PASEN : De verrijzenis van Christus

Als iemand vroom is en van God houdt, laat hij dan genieten van dit prachtige en stralende feest.

Als iemand een wijze dienaar is, laat hij dan, verheugd, de vreugde van zijn Heer binnengaan.

Als iemand zich heeft vermoeid met vasten, laat hij dan nu zijn beloning ontvangen.

Als iemand vanaf het eerste uur heeft gewerkt, laat hij dan vandaag zijn rechtvaardige beloning ontvangen. Als iemand om het derde uur is gekomen, laat hij dan met dankzegging het feest vieren. Als iemand om het zesde uur is aangekomen, laat hij dan geen bedenkingen hebben; want hij zal geen verlies lijden. Als iemand tot het negende uur heeft gewacht, laat hij dan zonder aarzelen naderen. Als iemand zelfs om het elfde uur is aangekomen, laat hij dan niet vrezen vanwege zijn vertraging. Want de Meester is genadig en ontvangt de laatste, evenals de eerste; hij geeft rust aan hem die om het elfde uur komt, net als aan hem die vanaf het eerste uur heeft gewerkt. Hij heeft genade voor de laatste en zorgt voor de eerste; aan de een geeft hij, en aan de ander is hij genadig. Hij eert zowel het werk als prijst de intentie.

Ga daarom allen de vreugde van onze Heer binnen, en ontvang, of je nu de eerste of de laatste bent, je beloning. O rijken en armen, de een met de ander, dans van vreugde! O jullie asceten en jullie nalatigen, vier de dag! Jullie die hebben gevast en jullie die het vasten hebben veronachtzaamd, verheug je vandaag! De tafel is rijk beladen; feest vorstelijk, jullie allemaal! Het kalf is vetgemest; laat niemand hongerig weggaan!

Laat allen deelnemen aan het feest van het geloof. Laat allen de rijkdom van de goedheid ontvangen.

Laat niemand zijn armoede betreuren, want het universele koninkrijk is geopenbaard.

Laat niemand zijn overtredingen betreuren, want vergeving is uit het graf opgedaagd.

Laat niemand de dood vrezen, want de dood van de Heiland heeft ons bevrijd.

Hij die door de dood werd genomen, heeft hem vernietigd! Hij daalde af in de hades en nam de hades gevangen! Hij verbitterde hem toen hij zijn vlees proefde! En anticiperend hierop riep Jesaja uit: “De hades werd verbitterd toen hij u in de lagere regionen tegenkwam.” Hij werd verbitterd, want hij werd afgeschaft! Hij werd verbitterd, want hij werd bespot! Hij werd verbitterd, want hij werd gezuiverd! Hij werd verbitterd, want hij werd beroofd! Hij werd verbitterd, want hij werd in ketenen gebonden!

Hij nam een lichaam en ontmoette God van aangezicht tot aangezicht! Hij nam aarde en ontmoette de hemel! Hij nam wat hij zag, maar stortte ineen voor wat hij niet had gezien!

“O dood, waar is uw angel? O hades, waar is uw overwinning?”

Christus is verrezen, en jullie zijn verslagen!

Christus is verrezen, en de demonen zijn gevallen!

Christus is verrezen, en de engelen verheugen zich!

Christus is verrezen, en het leven regeert!

Christus is verrezen, en er blijft geen dode in een graf!

Want Christus, die uit de dood is opgewekt, is de Eersteling geworden van hen die ontslapen zijn.

Aan hem zij de glorie en de macht tot in de eeuwen der eeuwen. Amen.

 Christos Aneste – Christus is verrezen !

Irene Papas : christus is Verrezen !

Qam! Mshiha Qam! Jesus is Risen! (In Greek, Arabic, and Aramaic)

“Door zijn dood heeft Hij hem vernietigd die de macht over de dood bezat, dat wil zeggen de duivel, om zo degenen te bevrijden die door de dood gevangen werden gehouden. Want nadat Hij de sterke man had gebonden en hem door het kruis had overwonnen, ging Hij zijn huis binnen — het huis van de dood, ofwel het dodenrijk — en plunderde zijn goederen, dat wil zeggen: Hij bevrijdde de zielen die door de dood werden vastgehouden.

