Alexander van Jerusalem

Heiligenleven

Heilige Alexander van Jerusalem

 

 

Alexander_of_Jerusalem.jpg89.jpg

Alexander van Jerusalem

 

 

De heilige Alexander, bisschop van Jerusalem, was een student van de beroemde katechetenschool in Alexandrië. Hij was een leerling van de heilige Klemens en studiegenoot van origines, met wie hij door warme vriendschap verbonden bleef. Toen hij weer teruggegaan was naar zijn geboortestad in kappadociê, werd hij daar tot bisschop gekozen. Tijdens de vervolging werd hij in 204 gtevangen genomen en hij bleef zeven jaar in de kerker, van waaruit hij zijn ciocees zoveel mogelijk bleef besturen door bemiddeling van de vertrouwde priester Klemens.

In het jaar 212 kwam hij eindelijk vrij en uit dankbaarheid en omdat God hem in een droom daartoe opriep, ging hij op pelgrimstocht naar Jerusalem. Toen hij de heilige stad naderde, hadden zowel de bisschop als verschillende leden van zijn raad een visioen dat zij de heirbaan moesten optrekken om hun toekomstige bisschop tegemoet te gaan. Zij ontmoetten Alexander, die kennelijk de voorbeschikte persoon was. Het was nog nooit voorgekomen dat een bisschop van zetel wisselde, maar nu werden alle bisschoppen van Palestina bijeengeroepen en men kwam gezamenlijk tot de conclusie dat God duidelijk had laten blijken dat op een goddelijke openbaring Alexander tot bisschop gekozen moest worden in plaats van Narcissus, die in zijn hoge ouderdom niet meer in staat was dit moeilijk diocees te besturen. In een brief van Alexander staat dat Narcissus 116 jaar oud was.

De nieuwe bisschop was nog steeds een man van studie. Hij bracht in Jerusalem een beroemde bibliotheek bijeen waarin hij de boeken en brieven van alle grote mannen uit die tijd verzamelde. De geschiedschrijver Eusebios heeft hier rijkelijk uit geput. Ook Origines schrijft over hem en roemt vooral de zachtmoedigheid waarmee hij het geloof verkondigt in zijn preken.

Toen Alexander zelf oud geworden was, werd hij tijdens de vervolging van Decius gevangen genomen en in Caesarea vastgezet totdat hij stierf in de kerker, in het jaar 250.

Uit : Heiligenlevens voor eklke dag. Orthodox klooster Den Haag

de heilige Gontran

Heiligenleven

De heilige Gontran (Gunthranus)

 

 

 

 

gontran van Bourgondie.jpg

Heilige Gontran – griekse ikoon door Constantin Zaponidis (Thessalonika 2002)

 

 

De heilige Gontran, koning van Bourgogne, kleinzoon van Clovis I, werd geboren in 525 en koning gekroond toen hij 36 jaar oud was, te Orleans. Na een barbaarse beginperiode, die het leven kostte aan zijn beide broers, ontfermde hij zich over hun kinderen en begon hij oprecht te zoeken naar het welzijn van zijn onderdanen. Hij gebruikte de onderrichtingen van het Evangelie als richtsnoer voor zijn bestuur en hechtte de hoogste waarde aan goede betrekkingen met de bisschoppen. Hij steunde alom de kerkbouw en het oprichten van kloosters.

Toen een langdurige periode van slecht weer niet alleen algemene hongersnood veroorzaakte, maar er daarbij ook nog een pestepidemie uitbrak, achtte hij zich persoonlijk voor God verantwoordelijk, en hij trachtte door dag en nacht te bidden en te vasten Gods toorn af te wenden, terwijl hij alle maatregelen nam voor het verzorgen van zieken.

Persoonlijke beledigingen en zelfs moordaanslagen, vergaf hij gemakkelijk maar de wreedheden van zijn officieren tegen anderen ,bestrafte hij streng. Hij is gestorven in het jaar 593, bijna 70 jaar oud, te Chalons-sur-Saône. De heilige Gregorius van Tours, die zijn leven heeft beschreven, verhaalt ook verschillende, op Gontrans voorspraak verkregen wonderen, waarvan hij getuige is geweest.

Uit : Heiligenleven voor elke dag – Orth.klooster Den Haag

Heiligenleven : de heilige Aninas

Heiligenleven
De heilige Aninas (Ananias)
 
 
 
 
 
 Aninas-of-Euphrates.jpgDe heilige Aninas (Ananias), de wonderdoener van Chalcedon, werd wees toen hij 15 jaar oud was. Hij was een ernstige jongeman, die zonder enige terughoudendheid geheel zijn leven aan de omgang met God  wilde wijden. Hij trok naar de woestijn aan de rand van de stad en werd monnik bij de kluizenaar Mayum die zich daar in een kleine hut gevestigd had. Zij leefden samen in uiterste armoede, maar ook hun laatste restje voedsel schonken zij weg toen een arme daarom vroeg. Na Mayums dood bleef hij daar alleen. Zijn van nature reeds sterke wil, van hogere kracht voorzien door de inwoning in hem van de heilige Geest, bedwong op wonderbare wijze de natuur in het rond.Op zijn gebed vulde een uitgedroogde put zich weer met water en zieken werden genezen. Wilde dieren zochten zijn gezelschap en bewezen hem diensten.
Later leefde hij in een hol in de vlakke woestijn van de Eufraat, in het gezelschap van twee leeuwen die zich als huisdieren gedroegen. Zij vergezelden hem op zijn dagelijkse tocht om een uur ver water te halen uit de rivier. Toen de bisschop van Caesarea dit hoorde, zond hij hem een ezel om het water voor hem te dragen, maar hij weigerde die te aanvaarden en schonk hem aan een paar arme mensen die in nood verkeerden. Toen liet de bisschop er een groot watervat neerzetten en gaf aan de mensen die Aninas gingen opzoeken, de opdracht om water mee te nemen en het vat te vullen.
Aninas zagt in zijn binnenste gebeurtenissen die op grote afstand plaatsvonden. Daar was bijvoorbeeld de pilaarbewoner Pionios. Deze was eens door rovers overvallen en zwaar mishandeld. Pionios kende hen, en overwoog van zijn zuil af te komen en een aanklacht tegen hen in te dienen. Aninas zond hem toen door middel van zijn leeuw een brief, om hem te waarschuwen zich niet vfan zijn weg te laten afbrengen, zijn aanvallers te vergeven en zijn askese vol te houden. Zelf toonde hij ook altijd de grootste edelmoedigheid tegenover allen die met hem in aanraking kwamen, hetzij in vriendschap, hetzij om hem te benadelen.
Ondanks zijn asketische levenswijze bereikte hij de leeftijd van 110 jaar, en is toen in vrede gestorven
 
 
Uit : Heiligenlevens voor elke dag. Uitg.Orth.klooster.Den Haag

heiligenleven : de heilige Simplicius, paus van het oude Rome.

