St.Oscar Romero: We moeten het Kind Jezus niet zoeken in de mooie figuren van onze kerststallen….

“We moeten het Kind Jezus niet zoeken in de mooie figuren van onze kerststallen. We moeten Hem zoeken onder de ondervoede kinderen die ’s avonds met een lege maag gaan slapen, onder de arme krantenjongens die in deuropeningen zullen slapen, bedekt met kranten.” 

— Heilige Oscar Romero

++++

Commentaar:

De woorden van Oscar Romero snijden door alle romantiek van Kerstmis heen.

Hij herinnert ons eraan dat de menswording geen decoratief verhaal is, maar een schokkende waarheid:

God kiest ervoor om kwetsbaar te worden, om aanwezig te zijn waar het leven breekt.

Romero spreekt vanuit zijn eigen ervaring in El Salvador, waar armoede, geweld en onrecht dagelijks zichtbaar waren.

Zijn boodschap blijft actueel:

Het Kind van Bethlehem ligt niet alleen in een stal, maar in elk kind dat honger heeft.

De warmte van Kerstmis is niet enkel de gloed van kaarsen, maar de warmte die wij schenken aan wie in de kou staat.

De echte aanbidding gebeurt niet alleen in de kerk, maar in de concrete liefde voor wie vergeten wordt.

Romero nodigt ons uit om met andere ogen te kijken: niet naar het schone, maar naar het kwetsbare; niet naar het versierde, maar naar het verwaarloosde; niet naar het veilige, maar naar het lijdende. Daar — precies daar — wordt Christus geboren.

++++

Gebed:

Heer Jezus,

Gij die arm zijt geworden om ons rijk te maken,

open onze ogen voor uw aanwezigheid in de kleinen en kwetsbaren.

Laat ons U herkennen in het kind dat honger heeft,

in de mens die geen thuis vindt,

in allen die vergeten of genegeerd worden.

 

Geef ons een hart dat niet wegkijkt,

handen die delen,

en voeten die gaan naar wie ons nodig heeft.

Maak ons tot dragers van uw licht,

zodat uw geboorte zichtbaar wordt

in onze daden van barmhartigheid.

Heilige Oscar Romero,

leer ons te zien zoals u zag,

te beminnen zoals u beminde,

en te spreken met de moed van het Evangelie.

Amen.

****************

Dietrich Bonhoeffer: De kerk is pas werkelijk kerk wanneer zij bestaat voor anderen…..

“De kerk is pas werkelijk kerk wanneer zij bestaat voor anderen. Om daarmee te beginnen zou zij al haar bezit moeten weggeven aan wie gebrek lijdt. De geestelijkheid moet leven van de vrijwillige gaven van de gemeente, of eventueel een wereldlijke baan uitoefenen. De kerk moet delen in de wereldlijke problemen van het gewone menselijke leven – niet heersen, maar helpen en dienen. Zij moet mensen in elke levensroeping vertellen wat het betekent om in Christus te leven: te bestaan voor anderen.” 

— Dietrich Bonhoeffer

++++

Commentaar:

Bonhoeffer schreef deze woorden in een tijd van diepe crisis, zowel persoonlijk als maatschappelijk. Zijn visie op de kerk is radicaal, maar niet extremistisch: ze is evangelisch in de meest oorspronkelijke zin.

Een paar lijnen die opvallen:

  1. Kerk-zijn is relationeel, niet institutioneel

Voor Bonhoeffer is de kerk geen bastion dat zichzelf moet beschermen, maar een gemeenschap die haar identiteit vindt in dienstbaarheid. Ze is geen doel op zichzelf, maar een instrument van Christus’ liefde.

2. Armoede en bezit zijn geestelijke vragen. Zijn oproep om bezit weg te geven is geen economisch programma, maar een profetische schok: de kerk moet zich afvragen of haar middelen werkelijk dienen tot liefde, of tot zelfbehoud.

3. De geestelijke als dienaar, niet als functionarisBonhoeffer verzet zich tegen een kerk die afhankelijk is van macht, status of zekerheid. De predikant moet leven van vertrouwen — in God én in de gemeenschap — of anders gewoon meedraaien in het gewone leven. Dat maakt de kerk menselijker en geloofwaardiger.

4. De kerk moet midden in de wereld staan. Niet er boven niet ernaast, maar erin. Niet oordelen, maar helpen. Niet domineren, maar dienen. Niet moraliseren, maar meeleven.

5.“Bestaan voor anderen” als kern van het christelijk levenDit is de essentie van Bonhoeffers theologie: Christus is de mens-voor-anderen, en wie Hem volgt, wordt zelf een mens-voor-anderen.Het is een spiritualiteit van zelfgave, niet van zelfverheffing.

++++

Gebed

Heer Jezus Christus,

Gij die gekomen zijt niet om gediend te worden maar om te dienen,

vorm ons tot een kerk die werkelijk bestaat voor anderen.

Maak ons vrij van angst om te verliezen,

vrij van de drang om onszelf te beschermen,

vrij van de neiging om te heersen.

Geef ons een hart dat ziet waar nood is,

oren die luisteren naar het stille lijden,

handen die helpen zonder te vragen,

en voeten die gaan naar wie alleen staat.

Zegen allen die verantwoordelijkheid dragen in de kerk:

dat zij nederig mogen zijn,

dat zij durven vertrouwen,

dat zij U zoeken in het gewone leven van mensen.

Leer ons, Heer, wat het betekent

om in U te leven,

om voor anderen te bestaan,

om Uw liefde zichtbaar te maken in deze wereld.

Amen.

*******************

Corry Then Boom: Klaar om verdriet en pijn te verdragen, klaar om de beproevingen te doorstaan….

Klaar om verdriet en pijn te dragen, Klaar om de beproeving te doorstaan. Klaar om thuis te blijven en anderen te zenden Als Hij dat het beste acht.

Klaar om te gaan, Klaar om te blijven, Klaar voor dienst, klein of groot, Klaar om Zijn wil te doen.

Klaar om te gaan, Klaar om te dragen, Klaar om te waken en te bidden. Klaar om opzij te staan en te wachten Tot Hij de weg zal banen.

Klaar om te spreken, Klaar om te denken, Klaar met hart en verstand, Klaar om te staan waar Hij het goed acht. Klaar om de last te dragen.

