

Laten wij niet bitter oordelen over anderen, anders wordt er ook van ons een strenge verantwoording geëist. Want we hebben zonden die te groot zijn om een excuus te bepleiten. En laten we daarom meer barmhartigheid tonen aan hen die onvergeeflijke zonden hebben begaan, zodat we ook vooraf voor onszelf de barmhartigheid mogen opmaken. En toch, hoe groothartig we ook mogen zijn, we zullen nooit in staat zijn om zo’n liefde voor de mens bij te dragen als we nodig hebben aan de hand van een God die de mens liefheef.
– Johannes Chrysostomus