Heiligenleven

De heilige Simplicius, paus van het oude Rome



Simplicius.jpg

De heilige Simplicius

De heilige Simplicius, paus van het oude Rome, was afkomstig uit Tibur, het huidige Tivoli. Nadat hij gediend had in de geestelijkheid van de twee voorafgaande pausen, werd hij in 467 zelf tot dit zware ambt geroepen, in een tijd dat het land zwaar te lijden had van de invallende barbaren. Zelfs Rome werd ingenomen en geplunderd in het achtste jaar van zijn pontifikaat.

Dit was mogelijk omdat het land zelf verdeeld was geraakt. Het werd bestuurd door romeinse gouverneurs die zich een tiranniek gezag hadden aangematigd over de bevolking die geheel rechteloos was. Zij heersten als kleine tirannen met volstrekte willekeur, en elk verzet werd met grote wreedheid onderdrukt. Zo werden de invallende barbaren min of meer als bevrijders geduld, en hele legergroepen kwamen in opstand tegen het rijk. Dit alles bevorderde het arianisme, omdat de orthodoxie vereenzelvigd werd met het tiranniek bewind.

De taak van Simplicius werd hierdoor onnoemelijk zwaar, en nadat hij bijna 16 jaar de Kerk, voor zover hij dat kon, bestuurd had, is hij gestorven in 483.

Uit : heiligenlevens voor elke dag. Uitg.Orthodox klooster. Den Haag

De heilige Drosis, dochter van keizer Trajanus

Heiligenleven

De heilige Drosis, dochter van keizer Trajanus


 

drosis main.jpg dochter van keizer Trajanus.jpg

heilige Drosis dochter van keizer Trajanus

De heilige Drosis, een dochter van keizer trajanus, leefde in Antiochië en had vriendschap gesloten met enkele christenvrouwen die als maagden een gemeenschappelijk leven leidden. Zij voelde steeds meer sympathie voor de christenen en had medelijden met de slachtoffers van de vervolgingen. Zij kwam er zelfs toe deel te nemen aan hun nachtelijke tochten, wanneer ze naar de executieplaats trokken om de lichamen der martelaren weg te halen en te begraven. Bij zulk een gelegenheid werd zij met vijf anderen betrapt en gevangen genomen. De zaak werd aan de keizer voorgelegd. Deze liet de vijf christenvrouwen verbranden maar zijn dochter in een put werpen. Zijbekruiste zich in naam van de heilige Drie eenheid, en ontving zo de doop van het water tegelijk met de doop van het martelaarschap.

Uit : heiligenlevens voor elke dag. Uitg.Orthodox klooster. Den Haag

Heiligenleven : heilige Chrysanthus

Heiligenleven

 

De heilige Chrysanthus

 

 

CHRYSANTHUS_AND_DARIA.jpg

Chrysanthus en Daria

 

De heilige Chrysanthus, zoon van een romeinse senator, en zijn vrouw Daria, priesteres van Pallas Athene, met de tribuun Claudius, diens vrouw Hilaria, en hun zonen Maurus en Jason. Chrysanthus was uiterst leergierig en bestudeerde ieder boek dat hij in handen kreeg. Toen hij zo kennis kreeg van de Evangeliën en de Handelingen der Apostelen, werd hij daar volkomen door overrompeld. Hij wilde bij Christus horen, liet zich dopen en kon niet nalaten met anderen over Hem te spreken, tot grote woede van zijn vader. Deze maakte van zijn positie gebruik om zijn zoon in de gevangenis te zetten en hem slecht te behandelen, zodat zijn wil gebroken zou worden door honger en koude, vernedering en pijn. Toen hij geheel uitgeput was, huwde hij hem uit aan de beeldschone Daria, een priesteres van de tempel van Pallis Athene, die zijn gedachten wel op een ander spoor zou brengen.

Maar Chrysanthus had de idealistische jonge vrouw die van hem hield, spoedig tot de waarheid van Christus gebracht, en na de dood van zijn vader werd de grote woning een toevluchtsoord voor pas bekeerde christenen. Lang  duurde deze veiligheid echter niet, daarvoor was het ras der verklikkers te actief. Zij vielen in handen van de tribuun Claudius, die hen liet martelen. Hij was ervan overtuigd dat zulke wekelijke opgevoede jongelui dan wel gauw anders zouden piepen. Maar tot zijn grote verwondering was er in hen geen spoor van wankelmoedigheid. Zelfs als zij het uit moesten schreeuwen van pijn , dan waren zij direct daarna weer opgewekt en deden zelfs pogingen om hymnen te zingen voor hun God.

Daar ook hij een goed mens was, kwam hij tot het inzicht dat hier iets bijzonders gebeurde, iets van zo grote waarde, dat hij daaraan deel wilde hebben. Hij trok dan ook consequentie en liet zich dopen met heel zijn gezin, dat hem blijkbaar innig was toegedaan. Zij werden op verschillende wijzen ter dood gebracht, terwijl Chrysanthos en Daria levend werden begraven , in 281.

Om de plaats die het huis van de beide martelaren had ingenomen in het leven van de gemeente te Rome, werd al spoedig hun gedachtenis gevierd, vooral op de verjaardag van hun martelaarschap. De christenen waren toen bijeengekomen in één van de catacomben en vierden de heilige liturgie. Ook dit werd overgebracht : de toegang van de catacombe werd dichtgemetseld. De gelovigen die daar bijeen waren zijn van honger en dorst gestorven, samen met hun priester Diodorus en de diaken marianus.