Klaar om te spreken, Klaar om te waarschuwen, Klaar om om zielen te wenen. Klaar in het leven, Klaar in de dood, Klaar voor Zijn wederkomst.

Corrie ten Boom

++++

 Commentaar

Dit gedicht ademt de geest van totale overgave. Corrie ten Boom schrijft niet over een passieve vorm van wachten, maar over een actieve beschikbaarheid: een hart dat voortdurend zegt “Hier ben ik, Heer.”

Wat opvalt:

  • “Klaar om te gaan, klaar om te blijven” — het maakt niet uit welke richting God wijst; het gaat om de bereidheid.

  • Dienst, klein of groot — in Gods ogen bestaat geen hiërarchie van taken; alleen trouw.

  • Waken, bidden, wachten — drie houdingen die de ziel vormen.

  • Klaar in leven én in sterven — een geloof dat verder reikt dan het tijdelijke.

  • Een diepe bewogenheid voor zielen — Corrie’s hart was missionair, maar altijd zacht, nooit dwingend.

Het gedicht is eigenlijk een gebed van beschikbaarheid, een echo van Jesaja’s woorden: “Hier ben ik, zend mij.”

++++

GEBED:

Heer,

Maak mijn hart beschikbaar zoals in deze woorden. Leer mij om te gaan wanneer U roept, en te blijven wanneer U mij stilzet. Geef mij de moed om te dragen wat U mij toevertrouwt, de wijsheid om te spreken wanneer U het vraagt, en de nederigheid om te zwijgen wanneer stilte heilzamer is.

Vorm in mij een geest van zachtmoedige dienstbaarheid, of de taak nu groot is of klein. Laat mij waken, bidden en wachten tot U de weg opent die ik nog niet zie.

Bewaar mijn ziel in leven en in sterven, en houd mij klaar voor de dag van Uw komst. Amen.

++++
Wie was Corrie ten Boom?

Corrie ten Boom (1892–1983) was een Nederlandse christenvrouw uit Haarlem, afkomstig uit een horlogemakersfamilie. Ze werd wereldwijd bekend door haar moed tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Belangrijkste elementen van haar leven:

  • Verzetswerk: Samen met haar familie verborg ze Joden en verzetsmensen in hun huis. De beroemde “Schuilplaats” (The Hiding Place) was een geheime ruimte achter een muur in haar slaapkamer.

  • Arrestatie en kamp: In 1944 werd de familie verraden. Corrie kwam terecht in Ravensbrück, een vrouwenconcentratiekamp. Haar zus Betsie stierf daar, maar liet Corrie een diepe geestelijke erfenis na: “Er is geen put zo diep, of Gods liefde is dieper.”

  • Na de oorlog: Corrie reisde de wereld rond als evangeliste, sprak over vergeving, hoop en Gods trouw. Ze ontmoette zelfs een voormalige kampbewaker en schonk hem vergeving — een van de meest indrukwekkende getuigenissen van christelijke vergevingsgezindheid.

  • Schrijfster: Haar bekendste boek is De Schuilplaats, dat later verfilmd werd.

Corrie ten Boom wordt wereldwijd gezien als een getuige van moed, geloof en radicale vergeving.

****************

St. Jan van het Kruis: O gezegende Jezus, schenk mij innerlijke stilte in U……  

O gezegende Jezus, schenk mij innerlijke stilte in U. 

Laat Uw machtige rust in mij heersen.

Heers over mij, o Koning van zachtmoedigheid

Koning van vrede.

Geef mij beheersing — over mijn woorden, gedachten en daden.

Van alle prikkelbaarheid, gebrek aan zachtmoedigheid, gebrek aan vriendelijkheid,

o dierbare Heer, verlos mij.

Door Uw eigen diepe geduld, geef mij geduld,

stilte van ziel in U.

Maak mij hierin, en in alles, meer en meer gelijk aan U.

Amen.

— Johannes van het Kruis

++++

Commentaar:

Dit gebed ademt de geest van contemplatie en innerlijke overgave die kenmerkend is voor Johannes van het Kruis, de mystieke karmeliet. Hij nodigt ons uit tot een diepe rust in Christus — niet als passieve stilstand, maar als een actieve overgave aan Gods vrede. De smeekbede om beheersing over woorden, gedachten en daden is bijzonder actueel in een tijd waarin prikkelbaarheid en haast vaak de boventoon voeren. Johannes verbindt zachtmoedigheid met koninklijke kracht: Jezus is niet alleen de Koning van vrede, maar ook de bron van innerlijke transformatie.

De herhaling van “stilte van ziel in U” is geen vlucht uit de wereld, maar een uitnodiging om Christus’ geduld en vrede te laten doordringen tot in het diepste van ons wezen. Het gebed eindigt met een verlangen naar gelijkenis — een mystieke maar ook praktische roeping om Christus’ gestalte aan te nemen in ons dagelijks leven.

++++

Gebed :

Heer Jezus, Bron van vrede, 

stil mijn hart in Uw aanwezigheid.

Laat Uw rust neerdalen in mijn gedachten,

Uw zachtmoedigheid in mijn woorden,

Uw geduld in mijn handelen.

Bevrijd mij van haast, van scherpe reacties,

van het oordeel+++ dat geen liefde kent.

Leer mij Uw weg van vrede —

stil, krachtig, vol genade.

Maak mijn ziel stil in U,

zoals de zee kalmeert onder Uw adem.

Laat mij U weerspiegelen,

in zachtheid, in vrede, in liefde.

Amen.

******************

Twee handen , tien vingers… (bron onbekend)

De tekst nodigt uit tot contemplatie: hoe vaak tellen wij onze zegeningen met dezelfde aandacht als onze zorgen? Hoe vaak laten we het gebed een plek zijn waar beide handen elkaar vinden, niet om te vechten, maar om te dragen?

++++

Reflectief commentaar:

  • Symboliek van de handen: De handen zijn niet alleen lichamelijk, maar ook spiritueel: ze dragen, troosten, werken, bidden. Ze zijn het geheugen van het leven.

  • De kracht van het gebed: Het gebed is hier geen vlucht, maar een daad van integratie. Verdriet wordt niet weggeduwd, maar opgenomen in een bedding van dankbaarheid.

  • Wijsheid van de eenvoud: De vrouw spreekt zonder grote woorden, maar haar inzicht is diep. Ze leeft met verlies, maar ook met mildheid en vertrouwen.

