St Johannes Chrysostomos: Vast je? Geef dan te eten aan de hongerigen, geef te drinken aan de dorstigen, bezoek de zieken, vergeet de gevangenen niet, heb medelijden met de gemartelden, troost hen die bedroefd zijn en wenen. Wees barmhartig, nederig, vriendelijk, rustig, geduldig, meelevend, vergevingsgezind, eerbiedig, waarachtig en vroom, zodat God je vasten moge aanvaarden

“Vast je? Geef dan te eten aan de hongerigen, geef te drinken aan de dorstigen, bezoek de zieken, vergeet de gevangenen niet, heb medelijden met de gemartelden, troost hen die bedroefd zijn en wenen. Wees barmhartig, nederig, vriendelijk, rustig, geduldig, meelevend, vergevingsgezind, eerbiedig, waarachtig en vroom, zodat God je vasten moge aanvaarden en je rijkelijk de vruchten van bekering schenkt.”

— Johannes Chrysostomus

++++

Commentaar:

Wat Chrysostomus hier doet, is het vasten terugbrengen naar zijn hart: liefde.

Niet het voedsel dat je weglaat is het belangrijkste, maar de ruimte die daardoor ontstaat om anders te kijken, anders te handelen, anders te leven.

Hij verbindt vasten onmiddellijk met concrete daden van barmhartigheid. Het is alsof hij zegt: “Als je minder neemt, zorg dan dat een ander meer ontvangt.” 

En tegelijk wijst hij op de innerlijke houding die daarbij hoort: zachtheid, geduld, waarheid, eerbied. Het zijn de deugden die het hart ontvankelijk maken voor God.

In deze visie wordt vasten een dubbele beweging:

naar buiten: zorg voor wie lijdt, wie vergeten is, wie honger heeft;

naar binnen: een hart dat zich laat vormen door nederigheid, mildheid en waarheid.

De “vruchten van bekering” waar hij over spreekt zijn niet zwaar of somber, maar juist licht: vrede, mededogen, een hart dat meer op Christus lijkt.

Zo wordt vasten geen last, maar een weg naar vrijheid.

++++

Gebed:

Heer,

Leer mij te vasten met een open hart.

Laat mijn onthouding geen lege vorm zijn,

maar een ruimte waar Uw liefde kan ademen.

Open mijn ogen voor wie honger heeft,

voor wie dorst, voor wie lijdt in stilte.

Geef mij handen die delen,

voeten die op weg gaan,

en woorden die troosten.

Vorm in mij de deugden

die Johannes Chrysostomus noemt:

barmhartigheid, nederigheid, zachtheid,

geduld, waarheid en eerbied.

Aanvaard mijn kleine stappen

en schenk mij de vruchten van bekering:

een hart dat steeds meer op U lijkt.

Amen.

*************

Auteur: Krisbiesbroeck

Christiaan Biesbroeck Licentiaat Theologie/filosofie

Plaats een reactie