
Palmzondag
Ik had de wereld lief
Ik had de wereld lief,
de zachte heuvels,
het helend water van het meer,
het eenzaam zand van de woestijn.
Ik volgde vogels in hun vlucht,
de schicht van schuwe dieren.
Het ruisen van de granen,
de weelde van de wingerd.
Vader, jouw schepping had ik lief.
Zelfs van de mensen ben ik blijven houden.
zij volgden en vervolgden me,
zij juichten, huichelden,
gedreven door het Woord
verdreven zij de drager.
Toch bleef ik van hen houden
in hun onwetendheid, verblinding
en doffe doofheid,
in hun ellende, kwalen, onmacht, onrecht.
De levende
is voor verdwaasden dwaasheid,
Maar kracht van God voor wie gered is.
Gods dwaasheid
is wijzer dan de mensen,
zijn zwakheid
is sterker dan de mensen.
Patrick Lateur