Gebed: Twee handen, één hart

Goede God

Laat ons niet wegkijken van de pijn, maar haar opnemen in het gebed, waar Uw liefde de ruimte schept om te dragen wat zwaar is, en te koesteren wat licht geeft.

Wanneer wij onze handen vouwen, mogen onze zorgen rusten tussen onze zegeningen. Mogen onze vingers elkaar vinden zoals mensen elkaar vinden in troost en verbondenheid.

Dank U voor de handen die ons leven hebben gedragen, voor de tranen die zijn gedroogd, voor de vuisten die weer open zijn gegaan, voor de gebaren van liefde, hulp en hoop.

 

Zegen ons met evenwicht, met het vermogen om te tellen wat goed is, zelfs als het moeilijk is.

 

En laat ons, in het vouwen van onze handen, steeds opnieuw Uw nabijheid ervaren.

Amen.

************

Cyrillus van Alexandrië: Hij die de communie ontvangt, wordt geheiligd en gergoddelijkt in ziel en lichaam….

“Hij die de Communie ontvangt, wordt geheiligd en vergoddelijkt in ziel en lichaam, zoals water dat boven het vuur wordt gezet en begint te koken… De Communie werkt als gist die door het deeg is gemengd en het hele geheel doet rijzen; …Zoals wanneer men twee kaarsen samen laat smelten en er één stuk was van maakt, zo, denk ik, wordt degene die het Vlees en Bloed van Jezus ontvangt, met Hem versmolten door deze Communie, en de ziel ontdekt dat hij in Christus is en Christus in hem.”

— St. Cyrillus van Alexandrië.

++++

Commentaar:

St. Cyrillus gebruikt drie krachtige beelden om de werking van de Eucharistie te beschrijven: Water dat kookt: De hitte van Gods liefde transformeert ons wezen, maakt ons levendig, bewogen, en klaar om te dienen. Gist in deeg: De Communie is geen oppervlakkige aanraking, maar een innerlijke werking die ons hele leven doordringt en verheft. Samengesmolten kaarsen: Een beeld van diepe eenwording — niet alleen nabijheid, maar een mystieke versmelting tussen Christus en de ziel. Deze beelden nodigen uit tot eerbied en verwondering. De Communie is geen symbolisch ritueel, maar een werkelijke deelname aan het goddelijke leven. Cyrillus spreekt niet over een idee, maar over een ervaring: een ziel die ontdekt dat zij in Christus is, en Christus in haar. Dit is het hart van de eucharistische mystiek.

++++

Gebed

Heer Jezus, 

Gij die Uzelf geeft in Brood en Bloed,

maak mijn ziel ontvankelijk voor Uw vuur.

Laat Uw liefde mij doen koken van leven,

Uw genade mij doordringen als gist,

Uw tegenwoordigheid mij versmelten tot één met U.

Laat mij niet slechts naderen,

maar werkelijk opgenomen worden in Uw hart.

Dat ik mag zeggen met Cyrillus:

“Christus is in mij, en ik ben in Christus.”

Amen.

*********************

St Johannes Berchmans: Onze ware waarde bestaat niet uit wat mensen van ons genken…

Onze ware waarde bestaat niet uit wat mensen van ons denken. Wie we werkelijk zijn, bestaat uit wat God van ons weet.”

Johannes Berchmans

++++

Commentaar:

Deze uitspraak van de heilige Johannes Berchmans nodigt uit tot een diepe innerlijke rust. In een wereld waarin waardering vaak afhangt van uiterlijk vertoon, prestaties of de mening van anderen, herinnert hij ons eraan dat onze echte identiteit ligt in Gods blik. Niet in roem, niet in reputatie, maar in de stille waarheid die God in ons hart ziet. Het is een oproep tot nederigheid én vertrouwen: dat we onszelf mogen kennen zoals God ons kent — geliefd, gewild, en kostbaar.

++++

Gebed:

Heer, U kent mij zoals ik werkelijk ben. Niet zoals anderen mij zien, niet zoals ik mij voordoe, maar zoals ik ben in Uw ogen. Laat mij rust vinden in die waarheid. Bevrijd mij van de drang om indruk te maken, om te voldoen aan verwachtingen. Leer mij leven vanuit Uw liefde, zodat mijn waarde niet afhangt van stemmen om mij heen, maar van Uw stem die fluistert: “Je bent van Mij.”

Amen.

Johannes Berchmans (1599–1621)

Johannes Berchmans was een jonge Vlaamse jezuïet uit Diest, bekend om zijn diepe eenvoud, zijn trouw in kleine dingen en zijn oprechte, vreugdevolle spiritualiteit. Hij leefde maar 22 jaar, maar liet een indruk na die hem later tot heilige maakte.

 Korte schets van zijn leven:

  • Geboren: 13 maart 1599 in Diest

  • Jezuïet geworden: 1616, in Mechelen

  • Studie: filosofie in Leuven en later in Rome

  • Overleden: 13 augustus 1621 in Rome, na een korte ziekte

  • Heiligverklaring: 1888 door paus Leo XIII

Wat hem bijzonder maakte:

Johannes was geen mysticus met grote visioenen, geen missionaris die verre landen bereikte, geen martelaar. Zijn heiligheid lag in iets anders:

  • Trouw in het gewone: hij geloofde dat je God vindt in de dagelijkse plichten, hoe klein ook.

  • Vreugdevolle eenvoud: hij was vriendelijk, zachtmoedig, en geliefd door zijn medestudenten.

  • Zuiver hart en heldere intenties: hij wilde alles doen “met een zuiver geweten en een blij gemoed”.

  • Liefde voor studie: hij zag leren als een vorm van dienst aan God.

Zijn bekendste motto werd: “Age quod agis” — Doe wat je doet, met heel je hart.

Iconografie:

Hij wordt vaak afgebeeld:

  • in jezuïetenhabijt

  • met een crucifix, rozenkrans en regelboek

  • als jonge, serene student

 Spirituele betekenis vandaag

Johannes Berchmans is een heilige voor wie zoekt naar:

  • trouw in het dagelijkse

  • eenvoud zonder spektakel

  • zuiverheid van hart

  • vreugde in plicht en studie

  • jongeren en studenten

Hij is een stille herinnering dat heiligheid niet altijd groots of dramatisch is — soms is ze gewoon trouw, liefdevol en helder aanwezig in het gewone leven.

