
Ga de Kerk binnen om je zonden weg te wassen.
Vanaf hier is er een ziekenhuis en geen rechtbank.
Schaam u niet opnieuw om de Kerk binnen te gaan; schaam je als je zondigt, maar niet als je berouw hebt.
Vast je? Geef me daar het bewijs van door je werken:
als je een arme man ziet, heb dan medelijden met hem.
Als je ziet dat een vriend geëerd wordt, benijd hem dan niet.
Laat niet alleen uw mond vasten, maar ook het oog, het oor en de voeten en de handen en alle leden van ons lichaam.
Laat de handen vasten, door vrij te zijn van hebzucht.
Laat de voeten vasten, door op te houden de zonde na te rennen.
Laat de ogen vasten, door ze te disciplineren en niet te staren naar datgene wat zondig is.
Laat het oor luisteren, door niet te luisteren naar kwade praatjes en roddels.
Laat de mond vrij van vuile woorden en kritiek te leveren.
Want wat voor nut heeft het als we ons onthouden van vogels en vissen, maar onze broeders bijten en verslinden?
Moge Hij die naar de wereld kwam om zondaars te redden, ons sterken om het vasten in nederigheid te voltooien, heb medelijden met ons en red ons.”
Johannes Chrysostomus over vasten
