
H. Cyrillus van Jeruzalem (313-350) bisschop van Jeruzalem en kerkleraar
Catechese met het oog op de doop, nr 1, 1.5

De Veertigdagentijd leidt naar de doop in de Paasnacht, voor de vergeving van de zonden
[“Bekeer u, en dat een ieder de doop in de naam van Jezus Christus ontvangt voor de vergeving van uw zonden”] U wordt gedoopt, u bent al leerlingen van het Nieuwe Verbond en deelnemers aan de mysteriën van Christus; u hebt al een “nieuw hart en een nieuwe geest”, wat de hemelbewoners vreugde geeft. (…) U hebt een goede en erg mooie reis gemaakt (…): de Eniggeboren Zoon van God is helemaal klaar om u vrij te kopen. “Kom allen naar Mij toe, zegt Hij, die zwoegen onder een zware last, en Ik zal u rust geven.” U die afgemat en belast bent door uw zonden, vastgebonden door de band met uw fouten, luister naar de profeet: “Was u, reinig u! Uit mijn ogen met uw misdaden! Houd op met kwaad doen”, opdat het engelenkoor u toe kan zingen: “Gelukkig zij van wie de fouten zijn weggenomen, en de zonde is hersteld!”.
Nu is het de periode van de bekering. Biecht de zonden die u hebt gedaan in woord of in daad, in de nacht of overdag. Bekeer u in “deze gunstige tijd” en “de dag van het heil”, ontvang de hemelse schat.(…) Ontdoe u van elke menselijke bezigheid; houdt u bezig met uw ziel. (…) Verlaat het heden en geloof in de toekomst (…) : “Stop en weet dat Ik God ben”. (…) Reinig uw hart om de genade in overvloed te ontvangen: de vergeving van de zonden wordt aan allen gegeven, maar de deelname aan de heilige Geest wordt toegekend naar de mate van zijn geloof. Als u weinig moeite doet, dan ontvangt u weinig. Als u veel werkt, dan zal uw beloning groot zijn. (…)
Als u iets tegen iemand hebt, vergeef. Nader het doopvont om de vergeving van uw zonden te ontvangen: ook u moet barmhartig met de zondaars zijn.
(Bijbelse referenties: Hand 2,38; Ez 18,31; Lc 15,7; Mt 11,28; Spr 5,22; Jes 1,16; Ps 32,1; Jes 49,8; 2Kor 6,2; Ps 46,11)
Bron : EVZO .ORG
