Augustinus : Niemand verdraagt geduldig wat hij leuk vindt…..

“Niemand verdraagt geduldig wat hij leuk vindt. Integendeel, telkens wanneer we iets met geduld verdragen en doorstaan, gaat het om iets hards en bitters.”

—Sint Augustínus

++++++++++++++++++++

[Het is een interessante reflectie op geduld en doorzettingsvermogen!]

——————–

Augustinus : Wat bent U, mijn God ?

WAT BENT U, MIJN GOD

Wat bent u dan, mijn God Wat bent u anders dan God de Heer,vraag ik mij af ? Wie is er nu Heer naast De Heer ? En wie is er God naast onze God ?  U bent de hoogste en de beste. U bent tegelijk verborgen en aanwezig  mooi en sterk, standvastig en ongrijpbaar. Zonder zelf te  veranderen verandert u alles. U bent nooit nieuw en nooit oud. U vernieuwt alles en tegelijkertijd maakt u  de hoogmoedigen oud zonder dat zij het merken.

U bent voortdurend werkzaam maar ook altijd in rust. U verzamelt maar u komt niets tekort. U draagt, vervult en beschermt. U schept, voedt en voltooit. U bent op zoek  hoewel het u aan niets ontbreekt. U bemint maar toch blijft u onbewogen. U hebt ergens spijt van maar toch doet het u geen pijn. U wordt boos maar toch blijft u rustig. U verandert uw werken, maar uw plan verandert u niet. U krijgt terug wat u vindt, maar eigenlijk hebt u het nooit verloren. U komt nooit iets te kort maar u blijft altijd blij met winst. U bent nooit hebzuchtig en toch vraagt u rente. Men betaalt u meer dan men u schuldig is, waardoor u bij velen in het krijt komt te staan , en toch, wie heeft er iets wat niet van u is ? U betaalt uw schulden zonder iemand iets schuldig te zijn, U scheldt schulden kwijt zonder erbij in te schieten . En wat zeg ik hier u precies mee, mijn God, mijn leven, mijn heilige zoetheid ? wat kan een mens zeggen als gij het over u heeft ? En toch: wee hen die over u zwijgen. Met al hun praatjes zeggen zij niets! 

Wie kan ervoor zorgen dat ik in u tot rust kom ? Wie kan ervoor zorgen dat u mijn hart binnenkomt en het zo dronken maakt, dat ik al het slechte in mijzelf kan vergeten en het enige goede in mijzelf kan omhelzen, dat wil zeggen : u ? Wat betekent u voor mij ? Ontferm u over mij, dan kan in het zeggen. En wat beteken ik voor u, dat u zich per se door mij wilt laten beminnen ,dat u zelfs boos wordt als ik dat niet doe, en mij dan in vrees voor grotere ellende achterlaat ?  Of is het soms niet erg als ik u niet bemin ? O, God! Heer mijn God, zeg mij in uw bermhartigheid wat u voor mij betekent. Zeg tegen mij : “Ik ben je redding.” Zeg het zo dat ik het horen kan. Ik richt de oren van mijn hart op u, Heer. Open ze en zeg mij: “Ik ben je redding.”

Belijdenissen (I.IV; 4-1,v5)

Uit :  Augustinus Belijdeniseen : verzameld door Dr.Carolinne White – In het nederlands vertaald door Joost van Neer, Wim Sleddens en Anke Tiggelaar – augusrtijnerklooster Eindhoven.

Augustinus : Wens van St.Augustinus ….

Wens van St. Augustinus

Christelijke zielen, treed binnen in de weg van Jezus Christus. Zoals spirituele mieren, wandel samen op de weg van de Eeuwigheid. Zoals heilige bijen, voed jezelf met de schoonheid van het Geloof. Zoals zachte bloemen, verspreid overal de goede geur van je werken. Zoals hemelse planten, breng veel vruchten voort door geduld en dat je volharding tot het einde je redding voortbrengt.

(St. Augustinus, Brieven).

Ave Maria.

—————

DE HEMELVAART VAN CHRISTUS…

In Christus’ leer over het brood des levens zegt Augustinus dat we ook de instructie vinden dat, hoewel wij allen in het lichaam zullen sterven,de geesten van de heiligen in de hemelse rust bij God worden ontvangen tot de laatste dag waarop Christus ieders lichaam opwekt om zich weer bij hun geest te voegen voor het eeuwige leven.

