Augustinus : Hij nam een stuk brood…

H. Augustinus (354-430), bisschop van Hippo (Noord Afrika) en Kerkleraar
Commentaar op het Evangelie van Johannes, 62, 63

augustinus01k

“Hij nam een stuk brood, doopte het in, en gaf het aan Judas”

      Toen de Heer, zelf het Levensbrood (Joh 6,35), het brood aan de dode man gaf, die daarmee het levend brood verraadde, zei Hij tegen hem: “Doe maar meteen wat je te doen hebt”. Hij beval geen misdaad: Hij openbaarde Judas’ kwaad en kondigde ons het goede aan. Dat Christus overgeleverd werd, was dat niet het slechtste voor Judas, en voor ons het beste? Judas, dus, die zichzelf beschadigt, handelt zonder het te weten, voor ons.

      “Doe maar meteen wat je te doen hebt.” Dat is een woord van een mens die gereed is, niet van een mens die geïrriteerd is. In dit woord wordt niet zozeer de straf voor degene die verraadt uitgedrukt, alswel de beloning van de verlosser, van degene die vrijkoopt. Want door te zeggen: “Doe maar meteen wat je te doen hebt”, probeert Christus, meer nog dan de misdaad van ontrouw, het heil van de gelovigen te verhaasten. “Hij werd om onze zonden overgeleverd; Hij houdt van de Kerk en heeft zich voor haar gegeven” (Rm 4,25; Ef 5,25). Dat zegt de apostel Paulus: “Hij heeft mij liefgehad en zich voor mij overgeleverd” (Gal 2,20). Niemand zou immers Christus overgeleverd hebben als Hij zichzelf niet overgeleverd had… Wanneer Judas Hem verraadt, is het Christus die zich overlevert; de één onderhandelt over zijn verkoop, de ander koopt ons vrij. “Ga snel doen wat je te doen hebt”: niet dat dit in jouw macht ligt, maar het is de wil van Degene die alles kan…

      “Hij nam dan het stuk brood en vertrok terstond. En het was nacht.” Degene die vertrok was zelf nacht. Welnu toen de nacht vertrok, zei Jezus: “Nu is de Zoon des mensen verheerlijkt!” De dag zegt het voort aan de dag die komt (Ps 19,3), dat wil zeggen Christus heeft het aan zijn leerlingen toevertrouwd, opdat zij er naar luisteren en Hem in liefde volgen…  Iets soortgelijks zal gebeuren als de door Christus overwonnen wereld voorbij zal gaan. Als het onkruid zich niet langer mengt met het graan, zullen de rechtvaardigen stralen als de zon in het Koninkrijk van hun Vader (Mt 13,43).

Bron:Dagelijksevangelie  www.evangelizo.org

Bezoek van de engel aan Maria

Groot feest van de blijde boodschap van de Heilige Moeder Gods

 bezoek van de engel 564

Apostellezing : Hebr.2,11-18

Want Hij die heiligt en zij die geheiligd worden hebben allen één Oorsprong; daarom schrikt Hij er ook niet voor terug om hen zijn broeders te noemen, wanneer Hij zegt:  Ik zal uw naam verkondigen aan mijn broeders
en uw lof zingen midden in de gemeente; 
en opnieuw:
Ik zal mij geheel op Hem verlaten;
en nog eens:
Hier ben Ik met de kinderen die God Mij gegeven heeft. 
Omdat ‘de kinderen’ mensen zijn van vlees en bloed, heeft Hij ons bestaan willen delen, om door zijn dood de vorst van de dood, de duivel, te onttronen,  en hen te bevrijden die door de vrees voor de dood heel hun leven aan slavernij onderworpen waren.  Want het zijn niet de engelen van wie Hij zich het lot aantrekt, maar de nakomelingen van Abraham.  Vandaar dat Hij in alles aan zijn broeders gelijk moest worden, om een barmhartig en getrouw hogepriester te worden bij God en de zonden van het volk uit te boeten.  Omdat Hij zelf de proef van het lijden doorstaan heeft, kan Hij allen helpen die beproefd worden.

Evangelielezing : Joh 11,1-45

      Niet lang daarna werd zijn vrouw Elisabet zwanger. Zij hield zich vijf maanden lang verborgen. Ze zei:  ‘Dit heeft de Heer voor mij gedaan, toen Hij zich mijn lot aantrok en mijn smaad onder de mensen wegnam.’

Aankondiging van de geboorte van Jezus
      In de zesde maand werd de engel Gabriël door God gezonden naar een stad in Galilea, met de naam Nazaret,  naar een maagd die verloofd was met een man genaamd Jozef, die uit het huis van David stamde; haar naam was Maria.  De engel trad bij haar binnen en zei: ‘Verheug u, begenadigde, de Heer is met u.’  Zij raakte geheel in verwarring door wat hij zei en vroeg zich af wat deze begroeting te betekenen had.  Maar de engel zei: ‘Schrik niet, Maria, u hebt genade gevonden bij God.  U zult zwanger worden en een zoon baren, die u de naam Jezus moet geven.  Hij zal een groot man zijn, en Zoon van de Allerhoogste worden genoemd. God, de Heer, zal Hem de troon van zijn vader David geven.  Hij zal eeuwig koning zijn over het huis van Jakob, en aan zijn koningschap zal geen einde komen.’  ‘Maar hoe moet dat dan?’ zei Maria tegen de engel. ‘Ik heb geen omgang met een man.’  De engel antwoordde haar: ‘Heilige Geest zal op u komen en kracht van de Allerhoogste zal u overdekken. Daarom zal het kind heilig genoemd worden, Zoon van God.  Bovendien, ook Elisabet, uw verwante, is op haar oude dag zwanger van een zoon; zij werd onvruchtbaar genoemd, maar zij is al in haar zesde maand.  Want voor God is niets onmogelijk.’  Toen zei Maria: ‘Ik ben de dienares van de Heer; laat met mij gebeuren wat u gezegd hebt.’ Toen ging de engel van haar weg.