Precies hiernaar verwijst het Evangelie op enigszins raadselachtige wijze wanneer het zegt: ‘Hoe kan iemand het huis van een sterke man binnengaan en zijn goederen roven, tenzij hij eerst die sterke man bindt?’ Hij bond hem eerst aan het kruis en ging daarna zijn huis binnen, dat wil zeggen: het dodenrijk. En van daaruit ‘steeg Hij op naar omhoog’ en ‘voerde Hij een menigte gevangenen mee’, namelijk degenen die met Hem waren opgestaan en de hemelse Jeruzalem binnengingen. Daarom zegt de Apostel terecht: ‘De dood heeft geen heerschappij meer over Hem.’”

— Origenes van Alexandrië

++++

Commentaar:

Origenes opent hier een van de oudste en meest krachtige christelijke beelden: de Harrowing of Hell, de nederdaling van Christus in het dodenrijk. Hij leest de kruisdood niet als nederlaag, maar als de beslissende slag in een kosmisch drama.

++++

1.De dood als huis van de sterke man:Voor Origenes is de dood geen neutrale grens, maar een domein dat door een “sterke man” — de duivel — wordt bewaakt. De mensheid leeft onder deze macht, niet alleen fysiek maar ook existentieel: angst, gebondenheid, verlorenheid.

2.Het kruis als de binding van de sterke man: Het paradoxale: Christus overwint niet door geweld, maar door zichzelf te geven. Zijn liefdevolle gehoorzaamheid tot in de dood is de ketting waarmee de sterke man wordt gebonden. De overwinning gebeurt niet ná het kruis, maar in het kruis.

3.De nederdaling: Christus betreedt het huis van de dood:Origenes ziet Christus afdalen in de diepte van de menselijke verlorenheid. Niet als gevangene, maar als bevrijder. Hij plundert de dood niet om te vernietigen, maar om te redden.De opstanding als exodus Wanneer Christus opstijgt, neemt Hij een “menigte gevangenen” mee — een beeld van een nieuwe uittocht, een bevrijding uit slavernij.Het hemelse Jeruzalem wordt zo niet alleen een toekomst, maar een bevrijde gemeenschap die met Christus meeleeft.

4.“De dood heeft geen heerschappij meer over Hem” Dit is de kern: Christus is niet teruggekeerd naar een oude staat, maar heeft een nieuwe werkelijkheid geopend. Zijn overwinning is niet alleen persoonlijk, maar representatief: wat in Hem gebeurt, wordt mogelijk voor allen die in Hem leven.

++++

Gebed:

Heer Jezus Christus,

Gij die afdaalde in de diepte van onze angst, onze schuld en onze dood,

bind ook in ons het geweld van de sterke man.

Breek de ketenen die ons vasthouden,

de zichtbare én de verborgen.

Ga binnen in de kamers van ons hart

waar wij zelf niet durven komen,

en spreek daar Uw woord van leven.

Laat ons delen in Uw opstanding,

niet alleen aan het einde van ons leven,

maar vandaag —

in onze keuzes, onze relaties, onze hoop.

“Door zijn dood heeft Hij hem vernietigd die de macht over de dood bezat, dat wil zeggen de duivel, om zo degenen te bevrijden die door de dood gevangen werden gehouden. Want nadat Hij de sterke man had gebonden en hem door het kruis had overwonnen, ging Hij zijn huis binnen — het huis van de dood, ofwel het dodenrijk — en plunderde zijn goederen, dat wil zeggen: Hij bevrijdde de zielen die door de dood werden vastgehouden.

Precies hiernaar verwijst het Evangelie op enigszins raadselachtige wijze wanneer het zegt: ‘Hoe kan iemand het huis van een sterke man binnengaan en zijn goederen roven, tenzij hij eerst die sterke man bindt?’ Hij bond hem eerst aan het kruis en ging daarna zijn huis binnen, dat wil zeggen: het dodenrijk. En van daaruit ‘steeg Hij op naar omhoog’ en ‘voerde Hij een menigte gevangenen mee’, namelijk degenen die met Hem waren opgestaan en de hemelse Jeruzalem binnengingen. Daarom zegt de Apostel terecht: ‘De dood heeft geen heerschappij meer over Hem.’”

