Augustinus: Omwille van Uw barmhartigheid, O Heer mijn God, vertel mij wat U voor mij bent….

Omwille van Uw barmhartigheid, O Heer mijn God, vertel mij wat U voor mij bent. Zeg tot mijn ziel: “Ik ben jouw redding.” Spreek zo, dat ik U hoor, O Heer; mijn hart luistert, open het, zodat het U kan horen, en zeg tot mijn ziel: “Ik ben jouw redding.” Na dit woord gehoord te hebben, mag ik dan haastig komen om U te grijpen. Verberg Uw gezicht niet voor mij. Laat mij Uw gezicht zien, zelfs als ik sterf, opdat ik niet sterf van verlangen om het te zien. Het huis van mijn ziel is te klein om U te ontvangen, maak het groter door Uzelf. Het is geheel vervallen; herstel het door Uzelf. Er zijn dingen in dat huis, ik beken het en weet het, die Uw blik moeten beledigen. Maar wie zal het reinigen? Tot wie anders dan tot U zal ik roepen? Van mijn verborgen zonden reinig mij, o Heer, en van die van anderen, spaar Uw dienaar.

Amen

‘Ik Ben’ Uw Redding Door Sint Augustinus (354–430) Kerkvader & Kerkleraar

++++

Commentaar:

Augustinus bidt hier met een hart dat dorst naar God. Hij verlangt niet alleen naar vergeving, maar naar de aanwezigheid van God zelf — een ontmoeting die zijn ziel vergroot, reinigt en herstelt. Zijn woorden zijn doordrenkt van nederigheid: hij erkent zijn gebrokenheid, zijn verlangen, en zijn onvermogen om zichzelf te redden.

De zin “Het huis van mijn ziel is te klein om U te ontvangen” is mystiek en krachtig. Het herinnert aan de paradox dat God oneindig is, maar toch in het hart van de mens wil wonen. Augustinus nodigt ons uit om ons innerlijk huis te laten verbouwen door God zelf — een proces van genade, overgave en zuivering.

++++

Gebed in de geest van Augustinus:

Heer Jezus, U bent mijn redding,

mijn hoop, mijn verlangen. Kom binnen in

het huis van mijn ziel, ook al is het klein, ook al

is het vervallen. Vergroot het met Uw liefde,

herstel het met Uw genade.

 

Laat mij Uw gezicht zoeken, niet uit nieuwsgierigheid, maar uit liefde.

Laat mijn hart luisteren wanneer U spreekt: “Ik ben jouw redding.”

Reinig mij van wat U niet behaagt, van wat ik verberg, van wat ik niet zie.

En als ik struikel, spaar mij, omwille van Uw barmhartigheid.

Amen.

++++++++++++++

Auteur: Krisbiesbroeck

Christiaan Biesbroeck Licentiaat Theologie/filosofie

Plaats een reactie