De heilige berg Athos

De heilige berg Athos

athos

De heilige berg, Agion Oros (Άγιον Όρος), of Athos is het meest rechtse schiereiland ten zuidoosten van de grote stad Thessaloniki.

Het neemt in Griekenland een bijzondere plaats in omdat het een autonome monnikenstaat is. Het valt buiten de Europese Unie en legt verantwoording af, rechtstreeks aan de Orthodoxe Kerk (het Oecumenisch patriarchaat van Constantinopel) in Istanbul.

In de geschiedenis was het een drukbevolkt gebied met in haar hoogtijdagen tienduizenden monniken en geestelijken. Tegenwoordig zijn dat er nog maar rond de tweeduizend.

Deze monniken behoren bij één van de 20 kloosters die nog in bedrijf zijn. De meeste van deze klooster zijn Grieks-orthodox, maar er zijn ook kloosters met een Russische, Roemeense, Bulgaarse en Servische herkomst.

 Alle vaste bewoners van Mount Athos leven volgens de regels die de bijbel voorschrijft en hun leven is toegewijd aan God. Vanwege Europese subsidies om de kloosters te restaureren zijn er ook Griekse werklui aanwezig op Athos, maar die behoren niet tot de officiele bevolking. De berg Athos is verboden terrein voor vrouwen. Zelf als gast krijgen ze geen toegang tot de Heilige Berg.

In de kloosters hebben alle monniken naast hun kerkelijke rol ook taken van meer alledaagse aard. Zo moeten er op het land gewerkt worden, geoogst, gekookt, schoongemaakt, maar ook bijvoorbeeld het schilderen van ikonen, het bijhouden van de boekhouding en het verzorgen van de dieren moet gebeuren. Een aantal jaren geleden is er een prachtig kookboek uitgegeven over de eetgewoontes van de monniken, met ouderwetse bereidingen en recepten.  In principe zijn de kloosters zelfbedruipend en hebben geen hulp van de buitenwereld nodig.

Geografisch gezien is Athos een zeer moeilijk bereikbaar gebied. Bezoekers kunnen met een veerboot naar het haventje van Dafni varen. Er worden per dag niet meer dan 10 niet-orthodoxe gasten toegestaan, en die moeten een speciaal visum hebben van Athos Consulaat in Thessaloniki. Over de berg lopen vele voetpaden en tegenwoordig ook zandwegen. Het centrum van het schiereiland Athos is Karyes, wat al dateert uit het jaar 900.

Uit : Gr4all

4e zondag in de vasten : Johannes Climax

4e zondag in de vasten

Zondag van de heilige Johannes Climax

Johannes - john_author_of_the_ladder 30 maart - 4e zondag van de vasten

Apostellezing : Hebr.4,13-20

Geen schepsel is voor Hem verborgen, alles ligt open en bloot voor de ogen van Hem aan wie wij rekenschap hebben af te leggen.

Jezus, onze hogepriester
     Nu wij een verheven hogepriester* hebben, een die de hemelse sferen is doorgegaan, Jezus, de Zoon van God, moeten wij vasthouden aan onze belijdenis. Want wij hebben een hogepriester die in staat is om mee te voelen met onze zwakheden; Hij werd zelf op allerlei manieren op de proef gesteld, precies zoals wij, afgezien dan van de zonde. Laten wij daarom vrijmoedig naderen tot de troon van Gods genade, om barmhartigheid en genade te vinden en zo hulp te krijgen op de juiste tijd.

Evangelielezing : Marcus 9,17-31

Iemand uit de menigte gaf Hem ten antwoord: ‘Meester, ik heb mijn zoon naar U meegenomen, omdat hij in de greep is van een stomme geest. Wanneer hij hem aangrijpt, knijpt hij hem de keel dicht, en dan staat het schuim hem op de mond, knarst hij met de tanden en wordt hij helemaal stijf. Ik vroeg uw leerlingen hem uit te drijven, maar ze waren er niet toe in staat.’ Hij antwoordde hun: ‘Ongelovig slag mensen! Hoelang moet Ik nog bij jullie blijven? Hoelang moet Ik jullie nog verdragen? Breng hem bij Me.’ En ze brachten hem naar Hem toe. Zodra de geest Hem zag, liet hij hem stuiptrekken. Hij viel op de grond en rolde heen en weer met het schuim op zijn mond. Jezus vroeg zijn vader: ‘Hoe lang heeft hij dat al?’ Hij zei: ‘Van kindsbeen af. Hij heeft hem ook al vaak in het vuur en in het water gegooid om hem te doden. Maar als U enigszins kunt, wees met ons begaan, kom ons te hulp.’ Jezus zei tegen hem: ‘Of Ik dat zou kunnen? Alles kan voor wie vertrouwen heeft.’ Meteen riep de vader van de jongen uit: ‘Ik heb vertrouwen. Kom mijn gebrekkig vertrouwen te hulp.’ Toen Jezus zag dat de menigte toestroomde, bestrafte hij de onreine geest met de woorden: ‘Stomme en dove geest, Ik beveel je, ga uit hem weg en kom niet meer in hem terug.’ Onder gekrijs en veel stuiptrekkingen ging hij weg. Hij bleef achter als een lijk, zodat velen zeiden: ‘Hij is dood.’ Maar Jezus nam hem bij de hand en liet hem opstaan, en hij stond op.
     Thuisgekomen, alleen met zijn leerlingen, vroegen dezen Hem: ‘Waarom konden wij die geest niet uitdrijven?’ Hij zei tegen hen: ‘Dit soort kun je niet anders uitdrijven dan met gebed.’

