
“God deed buitengewone wonderen door de handen van Paulus. Zelfs doeken en schorten die zijn huid hadden aangeraakt, werden naar zieken gebracht; hun ziekten verdwenen en de boze geesten gingen uit hen weg.”
(Handelingen 19:11–12)
++++
Commentaar:
Deze passage toont een diep mysterie van de christelijke traditie: God werkt door mensen heen, en soms zelfs door de meest eenvoudige, tastbare dingen die hen omringen. De kracht ligt niet in Paulus zelf, en ook niet in de voorwerpen, maar in Gods genade die zich wil laten bemiddelen door het concrete, het alledaagse, het lichamelijke.
Het herinnert eraan dat het christelijk geloof nooit puur geestelijk of abstract is. God raakt ons aan via woorden, gebaren, sacramenten, mensen, en zelfs via voorwerpen die verbonden zijn met heiligen. Niet omdat die dingen magisch zijn, maar omdat God zich niet schaamt om het materiële te gebruiken om zijn liefde tastbaar te maken.
Relieken van heiligen worden in deze lijn verstaan: niet als krachtbronnen op zichzelf, maar als dragers van herinnering, nabijheid en genade, omdat God door de heiligen heen blijft werken.
Deze tekst nodigt uit tot vertrouwen:
Wat wij aan God geven — zelfs het kleinste, het eenvoudigste — kan Hij gebruiken om genezing, vrede en bevrijding te brengen.
++++
Gebed:
Heer God,
U die door Paulus wonderen deed,
raak ook ons aan met uw genezende nabijheid.
Gebruik onze woorden, onze handen, onze kleine daden van liefde
om uw licht te brengen waar duisternis is,
uw vrede waar onrust heerst,
uw genezing waar wonden zijn.
Leer ons te vertrouwen dat U werkt
door het gewone, het eenvoudige, het tastbare.
Maak ons beschikbaar voor uw genade,
opdat ook wij dragers worden van uw liefde in deze wereld.
Amen
*************