Uit : Heiligenlevens voor elke dag. Uitg. Orthodox klooster Den Haag.

Heilige Innokenti eerste bisschop van Irkoetsk

Heilige Innokenti, eerste bisschop van Irkoetsk


 

innocent.gif bisschop van Irkoetsk.gif

Heilige Innokenti van Irkoetsk

De heilige Innokenti, eerste bisschop van Irkoetsk, was geboren als zoon van een priester in Oekraïne in 1680. Als jongen van 15 kwam hij op de priesterschool van het Teofanieklooster in Kiev, dat enkele jaren later een theologische akademie werd. Er waren verschillende grote persoonlijkheden verbonden aan deze inrichting, van wie Innokenti een diepgaande geestelijke en wetenschappelijke vorming ontving. Op het eind van zijn studies, in 1708, trad hij als monnik in de beroemede Grottenlaura of Holenklooster, waarvan hij als student het leven reeds in belangrijke mate had gedeeld. Maar slechts twee jaar later werd hij naar Moscou geroepen om les te geven aan de akademie en in 1714 werd hij assistentrector. In elk van deze functies kwamen zijn grote talenten duidelijk aan de dag, en in 1719 riep Peter de Grote hem naar de akademie in zijn creatie, Sint-Petersburg. Het volgende jaar werd hij tot overste benoemd van de Alexander Nevski-Laura aldaar. Maar de ontwikkeling stond niet stil : direct daarop werd besloten om hem naar de missie in China te zenden.

In 1721 werd hij bisschop gewijd en na bijna een jaar te hebben gereisd kwam de nieuwe bisschop, in het gezelschap van twee hieromonniken, twee diakens en vijf zangers aan de chinese grens. Daar strandden zij, want de onderhandelingen met de chinese regering mislukten telkens. Na drie jaar wachten trok Innokenti naar Irkoetsk waar tenminste een klooster was waar hij zijn intrek kon nemen. Het land was daar nog grotendeels heidens en Innokenti zette het missiewerk voort dat hij aan de grens reeds begonnen was. Hij had de wachttijd gebruikt om de taal van die streek te leren en hij trok rond om onderricht te geven.

In 1727 werd de streek rond irkoetsk afgescheiden van het diocees Tobolsk en tot een eigen bisdom gemaakt. Nu kon Innokenti met volle autoriteit optreden tegen de grote euvels die daar heersten, vooral de drankzucht en het morele bederf onder de Mongoolse bevolking. Hij gaf zich volledig aan zijn taak en ontplooide een geweldige werkkracht. Zijn inspanning was vooral gericht op verbetering van het onderwijs. De leerlingen van de kloosterschool zette hij in voor de verbreiding van het christendom, en zo groeide deze school tot een seminarie nvoor priesteropleiding.

De financiering vormde een heel moeilijk punt. Innokenti voorzag in zijn levensonderhoud door het schilderen van iconen terwijl hij ook zijn eigen kleren en schoeisel maakte. Hij toonde een zorgende oplettendheid voor allen met wie hij in aanraking kwam en was al spoedig de vertrouwensman van de bewoners in alle moeilijkheden en omstandigheden van hun leven.

Elk jaar ondernam hij een uitgebreide inspectietocht door zijn diocees, ondanks de slechte toestand van de wegen en zonder achte te slaan op zijn eigen wankele gezondheid. Totdat hij, 50 jaar oud, zo ernstig ziek werd dat hij wel het bed moest houden. Van daaraf regelde hij nog zoveel mogelijk de zaken, waaronder de bouw van de tiende kerk die hij tot stand had gebracht. De 25e november vroeg hij om het gebed van zijn monniken en monialen en heel zijn kudde, en in de vroege morgen van de 27e ontsliep hij rustig in de Heer, in het jaar 1731. Zijn gedachtenis wordt gevierd op de dag van zijn heiligverklaring.

Uit : Heiligenlevens voor elke dag. Uitg. Orthodox klooster Den Haag

heiligenleven : De heilige Serapion van Novgorod

Heiligenleven

De heilige Serapion van Novgorod


serapion van Novgorod.jpg

De heilige Serapion, bisschop van Novgorod, was afkomstig uit de buurt van Moscou. Op wens van zijn ouders was hij gehuwd en hij werd priester gewijd. Na de dood van zijn vrouw verdeelde hij zijn vermogen onder de armen en werd monnik. Later werd hij tot hegoumen benoemd van de grote Sergei-Laura en in 1506 tot aartsbisschop van Novgorod. Daar kreeg hij twist met jozef van Wolokolamsk over de verdeling van kerk-en kloostergoederen. Deze liet zijn invloed in Moscou gelden en Serapion werd daarom naar Moscou geroepen, afgezet als bisschop van Novgorod, en geïnterneerd in een klooster van de stad

Na twee jaar bleek dat zijn verzet gerechtvaardigd was geweest. Er kwam een verzoening tot stand met Jozef Wolokolamsk, doch Serapion keerde niet terug naar Novgorod, doch bleef in de Sergei-Laura tot aan zijn dood in 1516

Uit : heiligenlevens voor elke dag. Uitg.Orthodox klooster DenHaag

De heilige Serapion de Sindoniet

Heiligenleven

De heilige Serapion



Serapion the Sindonite.jpg

Heilige Serapion de Sindoniet


De heilige Serapion doceerde aan de beroemde katechetenschool van Alexandrië. Hij werd bisschop van Thmuïs (in de Nijldelta) nadat hij als monnik in de egyeptische woestijn had geleefd. Hij was een vriend van de heilige Antonios de Grote (die hem op zijn sterfbed zijn rasso naliet), en een grote verdediger van de heilige Athanasios, met wie hij in briefwisseling stond en die vaak zijn raad inwon. Hij heeft ook verhandelingen geschreven over Psalmen en over het Manicheïsme, en nam deel aan het concilie van Sardes in 343. In 356 werd hij, met vijf andere bisschoppen, door Athanasios naar Konstantinopel gezonden om de zaak van de Orthodoxie bij de keizer te bepleiten. Toen de Arianen aan de macht waren onder Konstantios, werd hij verbannen tot aan zijn dood, in 365. Hij was een scherpzinnig denker met grote studiezin en het wil wel iets zeggen dat de grote Hiëronimus hem ‘Serapion, de geleerde’ noemde. Nog geen eeuw geleden is er een Sacramentarion ontdekt van zijn hand, met gebeden voor de bisschopsliturgie.