Onderricht aan de leerlingen
     Ze gingen daar weg en trokken door Galilea. Hij wilde niet dat iemand het te weten kwam, want Hij was bezig met onderricht aan zijn leerlingen. Hij zei tegen hen: ‘De Mensenzoon wordt uitgeleverd en valt in de handen van mensen. Ze zullen Hem doden, en drie dagen na zijn dood zal Hij opstaan

Climacos de ladder 12

Christenvervolging in de Islam

Christenvervolging in de Islam

In het islamitische Andalousië waren joden en christenen destijds derderangsburgers die werden gediscrimineerd, overeenkomstig de islamitische wetten. In een islamitisch bestel geldt voor niet-moslims (joden en christenen) het statuut van dhimmi. Dhimmi’s zijn onderworpen aan een aantal discriminaties (die niet altijd aldus worden toegepast): In Andalousië moesten ze een bijzondere belasting betalen (jizaya) voor het verkrijgen van veiligheid en bescherming, ze mochten geen wapens dragen, ze mogen geen openbare functies bekleden (want een moslim mag geen bevelen krijgen van een christen of jood), ze moesten zich vestimentair onderscheiden van moslims, de beruchte (nazi) JODENSTER vindt hier haar oorsprong. Het islamitische Andalousië betekende geenszins een vreedzame samenleving tussen moslims, christenen en joden, gezien joden en christenen waren onderworpen aan de islamitische wetten en de bijhorende discriminatie van andersdenkenden.

De islam kent kent geen godsdienstvrijheid en geen enkele wederkerigheid. In alle moslimlanden worden christenen en andere religies onderdrukt en gediscrimineerd.

In Marokko staat in de grondwet ingeschreven dat het verboden is om zich tot een andere godsdienst te bekeren of om te verklaren dat men de islam heeft verlaten. Ruim een jaar geleden werden in Marrakech een aantal mensen in de gevangenis opgesloten omdat ze zich in het geheim hadden bekeerd tot het christendom. Een tijd geleden werd een zendeling opgepakt omdat hij jongeren probeerde te bekeren tot het christendom. Tot in 7de eeuw waren er in Noord-Afrika (ook in Marokko), waar de kerkvader Augustinus heeft geleefd en gewerkt, christelijke gemeenten. Maar vanaf de 7de eeuw bracht Bennafi er met het zwaard de islam binnen en was het afgelopen met het christendom in Noord-Afrika.

Terwijl hier in België ‘zendelingen’ zoals Sami Zemni van het Centrum voor de islam in Europa, verbonden aan de universiteit van Gent, betaald door onze overheid zich voltijds kan wijden aan islamitisch zendingswerk en proselitisme, is zendingswerk (van een andere godsdienst dan de islam) VERBODEN in elk islamitisch land. Zendeling Zemni stelt dat ‘Europa een aanpassing moet ondergaan’. Bovendien is het in landen zoals Marokko en zelfs het meer liberale en seculiere Tunesië, verboden voor niet-moslims om binnen te gaan in een moskee (wat voorheen in Tunesië wel kon). In Tunesië kan men de ruïnes bezoeken van eens bloeiende christengemeenten in onder meer Carthago en Sbeitla. Na de onafhankelijkheid van Frankrijk in 1956 werden alle kerken er gesloten. Over het hele land resten er nog slechts zes kerken (zonder kruis op de kleine kerktoren – want verboden – en volledig zelfbedruipend, terwijl moskeeën er wel worden betoelaagd) voor de vele toeristen en de Europeanen die er wonen en werken (ter vergelijking: in Antwerpen alleen al zijn er zowat 35 moskeeën…). Ook in het ‘liberale’ Tunesië kan, er geen sprake van zijn dat een moslim zich zou bekeren tot een andere godsdienst. Enkel een buitenlander kan in Noord-Afrika christen zijn.

Waar zijn de christenen gebleven in Turkije, waar de zeven gemeenten in Klein-Azië waren gelegen, waarin Paulus heeft gewerkt en waaraan de apostel Johannes op last van Christus de zeven brieven richtte. De verovering van Costantinopel door de Ottomaanse moslims in 1432 is genoeg bekend en in Efeze, Patmos, Antiochië, kan men de ruïnes bezoeken van kerken van de eerste christengemeenten. Assyrische christenen worden er nog steeds vervolgd. Hier woont een hele gemeenschap Assyrische christenen uit Turkije die halverwege de jaren ’90 werd verdreven uit onder meer het dorp Yaramis. Assyrische christenen uit Turkije wonen nu overal verspreid in West-Europa. Van deze uitdrijving van christenen uit Turkije zijn door Amnesty International rapporten opgemaakt. Het laatste seminarie in Turkije werd enkele jaren geleden gesloten, zodat het christendom er op termijn wellicht volledig zal verdwijnen, zoals de patriarch vreest. De orthodoxe kerk, bezit geen rechtspersoonlijkheid. Armeense christenen en orthodoxe Grieken werden er verdreven en vermoord. Momenteel zitten er een paar Turken in Turkije in de gevangenis omdat ze zich hebben bekeerd tot het christendom.

Sinds het verdwijnen van Sadam Hoessein en de oorlog is de situatie van de christenen er veel slechter op geworden. Sinds 2003 zijn er al meer dan 300 000 van de resterende Iraakse christenen naar het buitenland gevlucht. Een religieuze zuivering zoals in Irak is in veel landen van het Midden-Oosten aan de gang, het is zelfs het doel van moslimextremisten. We zijn nu getuige van een historisch drama: de christelijke aanwezigheid in het Midden-Oosten dreigt te verdwijnen, ook in de landen waar het christendom is ontstaan. In het verleden waren christenen er tweederangsburgers, nu zijn ze er ongewenst. De druk op christenen om zich te bekeren tot de islam is groot, maar veel christenen vertrekken liever. In juni jl. werden in Irak een Chaldese priester en zijn assistenten brutaal vermoord, toen ze de kerk verlieten. Ze wilden hen dwingen om zich te bekeren tot de islam. Toen ze dit weigerden, schoten de mannen hen dood, gewoon één van de vele aanvallen van christenen in Irak. In Bagdad, Mosoel, Kirkoek of Bassora kloppen extremistische moslims op de deur bij christenen en beginnen geld te eisen voor ‘bescherming’. Daarbij dwingen ze familieleden meestal openlijk te verklaren tot de islam te zijn overgegaan. Ten slotte eisen ze dat de familie het huis en het laat verlaat, ‘omdat dit niet jullie geboorteland is’. Honderden christenen ondergaan dit lot. Van de christenen die nog resten in het Midden-Oosten ontvluchten er velen de islamitische onderdrukking en emigreren naar Europa, Amerika, Canada en Australië.

