Zondag van het laatste oordeel

 

ZONDAG VAN HET LAATSTE OORDEEL

 

laatste_oordeel1.jpg

Laatste oordeel

 

lezingen

 

1 kor.8,8-9,2

 [8] Voedsel brengt ons niet dichter bij God; wij verliezen er niets bij als wij het niet eten, en als wij het wel eten, worden wij er niet beter van. [9] Maar zorg ervoor dat uw vrijheid van handelen de zwakken geen aanstoot geeft. [10] Als zo iemand u, die daar geestelijk boven staat, in een afgodstempel aan een maaltijd ziet deelnemen, zal hij er dan, met zijn zwakke geweten, niet toe aangezet worden om ook offervlees te gaan eten? [11] Dan gaat ten gevolge van uw beter inzicht de zwakke verloren, een broeder voor wie Christus is gestorven. [12] Door zo te zondigen tegen de broeders, en hun angstvallige geweten te kwetsen, zondigt u tegen Christus. [13] Daarom, als mijn voedsel aanstoot geeft aan mijn broeder, zal ik in eeuwigheid geen vlees meer eten, want ik wil mijn broeder geen aanstoot geven. de Heer? 9,2 Al ben ik voor anderen geen apostel, voor u toch zeker wel; want u bent in de Heer het waarmerk van mijn apostelschap

EVANGELIE : Matth.,25,31-46

 

Het oordeel van de Mensenzoon
[31] Wanneer de Mensenzoon* komt, bekleed met zijn heerlijkheid en rondom Hem alle engelen, dan zal Hij plaatsnemen op de troon van zijn heerlijkheid. [32] Alle volkeren zullen vóór Hem bijeengebracht worden, en Hij zal ze van elkaar scheiden, zoals een herder de schapen van de bokken scheidt. [33] De schapen zal Hij aan zijn rechterhand opstellen, de bokken aan zijn linkerhand. [34] Dan zal de koning tegen hen die aan zijn rechterhand staan zeggen: “Kom, gezegenden van mijn Vader, neem het koninkrijk in bezit dat vanaf het begin van de schepping voor jullie klaar ligt. [35] Want Ik had honger en jullie hebben Me te eten gegeven, Ik had dorst en jullie hebben Me te drinken gegeven, Ik was vreemdeling en jullie hebben Me opgenomen. [36] Ik was naakt en jullie hebben Me gekleed, Ik was ziek en jullie hebben naar Me omgezien, Ik zat in de gevangenis en jullie kwamen naar Me toe.” [37] Dan zullen de rechtvaardigen Hem antwoorden: “Heer, wanneer hebben we U hongerig gezien en U te eten gegeven, of dorstig en U te drinken gegeven? [38] Wanneer hebben we U als vreemdeling gezien en U opgenomen, of naakt en hebben we U gekleed? [39] Wanneer hebben we U ziek of in de gevangenis gezien en zijn we naar U toe gekomen?” [40] De koning zal hun antwoorden: “Ik verzeker jullie, alles wat je voor één van deze minste broeders van Mij hebt gedaan, heb je voor Mij gedaan.” [41] Dan zal Hij zich ook richten tot hen die aan zijn linkerhand staan en tegen hen zal Hij zeggen: “Ga weg van Mij, vervloekten, naar het eeuwige vuur, dat aangelegd is voor de duivel en zijn engelen. [42] Want Ik had honger en jullie hebben Me niet te eten gegeven, Ik had dorst en jullie hebben Me niet te drinken gegeven, [43] Ik was vreemdeling en jullie hebben Me niet opgenomen, Ik was naakt en jullie hebben Me niet gekleed, Ik was ziek en zat in de gevangenis en jullie hebben niet naar Me omgezien.” [44] Dan zullen ook zij antwoorden: “He
er, wanneer hebben we U hongerig gezien of dorstig of als vreemdeling of naakt of ziek of in de gevangenis en hebben we U niet geholpen?”
[45] Dan zal Hij hun antwoorden: “Ik verzeker jullie, alles wat je niet voor één van deze minsten hebt gedaan, heb je ook niet voor Mij gedaan.” [46] Zij zullen naar de eeuwige straf gaan, maar de rechtvaardigen naar het eeuwig leven.’

