
Op deze dag, toen de Rijke om onzentwil arm werd gemaakt, laat de rijke man ook de arme man tot een deelgenoot aan zijn tafel maken.
Op deze dag werd ons een geschenk gegeven zonder dat we erom hadden gevraagd. Laten we dan aalmoezen geven aan degenen die het uitschreeuwen en bij ons smeken.
Deze Heer van de natuur werd vandaag getransformeerd, in strijd met zijn natuur; het is ook voor ons niet zo moeilijk om onze kwade wil omver te werpen.
Het lichaam is van nature gebonden, want het kan niet groter of kleiner worden, maar de wil is krachtig, want het kan in alle maten groeien.
Tegenwoordig heeft de Godheid zichzelf in de mensheid ingeprent, zodat de mensheid ook in het zegel van de Godheid kan worden gesneden.”
St. Ephrem (306-373) Kerkvader
(Homilie over Onze Heer, 21)