In Iran wordt heden de slinkende minderheid van Assyrische christenen gediscrimineerd. De Assyrische christenen vormen er samen met Armeniërs en Zoroastrianen (de oorspronkelijke godsdienst voor de komst van de islam) de christelijke minderheid van het land. In Iran is een christen een ongelovige die nooit baas mag zijn van een gelovige moslim in de werksfeer, daarom zijn er weinig of geen Assyriërs werkzaam bij de overheid . Ook onderwijs- en gezondheidsinstellingen zijn taboe voor christenen. Er werken geen christelijke Assyriërs bij de politie, in het leger, als rechter of als piloot. Het gevolg van de islamitische politiek is dat hoog opgeleide Assyriërs geen werk vinden en vaak genoegen moeten nemen met jobs onder hun niveau. De 33-jarige Assyrische econome Ishtar uit Urmina ziet voor zichzelf maar twee mogelijkheden: “We kunnen genoegen nemen met een onderbetaalde job of het land verlaten. Vaak worden we door werkgevers om onduidelijke reden afgewezen en in sommige gevallen wordt het hardop gezegd: ‘uw christelijke geloof is een probleem’.

Naast de discriminaties op het werk bestaan er nog tal van andere discriminaties, die het leven van christenen in Iran bijna onmogelijk maken. Zo moeten christenen die bij een auto-ongeval betrokken raken, meer betalen dan moslims. Ook de boeren in de provincie Urmira, waar een deel van de Assyrische christenen van oudsher woont, ondervinden veel last van discriminaties. Islamitische groothandels kopen hun producten niet, waardoor hun oogst kapot gaat. Met de komst van de nieuwe conservatieve president hebben de christenen hun laatste hoop verloren en de politie di
e de kledingvoorschriften controleert is nu veel actiever. De politie bezoekt winkels om niet-moslims te waarschuwen om de kledingvoorschriften (ook niet-moslim vrouwen moeten zich sluieren) streng na te leven. (Ook in sommige wijken in Brussel is reeds zo een mutawa actief, die erop toeziet dat vrouwen die in winkels werken wel strict islamitisch zijn gekleed en erop toeziet dat er geen alcohol wordt verkocht.) Duizenden christenen hebben Iran reeds verlaten en weken uit naar VS, Canada of Australië.

Overal waar de islam werd verspreid, werden de andere toen bestaande godsdiensten vrijwel volledig uitgeroeid. In Centraal-Azië verdwenen het boeddhisme, het nestorianisme en zoroastrisme bij de komst van de Arabieren. Ook Afghanistan was voorheen boeddhistisch. In het Midden-Oosten (waar het christendom is ontstaan) zijn historisch christelijke gemeenschappen in hun voortbestaan bedreigd. De laatste 50 jaar zakte de christelijke populatie in de Gazastrook en op de Westelijke Jordaanoever van 22 naar 2%. In Nazareth is de christelijke populatie gezakt van 60 % in 1946 tot minder dan 15% vandaag. Bethlehem telde vroeger 90 % christenen, maar sinds het onder Palestijns gezag kwam, nog slechts een derde. In Syrië (Damascus was erg belangrijk in het vroege christendom) was begin vorige eeuw nog één derde christen, nu nog minder dan 10%. In Egypte emigreren Kopten in grote getallen. Irak telde in 1987 nog 1,4 miljoen christenen, sindsdien is ruim 40% onder hen gevlucht. Deze emigratie van christenen is een gevolg van de terreur van radicale moslimbewegingen en de onderdrukking door de staat. In de hele islamwereld worden autochtone christenen (of andere niet-moslims) door de staat ernstig gediscrimineerd en bewust niet beschermd tegen islamitisch geïnspireerd geweld.

De reële onderdrukking ontgaat echter de meerderheid van de Europeanen. Voor Kopten is het bijvoorbeeld bijna onmogelijk om kerken te bouwen en te restaureren. De zondagsmissen worden soms verstoord door vandalisme en pesterijen van moslims en lokale overheden. Christenen worden systematisch geweigerd voor leidinggevende functies binnen de overheid, de politie, het leger, de politieke partijen en in het onderwijs, wegens de traditionele sharia-regel die stelt dat ‘er geen bevoegdheid van een niet-moslim over een moslim mag zijn’. Het zet sommigen ertoe aan om zich te bekeren om zo meer kansen te krijgen. Soms is een bekering een officieuze voorwaarde voor toegang tot goede jobs of huizen. De gewone christelijke leerboeken worden verboden of gecensureerd, terwijl allerlei islamitische literatuur, radio- en televisieprogramma’s en schoolboeken die christenen belasteren of aanvallen vrij verschijnen. Christenen worden duidelijk gemaakt geen klacht in te dienen uit ‘loyaliteit tegenover de natie’. Indien zij of hun verwanten dat wel doen, worden zij soms opgesloten in plaats van de daders. Er heerst ook een algemene rechtsonzekerheid in zaken waarbij moslims betrokken zijn. Een islamitische rechtsregel zegt dat een niet-moslim niet kan erven van een moslim. Het gebeurt zelden of nooit dat een rechtbank een uitspraak zal doen in het voordeel van christenen tegen moslims. In Indonesië werden alleen al tussen 1998 en 2003 minstens tienduizend christenen vermoord.