*******************

St. Augustinus: Laat ons de Kerk niet verlaten omdat we er onkruid in zien….

Laat ons de Kerk niet verlaten omdat we er onkruid in zien. We hoeven enkel te streven om het koren te zijn.

— Sint-Augustinus

++++

Commentaar:

Deze uitspraak van Sint-Augustinus is een krachtige oproep tot trouw en onderscheidingsvermogen binnen de geloofsgemeenschap. Hij erkent dat de Kerk, als menselijke instelling, niet vrij is van fouten, verdeeldheid of zonde — het “onkruid” waar hij over spreekt. Maar hij waarschuwt ons ervoor om niet te vluchten of ons af te keren. In plaats daarvan roept hij op tot innerlijke zuiverheid: wees zelf het “koren”, het goede, het vruchtbare, dat standhoudt en groeit ondanks de aanwezigheid van het onkruid.

Augustinus verwijst hier naar de gelijkenis van de tarwe en het onkruid (Matteüs 13:24–30), waarin Jezus leert dat het niet aan ons is om het onkruid uit te trekken — dat oordeel komt pas aan het einde der tijden. Tot dan leven goed en kwaad naast elkaar, zelfs binnen de Kerk. De uitdaging is om zelf trouw te blijven aan Christus, zonder bitterheid of veroordeling.

Deze gedachte is bijzonder relevant in tijden van kerkelijke crisis, teleurstelling of verdeeldheid. Augustinus nodigt ons uit tot nederigheid, volharding en hoop: de Kerk is niet perfect, maar zij blijft het lichaam van Christus, waarin wij geroepen zijn om vrucht te dragen.

++++

Gebed

Goede God,

U die ons roept om koren te zijn in uw veld,

geef ons de moed om te blijven,

ook wanneer we het onkruid zien groeien.

Laat ons niet vluchten uit teleurstelling,

maar groeien in liefde, geduld en trouw.

Help ons om niet te oordelen,

maar om zelf zuiver en waarachtig te leven.

Laat uw Geest ons sterken,

opdat wij, als koren in uw Kerk,

vrucht dragen tot uw eer

en tot genezing van de wereld.

 

Amen.

***************

Teresa van Avila: O God, die door uw Heilige Geest Teresa van Ávila hebt bewogen om aan uw Kerk de weg van de volmaaktheid te tonen….

O God, die door uw Heilige Geest Teresa van Ávila hebt bewogen om aan uw Kerk de weg van de volmaaktheid te tonen: geef ons, bidden wij U, dat wij gevoed worden door haar voortreffelijke onderricht, en ontsteek in ons een vurige en onverzadigbare hunkering naar ware heiligheid; door Jezus Christus, de vreugde van liefhebbende harten, die met U en de Heilige Geest leeft en regeert, één God, tot in eeuwigheid.

Christus heeft nu geen lichaam dan het uwe. Geen handen, geen voeten op aarde dan de uwe. Uw ogen zijn de ogen waarmee Hij vol mededogen naar deze wereld kijkt. Christus heeft nu geen lichaam op aarde dan het uwe.

Laat niets u verontrusten, laat niets u bang maken. Alles gaat voorbij: God verandert nooit. Geduld bereikt alles. Wie God bezit, komt niets tekort; God alleen is genoeg.

H.Teresia van Avila

++++

 Commentaar:

Deze tekst vangt de kern van Teresa’s mystieke spiritualiteit: een diepe vereniging met God die leidt tot innerlijke rust, geduld en een radicale overgave. Haar beroemde woorden “God alleen is genoeg” zijn geen simplistische troost, maar een krachtige samenvatting van haar levenslange zoektocht naar de goddelijke aanwezigheid in het hart. De passage “Christus heeft geen lichaam dan het uwe” is vaak toegeschreven aan haar, en drukt uit hoe de gelovige geroepen is om Christus’ liefde tastbaar te maken in de wereld.

De gebedsformule aan het begin is liturgisch van aard en benadrukt Teresa’s rol als lerares van de innerlijke weg. Haar leer is niet alleen voor kloosterlingen, maar voor allen die verlangen naar een leven geworteld in Gods liefde.

++++

Gebed in haar geest

Geest van de levende God,

Gij die Teresa hebt vervuld met vuur en stilte, met wijsheid en eenvoud, ontwaak ook in ons het verlangen naar U alleen.

Leer ons stil te worden in het hart, geduldig in het lijden, moedig in de liefde.

Mogen onze handen uw handen zijn, onze ogen uw blik van mededogen.

Heer, laat niets ons verontrusten, want Gij zijt genoeg.

Amen.

*****************

Ephraim de Syriër: De tijd van mijn leven is verspild aan zorgen en schaamtelijke gedachten…..

De tijd van mijn leven is verspild aan zorgen en schaamtelijke gedachten. Schenk mij, Heer, een genezing, opdat ik volledig mag worden geheeld van mijn verborgen wonden.

Sterk mij, zodat ik ijverig mag arbeiden in Uw wijngaard, al is het slechts voor één uur. Want mijn leven, in zijn ijdelheid, heeft reeds het elfde uur bereikt.

Ephraim de Syriër.

++++

 

Commentaar:

Deze korte maar krachtige tekst van St. Ephraim de Syriër is een gebed van berouw en hoop. Hij spreekt uit wat velen in hun hart voelen: het besef dat tijd verloren is gegaan aan zorgen, afleiding en zonde. Toch klinkt er geen wanhoop in zijn woorden, maar een vurige roep om genezing en een laatste kans om dienstbaar te zijn aan God.

Het “elfde uur” verwijst naar de gelijkenis van de arbeiders in de wijngaard (Matteüs 20:1–16), waarin ook zij die pas op het einde van de dag komen, dezelfde genade ontvangen. Ephraim herinnert ons eraan dat het nooit te laat is om terug te keren, om te werken in Gods wijngaard, zelfs al is het maar voor een korte tijd. Zijn woorden zijn een uitnodiging tot nederigheid, bekering en vertrouwen in Gods barmhartigheid.

++++

Gebed:

Goede God,

U die de harten kent en de wonden ziet die wij verborgen houden,

hoor het gebed van hen die zich laat tot U wenden.

Genees ons van wat ons van U verwijdert,

van zorgen die ons verlammen,

van gedachten die ons beschamen.

 

Schenk ons de kracht om, al is het maar voor één uur,

met liefde en toewijding te werken in Uw wijngaard.