 

‘Wij verklaren ons solidair met allen die lijden onder discriminatie, geweld en vervolging’

‘Wij verklaren ons solidair met allen die lijden onder discriminatie, geweld en vervolging’

Boodschap van de synaxe van primaten van de orthodoxe kerken in het Midden Oosten

Het is met een boodschap van waarheid en hoop dat de primaten van de orthodoxe Kerken van de oude stichting, waarvan het territorium zich uitstrekt over de landen van het Midden Oosten hun topbijeenkomst hebben besloten (synaxe) die plaats vond in de Phanar, zetel van het oecumenisch patriarchaat, te Istambul (oude Constantinopel), van 1 tot 3 september laatstleden. De belangrijkste thema’s waren de politieke en sociale crisis die sedert het begin van dit jaar is begonnen in verschillende regio’s van het land, en het gevaar dat dit kan meebrengen voor het leven van de christelijke gemeenschappen die sterk verzwakt zijn in deze regio als gevolg van de gestegen persoonlijke sentimenten en de onverdraagzaamheid. Deze boodschap drukt de bezorgdheid uit van de orthodoxe Kerken voor de evolutie van de situatie in het Midden Oosten en ze doet een beroep op de religieuze en politieke verantwoordelijken van deze regio, maar ook op diegenen in de gehele wereld, tot dialoog, respect , vrijheid en de rechten van de volkeren alsook voor de bescherming van het leefmilieu.

De primaten van de oude orthodoxe patriarchaten en de autocefale Kerk van Chyprus aan de volheid van hun Kerken en aan alle mensen van goede wil !

Beste broeders en zusters in Christus, verheug u ten allen tijde in de Heer

Wij zeggen dank aan God op elk moment, voor u allen, wanneer wij u gedenken in onze gebeden. Wij brengen zonder ophouden in tegenwoordigheid van onze God en Vader, de kracht van uw geloof in herinnering alsook het liefdeswerk, de bestendigheid van uw hoop, die het werk zijn van onze Heer Jezus Christus (1 Th.1,2-3)

Daartoe uitgenodigd door het woord van de apostel Paulus, volgens hetwelke in de Kerk van Christus : ‘indien één lid lijdt, alle leden deelhebben aan zijn lijden; indien één lid verheerlijkt wordt, alle leden delen in zijn vreugde’ (1 Cor.12,26). Wij zijn daarom verenigd in de historische zetel van het oecumenisch patriarchaat, op uitnodiging en in de aanwezigheid van de eerste onder ons in rang en eer, opdat wij de liefde van Christus die ons bindt zouden beleven in alle tijden en vooral in de tijden van beproeving en lijden.

De christelijke wortels van het Midden Oosten

Aan ons, die de verantwoordelijkheid werd toevertrouwd van het bestuur en de pastorale leiding van de historisch gezien oudste Kerken, gesticht door de apostelen van Christus en als autocefaal erkend door de oecumenische concilies van de ene en ondeelbare Kerk, zijn wij hier verenigd om weer aan te knopen met het oude gebruik van dergelijke bijeenkomsten alsook om een uitwisseling van opinies te houden in de liefde en de wederzijdse ondersteuning, rekening houdend met de recente gebeurtenissen in de geografische plaatsen waarin het de Goddelijke Voorzienigheid heeft behaagd onze Kerken te doen groeien sedert de verst achterons liggende tijden.

De Kerk van Christus, als historische realiteit, is ontstaan door de wil van de goddelijke Voorzienigheid, in het gebied genaamd Midden Oosten. Haar stichter en het fundament is Onze Heer Jezus Christus, geboren te Bethlehem in Judea (Mt 2,1). Het is op deze plaats dat Hij zijn twaalf leerlingen en apostelen heeft gekozen. Hij heeft hen het bevel gegeven om allereerst zijn evangelie te prediken in deze regio (Mt10,6), waar hij vervolgens geleden heeft en is verrezen, en waar de eerste Kerk werd gesticht, deze van Jeruzalem, vanwaar zijn apostelen zijn uitgegaan om zijn leer ‘aan alle natiën’ te verkondigen (Mt.28,19). Het is in deze regio dat de eerste grote centra van het christianisme – de kerken van Alexandrië, Antiochië, van Jeruzalem en van Chyprus – zijn gesticht en vruchten hebben gedragen, en waar het geheel van het ene en ondeelbare kerk systeem werd ingesteld.