Uit : ‘Heiligenlevens voor elke dag’ Uitg. Orthodox klooster Den Haag

Heiligenleven _Zacharia paus van Rome

Heiligenleven

Heilige Zacharia, Paus van Rome


zacharia paus van rome.jpg


De heilige Zacharia, paus van Rome, was een griekse geleerde die Rome bezocht. Daar werd hij priester gewijd in de tijd dat de stad in voortdurende alarmtoestand verkeerde wegens de invallen der Lombarden. Zijn voorbeeldig leven, zijn diep menselijk begrip en liefdevolle aandacht wonnen de sympathie van ieder met wie hij in aanraking kwam, en zo gebeurde het dat hi na de dood van Gregorius III in 741 tot diens opvolger gekozen werd als bisschop van Rome. Het was een tijd vol ellende, want de Lombarden hadden zelfs de kerk van de heilige Petros geplunderd, die de Gothen tot nu toe steeds hadden ontzien.
Op uiterst diplomatieke wijze schreef Zacharia nu een hoffelijke brief aan de Lombardenkoning, die daardoor zo getroffen werd dat hij wel wilde onderhandelen met de nieuwe paus.
Deze trok, met een aantal van zijn geestelijken naar Terni in Umbrië, waar hij door Luitprand, de koning, eveneens met grote hoffelijkheid werd ontvangen. Er werd een verdrag gesloten, de romeinse gevangenen werden vrijgelaten en de ingenomen steden teruggegeven. Met grote plechtigheid werd een bisschop gewijd voor Terni, wat een grote indruk maakte op de Lombarden.
Ook daarna bemiddelde Zacharias bij de geschillen in Noord-Italië, en tenslotte wist hij een vrede te bewerken voor heel Italië, die 20 jaar duurde. Deze tijd gebruikte hij om het kerkelijk leven, dat veel te lijden had onder de voortdurende oorlogstoestand, weer innerlijk te versterken. Tegelijk  wendde hij zijn invloed aan om in het oostromeinse rijk de verwoestende invloed van de ikonenstrijd tegen te gaan. En in het Noorden steunde hij de missionering van de heilige Bonifatius.
In West-Europa groeide intussen steeds de macht van de hofmeiers onder de franse koningen. Pepijn zond bisschop Burchhard en abt Fulrad als gezanten om te onderzoeken of de paus neutraal zou blijven wanneer hij naar de macht greep. Zacharias, die een sterke steun zocht tegen de Lombarden, ging veel verder dan het verzoek rijkte. Hij schreef aan Pepijn ook de kroon niet te weigeren wanneer die hem zou worden aangeboden, en aan de franse edelen schreef hij wel geen rechtstreekse aansporing om de machteloze Childeric III af te zetten, maar wel dat de kroon toebehoorde aan wie de macht had. Deze mededeling werd als een hemelse goedkeuring beschouwd en in het volgend jaar werd Pepijn gekroond te Soissons door de aartsbisschop van Metz, eveneens Bonifatius geheten. Maar toen was Zacharias juist gestorven. Op 3 maart 762. Zijn gedachtenis wordt gevierd op de dag van zijn begrafenis.
Uit : Heiligenlevens voor elke dag. Uitg. Orthodox klooster-Den Haag

De heilige Agathon

Heiligenleven

De heilige Agathon

 

Agathon abba  Hongaarse orthodoxe kerk.jpg

Heilige Agathon

 

De heilige Agathon , een van de grote Oudvaders in de Egyptische woestijn, leerling van abba Lot en tijdgenoot van de grote Makarios. Hij stond vooral bekend om zijn grote zachtmoedigheid en omdat hij de innerlijke gesteldheid van groter belang achtte dan lichamelijke werken van askese. Hij beval aan om zich elk uur af te vragen hoe wij, wat wij zojuist gedaan hadden, zouden moeten verantwoorden op de oordeelsdag.

In het Vadersboek staat een kort verhaal dat ons een blik gunt op de monnikensamenleving in de woestijn. Een aantal jonge monniken had zich onder de leiding van Agathon gesteld om het monniksleven te leren. Deze was vooral gesteld op één van hen, Alexander, die zich zo gewillig liet leiden en alle plichten met grote nauwkeurigheid vervulde.Nu was deze groep eens naar de rivier gegaan om hun kleren te wassen. In de hitte was dit geen onaangenaam werk en iedereen was vol ijver bezig, behalve Alexander, die misschien oververmoeid was. En omdat de anderen waarschijnlijk jaloers waren op zijn voorrangspositie, werd al gauw aan Agathon het bericht overgebracht dat die broeder niets uitvoerde. Agathon kwam en gaf hem een standje, waarop Alexander heel bedroefd was. Maar later nam Agathos Alexander apart en zei hem : “wees maar niet bedroefd, ik weet heus wel dat je gedaan hebt wat je kunt, maar het leek mij nuttig ,om je te berispen waar de anderen bij waren, om hun hardheid van geest wat te verzachten door het voorbeeld van jouw gehoorzaamheid.

Ook over het samenwonen van de broeders heeft hij zeer praktische dingen gezegd, toen hem eens gevraagd werd hoe dat moest gebeuren. We moeten daarbij vasthouden aan de gesteldheid van de eerste dag waarop we bij de anderen kwamen en diezelfde innerlijke afstand en vreemdheid bewaren. Immers, een al te grote vertrouwelijkheid leidt tot gebrek aan eerbied, en uit deze ondeugd stammen alle andere hartstochten. En vooral moeten we nooit gaan slapen voordat we eventuele wrijvingen naar ons vermogen hebben bijgelegd.