Laat ons niet verloren gaan in spijt,

maar opstaan in hoop,

wetend dat Uw genade ook het elfde uur omarmt.

Amen.

****************

St. Antonius de grote: De duivel is bang voor ons wanneer we bidden en offeren….

DE DUIVEL IS BANG VOOR ONS WANNEER WE BIDDEN EN OFFEREN

HIJ IS OOK BANG WANNEER WE NEDERIG EN GOED ZIJN

HIJ IS VOORAL BANG WANNEER WE JEZUS ZEER LIEFHEBBEN

HIJ VLUCHT WANNEER WE HET TEKEN VAN HET KRUIS MAKEN

— ST. ANTONIUS VAN EGYPTE

++++

Commentaar:

Deze woorden van St. Antonius van Egypte, vader van het monastieke leven, zijn eenvoudig maar krachtig. Ze herinneren ons eraan dat geestelijke strijd niet gewonnen wordt door kracht of kennis, maar door nederigheid, liefde en gebed. Antonius leefde in de woestijn, ver van de wereld, maar zijn strijd was intens: tegen verleiding, wanhoop en duisternis. Zijn inzicht is dat de duivel niet standhoudt waar Christus wordt bemind en waar het kruis wordt verheven.

De vier wapens die hij noemt — gebed, offer, nederigheid en liefde — zijn geen heroïsche daden, maar dagelijkse keuzes. En het teken van het kruis, zo eenvoudig en vertrouwd, is een krachtig getuigenis van Christus’ overwinning. Het is een herinnering dat we niet alleen staan.

++++

Gebed geïnspireerd door St. Antonius

Heer Jezus Christus,

U bent onze kracht in de strijd,

onze vrede in de storm,

onze liefde in de leegte.

Leer ons bidden met eenvoud,

offeren met vreugde,

leven met nederigheid,

en U liefhebben met heel ons hart.

Laat het teken van Uw kruis

ons beschermen en zegenen,

opdat de duisternis wijkt

en Uw licht in ons straalt.

Door de voorspraak van St. Antonius,

leid ons in de woestijn van ons hart

naar de stilte waar U woont.

Amen.

****************

 

Jij stierf maar overwon de dood……..

“Hij stierf, maar Hij overwon de dood; in zichzelf maakte Hij een einde aan wat wij vreesden; Hij nam het op zich en overwon het, als een machtige jager ving en doodde Hij de leeuw.”

— Sint Augustinus

++++

Commentaar:

Augustinus gebruikt krachtige beeldspraak om het mysterie van Christus’ overwinning op de dood te verwoorden. De dood — het ultieme menselijke angstbeeld — wordt voorgesteld als een leeuw: wild, onoverwinnelijk, dreigend. Maar Christus, door zijn vrijwillige lijden en sterven, vangt deze leeuw in zijn eigen lichaam. Hij ondergaat de dood niet als slachtoffer, maar als overwinnaar. In zijn sterven wordt de dood zelf ontkracht.

De zin “in zichzelf maakte Hij een einde aan wat wij vreesden” is bijzonder troostrijk. Christus heeft de dood niet van buitenaf bestreden, maar van binnenuit getransformeerd. Hij is de machtige jager die het beest verslaat door het te laten toeslaan — en zo zijn kracht te breken. Dit is geen brute triomf, maar een mysterieuze, liefdevolle overwinning: door zich kwetsbaar te maken, overwint Hij het onoverwinnelijke.

++++

Gebed

Heer Jezus Christus,

Gij zijt de machtige jager die de leeuw van de dood hebt verslagen.

In Uw lijden hebt Gij onze angst gedragen,

in Uw sterven hebt Gij het duister overwonnen.

Laat ons niet vergeten dat Gij de dood niet ontweken hebt,

maar haar hebt getransformeerd tot poort van leven.

 

Leer ons U te vertrouwen wanneer wij bang zijn,

wanneer het onbekende ons benauwt,

wanneer de dood ons nabij komt in lichaam of geest.

Wees onze kracht, onze troost, onze overwinning.

Gij die leeft en heerst, nu en altijd.

Amen.

 

*************

 

 

De Barmhartige Samaritaan…..

Het enig noodzakelijke (Lucas 10: 25-37)

25   Er kwam een wetgeleerde die Hem op de proef wilde stellen. Hij vroeg: ‘Meester, wat moet ik doen om deel te krijgen aan het eeuwige leven?’ 26 Jezus antwoordde: ‘Wat staat er in de wet geschreven? Wat leest u daar?’ 27  De wetgeleerde antwoordde: ‘Heb de Heer, uw God, lief met heel uw hart en met heel uw ziel en met heel uw kracht en met heel uw verstand, en uw naaste als uzelf.’ 28  ‘U hebt juist geantwoord,’ zei Jezus tegen hem. ‘Doe dat en u zult leven.’ 29 Maar de wetgeleerde wilde zijn gelijk halen en vroeg aan Jezus: ‘Wie is mijn naaste?’ 30 Toen vertelde Jezus hem het volgende: ‘Er was eens iemand die van Jeruzalem naar Jericho reisde en onderweg werd overvallen door rovers, die hem zijn kleren uittrokken, hem mishandelden en hem daarna halfdood achterlieten. 31 Toevallig kwam er een priester langs, maar toen hij het slachtoffer zag liggen, liep hij met een boog om hem heen. 32 Er kwam ook een Leviet langs, maar bij het zien van het slachtoffer liep ook hij met een boog om hem heen. 33 Een Samaritaan echter, die op reis was, kreeg medelijden toen hij hem zag. 34 Hij ging naar de gewonde man toe, goot olie en wijn over zijn wonden en verbond ze. Hij zette hem op zijn eigen rijdier en bracht hem naar een logement, waar hij voor hem zorgde. 35 De volgende morgen gaf hij twee denarie aan de eigenaar en zei: “Zorg voor hem, en als u meer kosten moet maken, zal ik u die op mijn terugreis vergoeden.” 36 Wie van deze drie is volgens u de naaste geworden van het slachtoffer van de rovers?’ 37 De wetgeleerde zei: ‘De man die hem barmhartigheid heeft betoond.’ Toen zei Jezus tegen hem: ‘Doet u dan voortaan net zo.’

Bron: Nieuwe Bijbelvertaling NBV21.