Wie de ware betekenis van racisme aan de lijve wil ondervinden, moet maar eens als niet-moslim in Saoedi-Arabië verblijven. Niet-moslims mogen bovendien NIET binnen in Mekka en Medina.

Uit : Dutch – faith freedom International

Lezing over de heilige Isaak de Syriër

UITNODIGING

H. NEKTARIOS 

EINHOVEN HOOGSTRAAT 301A

 

Zondag 14 maart

Zondag van de H. Johannes Klimakos onmiddellijk na de

Goddelijke Liturgie ( omstreeks 13.30 ) in de kerk.

Simultane vertaling in het Engels en het Russisch.

 

BELANGRIJKE LEZING

 

De spiritualiteit van een begenadigde mysticus en

leraar van de deemoed uit de 7e eeuw

 

isaak de syrier

 ISAAC  DE  SYRIER

door  Dr. Stefan Royé

 

In het licht van de vastenperiode en in het belang van de geestelijke vorming van eenieder wil ik u deze lezing ten zeerste aanbevelen.

Groene Patriarch krijgt pris

GROENE PATRIARCH KRIJGT PRIJS VAN KARDINAAL POUPARDSTICHTING

BRUSSEL (KerkNet/Zenit) – De oecumenische patriarch Bartholomeus, bijgenaamd ‘de groene patriarch’, ontving woensdag de eerste prijs van de kardinaal Poupardstichting wegens zijn jarenlange inzet voor het milieu. De stichting werd door de Franse kardinaal Paul Poupard, voorzitter van de Pauselijke Raad voor de Cultuur en de Interreligieuze Dialoog, opgericht om de dialoog tussen verschillende culturen en godsdiensten te bevorderen.
Kardinaal Poupard: “Momenteel worden wij met een nieuwe situatie geconfronteerd, waarin wij naar manieren moeten zoeken om elkaar beter te leren kennen om ons in elkaars beeld te herkennen.” De kardinaal beklemtoont in het bijzonder het belang van gemeenschappelijk gedeelde waarden, maar ook de rol van het onderwijs dat waarden kan overdragen en kan bijdragen tot een betere kennis van andere godsdiensten en culturen

Bron : Kerknet

Patriarchale en Synodale Encycliek van Bartholomeüs I

Patriarchale en Synodale Encycliek  op de zondag van de Orthodoxie

(21 februari 2010)

 

BARTHOLOMEOS
 

Bartholomeus1

 

Bij Gods Genade

Aartsbisschop van Constantinopel-Het Nieuwe Rome

en Oecumenisch Patriarch

ten dienste van de volheid van de Kerk, Genade en Vrede

Van onze Heer en Heiland Jezus Christus 

Onze hoogst heilige orthodoxe Kerk herdenkt vandaag haar eigen feestdag en – vanaf deze historische en zwaarbeproefde zetel van het Oecumenisch Patriarchaat – richt de Moederkerk van Constantinopel haar zegen, liefde en zorg tot al haar trouwe en toegewijde geestelijke kinderen over de hele wereld, en nodigt hen uit te concelebreren in het gebed.

Gezegend zij de naam des Heren! Diegenen die doorheen de eeuwen hebben gepoogd de kerk te onderdrukken door middel van diverse, zichtbare en onzichtbare vervolgingen, die probeerden de kerk te vervalsen met hun ketterse leerstellingen, die de kerk tot zwijgen wilden brengen door haar stem en getuigenis te onderdrukken; zij allemaal bleven zonder succes . De wolken van martelaren, de tranen van de asceten en de gebeden van de heiligen beschermen de kerk geestelijk, terwijl de Trooster en de Geest der Waarheid haar leidt tot de volheid van de waarheid.

Vanuit haar plichts- en verantwoordelijkheidsbesef en in weerwil van vele hindernissen en problemen spant het Oecumenisch Patrairchaat zich als de Eersttronende Kerk van de orthodoxie in om de eenheid van de Orthodoxe Kerk te beschermen en te bevorderen, opdat wij met één stem en vanuit één hart het orthodoxe geloof van onze vaderen mogen belijden, ook in onze tijd. Immers, de Orthodoxie is geen museumschat die geconserveerd moet worden, het is een ademtocht van het leven die moet worden doorgegeven en tot alle mensen moet doordringen. Orthodoxie is altijd van nu, zolang wij haar uitdragen in nederigheid en haar interpreteren in het licht van de existentiële noden en de zoektocht van de mensheid in elke historische periode en culturele omstandigheden.

Hiertoe moet de Orthodoxie in een constante dialoog verkeren met de wereld. De Orthodoxe Kerk is niet bevreesd voor de dialoog, omdat de waarheid niet bang is voor dialoog. Bovendien, indien de Orthodoxie zich zou opsluiten en niet in dialoog zou treden met de buitenwereld, zou zij haar missie ontkrachten en niet langer de “katholieke” en “oecumenische” Kerk zijn. Zij zou daarentegen een introverte en zelfgenoegzame groepering worden, een “getto” aan de zijlijn van de geschiedenis. Dit is de reden waarom de grote kerkvaders nooit de dialoog met de geestelijke cultuur van hun tijd uit de weg gingen- ja zelfs niet met de heidense afgodsdienaars en filosofen van hun wereld -deze daarmee beïnvloeddend en transformerend, en leverden zo aan ons een werkelijk oecumenische kerk over.