Eens had hij met zijn groep hard gewerkt om een nieuwe kluis te bouwen en in te richten en toen hij klaar was , trokken zij erin om zich neer te zetten voor het gebed. Maar na afloop van de eerste week had zich in Agathon de overtuiging gevestigd dat de nieuwe kluis niet geheel beantwoordde aan wat hij zich ervan had voorgesteld, en hij zei daarom tot de anderen : “Laten we ergens anders heengaan”. Dat viel hun rauw op het lijf en ze begonnen te mopperen dat hij dat wel eens had mogen bedenken voordat ze er zoveel werk aan hadden besteed. En wat moeten de mensen wel denken over zulk een ongedurigheid ? Daarop antwoordde Agathon dat de verstandigen hen juist zouden prijzen omdat ze omwille van God dit alles opgaven, en dat hij in ieder geval zou vertrekken. Daarop konden ze niets anders doen dan hem vergeving vragen en hem verzoeken hen mee te nemen.

Toen er eens gediscussieerd werd over wat wel het moeilijkste was dat een monnik op zich kan nemen, ,gaf Agathon als zijn mening dat werkelijk bidden de allerzwaarste taak was. Want de andere werken brengen hun eigen genoegdoening mee wanneer we erin slagen ze te volbrengen, maar bidden kost strijd tot de laatste ademtocht.

Eens maakte hij met zijn leerlingen een wandeling en een van hen vond op de weg een erwt liggen. Hij vroeg aan de Oudvader of hij die niet moest oprapen. Maar die keek hem vol verbazing aan en vroeg : “Heb jij die dan neergelegd ? Hoe kun je dan op het idee komen om die op te rapen ?”

Ook op een andere wijze toonde hij zijn fijngevoeligheid. Hij wilde nooit aalmoezen geven, maar bij kopen en verkopen accepteerde hij zonder enige bedenking de prijs die hem geboden of gevraagd werd, zodat de mensen hun winstje aan hun eigen slimheid zouden toeschrijven en niet aan zijn goedgeefsheid. Zo spaarde hij hun gevoel van eigenwaarde en dat beschouwde hij als zijn liefdegave.

Hij stond altijd klaar om anderen te helpen. Het weinige dat hij had stond hij ogenblikkelijk af wanneer iemand iets nodig had of zelfs maar bewonderde. Wanneer met de boot de Nijl moest worden overgestoken, was hij de eerste die naar de riemen greep.

Wanneer hij de neiging in zich voelde opkomen om een oordeel te vellen over de fout van een ander, dan zei hij in zichzelf : “Agathon, zorg maar eerst dat je zelf niet zoiets doet”, en daarmee bracht hij zijn gedachte tot rust. Want hij was ervan overtuigd dat zelfs wanneer iemand in toorn een dode ten leven zou wekken, hij toch nog veroordeeld zou worden door God.

Een kenmerkende uiting van hem is ook dat hij graag zijn gezond lichaam ,zou willen ruilen met dat van een melaatse, opdat die dan tenminste geholpen zou zijn. Ook droeg hij eens een melaatse op diens verzoek naar de stad. De man vroeg hem iets voor hem te kopen voor alles wat Agathon voor zijn producten ontvangen had. En tenslotte vroeg hij hem terug te dragen naar de plaats waar hij hem gevonden had. Daar zei de melaatse “Gezegend zijt gij, Agathon, door de Heer in de hemel en op de aarde”, en was daarna plotseling verdwenen, zodat Agathon begreep dat het een Engel was geweest om hem op de proef te stellen.

Eens vond hij op het dorpsplein een zieke vreemdeling liggen, geheel onverzorgd, om wie niemand zich bekommerde. Agathon huurde toen een kamer, droeg de zieke erheen, bleef bij hem en verzorgde hem vier maanden lang, tot deze weer genezen was. Eerst toen ging hij nterug naar zijn cel.

Maar op zijn sterfbed was hij onzeker en toen de broeders hem vroegen of zelfs hij angst had, antwoordde hij : “Al heb ik altijd mijn best gedaan om God geboden te volbrengen, ik ben toch maar een mens, hoe kan ik weten of mijn daden God bhehaagd hebben ? Gods oordeel is immers heel iets anders dan het oordeel van de mensen.” Maar zij zagen dat hij vol vreugde stierf, als iemand die zijn vrienden en geliefden gaat verwelkomen.

Uit. Heiligenlevens voor elke dag . Uitg. orth. Klooster – Den haag

De heilige Erasmos van het Holenklooster in Kiev

Heiligenleven

De heilige Erasmos van het Holenklooster in Kiev

erasmus van Kiev.jpgDe heilige Erasmos had van zijn ouders grote rijkdommen geërfd, en vol enthousiasme besteedde hij al het geld aan de verfraaiing van de Kerk. En terwijl hij in tranen bad voor de iconen die hij met gouden en zilveren riza’s had getooid, werd zijn eigen hart getooid met geloof en liefde en alle monastieke deug. Nu kwamen er echter andere monniken bij hem die hem beschuldigden van aardse ijdelheid en dat hij zijn bezit aan de armen had moeten geven Het was te laat en niet meer mogelijk om terug te nemen wat hij zo spontaan gegeven had. Erasmos ,raakte in volkomen onzekerheid en verloor zijn vurige ijver. Een diepe neerslachtigheid maakte zich van hem meester en tenslotte werd hij zo ziek dat men oordeelde dat hij stervende was. Dagenlang sprak hij geen enkel woord en hij scheen volkomen buiten bewustzijn. De aanwezige monniken bespraken met elkaar hoe zwaar hij het te verantwoorden zou krijgen nu hij zijn leven zo nutteloos had doorgebracht; en hij zag eruit of hij door een schrikwekkend visioen tot zwijgen was gebracht.

Maar plotseling richtte Erasmos zich op en zei : ‘Inderdaad, mijn broeders, ik ben een zondaar en heb geen berouw gekend. Maar onze heilige Vaders zijn mij verschenen en zeiden me dat zij voor mij gebeden hadden dat Christus mij tijd van bekering zou geven. En toen verscheen mij de heilige Moeder Gods van onze icoon, samen met allerlei Heiligen, en zij sprak tot mij : ‘Erasmos, jij hebt mijn kerk opgeluisterd, daarom zal ik jou luister schenken in het Koninkrijk van mijn Zoon. Over drie dagen kom ik je halen, omdat je de luister van mijn Huis hebt liefgehad’.

Hierna stond Erasmos op, beleed voor de broeders zijn zonden, ging naar de kerk, en ontving vol vreugde het Grote Schima. En al biddend ontsliep hij op de derde dag, in blijdschap, om op te gaan naar Christus en Zijn heilige Moeder, omstreeks 1160.