++++

Commentaar bij Lucas 10:25‑37:

De parabel van de barmhartige Samaritaan is geen moralistisch verhaaltje, maar een geestelijke schok. Jezus beantwoordt de vraag “Wie is mijn naaste?” niet met een definitie, maar met een verhaal dat de luisteraar dwingt zichzelf te situeren.

1.De wetgeleerde: een eerlijke maar defensieve vraag

Hij kent de Wet, hij citeert ze correct. Maar hij zoekt grenzen: Tot waar moet ik liefhebben? Wie valt binnen mijn verantwoordelijkheid? Jezus doorprikt die defensieve houding. Liefde is geen juridisch kader maar een levenshouding.

2.De priester en de Leviet: religie zonder barmhartigheid. Zij staan voor een geloof dat correct is, maar niet geraakt wordt. Ze zien de gewonde man, maar laten zich niet raken. Hun boog om hem heen is de boog die wij allemaal soms maken: uit angst, uit haast, uit vermoeidheid, uit zelfbescherming

3. De Samaritaan: de onverwachte icoon van Gods hart. Voor de Joden was een Samaritaan een buitenstaander, iemand met “verkeerde” theologie. Maar juist hij wordt bewogen van binnenuit. Hij stopt, verzorgt, tilt, betaalt, belooft terug te komen. Zijn barmhartigheid is niet abstract maar concreet, kostbaar, rommelig, kwetsbaar. Hij wordt een icoon van Godseigen beweging naar ons toe: God loopt nooit met een boog om onze wonden heen.

4.De omkering: niet “wie is mijn naaste?” maar “voor wie word ik een naaste?” Jezus draait de vraag om.Naaste‑zijn is geen categorie, maar een keuze. Niet: “Wie moet ik liefhebben?” maar: “Ben ik bereid om te stoppen, te luisteren, te helpen, te dragen?”

5. De kern: het enig noodzakelijke:Het enige noodzakelijke is niet kennis, maar barmhartigheid. Niet perfectie, maar nabijheid.Niet grote daden, maar een hart dat zich laat raken en in beweging komt.

++++

 Gebed

Heer Jezus,

Gij die niet vraagt wie waardig is,

maar wie gewond is,

maak mijn hart ontvankelijk voor de mensen

die vandaag op mijn weg komen.

Leer mij niet weg te kijken,

niet te oordelen,

niet met een boog om de pijn van anderen heen te lopen.

Geef mij de moed van de Samaritaan:

om te stoppen,

om te luisteren,

om te helpen,

om te dragen wat ik kan dragen.

Raak mijn hart zoals Gij het zijne raakte,

zodat ik een naaste word

voor wie mij nodig heeft,

ook wanneer het mij iets kost.

Heer, maak mij mild,

maak mij aandachtig,

maak mij beschikbaar.

En laat mijn daden, hoe klein ook,

een spoor van Uw barmhartigheid achterlaten

in deze wereld.

Amen.

***************

LUZ JOVEN : Hymne opgedragen aan de Heilige Carlo Acutis……

LUZ JOVEN

Hymne opgedragen aan de Heilige  Carlo Acutis

1.

Zoete jonge lichtstraal, glans van hoop,

gave van genade die de wereld verlicht.

In jouw glimlach opent zich de hemel

en laat je ons zijn vreugde zien.

 

2.

Op jouw weg naar het oneindige

keerde jouw hart zich naar het eeuwige.

Vol leven in je korte reis

heb je overal hoop gezaaid.

 

Eer aan U, God van eeuwige liefde,

voor de gaven van uw heil.

In uw heiligen toont U steeds aan de wereld

de schittering van de naastenliefde.

 

3.

Dat verlangen om God te vinden

droeg jouw hart al van jongs af aan.

Met Christus ontmoette je Hem in de Eucharistie,

en daar vond je jouw weg.

 

4.

Jouw hart werd een huis van zijn genade,

en met zijn licht verlichtte Hij jouw stappen.

Zijn liefde straalde in elk van jouw gebaren

en verspreidde zijn vrede volledig.

 

Eer aan U, God van eeuwige liefde…

 

5.

Toen pijn en lijden

al vroeg jouw dagen tekenden,

aanvaardde jij ze met moed

en offerde je jezelf voor de Kerk.

 

6.

Carlo, in ons straalt jouw zuiverheid,

jij, jonge mens die allen inspireert die God zoeken,

met jouw hele leven getuig je

van het Evangelie dat ons redt.

 

Eer aan U, God van eeuwige liefde…

 

7.

Eer aan de Vader, bron van het leven,

eer aan de Zoon, Verlosser van de wereld,

eer aan U, Geest van liefde,

nu en tot in eeuwigheid.

 

Amen, amen,

amen, amen.

**************

St Augustinus: Augustinus nodigt ons uit om ons eigen levensverhaal te herlezen in het licht van Gods trouw…..

O mijn God,

laat mij met dankbaarheid herinneren

en aan U belijden

Uw barmhartigheden jegens mij.

 

— Augustinus van Hippo, Belijdenissen

 

 Commentaar:

Deze woorden uit de Confessiones van Augustinus zijn doordrenkt van nederigheid en verwondering. Hij kijkt terug op zijn leven — met al zijn omwegen, fouten en genadevolle wendingen — en erkent dat Gods barmhartigheid hem steeds heeft begeleid. Het is geen oppervlakkige dankbaarheid, maar een diepe, doorleefde erkenning: dat zelfs in zijn dwaasheid en verzet, God hem bleef roepen, dragen en genezen.

Augustinus nodigt ons uit om ons eigen levensverhaal te herlezen in het licht van Gods trouw. Niet om onszelf te veroordelen, maar om de sporen van genade te ontdekken — in herinneringen, ontmoetingen, inzichten, en innerlijke ommekeer. Zijn gebed is een oefening in spiritueel geheugen: het her-inneren van Gods aanwezigheid, zodat ons hart zich opent voor lof en overgave.

++++

Gebed in de geest van Augustinus:

Goede en barmhartige God,

U was bij mij toen ik U vergat,

U riep mij toen ik verdwaalde,

U hield van mij voordat ik U kende.

 

Laat mij niet leven in vergetelheid,

maar herinneren met dankbaarheid

hoe Uw genade mij heeft gezocht en gevonden.

 

Laat mijn belijdenis geen last zijn,

maar een lofzang op Uw trouw.

Maak mijn hart zacht, mijn geest helder,

opdat ik U erken als de bron van mijn leven.