Vandaag de dag is de Orthodoxie geroepen om de dialoog met de buitenwereld te blijven voeren, ten einde haar het getuigenis en de levengevende adem van ons geloof aan te bieden. Echter deze dialoog kan zich niet tot de buitenwereld uitstrekken alvorens hij niet eerst de christelijke wereld heeft doorlopen. Derhalve moeten wij om te beginnen als christenen onder elkaar praten om onze verschillen op te lossen, zodat ons getuigenis naar de wereld uiteindelijk geloofwaardig zal zijn. Onze inspanningen voor de vereniging van alle christenen is de wil en het gebod van onze Heer, die vóór Zijn Passie tot Zijn Vader bad “dat allen [namelijk Zijn discipelen] één mogen zijn, opdat de wereld gelooft, dat Gij mij gezonden hebt.” (Johannes 17:21) Als de Heer zo’n strijd levert voor de eenheid van Zijn discipelen zouden wij dan onverschillig kunnen blijven over de eenheid van alle christenen? Dit zou een misdadig verraad en overtreding van Zijn goddelijke gebod betekenen.

Het is om deze redenen dat het Oecumenisch Patriarchaat, met instemming en participatie van alle lokale Orthodoxe Kerken, al tientallen jaren officiële Panorthodoxe theologische dialogen voert met de grootste christelijke kerken en confessies. Het doel van deze dialogen is om in een geest van liefde te bespreken wat christenen verdeelt, zowel in termen van het geloof als in termen van de organisatie en het leven van de Kerk.

Deze dialogen, samen met alle andere inspanningen voor vreedzame en broederlijke relaties van de Orthodoxe Kerk met andere christenen, wordt momenteel helaas op onaanvaardbaar fanatieke wijze aangevochten – althans volgens de normen van een echt orthodox ethos – door bepaalde kringen die zich als “zeloten” (ijveraars) en verdedigers van de orthodoxie afficheren. Alsof alle patriarchen en Heilige synoden van de Orthodoxe Kerken over de hele wereld, die met algemene stemmen besloten tot het voeren en ondersteunen van deze dialogen, niet orthodox waren. Maar deze tegenstanders van alle inspanningen voor het herstel van de eenheid onder de christenen stellen zich boven bisschoppelijke synoden van de Kerk, op het gevaar af zelfs schisma’s binnen de Kerk  te veroorzaken.

In hun polemische argumentatie schrikken deze critici van het herstel van de eenheid onder de christenen er niet voor terug om de werkelijkheid te vervalsen ten einde onrust en verwarrring te zaaien onder de gelovigen. Zo verzwijgen zij het feit dat de theologische dialogen worden gevoerd met unanieme toestemming van alle Orthodoxe Kerken, en vallen alleen het Oecumenisch Patriarchaat hier op aan. Ze verspreiden valse geruchten als zou een unie tussen de rooms-katholieke en orthodoxe Kerken op handen zijn, terwijl ze goed weten dat de verschillen die besproken worden in deze theologische dialogen talrijk zijn en een langdurig debat vereisen; bovendien, eenwording wordt niet bepaald door theologische commissies, maar door Synodes. Zij beweren dat de Paus de orthodoxen wel zal onderwerpen, alleen omdat die laatsten de dialoog met de rooms-katholieken aangaan! Zij veroordelen diegenen die deze dialogen voeren als “ketters” en “verraders” van de orthodoxie, louter en alleen omdat zij praten met niet-orthodoxen en hen zo laten delen in de schat en de waarheid van ons orthodoxe geloof. Zij spreken neerbuigend over alle inspanningen voor verzoening tussen christenen en het herstel van hun eenheid als over de “pan-ketterij van de oecumene”, zonder het minste bewijs dat de Orthodoxe Kerk in haar contacten met niet-orthodoxen de leerstellingen van de oecumenische concilies en de kerkvaders heeft verlaten.

Geliefde kinderen in de Heer, Orthodoxie heeft geen behoefte aan fanatisme of onverdraagzaamheid  om zichzelf te beschermen. Wie gelooft dat in de orthodoxie de waarheid is, hoeft niet bang te zijn voor dialoog, want de waarheid is nog nooit in gevaar gebracht door dialoog. En nu we in onze tijd zien hoe alle mensen ernaar streven hun geschillen via dialoog op te lossen, kan de Orthodoxie toch niet met intolerantie en extremisme te werk gaan? U moet het volste vertrouwen hebben in uw Moederkerk. De Moederkerk heeft immers het orthodoxe geloof door de eeuwen heen bewaard en zelfs naar andere landen overgebracht. In onze tijd vecht de Moederkerk er onder moeilijke omstandigheden voor om de Orthodoxie eerbiedwaardig en levend te houden in de gehele wereld.

Vanuit het Patriarchaat van Constantinopel, dit heilige Centrum van de Orthodoxie, omarmen wij u allen liefdevol en zegenen u vaderlijk, en bidden dat u in gezondheid de reis door de heilige periode van berouw en ascese moge doormaken die bekend als de Heilige en Grote Vasten. En dat u zodoende waardig moge worden de reine Passie en de glorieu
ze Verrijzenis van onze Heiland en Heer te vieren met alle trouwe orthodoxe christenen over de hele wereld.

Zondag van de Orthodoxie 2010

+ Bartholomeus van Constantinopel

Zondag van de heilige Gregorios Palamas

2e zondag in de Grote Vasten

Zondag van de heilige Gregorios Palamas

 

 

Palamas gregorios 258

 

LEZINGEN :

Eerste lezing : Hebr.1-10-2,3

In het begin, Heer, hebt U de aarde gegrondvest,
en de hemel is het werk van uw handen.
Zij zullen vergaan, U echter blijft.
Alle zullen ze verslijten als kleren,
U zult ze opvouwen als een mantel,
als een kledingstuk zullen zij verwisseld worden.
U echter bent dezelfde
en uw jaren nemen geen einde.
Tot welke engel heeft Hij ooit gezegd:
Ga zitten aan mijn rechterhand,
totdat Ik uw vijanden als een voetbank voor uw voeten heb gelegd?
Wat zijn zij anders dan dienende geesten, uitgezonden ten behoeve van hen die de redding zullen erven?