Uit : Heiligenlevens voor elke dag. Uitg.Orthodox klooster Den Haag

heiligenleven : de heilige Simeon van Jeruzalem

Heiligenleven

De heilige Simeon van Jeruzalem

 

 

simeon van Jeruzalem.png

 Simeon van Jeruzalem

 

 

 De heilige Simeon, bisschop van Jeruzalem, was de broeder van Jacobus en Judas en Joses, die genoemd worden in het evangelie van de heilige Mattheos (13,55). Hij was negen jaar ouder dan onze Verlosser en behoorde al vroeg tot Diens gevolg.

Hij was degene die de Heilige Geest ontvingen op het Pinksterfeest en behoorde tot de voornaamste leden van de Kerk van Jeruzalem, waar Petros aan het hoofd stond. Deze werd echter weldra gevangen genomen en toen door een engel op wonderbare wijze bevrijd, maar hij kon toch niet langer in de stad blijven. Jacobus werd daarna bisschop van Jeruzalem, tot aan zijn marteldood in 62.

Simeon, die zijn broer had bijgestaan in zijn moeilijk ambt, werd nu zijn opvolger. Vier jaar later werd hij in een visioen gewaarschuwd dat de straf zich ging voltrekken over de stad. Met de gemeenste der Christenen trok hij toen over de Jordaan en zij vestigden zich in het stadje Pella totdat de romeinse veldheer Vespasianus was weggetrokken, na de heilige stad volkomen te hebben verwoest, terwijl alle inwoners waren omgekomen. Zij keerden toen terug naar Jeruzalem en vestigden zich in de ruïnes, die zij langzamerhand weer opbouwden, dikwijls op zulk een wonderbare wijze dat veel Joden uit de omtrek christen werden en zich bij hen voegden. Zo bleef de stad nog enigszins bestaan tot aan de tijd van keizer Hadrianus, die haar wegvaagde van de aardbodem. In die tijd ontstonden ook de ketterse leren van de Nazareeërs en de Ebionieten, die een brug positie wilden innemen tussen christenen en joden. Zij beschouwden Christus wel als de grootste van alle Profeten, maar zij ontkenden dat Hij de Zoon was van God, en verwierpen daarmee in feite het gehele christendom. Zij onderhielden zowel de Sabbat als de zondag en mengden allerlei joodse en christelijke gebruiken door elkaar. Deze leer oefende op de christenen van joodse geboorte een grote aantrekkingskracht uit, en Simeon was in een voortdurende strijd verwikkeld om de waarheid staande te houden.

Om een einde te maken aan de voortdurende joodse opstanden, hadden de romeinse keizers besloten om alle troonpretendenten uit te schakelen door heel de nakomelingschap van David uit te roeien. Onder Vespasianus en Domitianus was Simeon nog aan dit lot ontkomen, maar onder Trajanus werd hij gegrepen op de dubbele aanklacht christen te zijn en afstammeling van David. Hij werd dagenlang heftig gefolterd en tenslotte aan het kruis geslagen en mocht zo zijn beminde Meester navolgen tot Diens einde, in de ouderdom van 120 jaar, nadat hij 44 jaar bisschop was geweest. Volgens de kroniek van Eusebios gebeurde dit in 107, latere geschiedkundigen plaatsen zijn dood in 106.

Uit : heiligenlevens voor elke dag . Uitg. Orthodox klooster Den Haag

De heilige Virgilius van Arles

Heiligenleven

De heilige Virgilius van Arles

 

 

virgilius van Arles.jpg

reliekschrijn van de heilige Virgilius van Arles

 

De heilige Virgilius, aartsbisschop van Arles, was een kloosterkind van de beroemde abdij van Lerins. Hij onderscheidde zich daar zozeer dat hij later tot abt gekozen werd. Ook in de verdere omtrek raakte hij bekend en toen de bisschopszetel van Arles vacant werd, koos de bevolking hem vrijwel unaniem tot bisschop, in 588.

Inj opdracht van paus Gregorius de Grote wijdde hij de heilige Augustinus tot bisschop van Canterbury voor zijn missie in Engeland. Hij bouwde verschillende kerken in Arles, waaronder de kathedraal van de heilige Stefanos. Hij stond hoog in aanzien bij het volk door de kracht van zijn persoonlijkheid en zijn vurig gebedsleven. Zijn gebeden werden vaak op wonderbare wijze verhoord. Na een vruchtbaar bestuur van dertig jaar is hij gestorven op 10 oktober 610 en hij werd begraven in de door hem gebouwde kerk van de heilige Honoratus.

Uit : heiligenlevens voor elke dag. Uitg.Orthodox klooster Den Haag.

De heilige Gerasimos

Heiligenleven

De heilige Gerasimos

Gerasimos12.jpg

Heilige Gerasimos

 

De heilige Gerasimos was een monnik uit Lycië die in Palestina gewonnen werd voor de ketterij van Eutychios, waarin de goddelijke natuur van Christus eenzijdig werd beklemtoond tegenover Zijn menselijke natuur. Hij werd opgezocht door de heilige Euthymios en deze bracht hem terug tot de eenheid van het ware geloof. In die dagen groeide er een warme vriendschap tussen de heilige Gerasimos, Euthymios, Johannes de Hesychast, Sabbas en Theotiktos.

Elk van hen trok vele leerlingen en Gerasimos bouwde bij Jericho vanaf 455 een Laura van zeventig cellen rond een klooster met gemeenschappelijk leven, waar de leerlingen werden voorbereid op het als kluizenaar leven in een van de cellen.

De kluizenaars bleven vijf dagen per week in hun cel, waar zij manden en matten vlochten tijdens het bidden van de Psalmen. In hun cellen mocht geen vuur zijn, hun voedsel bestond uit droog brood en dadels. Ieder had slechts één habijt, een vacht om op te slapen, en een waterkruik. De deur moest altijd open zijn, ook wanneer zij weg waren, zodat ieder die iets nodig had dat uit hun cel kon nemen. Op zaterdag en zondag kwamen zij bijeen in de gemeenschappelijke kerk; ze ontvingen de heilige communie en aten dan gekookte groenten en dronken een beetje wijn ter ere Gods. (Deze verzachtingen paste Gerasimos echter niet op zichzelf toe). Het werk dat ze in die week hadden klaar gekregen brachten ze mee om het aan de abt te geven, die het verder verhandelde. Maar gerasimos dreef de ascese veel verder dan de anderen en heel de Grote Vasten gebruikte hij geen andere spijs dan de heilige Eucharistie.

