
… Zijn hele leven was een voortdurende zelfvernedering, een eindeloze zelfontlediging, vanaf het moment van zijn conceptie tot aan zijn dood en begrafenis en daarna. In de extreme nederigheid van Zijn afdaling stopte God niet bij de wolken. Ook eindigde Zijn reis niet op aarde. Hij ging helemaal naar de hel. in Zijn extreme nederigheid daalt Hij af naar het uiterste van de verdoemenis van de mens, en strekt Zijn hand uit naar hen die in de duisternis en de schaduw van de dood zitten. Door Zijn handen uit te strekken omhelst Hij allen: degenen die Hem liefhadden, en degenen die Hem haatten; degenen die Hem gedurende zijn hele leven hebben gesteund, en degenen die Hem hebben verloochend. Hij strekt Zijn open handen uit naar iedereen, zodat iedereen die wil Hem vast kan pakken, en Hij zal hen uit de hel trekken. Lager dan dit is er geen plaats waar de mens of God heen kan.
Ouderling Aimilianos
