijd.

Naast al de taken die hij op zich nam, vond Nektarios nog tijd voor het schrijven van een groot aantal boeken over theologie, ethiek, kerkgeschiedenis en de plaats van de Vaders, vaak miskend door westerse beïnvloeding. Daarbij kwam ook nu weer dat er lasterpraat rondverteld werd over hem en zijn klooster. En altijd verdroeg hij dit met de grootste gelijkmoedigheid en hij sprak nooit een kwaad woord over hen die hem beschuldigden. Maar het taste wel zijn lichamelijke weerstandsvermogen aan, en hij werd getroffen door een pijnlijke ziekte die hem in anderhalf jaar naar het graf bracht. Hij stierf in het ziekenhuis, 8 november 1920. Zo is hij nog bijna een tijdgenoot van ons, in elk geval van de oudere generatie. Zijn graf is een der meest bezochte bedevaartsplaatsen van Griekenland. Want na zijn dood is de heilige Nektarios nog even geliefd als tijdens zijn leven. In 1961, 41 jaar na zijn dood, werd hij plechtig heilig verklaard. Hij is vooral de

 

 
Relikwie van Heilige Nektarios

nektarios relikwie.gif

Troparion, toon 1

Uit Sylivria afkomstig, en de herder van Egina, in de laatste tijden verschenen en een ware vriend van de deugd. Laat ons Nektarios vereren in geloof, als een door God gezonden dienaar van de Heer. Want genezingen stromen overal, voor wie met eerbied tot hem roept: eer aan Christus die u eert, eer aan Hem die door u wonderen doet, Eer aan Hem die door u, voor allen genezingen bewerkt,

beschermheilige van de zieken..

Domheid

Domheid

Dietrich Bonhoeffer

Domheid is een gevaarlijker vijand van het goede dan slechtheid…Het kwade draagt altijd de kiem van eigen ontbinding in zich, want het laat in de mens ten minste een gevoel van onbehagen achter. Tegen domheid zijn wij weerloos.Noch met protesten noch met geweld is hier iets te bereiken. Argumenten baten niets….Vaststaat dat domheid geen gebrek is, maar een moreel tekort. Er zijn mensen met een buitengewoon snel verstand die dom zijn, en mensen met een traag verstand allesbehalve dom zijn.

Lees verder “Domheid”

Augustinus : “Jezus kwam naar Johannes om gedoopt te worden… Johannes tegen Hem: ‘Ik zou door U gedoopt moeten worden, en dan komt U naar mij?” (Mt 3,13-14)

H. Augustinus (354-430), bisschop van Hippo (Noord Afrika) en kerkleraar
Sermon 288

 

augustinus546.jpg

 

“Jezus kwam naar Johannes om gedoopt te worden… Johannes tegen Hem: ‘Ik zou door U gedoopt moeten worden, en dan komt U naar mij?” (Mt 3,13-14)

“Vele profeten en rechtvaardigen hebben ernaar verlangd om te zien wat jullie zien, maar ze kregen het niet te zien” (Mt 13,17). Deze heiligen, die vervuld waren van de Geest van God om de komst van Christus te verkondigen, verlangden vurig om, als het mogelijk was, zijn aanwezigheid op aarde te genieten. Dat is de reden dat God het uitstelde om Simeon uit deze wereld te halen; Hij wilde dat Simeon Degene die de wereld had geschapen, zou schouwen in de vorm van een klein kind (Lc 2,25v)… Simeon heeft Hem dus gezien, maar als een kind. Johannes daarentegen heeft Hem gezien toen Hij reeds onderrichtte en zijn leerlingen uitkoos. Waar dan? Aan de oever van de rivier de Jordaan….

Daar zien we een symbool en een benadering van de doop van Jezus Christus in deze voorbereidende doop die voor Hem de weg opende, naar de woorden van Johannes: “Bereid de weg van de Heer, maak de paden recht” (Mt 3,3). De Heer zelf wilde gedoopt worden door zijn dienaar om hen, die zich laten dopen, te laten begrijpen dat ze in hun Heer genade ontvangen. Het is dus daar waar zijn heerschappij begint, om deze profetie te vervullen: “Moge Hij heersen van zee tot zee, van de Grote Rivier tot de einden der aarde” (Ps 72,8). Aan de oever van de rivier waar de heerschappij van Christus begint, heeft Johannes de Verlosser gezien; hij heeft Hem gezien, en Hem herkend en van Hem getuigenis afgelegd. Johannes heeft zich ten aanzien van de heerschappij van God vernederd, om te verdienen dat zijn nederigheid opgeheven zou worden door deze grootheid. Hij verklaart zich de vriend van de Bruidegom (Joh 3,29), en wat voor een vriend? Is hij een vriend die als gelijke naast zijn vriend loopt? Verre van dat. Op wat voor een afstand plaatst hij zich? “Ik ben zelfs niet waardig om me voor Hem te bukken en de riemen van zijn sandalen los te maken ” (Mc 1,7).

Bron : dagelijksevangelie.org