— Origenes van Alexandrië

++++

Commentaar:

Origenes opent hier een van de oudste en meest krachtige christelijke beelden: de Harrowing of Hell, de nederdaling van Christus in het dodenrijk. Hij leest de kruisdood niet als nederlaag, maar als de beslissende slag in een kosmisch drama.

++++

  1. De dood als huis van de sterke man:

Voor Origenes is de dood geen neutrale grens, maar een domein dat door een “sterke man” — de duivel — wordt bewaakt. De mensheid leeft onder deze macht, niet alleen fysiek maar ook existentieel: angst, gebondenheid, verlorenheid.

 

  1. Het kruis als de binding van de sterke man:

Het paradoxale: Christus overwint niet door geweld, maar door zichzelf te geven. Zijn liefdevolle gehoorzaamheid tot in de dood is de ketting waarmee de sterke man wordt gebonden.

De overwinning gebeurt niet ná het kruis, maar in het kruis.

 

  1. De nederdaling: Christus betreedt het huis van de dood:

Origenes ziet Christus afdalen in de diepte van de menselijke verlorenheid. Niet als gevangene, maar als bevrijder.

Hij plundert de dood:

niet om te vernietigen,

maar om te redden.

 

  1. De opstanding als exodus

Wanneer Christus opstijgt, neemt Hij een “menigte gevangenen” mee — een beeld van een nieuwe uittocht, een bevrijding uit slavernij.

De hemelse Jeruzalem wordt zo niet alleen een toekomst, maar een bevrijde gemeenschap die met Christus meeleeft.

 

  1. “De dood heeft geen heerschappij meer over Hem”

Dit is de kern: Christus is niet teruggekeerd naar een oude staat, maar heeft een nieuwe werkelijkheid geopend.

Zijn overwinning is niet alleen persoonlijk, maar representatief:

wat in Hem gebeurt, wordt mogelijk voor allen die in Hem leven.

++++

 Gebed

Heer Jezus Christus,

Gij die afdaalde in de diepte van onze angst, onze schuld en onze dood,

bind ook in ons het geweld van de sterke man.

Breek de ketenen die ons vasthouden,

de zichtbare én de verborgen.

Ga binnen in de kamers van ons hart

waar wij zelf niet durven komen,

en spreek daar Uw woord van leven.

Laat ons delen in Uw opstanding,

niet alleen aan het einde van ons leven,

maar vandaag —

in onze keuzes, onze relaties, onze hoop.

Voer ook ons mee naar het licht van de hemelse Jeruzalem,

waar Gij leeft,

en waar de dood geen heerschappij meer heeft.

Amen.

 

 

Originus van Alexandrië

Voer ook ons mee naar het licht van de hemelse Jeruzalem,

waar Gij leeft,

en waar de dood geen heerschappij meer heeft.

Amen.

++++

 

 

 

Christus heeft aan elke christen de dood van de zonde geschonken — een gave van geloof, als het ware, voortkomend uit Zijn eigen dood. 

Zonde kan geen enkele bewegingsvrijheid meer hebben in mensen die geloven dat zij gestorven, gekruisigd en begraven zijn met Christus, evenmin als in hen die de lichamelijke dood hebben ondergaan. Daarom worden zij “dood voor de zonde” genoemd.

 

De apostel zegt: “Als wij met Hem gestorven zijn, geloven wij dat wij ook met Hem zullen leven.” 

Let op het verschil in uitdrukking: Paulus zegt niet “wij hebben geleefd” zoals hij zei “wij zijn gestorven”, maar “wij zullen leven.” Daarmee maakt hij duidelijk dat de dood werkzaam is in deze tegenwoordige wereld, maar niet in het toekomstige leven, “wanneer Christus geopenbaard wordt — Hij die ons leven is, verborgen in God.” 

Voorlopig is daarom, zoals Paulus leert, “de dood werkzaam in ons.”