De toekomst van de christenen van het Oosten bedreigd

Het is in deze streken dat de Kerk van Christus, en meer in het bijzonder de heilige orthodoxe Kerk haar meest intense wortels heeft. Deze streken zijn geheiligd door het bloed van de martelaren die ten onder zijn gegaan voor de verdediging van het orthodoxe geloof, en door de tranen van de heilige en eerbiedwaardige Vaders die uitblonken in ascese. Niemand heeft het recht dit te ontkennen, en de machten van deze wereld, wie ze ook zijn, moeten met respect dit feit erkennen. De christenen van de orthodoxe Kerken van het Midden Oosten leven in deze regio sedert eeuwen en geen enkele ‘etnische zuivering’ of ‘religieuze zuiveringsactie’ kan zich ertegen verzetten of, in elk geval, hun vrije bestaan of activiteit verhinderen zonder de meest elementaire mensenrechten te schenden .

Conform het bijbelse principe, volgens hetwelke ‘aan de heer is de aarde en allen die er wonen'(Ps.23,1). De orthodoxe Kerk heeft nooit verhinderd om met personen van een andere religieuze overtuiging vreedzaam samen te leven in deze regio. Zelfs als de aarde waarop zij sedert eeuwen leefden door middel van macht zijn veroverd door andere religies. De orthodoxe Kerk heeft de middelen gevonden om zich aan te passen en vreedzaam samen te leven met de gelovigen van deze andere religies. De religieuze onverdraagzaamheid is nooit een karaktertrek geweest van de orthodoxie.

Ongelukkiglijk groeit in ons tijdperk de angst voor de ander, van hen die verschillend zijn , en word intenser. De christenen, vooral diegenen die leven in de territoria van het Midden Oosten, riskeren het slachtoffer te worden van deze situatie. In vele gevallen worden de christenen gezien als ‘tweederangsburgers’. In andere gevallen, worden heel wat cultusplaatsen, waaronder vele historische en culturele monumenten geprofaneerd, zelfs verwoest, beperkingen worden opgelegd voor wat betreft de liturgische celebraties en de pastorale vorming van de klerus. daarbij voegen zich nog de tijdelijke gewelddadige acties tegen de chistelijke gemeenschappen tot de moord toe van sommige van hun leden door fanatici die voortkomen uit extremistische religieuze kringen. Wel te verstaan, het spreekt vanzelf dat de christenen zelf, waar ze zich ook bevinden, de plicht hebben om de cultusplaatsen van de andere confessionele gemeenschappen te respecteren.

Intensiveren van de dialoog van verzoening

Wij, orthodoxe christenen, wij geloven in de Schrift, die zegt dat ‘de volmaakte liefde de vrees bant’ (1 Jn 4,18). Wij hebben geen schrik van anderen, welke ook hun geloof is. Wij geven hen een accolade als een broeder en verwachten van hen hetzelfde. Terzelfdertijd hebben wij niet opgehouden bescherming te vragen waar wij recht op hebben van de kant van de staten waar wij leven. Wij hebben de overtuiging dat het hier gaat over de best mogelijke oplossing van de problemen van het Midden Oosten die zoveel lijdt, zoals aan diegenen van de rest van de wereld.

Daarom moeten wij de dialoog versterken zowel op het interchristelijk niveau als op het interreligieuze. Het oecumenisch patriarchaat voert reeds vele jaren een interreligieuze dialoog van dit type met de andere monotheistische religies, als toepassing van de beslissingen van de 3e panorthodoxe préconciliaire consultatie (1986). Wij drukken onze goedkeuring en onze steun uit voor dit initiatief, vooral in deze moeilijke tijden, nu het geweld de regio teistert (van het Midden Oosten), waar het bevel tot liefde en de boodschap van vrede voor de eerste maal weerklinkt.

“Wij begrijpen het verlangen van de volkeren die politieke vrijheid en de verdediging van de rechten van de mens vragen”

Ons richtend tot de politieke en religieuze leiders van het Midden Oosten en de ganse wereld, roepen wij hen op om pricipes en condities te scheppen ten voordele van de vreedzame coëxistentie tussen de verschillende religieuze tradities. Terzelfdertijd verklaren wij ons solidair met allen die lijden onder discriminatie, geweld of vervolging. Wij voelen mee met het lijden van onze broeders die geweld moeten ondergaan, met het lijden van onschuldige slachtoffers die getroffen worden door gewapende conflicten, met het lijden van vele mannen en vrouwen die gedwongen worden hun heimat te verlaten en de bittere weg moeten gaan van de ballingschap. Wij begrijpen het verlangen van de volkeren die politieke vrijheid vragen en de verdediging van de rechten van de mens, en wij roepen de betreffende regeringen op om zonder tanen de verzekering te geven dat deze rechten worden gerespecteerd.

