
“Wanneer wij in het licht staan, zijn wij niet degenen die het licht doen schijnen, maar worden wij verlicht en stralend gemaakt door het licht… God schenkt zijn zegen aan wie Hem dienen, omdat zij Hem dienen, en aan wie Hem volgen, omdat zij Hem volgen. Maar Hij ontvangt geen zegen van hen, want Hij is volmaakt en heeft aan niets gebrek.”
— St. Irenaeus van Lyon (ca. 130–208)
++++
Commentaar
Deze woorden van Irenaeus zijn een krachtige herinnering aan de bron van alle goedheid en glans: God zelf. Ze nodigen ons uit tot nederigheid. Wanneer wij iets goeds doen, wanneer wij stralen in liefde, waarheid of dienstbaarheid, is dat niet onze eigen verdienste. Het is het licht van God dat ons aanraakt en door ons heen werkt.
Irenaeus benadrukt dat God geen zegen nodig heeft van ons — Hij is volmaakt, zonder gebrek. Toch kiest Hij ervoor ons te zegenen, niet omdat Hij iets van ons nodig heeft, maar omdat wij ons hart op Hem richten. Dit is pure genade: een God die geeft, niet om te ontvangen, maar om te delen.
Het beeld van het licht is diep mystiek en tegelijk heel praktisch. Het herinnert aan Johannes 1: “Het licht schijnt in de duisternis, en de duisternis heeft het niet overwonnen.” Wij mogen ons laten verlichten, niet om zelf te schitteren, maar om het Licht zichtbaar te maken in de wereld.
++++
Gebed
God van licht en leven, U bent de bron van alle glans,
alle goedheid, alle waarheid. Laat mij niet proberen zelf te stralen,
maar leer mij open te staan voor Uw licht. Verlicht mijn hart,
zodat ik Uw liefde mag weerspiegelen. Zegen mijn dienstbaarheid,
niet omdat ik iets verdien, maar omdat ik U wil volgen, in eenvoud,
in vertrouwen, in overgave. U hebt niets nodig van mij,
maar ik heb alles nodig van U. Maak mij een lamp,
gevoed door Uw vuur.
Amen.
****************