 

Maar deze dood die in ons werkt, lijkt bepaalde beslissende momenten te kennen. Zoals Christus een uur had waarop de Schrift zegt dat “Hij met luide stem riep en de geest gaf;” zoals er een tijd was waarin Hij in het graf werd gelegd en de ingang werd verzegeld; en zoals er een ochtend was waarop de vrouwen Hem zochten maar Hem niet vonden omdat Hij reeds was opgestaan — hoewel Zijn opstanding voor niemand zichtbaar was — zo moet ook in ieder van ons die in Christus gelooft dit drievoudige patroon van de dood aanwezig zijn.

 

Ten eerste wordt Christus’ dood in ons geopenbaard door de mondelijke belijdenis van ons geloof, want “het geloof dat tot gerechtigheid leidt is in het hart, en de belijdenis die tot zaligheid leidt is op de lippen.”

 

Ten tweede tonen wij Zijn dood door de hartstochten die tot de aarde behoren te doden, terwijl wij Zijn dood met ons meedragen waar wij ook gaan; dit is wat bedoeld wordt met “de dood is werkzaam in ons.”

 

Ten derde verkondigen wij Christus’ dood door te laten zien dat wij reeds uit de dood zijn opgestaan en wandelen in nieuwheid van leven.

 

Kort samengevat:

 

de eerste dag van de dood is het verzaken van de wereld;

 

de tweede dag is het verzaken van de zonden van het vlees;

 

de derde dag, de dag van de opstanding, is de volmaaktheid in het licht van de wijsheid.

 

In elke gelovige kunnen deze stadia en hun vooruitgang echter alleen door God worden onderscheiden en gekend, aan wie de geheimen van het hart geopenbaard zijn.

 

Christus koos ervoor Zichzelf te ontledigen en de gestalte van een slaaf aan te nemen. Hij onderwierp Zich aan de heerschappij van een despoot en werd gehoorzaam tot de dood. Door die dood vernietigde Hij de heer van de dood — de duivel — en bevrijdde allen die door de dood gevangen werden gehouden. Hij bond de Sterke, overwon hem aan het kruis en drong binnen in zijn huis, de onderwereld, het bolwerk van de dood.

Daar plunderde Hij zijn goederen: de zielen die de duivel in slavernij hield.

 

Dit is de betekenis van Christus’ gelijkenis: “Hoe kan iemand het huis van een sterke binnengaan en zijn goederen roven, tenzij hij eerst de sterke bindt?” 

Aan het kruis bond Hij hem, en zo ging Hij zijn huis binnen. Vandaar “steeg Hij op naar omhoog en voerde een menigte gevangenen mee,” namelijk degenen die met Hem opstonden en de heilige Stad, het hemelse Jeruzalem, binnengingen.

 

Daarom zegt Paulus terecht: “De dood heeft geen macht meer over Hem.”

++++

 

 

Korte theologische duiding: De tekst verbindt Paulus’ dooptheologie (Romeinen 6) met een mystiek-ascetisch groeimodel: sterven aan de wereld, sterven aan de hartstochten, opstaan in wijsheid.

De auteur leest Christus’ dood en opstanding als archetype van de innerlijke weg van elke gelovige.

 

De afdaling in de onderwereld wordt uitgelegd als bevrijding van de gevangenen, een klassieke patristische interpretatie (o.a. Ireneüs, Gregorius van Nyssa).

 

De driedaagse structuur is typisch voor de woestijnvaders: een pedagogie van innerlijke omvorming.

 

Gebed voor je blog

Heer Jezus Christus,

Gij die de Sterke hebt gebonden en de poorten van de dood hebt verbrijzeld,

werk ook in ons Uw drievoudige mysterie.

Leer ons de wereld los te laten,

de hartstochten te doden,

en op te staan in de nieuwheid van Uw leven.

Laat Uw licht groeien in ons,

tot wij volmaakt worden in de wijsheid die van U komt.

Gij zijt ons leven, verborgen in God.

Aan U zij de glorie, nu en altijd. Amen.

Auteur: Krisbiesbroeck

Christiaan Biesbroeck Licentiaat Theologie/filosofie