Augustinus : Fragment uit ‘de stad van God…’

Waar en wanneer de ingewijden in de mysteriën van Coelestis goede instructies ontvingen, weten we niet. Wat we wel weten, is dat we voor haar heiligdom, waarin haar beeld staat, en te midden van een grote menigte die van alle kanten samenkwam en dicht op elkaar stond, intens geïnteresseerde toeschouwers waren van de spelen die gaande waren, en we zagen, toen we ons oog erop richtten, aan deze kant een grootse vertoning van hoeren, aan de andere kant de maagdelijke godin: we zagen deze maagd aanbeden met gebeden en met obscene rituelen. Daar zagen we geen schaamteloze mimespelers, geen actrice die overladen was met bescheidenheid: alles wat de obscene rituelen eisten, werd volledig nageleefd. Ons werd duidelijk getoond wat de maagdelijke godheid behaagde, en de matrone die getuige was van het schouwspel keerde als een wijzere vrouw terug van de tempel. Sommigen van de meer voorzichtige vrouwen keerden hun gezicht af van de onbescheiden bewegingen van de spelers en leerden de kunst van het kwaad door een heimelijke blik. Want zij werden door de bescheiden houding die mannen betaamt, ervan weerhouden om brutaal naar de onbescheiden gebaren te kijken; maar nog veel meer werden zij ervan weerhouden om met een kuis hart de heilige rituelen van haar die zij aanbaden te veroordelen. En toch werd deze losbandigheid – die, als ze thuis werd beoefend, daar alleen in het geheim kon worden beoefend – beoefend als een openbare les in de tempel; en als er nog enige bescheidenheid in de mensen overbleef, was die bezig met zich te verbazen dat slechtheid die mensen niet onbeteugeld konden begaan, deel zou uitmaken van de religieuze leer van de goden, en dat het nalaten daarvan de woede van de goden zou opwekken. Welke geest kan dat zijn, die door een verborgen inspiratie de verdorvenheid van de mensen aanwakkert, en hen aanzet tot overspel, en zich voedt met de volwaardige ongerechtigheid, tenzij het dezelfde is die plezier vindt in zulke religieuze ceremonies, in de tempels beelden van duivels plaatst, en ervan houdt om de beelden van ondeugden in het spel te zien; die in het geheim rechtvaardige woorden fluistert om de weinigen die goed zijn te misleiden, en die in het openbaar uitnodigingen verspreidt tot losbandigheid om bezit te nemen van de miljoenen die slecht zijn?

HEILIGE AUGUSTINUS

fragment uit :

De stad van God

Auteur: Krisbiesbroeck

Christiaan Biesbroeck Licentiaat Theologie/filosofie

Plaats een reactie