
Als er dus, zelfs met betrekking tot de schepping, sommige dingen [de kennis van] zijn die alleen aan God toebehoren, en andere die binnen het bereik van onze eigen kennis vallen, wat voor reden is er dan om te klagen, als met betrekking tot de dingen die we in de Schrift onderzoeken (die geheel geestelijk zijn), zijn we door de genade van God in staat sommige ervan uit te leggen, terwijl we andere in de handen van God moeten overlaten, en dat niet alleen in de huidige wereld, maar ook in de toekomst, zodat God voor altijd zou onderwijzen, en de mens voor altijd zou leren wat hem door God werd geleerd ? niet alleen in het huidige tijdperk, maar ook in de toekomst, zodat alleen God kan onderwijzen en de mens altijd voor God kan denken. […]
Irenaeus van Lyon
