Pinksteren…

O Heilige Geest, daal overvloedig neer in mijn hart. Verlicht de donkere hoeken van deze verwaarloosde woning en verspreid daar Uw vrolijke stralen.” – Augustinus

 

HOOGFEEST VAN PINKSTEREN

Veni sancte Spiritus  –  Kom Heilige Geest –Taizé  

[Παράκλητος -Parakleet: “voorstander”, “helper” of “trooster”]

“Maar ik zeg u de waarheid, het is raadzaam voor u dat ik ga; want als ik niet ga, zal de Parakleet niet naar je toe komen, maar als ik ga, zal ik hem naar je toe sturen.” – Joh. 16:7

“De Heilige Geest is de tarwe die ons troost op de weg naar het vaderland, de wijn die ons vreugde geeft in verdrukking, de olie die het verdriet van het leven verzoet. Deze drievoudige ondersteuning was nodig voor de apostelen, die moesten uitgaan om over de hele wereld te prediken. Dit is de reden waarom Jezus de Heilige Geest naar hen stuurt. Ze zijn met Hem vervuld – vervuld, zodat er geen onreine geesten in kunnen komen; als een vat helemaal vol is, kan er niets anders in komen.

De Heilige Geest “zal u leren” (Joh 16,13) zodat u kunt weten; Hij zal je aansporen. Zodat je kunt willen. Hij geeft beide kennis en zal hieraan onze “bekwaamheid” toevoegen, naar de mate van onze kracht en wij zullen tempels van de Heilige Geest zijn (1Kor 6,19).”

 – Sint Antonius van Padua (1195-1231) Franciscaan, Kerkleraar – Preken

________________

Adem in mij, O heilige Geest [Augustinus]

Adem in mij, o Heilige Geest, dat mijn gedachten heilig mogen zijn.

Handel in mij, o Heilige Geest, dat mijn werk ook heilig mag zijn.

 Trek mijn hart, o Heilige Geest, dat ik alleen houd van wat heilig is.

Versterk mij, o Heilige Geest, om alles wat heilig is te verdedigen.

Bescherm mij dan, o Heilige Geest, dat ik altijd heilig mag zijn. Amen.

+++++++++++++++++++++

[Deze bezinning is afkomstig van Sint Augustinus van Hippo en is een krachtige oproep tot spirituele zuiverheid en leiding]

Veni, Sancte Spiritus, et emitte caelitus lucis tuae radium.Kom o Geest des Heren kom uit het hemels heiligdom, waar Gij staat voor Gods gezicht.
  
Veni, pater pauperum, veni, dator munerum, veni, lumen cordium.Kom der armen troost, daal neer, kom en schenk uw gaven, Heer, kom wees in de harten licht.
  
Consolator optime, dulcis hospes animae, dulce refrigerium.Kom o Trooster, Heil’ge Geest, zachtheid die de ziel geneest, kom verkwikking zoet en mild.
  
In labore requies, in aestu temperies, in fletu solatium.    Kom o vrede in de strijd, lafenis voor ‘t hart dat lijdt, rust die alle onrust stilt.  
  
O lux beatissima, reple cordis intima tuorum fidelium.Licht dat vol van zegen is, schijn in onze duisternis, neem de harten voor U in.
  
Sine tuo numine, nihil est in homine, nihil est innoxium.            Zonder uw geheime gloed is er in de mens geen goed, is de ziel niet rein van zin.  
  
Lava quod est sordidum, riga quod est aridum, sana quod est saucium.Was wat vuil is en onrein, overstroom ons dor domein, heel de ziel die is gewond,
  
Flecte quod est rigidum, fove quod est frigidum, rege quod est devium. maak weer zacht wat is verstard, koester het verkilde hart, leid wie zelf de weg niet vond.  
  
Da tuis fidelibus, in te confidentibus, sacrum septenarium.Geef uw gaven zevenvoud, ieder die op U vertrouwt, zich geheel op U verlaat.
  
Da virtutis meritum, da salutis exitum, da perenne gaudium.Sta ons met uw liefde bij, dat ons einde zalig zij, geef ons vreugd die niet vergaat.

In vrije vertaling van Huub Oosterhuis :

Hierheen, Adem,
steek mij aan
stuur mij uit jouw verste verten golven licht.
Welkom armeluisvader,
welkom opperschenker,
welkom hartenjager.
Beste tranendroger,
liefste zielsbewoner,
mijn vriend, mijn schaduw.
Even rusten voor tobbers en zwoegers,
voor krampachtigen een verademing,
ben je.
Onmogelijk mooi licht,
overstroom de afgrond van mijn hart,
jou zo vertrouwd.
God ben jij,
zonder jou is alles nacht en ontij,
wreedheid, schuld,
maar jij maakt schoon.
Verflenst mijn bloem – geef water
zalf mijn wonden.
Stijf sta ik, toegang verboden,
ijzig. Ontdooi mij, koester mij.
Vreemd ga ik, zoek mij.
Ik zeg: ja, jij, doe nee.
Vergeld mijn twijfel met vriendschap
zevenmaal duizendmaal.
Niets ben ik zonder jou.
Dood wil ik naar jou toe.
Dan zal ik lachen.[1]

Licht dat ons aanstoot in de morgen – Huub Oosterhuis

ZALIGE HOOGDAG

Auteur: Krisbiesbroeck

Christiaan Biesbroeck Licentiaat Theologie/filosofie

Plaats een reactie