

“Een christen moet hoffelijk zijn voor iedereen. Zijn woorden en daden moeten ademen met de genade van de Heilige Geest, die in zijn ziel blijft , zodat hij op deze manier de naam van God kan verheerlijken…
(Wie waakt over de woorden die hij wil zeggen, waakt ook over de daden die hij van plan is te doen, en hij gaat nooit buiten de grenzen van goed gedrag.)
