Benijd de Goddelozen niet – Psalm 34(36)

Benijd de Goddelozen niet (Psalm 34 (36)
Wees niet jaloers op degenen die kwaad doen.
Ze drogen net zo snel op als hooi;
ze zullen verdorren als het gras.
Stel je vertrouwen in de Heer en doe goed,
en uw land en woning zullen veilig zijn.
Neem uw welbehagen in de Heer,
en hij zal je geven wat je hartje begeert.
Vertrouw je reis toe aan de Heer en hoop op Hem:
En hij zal handelen.
Hij zal uw oprechtheid doen schijnen als het licht,
je oordeel als de zon op het middaguur.
Neem uw rust in de Heer en hoop op Hem:
benijd niet degene die op zijn eigen manier gedijt,
de man die complotten weeft.
Onthoud u van toorn, laat woede varen:
benijd hem niet die zich tot het kwade wendt,
want zij die kwaad doen, zullen vernietigd worden,
maar zij die aan de zijde van de Heer staan
zullenl de aarde beërven.
Nog een ogenblik – en de zondaar zal weg zijn:
Je zult kijken waar hij was en niets vinden.
Maar de zachtmoedigen zullen het land beërven
en geniet van overvloedige vrede.
Ps. 34 (36)
