
Men veroordeelde God ter dood, maar Hij veroordeelde hen tot onsterfelijkheid door Zijn Opstanding. In ruil voor klappen omhelst Hij ze; in ruil voor misbruik zegent Hij; in ruil voor de dood geeft Hij onsterfelijkheid. Mensen toonden nooit zoveel haat voor God als toen ze Hem kruisigden, en God toonde nooit meer liefde voor de mens dan toen Hij opstond. Mensen wilden God zelfs sterfelijk maken, maar God maakte door Zijn Opstanding de mens onsterfelijk. De gekruisigde God is verrezen en heeft de dood gedood. De dood is niet meer. Onsterfelijkheid heeft de mens en al zijn werelden omringd. –
Justin Popovitsj
