
St Silouan de Athoniet lag eens, uitgeput, wanhopig, moe van het huilen, ’s nachts op de grond. De Heer verscheen op een onbegrijpelijke manier aan hem en vroeg: Waarom huilt u?” … Weet je niet dat ik de wereld zal oordelen… Ik zal genade hebben voor ieder mens die minstens één keer in zijn leven God heeft genoemd.”
Toen ging de gedachte door zijn hoofd: “Waarom zijn we dan de hele dag zo gekweld?”. En de Heer reageerde op de beweging van zijn gedachte: “Zij die lijden voor Mijn gebod zullen Mijn vrienden in het Koninkrijk der Hemelen zijn, maar met de rest zal Ik gewoon medelijden hebben”. En de Heer vertrok.
