C.S.Lewis: Wanneer een mens in de tegenwoordigheid van God komt, zal hij merken — of hij dat nu wil of niet — dat al die dingen die hem zo verschillend deden lijken van mensen uit andere tijden…..

God in het beklaagdenbankje”

“Wanneer een mens in de tegenwoordigheid van God komt, zal hij merken — of hij dat nu wil of niet — dat al die dingen die hem zo verschillend deden lijken van mensen uit andere tijden, of zelfs van zijn vroegere zelf, van hem afvallen. Hij is terug waar hij altijd al was, waar ieder mens altijd is… geen enkele complexiteit die wij aan ons beeld van het universum kunnen toevoegen, kan ons voor God verbergen: er is geen struikgewas, geen bos, geen jungle dicht genoeg om dekking te bieden… in een oogwenk, in een tijdspanne te klein om te meten, en op elke plek, kan alles wat ons van God lijkt te scheiden verdwijnen, oplossen, ons naakt achterlatend voor Hem, als de eerste mens, als de enige mens, alsof niets anders bestond dan Hij en ik. En aangezien dit contact niet lang vermeden kan worden, en het óf gelukzaligheid óf verschrikking betekent, is de taak van het leven om te leren het lief te hebben. Dat is het eerste en grootste gebod.”

C.S.Lewis

++++

Commentaar:

Lewis beschrijft hier met grote intensiteit wat het betekent om werkelijk in Gods aanwezigheid te staan. Alle maskers, tijdgebonden verschillen, culturele lagen en persoonlijke complexiteiten vallen weg. Wat overblijft is de naakte ziel — niet in schaamte, maar in waarheid. Het beeld van de mens als “de enige mens” tegenover God is krachtig: het roept een diepe intimiteit op, maar ook een huiveringwekkende verantwoordelijkheid. Lewis benadrukt dat deze ontmoeting onvermijdelijk is, en dat het leven draait om het leren liefhebben van die ontmoeting. Niet vluchten, niet verbergen, maar leren om het contact met God — dat alles onthult — te omarmen.

Het slot is bijzonder: “Dat is het eerste en grootste gebod.” Lewis verbindt deze existentiële ervaring direct met Jezus’ woorden over het liefhebben van God met heel je hart, ziel en verstand. Het is geen abstracte liefde, maar een liefde die ontstaat in de volle waarheid van wie we zijn — en wie God is.

++++

Gebed:

Eeuwige God,

U doorgrondt mij en kent mij.

Geen tijd, geen plaats, geen gedachte is verborgen voor U.

Wanneer ik voor U sta, valt alles van mij af —

mijn trots, mijn angst, mijn verleden, mijn plannen.

Laat mij niet vluchten voor Uw blik,

maar leer mij het contact met U lief te hebben.

Laat het geen verschrikking zijn, maar een bron van vrede.

Help mij om U te zoeken in waarheid,

om Uw aanwezigheid te verdragen,

en om te leven in het licht van Uw liefde.

Want U bent de oorsprong en het einde,

de Ene die blijft wanneer alles verdwijnt.

Amen.

***************

Auteur: Krisbiesbroeck

Christiaan Biesbroeck Licentiaat Theologie/filosofie

Plaats een reactie