Amen.

 

*******************

St. Vincent van Lérins: Over de interpretatie van de Schrift (de Bijbel)…..

St. Vincent van Lerins 

(Gestorven in 445 n.Chr.)

✶ Over de interpretatie van de Schrift

Hier zou iemand kunnen vragen:

“Als de canon van de Schrift volmaakt is en op zichzelf meer dan voldoende voor alles, waarom is het dan nodig dat het gezag van kerkelijke uitleg eraan wordt toegevoegd?”

Heel eenvoudig: omdat de Heilige Schrift, vanwege haar eigen diepgang, niet door iedereen op dezelfde manier wordt begrepen.

Dezelfde passage wordt door sommigen op deze manier uitgelegd, door anderen op een andere manier, zodat het bijna lijkt alsof er evenveel meningen zijn als mensen.

Novatian legt een passage op één manier uit, Sabellius op een andere, Donatus weer anders; Arius, Eunomius, Macedonius op hun manier; Photinus, Apollinaris, Priscillian op een andere; Jovinian, Pelagius, Caelestius op hun manier; en daarna weer Nestorius op een andere wijze.

— Commonitorium 2:4–6 (geschreven in 434 n.Chr.)

++++

Commentaar:

St. Vincent van Lerins benadrukt hier een fundamenteel inzicht: hoewel de Schrift op zichzelf volmaakt is, vereist haar interpretatie begeleiding. Niet omdat Gods Woord tekortschiet, maar omdat wij mensen beperkt zijn in begrip, beïnvloed door onze context, verlangens en leerstellingen. De opsomming van ketterse uitleggingen toont hoe snel de Schrift kan worden verdraaid wanneer ze losgemaakt wordt van de levende traditie van de Kerk.

Vincent pleit dus voor een hermeneutiek die geworteld is in de consensus fidelium — het geloof dat overal, altijd en door allen is bewaard. Zijn woorden zijn een pleidooi voor nederigheid: dat we de Schrift niet als privébezit behandelen, maar als een heilige gave die vraagt om gemeenschap, gebed en overlevering.

++++

Gebed in de geest van St. Vincent van Lerins

 

God van waarheid en trouw,

Gij hebt ons uw Woord gegeven als licht op ons pad.

Maar ons hart is verdeeld, onze ogen zijn vaak vertroebeld.

Bewaar ons voor de hoogmoed van eigen uitleg,

en leid ons naar de wijsheid van de heilige traditie.

Laat ons luisteren naar de stem van de Kerk,

waar Gij door de eeuwen heen hebt gesproken.

Geef ons de nederigheid van Vincent van Lerins,

die zocht naar het geloof dat overal, altijd en door allen werd beleden.

Dat wij in gemeenschap uw Woord mogen verstaan,

en in liefde mogen leven naar uw waarheid.

Amen.

**************

Wie was Vincent van Lérens:

Korte biografie

  • Leefde: ca. 390–450

  • Herkomst: uit een adellijke Gallische familie, waarschijnlijk uit de streek rond Toul

  • Levenskeuze: gaf een militaire loopbaan op om monnik te worden op het eilandklooster Lérins bij de Zuid-Franse kust (nabij Cannes)

  • Rol: priester‑monnik, leraar en schrijver

  • Feestdag: 24 mei (in zowel de katholieke als orthodoxe traditie)

Zijn belangrijkste werk: Commonitorium

Vincent schreef onder het pseudoniem Peregrinus een werk dat bedoeld was als “geheugensteun” voor het onderscheiden van ware christelijke leer. Belangrijke punten:

  • Traditiecriterium: Quod semper, quod ubique, quod ab omnibus creditum est (“Wat altijd, overal en door iedereen geloofd is.”) Dit werd een klassiek principe in de katholieke theologie.

  • Groei van dogma: Vincent benadrukte dat geloofswaarheden kunnen groeien, maar alleen als die groei trouw blijft aan de oorspronkelijke kern van het geloof.

  • Theologische context: Zijn werk staat in de lijn van kerkvaders zoals Ireneüs en Tertullianus en behandelt thema’s zoals de overlevering, de Triniteit en de christologie.

Spirituele betekenis:

Vincent van Lérins wordt gezien als:

  • een bewaker van de apostolische traditie,
  • een heldere en evenwichtige stem in een tijd van theologische controverse,
  • een vader van de Kerk die zowel in Oost als West wordt vereerd.

Zijn invloed reikte tot ver in de middeleeuwen en zelfs tot in de 17e eeuw, vooral door zijn visie op traditie en dogmatische ontwikkeling.

****************

St.Augustinus: Over de Bijbelse Canon, met uitleg….

✤Over de Bijbelse Canon✤

“Onder de vertalingen verdient de Italiaanse (Itala) de voorkeur boven de andere, omdat zij dichter bij de woorden blijft zonder afbreuk te doen aan de helderheid van de uitdrukking. En om het Latijn te corrigeren, moeten we gebruik maken van de Griekse versies, waarvan de Septuaginta de hoogste autoriteit heeft wat het Oude Testament betreft.”

~ Uit: Over de Christelijke Leer, Boek II, hoofdstuk 15, paragraaf 22 (geschreven in 397 n.Chr.)

++++

++++

Commentaar:

Augustinus toont hier zijn diepe eerbied voor de Schrift en zijn zorg voor zuivere overdracht. Hij erkent dat vertaling altijd een spanningsveld is tussen trouw aan het origineel en begrijpelijkheid voor de lezer. Zijn voorkeur voor de Itala – een vroege Latijnse vertaling – weerspiegelt zijn verlangen naar precisie zonder het mysterie van het Woord te verliezen.

Zijn verwijzing naar de Septuaginta als gezaghebbende bron voor het Oude Testament is opmerkelijk: deze Griekse vertaling werd door veel vroege christenen als geïnspireerd beschouwd, ondanks verschillen met de Hebreeuwse tekst. Augustinus’ houding nodigt uit tot nederigheid in omgang +++met heilige teksten, en tot eerbied voor de traditie waarin ze zijn doorgegeven.

+++++

Gebed bij Augustinus’ inzicht

God van het Woord,

die spreekt in vele talen en harten,

leer ons de Schrift te lezen met liefde en verstand.

Laat ons zoeken naar trouw aan Uw stem,

zonder de helderheid van Uw genade te verliezen.

