
Hij komt als de Rechter van levenden en doden. Zijn bloed zal God eisen van hen die niet in Hem geloven. Maar Hij die Hem uit de dood heeft opgewekt, zal ook ons opwekken, als wij Zijn wil doen, wandelen in Zijn geboden, en liefhebben wat Hij liefhad. Dat betekent dat wij ons verre houden van alle ongerechtigheid, hebzucht, geldzucht, kwaadsprekerij en valse getuigenis; dat wij geen kwaad met kwaad vergelden, geen scheldwoord met scheldwoord, geen slag met slag, geen vloek met vloek. In plaats daarvan herinneren wij ons wat de Heer in Zijn onderricht heeft gezegd: “Oordeel niet, opdat u niet geoordeeld wordt; vergeef, en u zal vergeven worden; wees barmhartig, opdat u barmhartigheid zult ontvangen; met de maat waarmee u meet, zal u worden gemeten.” En opnieuw: “Zalig zijn de armen, en zij die vervolgd worden om de gerechtigheid, want hun is het Koninkrijk van God.”
Polycarpus, 110 n.Chr.
++++
Commentaar: De weg van Christus is een weg van gelijkenis:
Polycarpus spreekt met de eenvoud en kracht van de vroege Kerk: opstanding is niet alleen een belofte, maar een weg. Niet een weg van prestaties, maar van gelijkenis—leven zoals Christus leefde, liefhebben wat Hij liefhad, vermijden wat Hem vreemd was.
Drie accenten vallen op:
- Opstanding en navolging horen bij elkaar. Niet als voorwaarde in juridische zin, maar als innerlijke samenhang: wie met Christus leeft, zal met Hem verrijzen.
- Het morele leven is relationeel. Geen kwaad met kwaad vergelden is geen zwakte, maar een deelname aan Gods eigen barmhartigheid.
- De woorden van Jezus blijven het kompas. Polycarpus citeert vooral de Bergrede: oordeel niet, vergeef, wees mild, wees arm van geest. Het is alsof hij zegt: hier ligt de kern van het christelijk leven. In een wereld die snel oordeelt, snel reageert, snel vergelijkt, klinkt Polycarpus’ stem als een zachte maar dringende herinnering: het Koninkrijk behoort aan hen die de weg van Christus kiezen, ook wanneer die weg zacht, nederig of kwetsbaar lijkt.
++++
Gebed:
Heer Jezus Christus,
Gij die leeft en heerst,
leer mij Uw weg te gaan.
Maak mijn hart zacht waar het hard is,
mild waar het streng is,
vergevend waar het gekwetst is.
Bewaar mij voor de verleiding
om kwaad met kwaad te vergelden,
om te oordelen waar Gij roept tot barmhartigheid,
om te grijpen waar Gij uitnodigt tot eenvoud.
Laat mij liefhebben wat Gij liefhad,
mijden wat U bedroeft,
en wandelen in Uw licht,
zodat ik, verenigd met U,
deel mag hebben aan Uw verrijzenis.
Amen.
************