Zijn leven werd een eeuw later door Johannes Moschos in diens ‘Geestelijke weide’ beschreven. Het beroemste verhaal is zijn ontmoeting met de leeuw. Doe kwam op een dag op de Jordaan-oever naar hem toe, hinkend en brullend van de pijn. Het dier stak vertrouwvol zijn zieke poot naar hem uit en Gerasimos trok het scherpe stuk riet eruit dat diep in de poot was doorgedrongen.

De dankbare leeuw volgde sindsdien de kluizenaar als een hondje en hem werd geleerd wacht te houden bij een ezel die het water voor de broeders naar boven droeg, wanneer deze aan het grazen was. Dit was blijkbaar toch een te tam baantje voor de leeuw, die dan maar wat doezelde, en op een dag slaagde een Arabische kameeldrijver erin de ezel te stelen. De leeuw kwam met hangende kop in het klooster terug, zonder ezel. Natuurlijk veronderstelde gerasimos dat de leeuw de ezel verslonden had, en nadat hij hem eerst had uitgescholden, zei hij : ‘Laat ons God prijzen. In elk geval moet jij nu maar de taak van de ezel overnemen’. En sindsdien haalde de leeuw het water voor de broeders, totdat een bezoeker medelijden kreeg met het Koninklijke dier en beloofde de broeders een andere ezel te verschaffen.

Maar enkele dagen later kwam de karavaan op de terugweg weer langs, met de gestolen ezel. De leeuw vloog er brullend op af en de kameeldrijvers renden angstig het klooster binnen om zich in veiligheid te brengen. Maar de leeuw kwam trots met de ezel bij de cel van de heilige Gerasimos die hem toen zijn verontschuldiging moest maken.

Vijf jaar kwam de leeuw steeds weer naar Gerasimos terug om zich te laten aanhalen, maar toen was diens tijd gekomen en hij was overgegaan naar het hemels koninkrijk, in het jaar 475. Gerasimos was begraven en de volgende dag kwam de leeuw hem opzoeken, maar tevergeefs : hij kon hem nergens vinden, en kon maar niet tot rust komen. De broeders brachten hem toen naar het graf en daar bleef hij treuren, wilde niets eten en na een paar dagen vond men de trouwe vriend gestorven. In de middeleeuwen werd de naam van Gerasimos verward met Jeronimos, zodat de heilige Hiëronimos het verhaal van de leeuw kreeg toebedeeld.

Ook al zou het slechts een legende zijn, er wordt levendig mee uitgedrukt dat de werkelijk bekeerde mens weer een stukje paradijs terugbrengt op aarde, en dat juist daarin zijn kracht is gelegen.

Uit : Heiligenlevens voor elke dag. Uitg. Orthodox klooster Den Haag

plaatsen in Frankrijk

Reliek van de heilige Antonios de Grote in de kerk van Sint Trophimus in Arles.

 

 

PICT8754.JPG

 

PICT8753.JPG

Deze reliek  bevat de schedel van de heilige.

Het verhaal over deze grote heilige is reeds op deze site verschenen.

http://krisbiesbroeck.skynetblogs.be/apps/search/?s=Antonius+de+grote

 

Een tweede belangrijke ontdekking was in de Kathedraal Notre-Dame de Fourvière in Lyon, waar in een grote mozaïek het derde oecumenisch concilie van Ephese wordt afgebeeld. Het is op dit concilie dat aan Maria de titel van Moeder Gods wordt toegekend (Theotokos). Het is nog de tijd van de onverdeelde Kerk. Je ziet er zowel westerse als oosterse bisschoppen op staan. In het midden staat de Moeder Gods en boven haar hoofd de titel ‘Theotokos). Op de zijkant lezen we Ephesos – oecumenisch concilie.

 

 

CIMG7027.JPG

3e oecumenisch concilie – Ephese

 

De heilige Benedictus van Ariane

Heiligenleven

De heilige Benedictus van Ariane

 

Benedikt_von_Aniane.jpg

 Benedictus van Ariane

 

De heilige Benedictus van Ariane was een schenker aan het hof van koning Pepijn en van Karel de Grote, die beiden veel belang stelden in de buitengewoon intelligente jongeman en hem overlaadde met geschenken en eerbewijzen om hem aan zich te binden. Maar zijn radicale persoonlijkheid kon in dit halfslachtige leven geen blijvende bevrediging vinden. Naast zijn werk deed hij strenge boeteplegingen, en zo hield hij dit leven drie jaar vol zonder te weten wat hij eigenlijk moest doen.

Een ongeval gaf de doorslag. Op een gezamelijke tocht was zijn broer eens in het water gevallen. Benedictus sprong hem na, maar was zelf bijna verdronken eer hij erin slaagde de andere te redden. Het was als het ware een demonstratie van het feit hoe plotseling de dood ons kan overvallen, zonder de minste waarschuwing.

Na raad gezocht te hebben bij een in de buurt wonende kluizenaar, trad hij in het klooster van St. Seine in 774. Daar leefde hij in strenge onthouding, hij gunde zichzelf slechts het allernoodzakelijkste en leefde op water en brood, zo weinig mogelijk slaap, vaak op de naakte grond, en stond lange uren blootsvoets te bidden op de stenen van de Kerkvloer, ook in het hartje van de winter. Hij streefde heel de strengheid na van de oude woestijnvaders en verkreeg daardoor in bijzondere mate de geest van gebed.

Toen hij tot kellenaar was aangesteld, kwamen zijn bestuursgaven duidelijk aan de dag. Bij de dood van de abt wilden de monniken daarom Benedictus tot nieuwe abt kiezen, maar omdat ze zich niet wilden verbinden tot een hervorming om weer strikt de Regel na te leven, weigerde hij deze taak. Toen hij daarover niet met rust gelaten werd, verliet hij het klooster, na een verblijf , van zes jaar, en keerde terug naar Languedoc, waar hij op een stuk land uit het familiebezit een kluis bouwde in de buurt van het kerkje van de heilige Saturninus, aan de oever van de Aniane-beek.