De Kerk komt niet tussen in politieke zaken, zij ‘geeft aan Caesar wat van Caesar is en aan God wat van God is’ (Mt 22,21). De politiek, die een middel is om de problemen van de mensen op te lossen, maakt deel uit van een andere sfeer die niet die is van de Kerk, de Kerk heeft hiermee niets te maken. Maar de kerk kan niet onverschillig blijven ten overstaan van deze problemen alsook tegenover de fundamentele principes, antropologische en sociologische die zich voordoen en die om een regeling vragen, met name wanneer deze problemen een bedreiging vormen of die de waardigheid van de menselijke persoon als ‘beeld van God’ in gevaar brengen (Gn 1,26) of als schepping die als ‘zeer Goed’ door God is beoordeeld.

Een ‘ecologisch manifest van de Middelandse zee aannemen.

Het laatste punt dat wij naar voor willen brengen betreft het vraagstuk van de bescherming van onze natuurlijke leefomgeving, waar het belang ervan niet goed wordt geapprecieerd onder druk van actuele politieke, sociale en economische problemen in de regio van het Midden Oosten en dus gezien wordt als van secundair belang. Het gaat hier dan om een valse en gevaarlijke waarneming.

De verwoesting van de natuurlijke omgeving reduceert elk economisch en sociaal succes verkregen als gevolg van de politieke veranderingen waarvoor het bloed vloeit de dag van vandaag in een bittere strijd, tot niets. Het is omdat wij dit goed begrijpen dat wij hebben besloten om de voorstellen die gedaan worden door het oecumenisch patriarchaat om een samenkomst van de religieuze verantwoordelijken voor te bereiden en te houden, en dit in een nabije toekomst. Een ontmoeting met de verantwoordelijken van de religies van de regio, tijdens dewelke een soort van ecologische variant van het ‘Charta van de Middelandse zee’ op punt zal worden gezet en aangenomen. Zo ,zal de orthodoxe Kerk niet alleen zijn plicht doen tegenover de wereld die door God werd geschapen, maar zij zal ook bijdragen tot de vreedzame coëxistentie en de samenwerking van de religies in deze regio die vandaag de dag wordt verscheurd door conflicten.

Beste broeders en kinderen van de Heer!

“Wij roemen ook in de verdrukkingen, daar wij weten dat de verdrukking volharding uitwerkt, en de volharding beproefdheid, en de beproefdheid hoop; en de hoop maakt niet beschaamd, omdat de liefde Gods in onze harten uitgestort is door de heilige Geest, die ons gegeven is” (Rm 5,3-5).

Uit SOP 361 – oktober 2011

Vertaling : Kris Biesbroeck

‘Wij verklaren ons solidair met allen die lijden onder discriminatie, geweld en vervolging’

‘Wij verklaren ons solidair met allen die lijden onder discriminatie, geweld en vervolging’

Boodschap van de synaxe van primaten van de orthodoxe kerken in het Midden Oosten

Het is met een boodschap van waarheid en hoop dat de primaten van de orthodoxe Kerken van de oude stichting, waarvan het territorium zich uitstrekt over de landen van het Midden Oosten hun topbijeenkomst hebben besloten (synaxe) die plaats vond in de Phanar, zetel van het oecumenisch patriarchaat, te Istambul (oude Constantinopel), van 1 tot 3 september laatstleden. De belangrijkste thema’s waren de politieke en sociale crisis die sedert het begin van dit jaar is begonnen in verschillende regio’s van het land, en het gevaar dat dit kan meebrengen voor het leven van de christelijke gemeenschappen die sterk verzwakt zijn in deze regio als gevolg van de gestegen persoonlijke sentimenten en de onverdraagzaamheid. Deze boodschap drukt de bezorgdheid uit van de orthodoxe Kerken voor de evolutie van de situatie in het Midden Oosten en ze doet een beroep op de religieuze en politieke verantwoordelijken van deze regio, maar ook op diegenen in de gehele wereld, tot dialoog, respect , vrijheid en de rechten van de volkeren alsook voor de bescherming van het leefmilieu.

De primaten van de oude orthodoxe patriarchaten en de autocefale Kerk van Chyprus aan de volheid van hun Kerken en aan alle mensen van goede wil !

