
Sint-Augustinus zegt dat God ons uit mededogen het Onze Vader heeft gegeven, als een genade om ons te helpen stand te houden onder de ellende van de zonde die we lijden.

God heeft het gebed van de Heer verordend als een daad van mededogen
Want je hebt het Credo en het gebed van de Heer. Wat is er korter om te horen of te lezen? Wat is makkelijker om te onthouden? Toen het menselijk geslacht als gevolg van de zonde zuchtte onder een zware last van ellende en dringend behoefte had aan het goddelijk mededogen, verklaarde een van de profeten, vooruitlopend op de tijd van Gods genade: En het zal geschieden, dat wie de naam des Heren aanroept, zal worden verlost. ZIE HET GEBED VAN DE HEER. Maar toen de apostel, om juist deze genade aan te prijzen, dit profetische getuigenis had aangehaald, voegde hij er onmiddellijk aan toe: Hoe zullen zij Hem aanroepen in wie zij niet hebben geloofd? Vandaar de geloofsbelijdenis. In deze twee heb je die drie genaden geïllustreerd: geloof gelooft, hoop en liefde bidt. Maar zonder geloof kunnen de laatste twee niet bestaan, en daarom kunnen we zeggen dat geloof ook bidt.
Sint Augustinus