Daar leefde hij in uiterste armoede, en langzamerhand kwamen anderen bij hem, hoewel hij hen in het begin steeds had weggestuurd. Zo ontstond een strenge gemeenschap. Men leefde op water en brood van zelfverbouwd graan; slechts op zondagen werd wat wijn en melk gebruikt uit de aangeboden giften.

Op de duur moest er een klooster gebouwd worden, maar ook daar handhaafde men streng de armoede. Zelfs de kelken voor de heilige Eucharistie waren oorspronkelijk van hout, later van glas of tin. Wanneer men kostbaarder vaten schonk, dan werden deze weggegeven aan andere kerken.

Het was een edelmoedige tijd. Dit harde leven trok veel jonge mensen aan en het duurde niet lang of er waren daar al meer dan driehonderd monniken. Benedictus werd bovendien belast met het toezicht op de kloosters van heel Zuid-frankrijk. Hij trad ook op tegen ketterse ideeën zoals die van Felix d’Urgel die het goddelijk zoonschap van Christus loochende, totdat deze door het concilie van frankfort werd veroordeeld, in 794.

Maar zijn hoofdwerk was de monastieke hervorming. Zijn schitterende geestesgaven, gepaard aan een deemoedig en hartelijk optreden, wonnen aller hart. Hij werd overal uitgenodigd voor geestelijk herstelwerk aan de verslapte kloosters en in 817 was hij voorzitter van een vergadering van abten ten behoeve van het herstel der discipline. In datzelfde jaar schreef hij ook de canons voor het concilie van Aken, die op de kloosters betrekking ,hadden.

Deze wettelijke centralisatie hield weliswaar geen stand na zijn dood, maar zijn invloed bleef doorwerken in het europese monnikswezen. Keizer Lodewijk, de opvolger van Karel de Grote, liet voor Benedictus een klooster bouwen dicht bij Aken, het Cornelimünster, als centrale zetel. Van daaruit hield Benedictus toezicht op de verschillende abdijen. Heel zijn leven had hij steeds dezelfde strenge ascese beoefend als in zijn jonge jaren.

Intussen ging zijn gezondheid steeds meer achteruit en de laatste jaren werd hij voortdurend door ziekten gepijnigd, totdat hij stierf in 821, in de ouderdom van 71jaar.

Uit : Heiligenlevens voor elke dag. Uitg. Orthodox klooster – Den Haag

de heilige Ceadmon

 

 

Heiligenleven

De heilige Ceadmon

 

caedmon.jpg

heilige Caeadmon

 

De heilige Ceadmon was een oude koeherder op het land van de Whitby-abdij, een dubbelklooster, zoals er vele waren in de zevende eeuw. Dit stond onder het bestuur van abdis Hilda. Het monnikenklooster was een ware kweekplaats van missionarissen, heilige monniken en verschillende bisschoppen.

Op de feestelijkie bijeenkomsten was het de gewoonte dat ieder om de beurt een lied zong, maar telkens wanneer de harp aan Ceadmon werd overhandigd, stond hij op en ging naar zijn hut, want hij voelde zich niet in staat om iets te zingen.

Op zulk een avond, toen hij zo van zijn vrienden was weggegaan en op zijn strobed in slaap gevallen was naast de koeien, hoorde hij een stem : “Ceadmon, zing iets voor me”. Hij antwoordde : “Ik kan niet zingen, daarom ben ik juist weggegaan en lig ik hier”. “Zing toch maar iets”, zei de stem. “Maar waarover zal ik zingen”. “Over de schepping van de wereld”. En onmiddellijk begon Ceadmon, die nooit gezongen had, in rijke verzen de heerlijkheid en de macht van de Schepper te bezingen.

De volgende morgen kon hij zich alles nog precies herinneren en hij vertelde wat er gebeurd was aan de boer bij wie hij diende, en deze vertelde het interessante nieuwtje verder rond, zodat ook abdis Hilda ervan hoorde. Deze kende waarschijnlijk de verlegen Ceadmon en was zo geïntrigeerd dat ze hem liet roepen en hem ondervroeg in het bijzijn van de geleerde monniken van het klooster. Allen waren zeer verbaasd, want het was de eerste religieuze zang in de engelse taal, die toch ongeschikt geacht werd om goddelijke werkelijkheden te bezingen Opgewonden werden hem allerlei belangrijke plaatsen uit de bijbel verteld, en Ceadmon herhaalde alles in klankrijke verzen.

Allen zagen dit als een bijzondere genade van God en Ceadmon werd met heel zijn gezin uitgenodigd in de communauteit, waar hij met liefdevolle zorg en grote eerbied werd omringd. Later nam Hilda hem op onder haar monniken en liet hem de gehele Bijbel overzetten in het Angelsaksisch, tot vreugde en stichting van allen die het hoorden.

Maar behalve een groot dichter was Ceadmon ook een groot Heilige. Zijn voorbeeld en zijn glanzend woord brachten velen van zijn landgenoten tot Christus. Ook zijn dood droeg dit stempel van eenvoudige en echte schoonheid. Wegens een plotselinge ziekte werd hiju naar de ziekenafdeling gebracht en hij vroeg om neergelegd te worden in de kamer der stervenden, waar hij zich opgewekt met de broeders onderhield en om de Communie verzocht. Deze werd hem gebracht en volgens de gewoonte van die tijd nam hij de yheilige Eucharistie zelf in de hand. In deze plechtige houding vroeg hij de broeders of iemand iets tegen hem had in zijn binnenste of een klacht tegen hem in te brengen had. Allen zonder uitzondering antwoordden ontkennend. Toen verklaarde hij dat ook hij zichzelf in vrede voelde met al Gods dienaren. Daarna nuttigde hij het heilige Sacrament, maakte het kruisteken en legde zijn hoofd neer op het kussen. Stil sliep hij in om nooit meer te ontwaken, ongeveer 680.

Uit : Heiligenlevens voor elke dag. Uitg.Orth.klooster. Den Haag