Beste broeders en zusters in Christus, verheug u ten allen tijde in de Heer

Wij zeggen dank aan God op elk moment, voor u allen, wanneer wij u gedenken in onze gebeden. Wij brengen zonder ophouden in tegenwoordigheid van onze God en Vader, de kracht van uw geloof in herinnering alsook het liefdeswerk, de bestendigheid van uw hoop, die het werk zijn van onze Heer Jezus Christus (1 Th.1,2-3)

Daartoe uitgenodigd door het woord van de apostel Paulus, volgens hetwelke in de Kerk van Christus : ‘indien één lid lijdt, alle leden deelhebben aan zijn lijden; indien één lid verheerlijkt wordt, alle leden delen in zijn vreugde’ (1 Cor.12,26). Wij zijn daarom verenigd in de historische zetel van het oecumenisch patriarchaat, op uitnodiging en in de aanwezigheid van de eerste onder ons in rang en eer, opdat wij de liefde van Christus die ons bindt zouden beleven in alle tijden en vooral in de tijden van beproeving en lijden.

De christelijke wortels van het Midden Oosten

Aan ons, die de verantwoordelijkheid werd toevertrouwd van het bestuur en de pastorale leiding van de historisch gezien oudste Kerken, gesticht door de apostelen van Christus en als autocefaal erkend door de oecumenische concilies van de ene en ondeelbare Kerk, zijn wij hier verenigd om weer aan te knopen met het oude gebruik van dergelijke bijeenkomsten alsook om een uitwisseling van opinies te houden in de liefde en de wederzijdse ondersteuning, rekening houdend met de recente gebeurtenissen in de geografische plaatsen waarin het de Goddelijke Voorzienigheid heeft behaagd onze Kerken te doen groeien sedert de verst achterons liggende tijden.

De Kerk van Christus, als historische realiteit, is ontstaan door de wil van de goddelijke Voorzienigheid, in het gebied genaamd Midden Oosten. Haar stichter en het fundament is Onze Heer Jezus Christus, geboren te Bethlehem in Judea (Mt 2,1). Het is op deze plaats dat Hij zijn twaalf leerlingen en apostelen heeft gekozen. Hij heeft hen het bevel gegeven om allereerst zijn evangelie te prediken in deze regio (Mt10,6), waar hij vervolgens geleden heeft en is verrezen, en waar de eerste Kerk werd gesticht, deze van Jeruzalem, vanwaar zijn apostelen zijn uitgegaan om zijn leer ‘aan alle natiën’ te verkondigen (Mt.28,19). Het is in deze regio dat de eerste grote centra van het christianisme – de kerken van Alexandrië, Antiochië, van Jeruzalem en van Chyprus – zijn gesticht en vruchten hebben gedragen, en waar het geheel van het ene en ondeelbare kerk systeem werd ingesteld.

De toekomst van de christenen van het Oosten bedreigd

Het is in deze streken dat de Kerk van Christus, en meer in het bijzonder de heilige orthodoxe Kerk haar meest intense wortels heeft. Deze streken zijn geheiligd door het bloed van de martelaren die ten onder zijn gegaan voor de verdediging van het orthodoxe geloof, en door de tranen van de heilige en eerbiedwaardige Vaders die uitblonken in ascese. Niemand heeft het recht dit te ontkennen, en de machten van deze wereld, wie ze ook zijn, moeten met respect dit feit erkennen. De christenen van de orthodoxe Kerken van het Midden Oosten leven in deze regio sedert eeuwen en geen enkele ‘etnische zuivering’ of ‘religieuze zuiveringsactie’ kan zich ertegen verzetten of, in elk geval, hun vrije bestaan of activiteit verhinderen zonder de meest elementaire mensenrechten te schenden .

Conform het bijbelse principe, volgens hetwelke ‘aan de heer is de aarde en allen die er wonen'(Ps.23,1). De orthodoxe Kerk heeft nooit verhinderd om met personen van een andere religieuze overtuiging vreedzaam samen te leven in deze regio. Zelfs als de aarde waarop zij sedert eeuwen leefden door middel van macht zijn veroverd door andere religies. De orthodoxe Kerk heeft de middelen gevonden om zich aan te passen en vreedzaam samen te leven met de gelovigen van deze andere religies. De religieuze onverdraagzaamheid is nooit een karaktertrek geweest van de orthodoxie.

Ongelukkiglijk groeit in ons tijdperk de angst voor de ander, van hen die verschillend zijn , en word intenser. De christenen, vooral diegenen die leven in de territoria van het Midden Oosten, riskeren het slachtoffer te worden van deze situatie. In vele gevallen worden de christenen gezien als ‘tweederangsburgers’. In andere gevallen, worden heel wat cultusplaatsen, waaronder vele historische en culturele monumenten geprofaneerd, zelfs verwoest, beperkingen worden opgelegd voor wat betreft de liturgische celebraties en de pastorale vorming van de klerus. daarbij voegen zich nog de tijdelijke gewelddadige acties tegen de chistelijke gemeenschappen tot de moord toe van sommige van hun leden door fanatici die voortkomen uit extremistische religieuze kringen. Wel te verstaan, het spreekt vanzelf dat de christenen zelf, waar ze zich ook bevinden, de plicht hebben om de cultusplaatsen van de andere confessionele gemeenschappen te respecteren.