Het Leven dat ons beloofd is, is het Eeuwige Leven

Maar opdat zij niet zouden veronderstellen dat het eeuwige leven in dit vlees en deze drank zodanig werd beloofd dat zij, die het innemen, in het lichaam niet zouden sterven, daalde Hij neder om aan deze gedachte tegemoet te komen; want toen Hij had gezegd: “Wie mijn vlees eet en mijn bloed drinkt, heeft eeuwig leven,” voegde Hij er onmiddellijk aan toe: “en Ik zal hem op de laatste dag opwekken.” Intussen, overeenkomstig de Geest, zal hij het eeuwige leven mogen hebben in die rust waarin de geesten der heiligen worden opgenomen; maar wat het lichaam betreft, zal hij niet beroofd worden van zijn eeuwige leven, maar integendeel: hij zal het verkrijgen in de opstanding der doden op de laatste dag.

— St. Augustinus van Hippo, ca. 416 na Christus

++++++++++++

Augustinus :Op sommige plaatsen verlangt God nieuwheid van hart (Ezech. 18:31)….

“Op sommige plaatsen verlangt God nieuwheid van hart (Ezech. 18:31

Maar op andere plaatsen getuigt Hij

Dat het door Hem gegeven wordt [Ezech. 11:19; 36:26]

MAAR WAT GOD BELOOFT

DOEN WIJ ZELF NIET

DOOR KEUZE OF NATUUR.

MAAR HIJ ZELF DOET HET DOOR GENADE.”

 

Augustinus van Hippo

Augustinus : Fragment uit ‘de stad van God…’

Waar en wanneer de ingewijden in de mysteriën van Coelestis goede instructies ontvingen, weten we niet. Wat we wel weten, is dat we voor haar heiligdom, waarin haar beeld staat, en te midden van een grote menigte die van alle kanten samenkwam en dicht op elkaar stond, intens geïnteresseerde toeschouwers waren van de spelen die gaande waren, en we zagen, toen we ons oog erop richtten, aan deze kant een grootse vertoning van hoeren, aan de andere kant de maagdelijke godin: we zagen deze maagd aanbeden met gebeden en met obscene rituelen. Daar zagen we geen schaamteloze mimespelers, geen actrice die overladen was met bescheidenheid: alles wat de obscene rituelen eisten, werd volledig nageleefd. Ons werd duidelijk getoond wat de maagdelijke godheid behaagde, en de matrone die getuige was van het schouwspel keerde als een wijzere vrouw terug van de tempel. Sommigen van de meer voorzichtige vrouwen keerden hun gezicht af van de onbescheiden bewegingen van de spelers en leerden de kunst van het kwaad door een heimelijke blik. Want zij werden door de bescheiden houding die mannen betaamt, ervan weerhouden om brutaal naar de onbescheiden gebaren te kijken; maar nog veel meer werden zij ervan weerhouden om met een kuis hart de heilige rituelen van haar die zij aanbaden te veroordelen. En toch werd deze losbandigheid – die, als ze thuis werd beoefend, daar alleen in het geheim kon worden beoefend – beoefend als een openbare les in de tempel; en als er nog enige bescheidenheid in de mensen overbleef, was die bezig met zich te verbazen dat slechtheid die mensen niet onbeteugeld konden begaan, deel zou uitmaken van de religieuze leer van de goden, en dat het nalaten daarvan de woede van de goden zou opwekken. Welke geest kan dat zijn, die door een verborgen inspiratie de verdorvenheid van de mensen aanwakkert, en hen aanzet tot overspel, en zich voedt met de volwaardige ongerechtigheid, tenzij het dezelfde is die plezier vindt in zulke religieuze ceremonies, in de tempels beelden van duivels plaatst, en ervan houdt om de beelden van ondeugden in het spel te zien; die in het geheim rechtvaardige woorden fluistert om de weinigen die goed zijn te misleiden, en die in het openbaar uitnodigingen verspreidt tot losbandigheid om bezit te nemen van de miljoenen die slecht zijn?

HEILIGE AUGUSTINUS

fragment uit :

De stad van God

Augustinus :Geef mij Uzelf, o mijn God…

Geef mij Uzelf, o mijn God

Door de heilige Augustinus (354-430) Doctor of Grace

Geef mij Uzelf, o mijn God,

geef Uzelf aan mij.

Zie, ik heb U

lief en als mijn liefde te zwak is,

sta mij dan toe U sterker lief te hebben.

Ik kan mijn liefde

niet meten om te weten hoezeer ze tekortschiet om voldoende

te zijn, maar laat mijn ziel zich haasten naar Uw omhelzing

en nooit worden afgewend,

totdat ze verborgen is in de verborgen beschutting

van Uw aanwezigheid.