Daarom moeten wij des te meer aandacht schenken aan wat wij gehoord hebben, om niet uit de koers te raken. Want als het door engelen gesproken woord zo’n gezag had dat elke overtreding of ongehoorzaamheid haar rechtmatige vergelding ontving, hoe zullen wij dan ontkomen, wanneer wij een zo grote redding verwaarlozen, die eerst verkondigd is door de Heer, en getrouw aan ons is doorgegeven door hen die Hem gehoord hebben.

EVANGELIE: Marcus 2,1-12

Toenemende tegenstand
Toen Hij enkele dagen later weer in Kafarnaüm kwam, hoorde men dat Hij thuis was. Er liepen zoveel mensen te hoop dat ze zelfs niet meer bij de deur konden komen, en Hij sprak hen toe. Ze kwamen een verlamde bij Hem brengen, door vier man gedragen. Omdat ze de man niet bij Hem konden krijgen vanwege de menigte, haalden ze de dakbedekking weg boven zijn hoofd, en toen ze een opening gemaakt hadden, lieten ze het bed waar de verlamde op lag, zakken. Bij het zien van hun vertrouwen zei Jezus tegen de verlamde: ‘Vriend, uw zonden worden u vergeven.’ Nu zaten daar een paar schriftgeleerden die hun bedenkingen hadden: ‘Hoe kan die man zoiets zeggen? Hij lastert God. Wie anders dan de enige God kan zonden vergeven?’ Jezus doorzag meteen dat ze deze bezwaren hadden en zei tegen hen: ‘Waarom hebt u eigenlijk bezwaren? Wat is eenvoudiger? Tegen de verlamde zeggen: “Uw zonden worden vergeven”, of zeggen: “Sta op en pak uw bed en loop?” Maar opdat u weet dat de Mensenzoon bevoegd is om op aarde zonden te vergeven ‘, zei Hij, nu tegen de verlamde: ‘Ik zeg u, sta op, pak uw bed en ga naar huis.’ En hij stond op, pakte meteen zijn bed en ging weg voor het oog van iedereen, zodat ze allemaal verrukt waren en God verheerlijkten. ‘Zoiets hebben we nog nooit gezien’, zeiden ze.

Palams Cathedraal met reliek van de h

Thessaloniki : Kerk met de relieken van de heilige Gregorius Palamas

Palamas Reliek Thessaloniki111

Reliekschrijn van de heilige Gregorios Palamas 

 

Toortsdrager der Orthodoxie,steun en leraar der kerk.

Sierraad der monniken, strijder der Theologen.

Roem van Thessaloniki, Prediker der genade.

Wonderdoener Gregorios, bid steeds dat onze zielen worden gered.

(Troparion van de heilige Gregorios Palamas)

Moslims steeds minder gelovig

 

MOSLIMS STEEDS MINDER GELOVIG

[…] Moslims zijn vandaag minder gelovig dan men in de christelijke wereld denkt. In moslimlanden zijn er veel moskeeën waar men vijf keer per dag de gebeden zegt, maar er behalve ’s vrijdags niemand naar de moskee gaat. […] De meeste moslims gaan niet naar de moskee, zelfs niet ’s vrijdags […]
Over het algemeen keren veel moslims zich af van de islam, en dat is vooral zichbaar in westerse landen. In Groot-Brittannië bekeren veel moslims zich tot het christendom. In de anglicaanse Kerk wordt het aantal moslims die zich tot het christendom bekeerde, geschat op honderd duizend personen. […] Onze interreligieuze raad heeft het moskeebezoek onderzocht en we weten dat het echte beeld zeer alarmerend is voor de islam, maar dat het voor sommigen voordelig is om de islam voor te stellen als een onmetelijke macht. […]
De media berichten dat veel Britten overgaan naar de islam. De moslims creëren een bijna triomfantelijk beeld van de islam in het Westen. […] Ik was betrokken bij de islamitische missie onder Britten en ik kan zeggen dat het aantal bekeerlingen tot de islam miniem is. […] De missie van de islam heeft geen succes in het Westen. […] Wanneer sommige moslims zeggen dat de islam de sterkst groeiende godsdienst ter wereld is, zeggen de imams in Londen dat die groei vooral aan vruchtbaarheid gebonden is, maar dat er geen [succesvolle] missie is. Ik twijfel er niet aan dat het christendom veel sterker is als missie. […]
Zijn er in Groot-Brittannië veel moslims die zich tot het christendom bekeren?
Enerzijds zijn er echt veel. Dat gebeurt zonder enige ruchtbaarheid. Volgens de meeste scholen van de islam, moet een afvallige van de islam inderdaad geëxecuteerd worden, hoewel de imams van de belangrijkste moskeeën in Londen zeggen dat ze niet kunnen geëxecuteerd worden voor afvalligheid van de islam. Tegelijk kunnen we anderzijds niet zeggen dat het er weinig zijn, omdat er veel moslims hun geloof gewoon verlaten en ongelovig worden. De staat van ongeloof is bij iedereen een ziekte. Sommige moslims proberen het atheïsme en de afwezigheid van godsdienst voor te stellen als karaktertrekken van de christelijke beschaving, maar in de westerse wereld verliezen de moslims zélf hun geloof, nog meer dan de christenen. 
 (Bericht doorgemaild door Bert Genbrugge) 

Bartholomeüs bepleit oecumenische dialoog

Bartholomaios bepleit oecumenische dialoog

Hilversum (KerkNet/RKK) 22 februari 2010 – Onverschilligheid ten aanzien van de eenheid van de christenen is geen optie voor leerlingen van Christus. Dat schrijft de oecumenische patriarch Bartholomaios I in een encycliek naar aanleiding van de zondag van de orthodoxie, die gisteren gevierd werd.

Toenadering
De patriarch uit in zijn encycliek kritiek op diegenen die de toenadering tot de andere orthodoxe en christelijke Kerken verwerpen. “Waarheid is niet bang voor de dialoog, omdat de waarheid nooit door de dialoog bedreigd is. Wanneer allen hun meningsverschillen via dialoog oplossen, dan kunnen orthodoxe gelovigen niet volharden in onverdraagzaamheid en extremisme.” 

