
Door Sint Gregorius van Narek (950-1003)
Ik verlang niet zozeer naar de geschenken
als wel naar de Gever.
Ik verlang niet zozeer naar de glorie
als wel naar de Verheerlijkte.
Ik brand niet zozeer van verlangen naar leven
als wel van herinnering aan de Gever van Leven.
Ik zucht niet zozeer met de vervoering van pracht
als wel met de oprechte hartstocht voor de Maker ervan.
Ik zoek niet zozeer naar rust
als wel naar het Gezicht van onze Trooster.
Ik verlang niet zozeer naar het bruidsfeest
als wel naar de nood van de Bruidegom,
op wiens kracht ik met zekere
verwachting wacht, in de overtuiging
dat ik, ondanks het gewicht van mijn overtredingen,
gered zal worden door de machtige hand van de Heer en
dat ik niet alleen vergeving van zonden zal ontvangen
, maar dat ik de Heer Zelf zal zien
in Zijn barmhartigheid en mededogen