Dit alleen weet ik,

dat het niet goed voor mij

is als U niet bij mij bent,

als U alleen buiten mij bent.

Ik wil U in mijzelf.

Al de overvloed in de wereld

die niet mijn God is, is volkomen gebrek.

Amen

StAugustinus : Mensen worden misleid door de autoriteit van geleerde mannen….

St. Augustinus begint zijn verhandeling aan Honoratus door eraan te herinneren dat ze zich bij de manicheïsche cultus hadden aangesloten omdat de geleerde leraren die ze op school waren tegengekomen, een beroep hadden gedaan op hun redenering en logica. Die mannen hadden beloofd dat ze alleen de waarheid zouden verkondigen, vrij van alle bijgeloof.

“Het is dan mijn doel, indien ik daartoe in staat ben, je te bewijzen dat de manicheërs op goddeloze en roekeloze wijze tegen degenen tekeergaan, die, door het gezag van het katholieke geloof volgend, al door hun geloof bewapend en voorbereid zijn op God, die op het punt staat hen licht te schenken, nog voordat zij in staat zijn de Waarheid te aanschouwen, die de zuivere geest aanschouwt.

Want, Honoratus, weet u dat wij met zulke mensen in aanraking kwamen om geen andere reden dan omdat zij zeiden dat men, los van alle vrees voor autoriteit, door zuivere en eenvoudige rede de weg naar God zou wijzen en degenen die bereid waren hen te horen, van alle dwalingen zou bevrijden.

Want wat dwong mij, gedurende bijna negen jaar, de religie – die mij als kind door mijn ouders was bijgebracht – af te wijzen en een toegewijde volgeling en luisteraar van die mannen te worden, als niet dat zij verklaarden dat wij, door bijgeloof in verwarring geraakt, opgedragen worden het geloof boven de rede te stellen, en dat zij niemand aansporen tot geloof zonder eerst de waarheid te hebben besproken en verhelderd? Wie zou zich niet laten verleiden door zulke beloftes, zeker de geest van een jonge man die hunkert naar de waarheid en bovendien een trotse en spraakzame geest bezit, gevoed door de discussies van bepaalde geleerde mannen op school?”

— Sint Augustinus, ca. 391 n.Chr.

 

[Laten we de historische context verkennen waarin Augustinus deze gedachten uitsprak en bekijken hoe zijn ideeën vandaag de dag nog steeds resoneren.

Historische Context

Augustinus leefde in een periode van enorme overgang: het laat-Romeinse Rijk, waarin de oudheid en het vroege christendom met elkaar in botsing kwamen. In de vierde en begin vijfde eeuw waren er diepe spanningen tussen traditionele Romeinse (paganistische) waarden en de opkomende christelijke ideologieën. In deze turbulente tijden werd er fel gedebatteerd over de aard van waarheid, de rol van de rede en de noodzaak van genade. Augustinus kwam voort uit een wereld waarin filosofen, theologen en politieke leiders vochten over wat “waarheid” inhield. Zijn teksten weerspiegelen de strijd tegen diverse stromingen – zoals het manicheïsme en andere ketterse opvattingen – en tonen hoe diep hij overtuigd was dat het goddelijke licht en de innerlijke transformatie essentieel waren voor het bereiken van ware kennis.

Resonantie in de Huidige Tijd

In onze moderne samenleving lijkt het debat tussen rede en spiritualiteit nooit ver weg. Tegenwoordig zien we een voortdurende zoektocht naar zingeving in een wereld die vaak overrolt van wetenschap en technologie, maar waar de mens soms de persoonlijke, spirituele dimensie mist. Net zoals in de tijd van Augustinus, nodigt zijn nadruk op nederigheid en de erkenning van onze beperkingen ons uit om na te denken over hoe wij om moeten gaan met de complexiteit van het leven.

Veel mensen ervaren de druk om alleen op basis van rationele, meetbare feiten te opereren, terwijl er in hun innerlijke leven een onuitgesproken hunkering is naar iets hogers, iets wat niet volledig in woorden of logica gevangen kan worden. Augustinus’ kritiek op de arrogantie van de menselijke rede en de roep om een bescheidener, transcendente benadering, biedt een tegenwicht aan een maatschappij die soms te zeer gedreven wordt door materialisme en individualisme.

Nadere Reflectie

Wat opvalt, is dat de thema’s die Augustinus aansnijdt – zoals de noodzaak van innerlijke verlichting, de kracht van geloof en de kritiek op zelfoverschatting – nog steeds relevant zijn. In een tijd waarin we dagelijks geconfronteerd worden met informatie-overload en een constante stroom van meningen, herinnert zijn boodschap ons eraan dat een diepere, meer reflectieve benadering nodig is om tot een gevoel van balans en inzicht te komen.]

