
HEILIGENLEVEN
De heilige Pachomius de Grote – woestijnvader

De heilige Pachomios (-adelaar) de Grote was geboren rond 290 bij Esneh, als kind van heidense ouders in Opper-Egypte. Toen hij gedwongenpals soldaat moest dienen, samen met enkele dorpsgenoten, en zij in behoeftige omstandigheden verkeerden, kwamen zij in aanraking met enkele christenen die hen liefderijk opnamen. Toen hij, na de overwinning van Konstantijn, uit de militaire dienst ontslagen was, stelde Pachomios zich onder hun leiding en hij werd gedoopt.
Nu kwam hij in aanraking met de kluizenaar Palemon en hij werd zijn leerling. Palemon stelde zware eisen wat betreft vasten, harde arbeid, moeilijke omstandigheden, het verdragen van ontberingen, langdurige gebeden en nachtwaken. Vooral dit laatste viel Pachomios zwaar en Palemon hield hem wakker door hem manden met zand van de ene plek naar de andere te laten vervoeren. Maar Pachomios wijdde zich met heel zijn hart aan het monastieke leven en groeide uit tot een gerijpte persoonlijkheid van grote innerlijke, imponerende kracht. Toen hij zich zo tien jaar lang volkomen onderworpen had, verscheen hem een engel, gekleed in het groot monniken-schima, die hem een schrijfrol gaf, met daarop de Regel voor een gemeenschapsklooster, een kenobion. En hij beval hem zulk een klooster te stichten voor het zieleheil van vele monniken. Zo besefte Pachomios geroepen te zijn om anderen te leiden, en Palemon was het zozeer daarmee eens dat hij met zijn leerling meetrok en zijn verblijf bij hem nam.

