Intensiveren van de dialoog van verzoening

Wij, orthodoxe christenen, wij geloven in de Schrift, die zegt dat ‘de volmaakte liefde de vrees bant’ (1 Jn 4,18). Wij hebben geen schrik van anderen, welke ook hun geloof is. Wij geven hen een accolade als een broeder en verwachten van hen hetzelfde. Terzelfdertijd hebben wij niet opgehouden bescherming te vragen waar wij recht op hebben van de kant van de staten waar wij leven. Wij hebben de overtuiging dat het hier gaat over de best mogelijke oplossing van de problemen van het Midden Oosten die zoveel lijdt, zoals aan diegenen van de rest van de wereld.

Daarom moeten wij de dialoog versterken zowel op het interchristelijk niveau als op het interreligieuze. Het oecumenisch patriarchaat voert reeds vele jaren een interreligieuze dialoog van dit type met de andere monotheistische religies, als toepassing van de beslissingen van de 3e panorthodoxe préconciliaire consultatie (1986). Wij drukken onze goedkeuring en onze steun uit voor dit initiatief, vooral in deze moeilijke tijden, nu het geweld de regio teistert (van het Midden Oosten), waar het bevel tot liefde en de boodschap van vrede voor de eerste maal weerklinkt.

“Wij begrijpen het verlangen van de volkeren die politieke vrijheid en de verdediging van de rechten van de mens vragen”

Ons richtend tot de politieke en religieuze leiders van het Midden Oosten en de ganse wereld, roepen wij hen op om pricipes en condities te scheppen ten voordele van de vreedzame coëxistentie tussen de verschillende religieuze tradities. Terzelfdertijd verklaren wij ons solidair met allen die lijden onder discriminatie, geweld of vervolging. Wij voelen mee met het lijden van onze broeders die geweld moeten ondergaan, met het lijden van onschuldige slachtoffers die getroffen worden door gewapende conflicten, met het lijden van vele mannen en vrouwen die gedwongen worden hun heimat te verlaten en de bittere weg moeten gaan van de ballingschap. Wij begrijpen het verlangen van de volkeren die politieke vrijheid vragen en de verdediging van de rechten van de mens, en wij roepen de betreffende regeringen op om zonder tanen de verzekering te geven dat deze rechten worden gerespecteerd.

De Kerk komt niet tussen in politieke zaken, zij ‘geeft aan Caesar wat van Caesar is en aan God wat van God is’ (Mt 22,21). De politiek, die een middel is om de problemen van de mensen op te lossen, maakt deel uit van een andere sfeer die niet die is van de Kerk, de Kerk heeft hiermee niets te maken. Maar de kerk kan niet onverschillig blijven ten overstaan van deze problemen alsook tegenover de fundamentele principes, antropologische en sociologische die zich voordoen en die om een regeling vragen, met name wanneer deze problemen een bedreiging vormen of die de waardigheid van de menselijke persoon als ‘beeld van God’ in gevaar brengen (Gn 1,26) of als schepping die als ‘zeer Goed’ door God is beoordeeld.

Een ‘ecologisch manifest van de Middelandse zee aannemen.

Het laatste punt dat wij naar voor willen brengen betreft het vraagstuk van de bescherming van onze natuurlijke leefomgeving, waar het belang ervan niet goed wordt geapprecieerd onder druk van actuele politieke, sociale en economische problemen in de regio van het Midden Oosten en dus gezien wordt als van secundair belang. Het gaat hier dan om een valse en gevaarlijke waarneming.

De verwoesting van de natuurlijke omgeving reduceert elk economisch en sociaal succes verkregen als gevolg van de politieke veranderingen waarvoor het bloed vloeit de dag van vandaag in een bittere strijd, tot niets. Het is omdat wij dit goed begrijpen dat wij hebben besloten om de voorstellen die gedaan worden door het oecumenisch patriarchaat om een samenkomst van de religieuze verantwoordelijken voor te bereiden en te houden, en dit in een nabije toekomst. Een ontmoeting met de verantwoordelijken van de religies van de regio, tijdens dewelke een soort van ecologische variant van het ‘Charta van de Middelandse zee’ op punt zal worden gezet en aangenomen. Zo ,zal de orthodoxe Kerk niet alleen zijn plicht doen tegenover de wereld die door God werd geschapen, maar zij zal ook bijdragen tot de vreedzame coëxistentie en de samenwerking van de religies in deze regio die vandaag de dag wordt verscheurd door conflicten.