Verheugd
Olav Fykse Tveit, algemeen secretaris van de Wereldraad van Kerken, reageerde verheugd op het pleidooi van de oecumenische patriarch. Tveit: “Deze encycliek doet mij denken aan de encycliek van 1920, waarin de toenmalige oecumenische patriarch de oprichting voorstelde van een raad van Kerken. Dat gaf een belangrijke impuls aan de oprichting van de Wereldraad van Kerken.”

Orthodoxie
De zondag van de orthodoxie wordt ieder jaar op de eerste zondag van de (orthodoxe) vasten gehouden.

Geestelijk leider
De Grieks-orthodoxe Bartholomaios I is als patriarch van Constantinopel de geestelijk leider van de wereldwijde gemeenschap van oosters-orthodoxe Kerken. Onder de orthodoxe patriarchen geldt hij als primus inter pares , de ‘eerste onder zijns gelijken’

Zondag van de orthodoxie

 

 

ZONDAG VAN DE ORTHODOXIE

1e zondag van de Grote Vasten

H. Basiliosliturgie

 

zondag van de orthodoxie11

Eerste lezing : Hebr.11,24-26,32 – 12,2

Door het geloof heeft Mozes zelf, toen hij groot geworden was, geweigerd om door te gaan voor een zoon van de dochter van de farao. Hij wilde liever mishandeld worden met het volk van God dan voor korte tijd profiteren van de zonde. Voor hem was de smaad van de Messias kostbaarder dan al de schatten van Egypte, want hij hield het oog gericht op de komende beloning

En wat moet ik nog meer noemen? De tijd ontbreekt me om te verhalen van Gideon, Barak, Simson en Jefta, van David en Samuël en de profeten.

Kijk naar Jezus, de leidsman en voltooier van ons geloof. Omwille* van de vreugde die voor Hem in het verschiet lag, heeft Hij een kruis op zich genomen en de schande niet geteld: nu zit Hij aan de rechterkant van Gods troon.

EVANGELIE : Joh 1,43-51

. Jezus roept Filippus en Natanaël
    De volgende dag, toen Hij besloten had om naar Galilea te gaan, ontmoette Hij Filippus. ‘Volg Mij’, zei Jezus tegen hem. Filippus was afkomstig uit Betsaïda, de stad waar ook Andreas en Petrus vandaan kwamen.Filippus ging Natanaël opzoeken en zei tegen hem: ‘Degene over wie Mozes in de Wet en ook de profeten hebben geschreven, die hebben we gevonden: Jezus, de zoon van Jozef, uit Nazaret.”Nazaret?’ zei Natanaël. ‘Kan daar iets goeds vandaan komen?’ Maar Filippus hield vol: ‘Kom mee en je zult het zien.’ Jezus zag dat Natanaël naar Hem toe kwam en zei over hem: ‘Daar heb je een echte Israëliet, in wie geen oneerlijkheid is.’ ‘Waar kent U mij van?’ vroeg Natanaël. Jezus gaf hem ten antwoord: ‘Nog voordat Filippus je kwam roepen, toen je onder de vijgenboom zat, had Ik je al gezien.’ ‘Rabbi,’ zei Natanaël, ‘U bent de Zoon van God, U bent de koning van Israël!’ Waarop Jezus zei: ‘Je gelooft dus omdat Ik zei dat Ik je gezien heb onder de vijgenboom? Je zult nog grotere dingen zien!’ En Hij voegde eraan toe: ‘Waarachtig, Ik verzeker jullie: je zult zien hoe de hemel  geopend is en Gods engelen opstijgen en neerdalen boven de Mensenzoon.’

 

Vasten en crisis in Griekenland

 

Vasten en crisis in Griekenland

Wat hebben deze twee begrippen met elkaar gemeen?
Ze hebben allebei met Vasten te maken.
Vandaag is een feestdag in Griekenland. De carnavalsperiode is voorbij, en vandaag begint de Sarakostí, de 40daagse periode van vasten tot Pasen.
Over het algemeen houdt men zich in het Orthodoxe Griekenland nog streng aan de regels van de vasten, er wordt geen vlees gegeten, en zelfs McDonalds komt met een speciaal menu, een McSarakostí, om in deze tijd niet failliet te gaan.
En omdat het een zware tijd is die aanbreekt, beginnen we die dus met een feestdag, volgens goed grieks gebruik.
Men noemt het Katharí Dheftèra, schone maandag, omdat de ´zuivering´ van lichaam en geest begint.
Traditioneel wordt er vandaag gevliegerd. Overal buiten de stad staan vliegers aan een even traditioneel strakblauwe hemel.
Voor de mensen die gebonden zijn aan de stad is de Filopáppos heuvel vlak bij de Acropolis de plaats bij uitstek, met een prachtig uitzicht over de stad.
Er wordt daar ieder jaar een groot feest georganiseerd, met muziek, dansen, en tafels vol met traditionele ´schone maandag´ lekkernijen, zoals halvas, een speciaal voor vandaag soort brood, de lagana, dolmadákia en zeevoedsel.

Behalve het begin van de Vasten wordt vandaag ook het begin van het voorjaar gevierd. Dat is wat het vliegeren symboliseert, het trotseren van de harde wind die in deze tijd van het jaar nogal eens opsteekt.

Maar vandaag in Griekenland zijn het niet alleen lichaam en geest die de komende tijd een zware zuiveringsbeurt zullen ondergaan.
De toch al magere portemonee van de vliegerende Griek zal ook aan de Vasten moeten geloven.
En er is geen vlieger opgewassen tegen de op hande zijnde storm
!

De lente van de vasten is aangebroken

het licht van het berouw.

Laten wij broeders,

ons zuiveren van alle smet

toezingend de Schenker van het Licht :

Glorie aan U, o Menslievende.

(Triodion I, Voorvasten, p.110, Apostisch toon 1)