Johannes Chrysostomos :priester te Antiochië, daarna bisschop te Constantinopel,
Homilie over de eerste brief aan de Korintiërs, nr. 24
Ga u eerst met uw broeder verzoenen; kom dan terug, en draag uw offer op”
“De menigte die wij zijn is slechts één lichaam, want wij hebben allen deel aan slechts één brood” (1Kor 10,17). Wat is dit brood? Het Lichaam van Christus. En wat worden degenen die het ontvangen? Het Lichaam van Christus. Zij zijn niet meer verschillende lichamen, maar slechts één. Wat gaan er veel tarwekorrels in het brood! Maar wie ziet die korrels? Zij zijn wel in het brood dat zij samen hebben gevormd, maar niets onderscheidt ze van elkander, zo verenigd zijn zij.
Zo worden wij verenigd met elkander en met Christus. We zijn niet verschillende lichamen die door verschillende voedingsmiddelen worden gevoed. Wij vormen slechts één lichaam, dat gevoed en verlevendigd is door hetzelfde brood. Daarom zegt Paulus: “Wij hebben allen deel aan slechts één brood.” Als wij allen aan hetzelfde brood deelnemen, als wij in Hem verenigd zijn om een zelfde lichaam te worden, waarom zijn wij niet verenigd door een zelfde liefde, onderling nauw verbonden door de zelfde liefde?
Herlees de geschiedenis van onze voorvaderen in het geloof en u zult dit beeld opmerkelijk vinden: “De menigte die tot geloof was gekomen, was één van hart en één ziel” (Hand. 4,32). Maar helaas, is dat tegenwoordig niet zo. Tegenwoordig geeft de Kerk het tegengestelde beeld; men ziet slechts pijnlijke conflicten, verdelingen tussen broeders die hardnekkig vol worden gehouden (…). U was ver van Hem, maar Christus heeft niet geaarzeld om u met Hem te verenigen. En nu wilt u Hem niet navolgen door u van harte met uw broeder te verzoenen? (…) Onze uit-klei-gevormde lichamen (Gn 2,7) hadden vanwege de zonde het leven verloren en waren slaven van de dood geworden. De Zoon van God heeft er de gist van zijn eigen vlees aan toegevoegd, dat vrij is van elke zonde en vol van leven. En Hij heeft zijn lichaam als voedsel aan alle mensen gegeven opdat, vernieuwd door dit sacrament van het altaar, zij allen deel aan zijn onsterfelijk en gelukkig leven hebben.
Johannes Chrysostomos
Bron : Evzo.org