Beste broeders en kinderen van de Heer!

“Wij roemen ook in de verdrukkingen, daar wij weten dat de verdrukking volharding uitwerkt, en de volharding beproefdheid, en de beproefdheid hoop; en de hoop maakt niet beschaamd, omdat de liefde Gods in onze harten uitgestort is door de heilige Geest, die ons gegeven is” (Rm 5,3-5).

Uit SOP 361 – oktober 2011

Vertaling : Kris Biesbroeck

23e zondag na Pinksteren : Tempelgang van de Moeder Gods

23e zondag na Pinksteren

FEEST VAN DE TEMPELGANG VAN DE ALHEILIGE MOEDER GODS (21 november)

 

 

Tempelgang moeder Gods3 groot.jpg

Tempelgang van de Moeder Gods

Eerste lezing

Hebr.9,1-7

Toch had ook het eerste verbond liturgische voorschriften en zijn eigen, aardse heiligdom. Er was een eerste tent ingericht die de kandelaar en de tafel met de toonbroden bevatte; die noemde men het heilige. Achter het tweede voorhangsel was een tent die het allerheiligste werd genoemd. Daar stonden een gouden reukofferaltaar en de ark van het verbond, geheel met goud overtrokken, waarin zich een gouden vaas met het manna, de staf van Aäron die gebloeid had, en de tafelen van het verbond bevonden. Boven de ark waren de cherubs van de heerlijkheid, die het verzoendeksel overdekten. Wij kunnen hier nu niet verder op ingaan.
In het aldus ingerichte heiligdom gaan de priesters bij de uitoefening van de eredienst geregeld de eerste tent binnen, maar de tweede wordt alleen door de hogepriester betreden, slechts eenmaal per jaar, en niet zonder het bloed dat hij opdraagt voor zichzelf en voor de tekortkomingen van het volk.

Evangelie :

Lucas 10,38-42 en 11,27-28

Bij Marta en Maria
Op hun reis ging Hij een dorp in. Een vrouw, Marta genaamd, ontving Hem. Zij had een zuster die Maria heette. Die kwam aan de voeten van de Heer zitten en luisterde naar zijn woorden. Marta had het heel druk met bedienen. Ze ging naar Jezus toe en vroeg: ‘Heer, laat het U koud dat mijn zuster mij alleen laat bedienen? Zeg haar dat ze mij komt helpen.’ De Heer gaf haar ten antwoord: ‘Marta, Marta, je maakt je bezorgd en druk over van alles, maar slechts één ding is nodig. Maria heeft het beste deel gekozen en dat zal haar niet worden ontnomen.’

Gelukwensen
Tijdens zijn toespraak verhief een vrouw uit de menigte haar stem en riep Hem toe: ‘Gelukkig de schoot die U heeft gedragen, en de borsten waaraan U hebt gezogen.’ ‘Inderdaad,’ zei Hij, ‘gelukkig zij die het woord van God horen en het bewaren.

20e zondag na Pinksteren : de jongeling van Naïm

20e zondag na Pinksteren

“Opwekking van de jongeling van Naïm”

 

Nahum opwekking van Naim3.jpg

 De jongeling van Naïm

 

 

Lezingen :

Galaten 1,11-19

Ik verzeker u, broeders en zusters, het evangelie dat door mij is verkondigd, is niet door mensen uitgedacht. Want ook ik heb het niet van een mens ontvangen of geleerd, maar door een openbaring van Jezus Christus.
Voorvallen uit Paulus’ leven

U hebt toch gehoord hoe ik vroeger als Jood geleefd heb: hoe ik de kerk van God fel vervolgde en haar trachtte uit te roeien; en hoever ik het gebracht heb in de Joodse godsdienst, vele leeftijdgenoten onder mijn volk overtreffend in mijn grenzeloze ijver voor de overleveringen van mijn voorouders. Maar toen God, die mij had uitgekozen, nog in mijn moeders schoot, en die mij heeft geroepen door zijn genade, besloot zijn Zoon aan mij te openbaren om Hem onder de heidenvolken te verkondigen, toen ben ik aanstonds, zonder een mens te raadplegen, zonder naar Jeruzalem te gaan, naar hen die eerder apostel waren dan ik, vertrokken naar Arabië en vandaar naar Damascus teruggekeerd.
Pas drie jaar later ben ik naar Jeruzalem gegaan om met Kefas kennis te maken, en ik ben veertien dagen bij hem gebleven. Van de andere apostelen heb ik niemand gezien, behalve Jakobus, de broer van de Heer.