Augustinus :… als het heden, om tijd te zijn, verleden moet worden, hoe kunnen we dan zeggen dat het bestaat….

“… als het heden, om tijd te zijn, verleden moet worden, hoe kunnen we dan zeggen dat het bestaat, aangezien zijn reden van bestaan dezelfde is als die waardoor het ophoudt te bestaan? Daarom kunnen we niet echt spreken over het bestaan van tijd, behalve in zoverre het neigt naar niet-bestaan.”

— Heilige Augustinus – Belijdenissen (confessiones

[Dit citaat van Sint Augustinus uit zijn Belijdenissen raakt aan de filosofische vraag over de aard van tijd en het vluchtige karakter ervan. Het roept een diepgaande reflectie op over hoe het heden voortdurend verdwijnt in het verleden en hoe dat ons begrip van bestaan beïnvloedt.]

++++++++++++++++

 

Augustinus : Omdat de wereld onwaardig was om de zoon van God rechtstreeks uit de handen van de Vader te ontvangen…

“Omdat de wereld onwaardig was om de zoon van God rechtstreeks

uit de handen van de Vader te ontvangen, gaf hij zijn zoon aan Maria

 opdat de wereld hem van haar zou ontvangen.”

– Sint Augustinus.

Augustinus : Heilige Geest, machtige Trooster, heilige Band van de Vader en de Zoon, Hoop van de bedroefden….

Heilige Geest, machtige Trooster, heilige Band van de Vader en de Zoon, Hoop van de bedroefden, daal neer in mijn hart en vestig daarin uw liefdevolle heerschappij. Ontsteek in mijn lauwe ziel het vuur van uw Liefde, zodat ik geheel aan u onderworpen mag zijn. Wij geloven dat wanneer u in ons woont, u ook een woonplaats bereidt voor de Vader en de Zoon. Verwaardig u daarom tot mij te komen, Trooster van verlaten zielen en Beschermer van de behoeftigen. Help de bedroefden, versterk de zwakken en ondersteun de wankelmoedigen. Kom en reinig mij. Laat geen kwaad verlangen bezit van mij nemen. U hebt de nederigen lief en weerstaat de hoogmoedigen. Kom tot mij, glorie van de levenden en hoop van de stervenden. Leid mij door uw genade, zodat ik u altijd welgevallig mag zijn. Amen .

Augustinus  

https://www.holidayatthesea.com/prayers-and-readings/tag/Augustine

Augustinus :“Waarom streven wij er op aarde niet naar om nu rust te vinden bij Hem….

“Waarom streven wij er op aarde niet naar om nu rust te vinden bij Hem in de hemel, door het geloof, de hoop en de liefde die ons met Hem verenigen? Terwijl Hij in de hemel is, is Hij ook bij ons en wij, terwijl we op aarde zijn, zijn bij Hem. Hij is hier bij ons door Zijn goddelijkheid, Zijn kracht en Zijn liefde. Wij kunnen niet in de hemel zijn, zoals Hij op aarde is, door goddelijkheid, maar in Hem kunnen we daar zijn door liefde.”

— St. Augustinus (354-430)

                                  

 

St.Augustinus : Voor zijn bekering…

Sint Augustinus

Geïnspireerd door het traktaat Hortensius van Cicero, werd Augustinus een vurige zoeker naar de waarheid, wat hem ertoe bracht verschillende filosofische stromingen te bestuderen.

Gedurende negen jaar, van 373 tot 382, hing hij het manicheïsme aan, een Perzische dualistische filosofie die destijds wijdverspreid was in het Romeinse rijk.

Het fundamentele principe ervan is de strijd tussen goed en kwaad. Voor Augustinus leek het manicheïsme een leer die de menselijke ervaring goed verklaarde en geschikte antwoorden bood waarop een filosofisch en ethisch systeem kon worden gebouwd.

Bovendien was de morele code van het manicheïsme niet bijzonder streng. Augustinus zou later in zijn Belijdenissen schrijven:

“Geef me kuisheid en zelfbeheersing, maar niet nu meteen.”

Augustinus :Je kunt van dit leven houden zoveel je wilt….

“Je kunt van dit leven houden zoveel je wilt, zolang je maar weet wat je moet kiezen.” —St. Augustinus van Hippo

[Dit citaat van St. Augustinus benadrukt het belang van bewuste keuzes in het leven. Het herinnert eraan dat liefde voor het leven samengaat met wijsheid en het juiste pad kiezen]