
Korte inleiding :”Laat de mens, die een huis bouwt er voor zorgen dat het ook een woonplaats voor Christus wordt , hij moet acht slaan op wat nodig is voor de dienst van Christus, die in hem verblijft, en met welke dingen hij Hem kan behagen. Want eerst bouwt hij zijn gebouw op de Steen, die Christus is”
Want eerst bouwt hij zijn gebouw op de Steen, die Christus is. Op Hem, op de Steen, is geloof gebaseerd, en op geloof wordt de hele structuur opgebouwd. Voor de bewoning van het huis is puur vasten vereist, en het wordt bevestigd door geloof. Er is ook een zuiver gebed voor nodig, en door het geloof wordt het aanvaard. Ook daarvoor is liefde nodig, en met geloof wordt deze verergerd. Bovendien zijn aalmoezen nodig, en door geloof worden ze gegeven. Hij eist ook zachtmoedigheid, en door het geloof wordt die versierd. Hij kiest ook voor maagdelijkheid, en door het geloof wordt dat liefgehad. Hij verbindt de heiligheid met zichzelf, en in het geloof wordt die geplant. Hij geeft ook om wijsheid, en door geloof wordt die verworven. Hij verlangt ook naar gastvrijheid, en door het geloof is die in overvloed aanwezig. Vereist voor Hem is ook eenvoud, en met geloof is dit vermengd. Hij eist ook geduld, en door geloof wordt het vervolmaakt. Hij heeft ook respect voor lankmoedigheid, en door geloof wordt dit verworven. Hij houdt ook van rouw, en door het geloof wordt dit gemanifesteerd. Hij zoekt ook naar zuiverheid, en door het geloof wordt die bewaard. Al deze dingen vereist het geloof dat gebaseerd is op de rots van de ware Steen, namelijk Christus. Deze werken zijn vereist voor Christus de Koning, die woont in de mensen die door deze werken zijn opgebouwd.
Bron : (Archimandriet Chrysostomos, De oude vaders van de woestijn , pag. 20-21)