Evangelie : Lucas 7,11-16

Opwekking van de zoon van een weduwe uit Naïn
Naderhand ging Jezus naar een stad die Naïn heette; zijn leerlingen en een grote menigte gingen met Hem mee. Toen Hij de stadspoort naderde, werd er juist een dode uitgedragen, de enige zoon van een weduwe. Een talrijke menigte uit de stad was bij haar. Toen de Heer haar zag, was Hij ten diepste met haar begaan. ‘Huil niet’, zei Hij tegen haar. Hij liep naar de lijkbaar toe en raakte die aan. De dragers bleven staan en Hij zei: ‘Jongeman, kom overeind, zeg Ik je!’ En de dode ging rechtop zitten en begon te praten, en Hij gaf hem aan zijn moeder. Ontzag vervulde allen en ze prezen God. Ze zeiden: ‘Een groot profeet is onder ons opgestaan’, en: ‘God heeft naar zijn volk omgezien

19e zondag na Pinksteren : Heb uw vijanden lief !

19e zondag na Pinksteren

‘Heb uw vijanden lief !’

 

 

liefhebben2.jpg

 

Eerste Lezing

 2 Kor. 11,31-12,9

 

11 .31 De God en Vader van de Heer Jezus, de God die moet worden geprezen tot in eeuwigheid, weet dat ik niet lieg. 32 Toen ik in Damascus was, liet de stadhouder van koning Aretas de stad afsluiten om mij gevangen te nemen; 33 ik kon alleen aan hem ontkomen doordat ik in een mand door een venster in de muur werd neergelaten.

12 .1 Ik word er wel toe gedwongen hoog van mezelf op te geven. Daarom zal ik, hoewel het geen enkel doel dient, het hebben over visioenen en openbaringen die de Heer ons schenkt. 2 Ik ken een volgeling van Christus die veertien jaar geleden tot in de derde hemel werd weggevoerd – in zijn lichaam of buiten zijn lichaam, dat weet ik niet, dat weet God alleen. 3 Maar ik weet dat deze man – in zijn lichaam of zonder zijn lichaam, dat weet ik niet, dat weet God alleen – 4 werd weggevoerd tot in het paradijs en dat hij daar woorden hoorde die door geen mens mogen worden uitgesproken. 5 Van zo iemand wil ik hoog opgeven. Wat mijzelf betreft zal ik me slechts op mijn zwakheid laten voorstaan. 6 En zelfs al zou ik hoog van mezelf willen opgeven, dan nog zou ik geen dwaas zijn, want ik zou de waarheid spreken. Maar ik zie ervan af, want ik wil worden beoordeeld op grond van wat men van mij hoort en ziet, 7 niet op grond van de uitzonderlijke openbaringen die ik heb gekregen. Om te verhinderen dat ik mezelf zou verheffen, werd mij een doorn in het vlees gestoken: ik word gekweld door een engel van Satan. 8 Ik heb de Heer driemaal gesmeekt mij van hem te bevrijden, 9 maar hij zei: ‘Je hebt niet meer dan mijn genade nodig, want kracht wordt zichtbaar in zwakheid.’ Dus laat ik mij veel liever voorstaan op mijn zwakheid, zodat de kracht van Christus in mij zichtbaar wordt.

 

 

Evangelie :

 Lucas 6,31-36

 

6 .31 Behandel anderen zoals je wilt dat ze jullie behandelen. 32 Is het een verdienste als je liefhebt wie jullie liefhebben? Want ook de zondaars hebben degenen lief die hen liefhebben. 33 En is het een verdienste als je weldaden bewijst aan wie weldaden bewijzen aan jullie? Ook de zondaars handelen zo. 34 En is het een verdienste als je geld leent aan degenen van wie jullie iets terug verwachten? Ook zondaars lenen geld aan zondaars in de verwachting alles terug te krijgen. 35 Nee, heb je vijanden lief, doe goed en leen geld aan anderen zonder iets terug te verwachten; dan zullen jullie rijkelijk worden beloond, en zullen jullie kinderen van de Allerhoogste zijn, want ook hij is goed voor wie ondankbaar en kwaadwillig is.

36 Wees barmhartig zoals jullie Vader barmhartig is.