Geef ons de nederigheid van Augustinus,

die zocht naar waarheid in vertaling,

en de moed om Uw Woord te leven,

in elke taal, in elke tijd.

++++

 

Verschil tussen de Septuagint en de Hebreeuwse Bijbel :

De belangrijkste verschillen tussen de Septuagint (LXX) en de Hebreeuwse Bijbel (Tanach), gebaseerd op actuele bronnen.

 

Wat zijn ze precies?

Hebreeuwse Bijbel (Tanach) De canonieke verzameling Joodse geschriften in het Hebreeuws (met enkele Aramese passages). Dit is de tekstvorm die later gestandaardiseerd werd in de Masoretische Tekst.

Septuagint (LXX) 

De oudste Griekse vertaling van de Hebreeuwse geschriften, gemaakt door de Joodse gemeenschap in Alexandrië (3e–1e eeuw v.Chr.).Belangrijkste verschillen

  1. Taal: Tanach: Hebreeuws (en Aramees). Septuagint: Grieks (Koine).

Dit maakt de LXX toegankelijk voor Joden in de diaspora die geen Hebreeuws meer spraken.

2. Structuur en volgorde:

De volgorde van de boeken verschilt. De LXX groepeert en ordent boeken anders dan de Hebreeuwse canon.

Voorbeeld: de Twaalf Kleine Profeten zijn één boek in de Hebreeuwse Bijbel, maar worden in de LXX afzonderlijk geteld.

3. Aantal boeken

Tanach: 24 boeken.

Septuagint: meer boeken, omdat sommige teksten gesplitst zijn én omdat de LXX deuterocanonieke boeken bevat (zoals Wijsheid van Salomo, Tobit, Judit, 1–4 Makkabeeën).

Deze extra boeken zijn later door katholieke en orthodoxe tradities overgenomen.

3. Tekstvarianten:

De LXX is geen letterlijke kopie van de Masoretische Tekst.

Ze weerspiegelt soms oudere Hebreeuwse bronteksten die niet identiek zijn aan de latere Masoretische traditie.

4. In sommige passages is de betekenis merkbaar anders. Moderne vergelijkingen tonen honderden varianten5. Gebruik in religieuze tradities:

  • Jodendom: gebruikt de Hebreeuwse Bijbel als normatieve tekst.
  • Christendom: de vroege kerk gebruikte vooral de Septuagint, omdat het Nieuwe Testament in het Grieks geschreven is en vaak de LXX citeert.

Daardoor is de LXX de basis geworden voor de ordening van het christelijke Oude Testament.

[De Septuagint of Septuaginta, vaak afgekort tot LXX, het getal 70 in Romeinse cijfers, is de vertaling in het Koinè of Oudgrieks van de Tenach of Hebreeuwse Bijbel, die tussen circa 250 en 50 v.Chr. werd gemaakt.]

5.Gebruik in religieuze tradities:

Jodendom: gebruikt de Hebreeuwse Bijbel als normatieve tekst.

Christendom: de vroege kerk gebruikte vooral de Septuagint, omdat het Nieuwe Testament in het Grieks geschreven is en vaak de LXX citeert.

Daardoor is de LXX de basis geworden voor de ordening van het christelijke Oude Testament.

[De Septuagint of Septuaginta, vaak afgekort tot LXX, het getal 70 in Romeinse cijfers, is de vertaling in het Koinè of Oudgrieks van de Tenach of Hebreeuwse Bijbel, die tussen circa 250 en 50 v.Chr. werd gemaakt.]

  1. Historische context

De LXX ontstond in Alexandrië, waar veel Joden Grieks spraken.

Ze werd over meerdere eeuwen vertaald en bewerkt.

 

In vergelijkend schema:

De Hebreeuwse Bijbel is de oorspronkelijke Hebreeuwse canon van het Jodendom, terwijl de Septuagint een vroege Griekse vertaling is met een andere structuur, extra boeken en soms andere teksttradities, die grote invloed had op het vroege christendom.

 

Vergelijking tussen Septuagint (LXX) en Hebreeuwse Bijbel (Tanach):

Aspect Septuagint (LXX):       

Taal:    Grieks (Koine) Hebreeuws + enkele Aramese passages

Ontstaan: 3e–1e eeuw v.Chr., Alexandrië

Doelgroep:Joden in de diaspora die Grieks spraken

Aantal boeken: Meer boeken (door splitsingen + deuterocanonieke boeken)       24 boeken

–Canon: Inclusief boeken zoals Tobit, Judit, Wijsheid van Salomo, 1–4 Makkabeeën

Volgorde van boeken – Volgorde lijkt op later christelijk Oude Testament 

Tekstbasis: Soms gebaseerd op oudere Hebreeuwse varianten die verschillen van de Masoretische Tekst

Masoretische Tekst is de normatieve basis

Belangrijk voor vroege christendom; veel NT‑citaten komen uit de LXX

Stijl:  Soms interpretatief, soms vrijer vertaald.       

Invloed: Basis voor christelijke Bijbelordening

++++

Aspect: Hebreeuwse Bijbel (Tanach)

Taal: Hebreeuws + enkele Aramese passages

Ontstaan: Lange ontwikkeling; gestandaardiseerd in de Masoretische Tekst (7e–10e eeuw n.Chr.)

Doelgroep: Joodse gemeenschap in Judea en later wereldwijd

Aantal boeken Meer boeken (door splitsingen + deuterocanonieke boeken)         24 boeken

Canon :Alleen de Hebreeuwse canon; geen deuterocanonieke boeken

Volgorde van boeken: Drie delen: Thora – Profeten – Geschriften

Tekstbasis: Masoretische Tekst is de normatieve basis

Gebruik in religies: Normatief voor het Jodendom

Stijl:     Meer bewaard in oorspronkelijke vorm

Invloed: Basis voor Joodse liturgie en traditie

++++

Ter verduidelijking:

Wat is de Masoretische tekst:

De Masoretische Tekst (MT) is de gezaghebbende Hebreeuwse tekst van de Joodse Bijbel (Tanakh), tussen de 7e en 10e eeuw n.Chr. gestandaardiseerd door de Masoreten. Zij voegden klinkertekens (nikud), accenten en marginale notities toe aan de oorspronkelijke medeklinkertekst om de uitspraak en overlevering vast te leggen. Het vormt de basis voor de meeste moderne vertalingen van het Oude Testament.

 

*******************