
“Zorg voor je lichaam alsof je voor altijd zou leven; en zorg voor je ziel alsof je morgen zou sterven.”
— Sint-Augustinus
+++++++
Commentaar
Deze uitspraak van Augustinus is een spirituele paradox die ons uitnodigt tot een leven in balans tussen het tijdelijke en het eeuwige.
Het lichaam: een tempel, geen afgod. Door te zeggen “alsof je voor altijd zou leven”, spoort Augustinus ons aan om het lichaam met zorg en discipline te behandelen. Niet uit ijdelheid, maar uit eerbied voor het leven dat ons gegeven is. Gezondheid, rust, voeding en beweging zijn vormen van dankbaarheid.
De ziel: een urgent mysterie. “Alsof je morgen zou sterven” herinnert ons eraan dat het leven kwetsbaar is. De ziel vraagt om dagelijkse aandacht: gebed, reflectie, vergeving, liefde. Niet morgen, maar vandaag.
Tijd en eeuwigheid ontmoeten elkaar. Augustinus nodigt ons uit om niet te leven in uitersten—ofwel hedonisme, ofwel ascese—maar in een spirituele integratie. Het lichaam is de drager van de ziel, en de ziel is de adem van het lichaam.
Voor wie verlangt naar innerlijke vrijheid en dagelijkse vernieuwing, is dit een uitnodiging tot een levenshouding waarin zorgzaamheid en overgave samenkomen.
+++++++++
GEBED:
Heer, Gij die mij geschapen hebt met lichaam en ziel,
leer mij leven in wijsheid en evenwicht.
Laat mij mijn lichaam verzorgen, niet uit trots,
maar als een tempel van Uw aanwezigheid.
Geef mij rust waar ik uitgeput ben,
kracht waar ik zwak ben,
en dankbaarheid voor elke ademtocht.
Laat mij mijn ziel verzorgen,
alsof elke dag mijn laatste is.
Geef mij de moed om te vergeven,
de stilte om te luisteren,
de liefde om te leven.
Laat mijn zorg geen angst zijn,
maar een vorm van aanbidding.
Laat mijn leven een harmonie zijn
tussen het tijdelijke en het eeuwige,
tussen het zichtbare en het verborgen.
Want Gij zijt de oorsprong van mijn lichaam,
en het doel van mijn ziel.
Amen.
****************
